From a78dc17af337e9fdbe5449b454a5ead1fc582412 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sat, 1 Mar 2014 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2014-03-01 | BWBR0011825 | Vreemdelingenbesluit 2000 --- .../BWBR0011825/README.md | 104 +++++++++++++++--- 1 file changed, 88 insertions(+), 16 deletions(-) diff --git a/amvb/vreemdelingenbesluit-2000/BWBR0011825/README.md b/amvb/vreemdelingenbesluit-2000/BWBR0011825/README.md index 3bde6493370..62198b600b8 100644 --- a/amvb/vreemdelingenbesluit-2000/BWBR0011825/README.md +++ b/amvb/vreemdelingenbesluit-2000/BWBR0011825/README.md @@ -37,9 +37,10 @@ p. mijnbouwinstallatie: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, onderdeel q. continentaal plat: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, onderdeel c, van de Mijnbouwwet; r. gezinsvorming: gezinshereniging van de echtgenoot, geregistreerde partner of niet-geregistreerde partner, voor zover de gezinsband tot stand is gekomen op een tijdstip waarop de hoofdpersoon in Nederland hoofdverblijf had; s. richtlijn 2005/71/EG: richtlijn 2005/71/EG van de Raad van 12 oktober 2005 betreffende een specifieke procedure voor de toelating van onderdanen van derde landen met het oog op wetenschappelijk onderzoek (PbEU L 289); -t. *tewerkstellingsvergunning:* de vergunning, bedoeld in artikel 1, onder e, van de Wet arbeid vreemdelingen; -u. *richtlijn 2009/50/EG:* Richtlijn 2009/50/EG van de Raad van 25 mei 2009 betreffende de voorwaarden voor toegang en verblijf van onderdanen van derde landen met het oog op een hooggekwalificeerde baan (PbEU L 155); -v. *Europese blauwe kaart:* de verblijfsvergunning voor bepaalde tijd, bedoeld in artikel 14 van de Wet, afgegeven ter uitvoering van artikel 7 van richtlijn 2009/50/EG, dan wel een door een andere staat die partij is bij het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie afgegeven verblijfsvergunning ter uitvoering van dat artikel. +t. tewerkstellingsvergunning: de vergunning, bedoeld in artikel 1, onder e, van de Wet arbeid vreemdelingen; +u. richtlijn 2009/50/EG: Richtlijn 2009/50/EG van de Raad van 25 mei 2009 betreffende de voorwaarden voor toegang en verblijf van onderdanen van derde landen met het oog op een hooggekwalificeerde baan (PbEU L 155); +v. Europese blauwe kaart: de verblijfsvergunning voor bepaalde tijd, bedoeld in artikel 14 van de Wet, afgegeven ter uitvoering van artikel 7 van richtlijn 2009/50/EG, dan wel een door een andere staat die partij is bij het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie afgegeven verblijfsvergunning ter uitvoering van dat artikel; +w. vreemdelingenadministratie: de vreemdelingenadministratie, bedoeld in artikel 107 van de Wet. ### Artikel 1.2 @@ -268,7 +269,7 @@ d. de vreemdeling die in afwachting is van de beslissing op een aanvraag tot het De medewerking, bedoeld in artikel 54, eerste lid, onder c, van de Wet bestaat voor de toepassing van dit hoofdstuk uit: a. het op vordering van Onze Minister beschikbaar stellen van een goedgelijkende pasfoto; -b. het zich laten fotograferen en het laten afnemen van vingerafdrukken, indien daartoe naar het oordeel van Onze Minister gegronde reden bestaat. +b. het zich laten fotograferen en het laten afnemen van vingerafdrukken. ### Paragraaf 4. Overige bepalingen @@ -2067,7 +2068,7 @@ b. geen medewerking heeft verleend aan het vastleggen van gegevens met het oog o **2.** De kosten, bedoeld in het eerste lid, onder a, bedragen € 350,00. -**3.** De medewerking, bedoeld in het eerste lid, onder b, bestaat uit het zich digitaal laten fotograferen, het laten nemen van digitale vingerafdrukken en het laten maken van een scan of kopie van het paspoort of, indien de vreemdeling door de autoriteiten van het land waarvan hij onderdaan is, niet in het bezit kan worden gesteld van een paspoort, een ander identiteitsbewijs. +**3.** De medewerking, bedoeld in het eerste lid, onder b, bestaat uit het zich digitaal laten fotograferen, het digitaal laten afnemen van vingerafdrukken en het laten maken van een scan of kopie van het paspoort of, indien de vreemdeling door de autoriteiten van het land waarvan hij onderdaan is, niet in het bezit kan worden gesteld van een paspoort, een ander identiteitsbewijs. **4.** @@ -2136,10 +2137,10 @@ Indien de vreemdeling, hangende de besluitvorming op een eerdere aanvraag, wijzi ### Artikel 3.102a -De medewerking van de vreemdeling, bedoeld in artikel 24, eerste lid, onderdeel c, van de Wet, bestaat uit: +De medewerking van de vreemdeling, bedoeld in artikel 24, eerste lid, onderdeel b, van de Wet, bestaat uit: a. het op vordering van Onze Minister beschikbaar stellen van een goedgelijkende pasfoto, en -b. het zich laten fotograferen en het laten afnemen van vingerafdrukken, indien daartoe naar het oordeel van Onze Minister gegronde reden bestaat. +b. het zich laten fotograferen en het laten afnemen van vingerafdrukken. ### Artikel 3.103 @@ -2328,7 +2329,7 @@ e. op grond van artikel 6, eerste lid, onder a of b, van de Wet inburgering of d **4.** Gedurende de rust- en voorbereidingstermijn kan onderzoek plaatsvinden naar de identiteit, vingerafdrukken en nationaliteit van de vreemdeling, naar de bij hem aangetroffen of door hem overgelegde documenten en bescheiden, dan wel naar de vraag of artikel 30, eerste lid kan worden toegepast. -**5.** Van de vreemdeling die de in het eerste lid bedoelde aanvraag heeft ingediend, worden door Onze Minister identificatiefoto’s vervaardigd en wordt een dactyloscopisch signalement opgemaakt. De vreemdeling verleent hieraan zijn medewerking. +**5.** Van de vreemdeling die de in het eerste lid bedoelde aanvraag heeft ingediend, worden door Onze Minister een gezichtsopname gemaakt en vingerafdrukken afgenomen en opgeslagen. De vreemdeling verleent hieraan zijn medewerking. **6.** De vreemdeling die de in het eerste lid bedoelde aanvraag heeft ingediend wordt een medisch onderzoek aangeboden. Voor dit onderzoek is de schriftelijke toestemming van de vreemdeling vereist. @@ -3018,7 +3019,7 @@ en kan ten aanzien van de referent worden voorzien in een verplichting tot jaarl De medewerking van de vreemdeling, bedoeld in artikel 54, eerste lid, onderdeel c, van de Wet, bestaat uit: a. het op vordering van Onze Minister, een ambtenaar belast met de grensbewaking of een ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen, beschikbaar stellen van een goedgelijkende pasfoto, en -b. het zich laten fotograferen en het laten afnemen van vingerafdrukken, indien daartoe naar het oordeel van Onze Minister, de ambtenaar, belast met de grensbewaking of een ambtenaar belast met het toezicht op vreemdelingen, gegronde reden bestaat. +b. het zich laten fotograferen en het laten afnemen van vingerafdrukken. #### Paragraaf 4. Medisch onderzoek @@ -3480,35 +3481,35 @@ d. tijdig bezwaar heeft gemaakt dan wel administratief beroep heeft ingesteld te ### Artikel 8.1 -**1.** Onze Minister verstrekt op de wijze als beschreven in dit artikel de gegevens betreffende de verblijfsrechtelijke positie van een vreemdeling die een bestuursorgaan of een orgaan als bedoeld in artikel 107, achtste lid, van de Wet nodig hebben voor de toekenning van verstrekkingen, voorzieningen, uitkeringen, ontheffingen of vergunningen. +**1.** Onze Minister verstrekt op de wijze als beschreven in dit artikel de gegevens betreffende de verblijfsrechtelijke positie van een vreemdeling die een bestuursorgaan of een orgaan als bedoeld in artikel 107, tiende lid, van de Wet nodig hebben voor de toekenning van verstrekkingen, voorzieningen, uitkeringen, ontheffingen of vergunningen. **2.** De algemene gegevens betreffende de verblijfsrechtelijke positie van vreemdelingen worden door Onze Minister verstrekt aan het college van burgemeester en wethouders, met het oog op de verstrekking daarvan ingevolge de Wet basisregistratie personen aan een orgaan als bedoeld in het eerste lid. De algemene gegevens zijn de gegevens in verband met het verblijfsrecht van de vreemdeling, bedoeld in bijlage 1 bij het Besluit basisregistratie personen. **3.** -Een bestuursorgaan of een orgaan als bedoeld in artikel 107, achtste lid, van de Wet vraagt Onze Minister onmiddellijk nadere gegevens over de verblijfsrechtelijke positie van een vreemdeling, indien bij het bestuursorgaan of een orgaan als bedoeld in artikel 107, achtste lid, van de Wet, na raadpleging van de algemene gegevens in verband met het verblijfsrecht van een vreemdeling uit de basisregistratie personen onduidelijkheid bestaat omtrent de verblijfsrechtelijke positie van die vreemdeling, omdat: +Een bestuursorgaan of een orgaan als bedoeld in artikel 107, tiende lid, van de Wet vraagt Onze Minister onmiddellijk nadere gegevens over de verblijfsrechtelijke positie van een vreemdeling, indien bij het bestuursorgaan of een orgaan als bedoeld in artikel 107, tiende lid, van de Wet, na raadpleging van de algemene gegevens in verband met het verblijfsrecht van een vreemdeling uit de basisregistratie personen onduidelijkheid bestaat omtrent de verblijfsrechtelijke positie van die vreemdeling, omdat: a. de vreemdeling niet voorkomt in de basisregistratie personen, maar wel beschikt over het bescheid, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de Wet; b. de verblijfsrechtelijke gegevens in de basisregistratie personen afwijken van de gegevens omtrent het verblijf van die vreemdeling op het bescheid, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de Wet, of c. de verblijfsrechtelijke gegevens in de basisregistratie personen en het bescheid, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de Wet afwijken van andere bescheiden, waarover het bestuursorgaan beschikt, waardoor gerede twijfel over de juistheid van de gegevens over de verblijfsrechtelijke positie van de vreemdeling is ontstaan. -**4.** Onze Minister verstrekt het bestuursorgaan of een orgaan als bedoeld in artikel 107, achtste lid, van de Wet, in de gevallen, bedoeld in het derde lid, desgevraagd onmiddellijk de nadere gegevens over de verblijfsrechtelijke positie van de vreemdeling. +**4.** Onze Minister verstrekt het bestuursorgaan of een orgaan als bedoeld in artikel 107, tiende lid, van de Wet, in de gevallen, bedoeld in het derde lid, desgevraagd onmiddellijk de nadere gegevens over de verblijfsrechtelijke positie van de vreemdeling. -**5.** Indien een bestuursorgaan of een orgaan als bedoeld in artikel 107, achtste lid, van de Wet, in een individueel geval aanwijzingen heeft dat op korte termijn een wijziging in de verblijfsrechtelijke positie van een vreemdeling optreedt of recent een wijziging in de verblijfsrechtelijke positie is opgetreden en het bestuursorgaan heeft met redenen omkleed aannemelijk gemaakt dat vanwege het spoedeisende karakter bij het toekennen van een verstrekking, voorziening, uitkering, ontheffing of vergunning niet gewacht kan worden op de aanpassing van de algemene gegevens in de basisregistratie personen, verstrekt Onze Minister desgevraagd onmiddellijk nadere gegevens over een desbetreffende wijziging in de verblijfsrechtelijke positie van de vreemdeling. Het verzoek wordt schriftelijk gedaan. +**5.** Indien een bestuursorgaan of een orgaan als bedoeld in artikel 107, tiende lid, van de Wet, in een individueel geval aanwijzingen heeft dat op korte termijn een wijziging in de verblijfsrechtelijke positie van een vreemdeling optreedt of recent een wijziging in de verblijfsrechtelijke positie is opgetreden en het bestuursorgaan heeft met redenen omkleed aannemelijk gemaakt dat vanwege het spoedeisende karakter bij het toekennen van een verstrekking, voorziening, uitkering, ontheffing of vergunning niet gewacht kan worden op de aanpassing van de algemene gegevens in de basisregistratie personen, verstrekt Onze Minister desgevraagd onmiddellijk nadere gegevens over een desbetreffende wijziging in de verblijfsrechtelijke positie van de vreemdeling. Het verzoek wordt schriftelijk gedaan. ### Artikel 8.2 **1.** -Een bestuursorgaan of een orgaan als bedoeld in artikel 107, achtste lid, van de Wet verstrekt Onze Minister desgevraagd de gegevens omtrent de toekenning of de beëindiging van verstrekkingen, voorzieningen, uitkeringen, ontheffingen of vergunningen aan een vreemdeling, die nodig zijn voor: +Een bestuursorgaan of een orgaan als bedoeld in artikel 107, tiende lid, van de Wet verstrekt Onze Minister desgevraagd de gegevens omtrent de toekenning of de beëindiging van verstrekkingen, voorzieningen, uitkeringen, ontheffingen of vergunningen aan een vreemdeling, die nodig zijn voor: a. de verlening, de verlenging van de geldigheidsduur van, de wijziging van het verblijfsdoel van of intrekking van een verblijfsvergunning als bedoeld in de artikel 8, onder a tot en met d, van de Wet; b. de beoordeling of aan de voorwaarden en beperkingen waaronder die verblijfsvergunning is verleend, wordt voldaan, of c. de beoordeling of een vreemdeling als gemeenschapsonderdaan rechtmatig verblijf heeft als bedoeld in artikel 8, onder e, van de Wet. -**2.** Indien uit de verblijfsrechtelijke gegevens in de basisregistratie personen, dan wel uit een aantekening op het bescheid, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de Wet blijkt dat het verblijfsrecht is toegekend onder de beperking dat een beroep op publieke middelen gevolgen kan hebben voor het verblijfsrecht, verstrekt een bestuursorgaan, niet zijnde een orgaan als bedoeld in artikel 107, achtste lid, van de Wet, uit eigen beweging zo spoedig mogelijk de gegevens, bedoeld in het eerste lid, die nodig zijn voor de beoordeling of aan deze beperking wordt voldaan. +**2.** Indien uit de verblijfsrechtelijke gegevens in de basisregistratie personen, dan wel uit een aantekening op het bescheid, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de Wet blijkt dat het verblijfsrecht is toegekend onder de beperking dat een beroep op publieke middelen gevolgen kan hebben voor het verblijfsrecht, verstrekt een bestuursorgaan, niet zijnde een orgaan als bedoeld in artikel 107, tiende lid, van de Wet, uit eigen beweging zo spoedig mogelijk de gegevens, bedoeld in het eerste lid, die nodig zijn voor de beoordeling of aan deze beperking wordt voldaan. -**3.** Indien uit de verblijfsrechtelijke gegevens in de basisregistratie personen, dan wel uit een aantekening op het bescheid, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de Wet blijkt dat het verblijfsrecht is toegekend onder de beperking dat arbeid niet is toegestaan, dan wel arbeid uitsluitend is toegestaan bij een bepaalde werkgever, dan wel arbeid slechts is toegestaan indien de werkgever beschikt over een tewerkstellingsvergunning, verstrekt een bestuursorgaan, niet zijnde een orgaan als bedoeld in artikel 107, achtste lid, van de Wet, belast met de verstrekking van ontheffingen of vergunningen als bedoeld in de artikelen 8.3 en 8.4, uit eigen beweging zo spoedig mogelijk de gegevens, bedoeld in het eerste lid die nodig zijn voor de beoordeling of aan deze beperking wordt voldaan. +**3.** Indien uit de verblijfsrechtelijke gegevens in de basisregistratie personen, dan wel uit een aantekening op het bescheid, bedoeld in artikel 9, tweede lid, van de Wet blijkt dat het verblijfsrecht is toegekend onder de beperking dat arbeid niet is toegestaan, dan wel arbeid uitsluitend is toegestaan bij een bepaalde werkgever, dan wel arbeid slechts is toegestaan indien de werkgever beschikt over een tewerkstellingsvergunning, verstrekt een bestuursorgaan, niet zijnde een orgaan als bedoeld in artikel 107, tiende lid, van de Wet, belast met de verstrekking van ontheffingen of vergunningen als bedoeld in de artikelen 8.3 en 8.4, uit eigen beweging zo spoedig mogelijk de gegevens, bedoeld in het eerste lid die nodig zijn voor de beoordeling of aan deze beperking wordt voldaan. **4.** Onze Minister kan, in overeenstemming met Onze Minister die het aangaat, bepalen dat de gegevens, bedoeld in dit artikel, periodiek of in gestandaardiseerde vorm worden verstrekt. @@ -3918,6 +3919,77 @@ k. de Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, enerzijds, ### Afdeling 3. Biometrische gegevens +### Artikel 8.27 + +De bevoegdheid om vingerafdrukken af te nemen en te verwerken als bedoeld in artikel 106a, eerste en tweede lid, van de Wet, geldt niet ten aanzien van: + +a. vreemdelingen die nog niet de leeftijd van zes jaar hebben bereikt, en +b. vreemdelingen bij wie het afnemen van alle vingerafdrukken blijvend fysiek onmogelijk is. + +### Artikel 8.28 + +Voor het vaststellen van de identiteit of de verificatie van de identiteit, op grond van artikel 106a, eerste en tweede lid, van de Wet, worden digitaal platte vingerafdrukken afgenomen. + +### Artikel 8.29 + +**1.** De vingerafdrukken die zijn afgenomen voor het vaststellen van de identiteit worden opgeslagen in een daartoe door Onze Minister aangewezen bestand in de vreemdelingenadministratie. + +**2.** Het wijzigen en vernietigen van de vingerafdrukken in de vreemdelingenadministratie vindt plaats vanuit het bestand, bedoeld in het eerste lid. + +**3.** Bij het verifiëren van de authenticiteit van het document, bedoeld in artikel 9 van de Wet, of de verificatie van de identiteit van de vreemdeling worden de vingerafdrukken slechts opgeslagen en verwerkt voor de duur van de verificatie. + +**4.** Van de vingerafdrukken kunnen in andere bestanden in de vreemdelingenadministratie dan het bestand, bedoeld in het eerste lid, slechts kopieën worden opgenomen. + +### Artikel 8.30 + +**1.** Indien naar het oordeel van de ambtenaar die de vingerafdrukken afneemt, het fysiek dan wel als gevolg van een tijdelijke verhindering onmogelijk is om van de vreemdeling te verlangen dat bij hem vingerafdrukken worden afgenomen, worden in ieder geval de vingerafdrukken afgenomen en opgeslagen van de vingers waarbij dit volgens de ambtenaar wel mogelijk is. Van de vingers waarvan geen vingerafdrukken zijn afgenomen, wordt met opgave van reden een aantekening gemaakt in de vreemdelingenadministratie. + +**2.** De vreemdeling van wie de vingers niet blijvend fysiek beschadigd zijn, wordt uitgenodigd om op een bij regeling van Onze Minister bepaald moment opnieuw zijn vingerafdrukken af te laten nemen. + +### Artikel 8.31 + +**1.** Een gezichtsopname als bedoeld in artikel 106a, eerste lid, van de Wet wordt in ieder geval opnieuw gemaakt en opgeslagen en tien vingerafdrukken worden in ieder geval opnieuw afgenomen en opgeslagen van vreemdelingen die de leeftijd van twaalf jaar en van vreemdelingen die de leeftijd van achttien jaar hebben bereikt. + +**2.** Een gezichtsopname kan opnieuw worden gemaakt en opgeslagen en vingerafdrukken kunnen opnieuw worden afgenomen en opgeslagen in het geval een gezichtsopname onvoldoende gelijkenis toont of een gezichtsopname of vingerafdrukken van onvoldoende kwaliteit zijn. + +### Artikel 8.32 + +**1.** Bij regeling van Onze Minister kunnen, onverminderd het bepaalde in Verordening (EG) nr. 1030/2002 van de Raad van de Europese Unie van 13 juni 2002 betreffende de invoering van een uniform model voor verblijfstitels voor onderdanen van derde landen (PbEU L 157), documenten als bedoeld in artikel 9 van de Wet worden aangewezen, waarop de vingerafdrukken van de linker- en rechterwijsvinger worden opgenomen. + +**2.** Indien de kwaliteit van de afdrukken van de wijsvingers ontoereikend is voor opname op het document, worden vingerafdrukken van de middelvingers, ringvingers of duimen opgenomen. + +**3.** Indien van slechts één vinger een afdruk van voldoende kwaliteit kan worden afgenomen, wordt uitsluitend de afdruk van die vinger opgenomen in het document. + +### Artikel 8.33 + +In het geval dat bij de identiteitsvaststelling, het verifiëren van de authenticiteit van het document of de verificatie van de identiteit onduidelijkheid bestaat over de juistheid van vingerafdrukken wordt, indien dat noodzakelijk is voor de identiteitsvaststelling, het verifiëren van de authenticiteit van het document of de verificatie van de identiteit, een onderzoek door een dactyloscopisch deskundige uitgevoerd. + +### Artikel 8.34 + +**1.** De ambtenaren die het beheer voeren over de vreemdelingenadministratie, hebben rechtstreekse toegang tot de gezichtsopnames en vingerafdrukken in de vreemdelingenadministratie, voor zover zij die toegang nodig hebben voor een goede vervulling van hun taak en Onze Minister hen daartoe heeft gemachtigd. + +**2.** Van de beschikbaarstelling van gezichtsopnames en vingerafdrukken aan derden wordt een aantekening gemaakt van de datum waarop en de organisatie waaraan de gegevens zijn verstrekt. Deze aantekening wordt bewaard voor de duur van vijf jaar. + +**3.** De ambtenaren die met de uitvoering van de Wet zijn belast, kunnen de gezichtsopnames en vingerafdrukken rechtstreeks langs geautomatiseerde weg raadplegen, voor zover zij die gegevens nodig hebben voor een goede vervulling van hun taak en Onze Minister hen daartoe heeft gemachtigd. + +### Artikel 8.35 + +De in de vreemdelingenadministratie opgenomen gezichtsopnames en vingerafdrukken worden niet langer bewaard dan: + +a. vijf jaar nadat de aanvraag tot het verlenen van een machtiging tot voorlopig verblijf is afgewezen; +b. in geval van rechtmatig verblijf: vijf jaar nadat de betrokken vreemdeling, wiens rechtmatig verblijf is geëindigd, Nederland aantoonbaar heeft verlaten; of +c. indien tegen de vreemdeling een inreisverbod is uitgevaardigd of de vreemdeling ongewenst is verklaard: vijf jaar na afloop van de geldigheidsduur van het inreisverbod onderscheidenlijk de ongewenstverklaring. + +### Artikel 8.36 + +Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld over: + +a. het bewaken van de juistheid en volledigheid van de gezichtsopnames en vingerafdrukken in de vreemdelingenadministratie en op de documenten, bedoeld in artikel 9 van de Wet; +b. de beveiliging van de gezichtsopnames en vingerafdrukken tegen verlies of onrechtmatige verwerking; +c. de wijze waarop de gezichtsopnames en vingerafdrukken, op grond van artikel 107, vijfde lid, van de Wet beschikbaar worden gesteld; +d. de vernietiging van de gezichtsopnames en vingerafdrukken na afloop van de bewaartermijn, bedoeld in artikel 8.35, en +e. de verwijdering en vernietiging van de gezichtsopname en vingerafdrukken op verzoek van de vreemdeling, op grond dat deze de hoedanigheid heeft verkregen van gemeenschapsonderdaan anders dan door verkrijging van het Nederlanderschap. + ## Hoofdstuk 9. Overgangs- en slotbepalingen ### Artikel 9.1