From a7b6dfe2b742186295fe5f3e5272273504517caa Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 1 Jan 2013 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2013-01-01 | BWBR0002032 | Wet buitengewoon pensioen 1940-1945 --- .../BWBR0002032/README.md | 34 ++++++------------- 1 file changed, 10 insertions(+), 24 deletions(-) diff --git a/wet/wet-buitengewoon-pensioen-1940-1945/BWBR0002032/README.md b/wet/wet-buitengewoon-pensioen-1940-1945/BWBR0002032/README.md index cc72e827b69..9481ef31014 100644 --- a/wet/wet-buitengewoon-pensioen-1940-1945/BWBR0002032/README.md +++ b/wet/wet-buitengewoon-pensioen-1940-1945/BWBR0002032/README.md @@ -59,9 +59,7 @@ Vervallen ### Artikel 3a -**1.** De voordracht voor een krachtens deze wet vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet gedaan dan nadat het ontwerp in de *Staatscourant* is bekend gemaakt en aan een ieder de gelegenheid is geboden om binnen vier weken na de dag waarop de bekendmaking is geschied, wensen en bedenkingen ter kennis van Onze Minister te brengen. Gelijktijdig met de bekendmaking wordt het ontwerp aan de beide kamers der Staten-Generaal overgelegd. - -**2.** Ten aanzien van de in artikel 36, derde lid, bedoelde algemene maatregel van bestuur is het eerste lid niet van toepassing. +De voordracht voor een krachtens deze wet vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet gedaan dan nadat het ontwerp in de *Staatscourant* is bekend gemaakt en aan een ieder de gelegenheid is geboden om binnen vier weken na de dag waarop de bekendmaking is geschied, wensen en bedenkingen ter kennis van Onze Minister te brengen. Gelijktijdig met de bekendmaking wordt het ontwerp aan de beide kamers der Staten-Generaal overgelegd. ## Hoofdstuk Tweede. Van het buitengewoon pensioen van de deelnemers aan het verzet @@ -181,9 +179,9 @@ De inkomsten van de betrokkene, worden op het buitengewoon pensioen in mindering Tot de inkomsten van betrokkene als bedoeld in de vorige volzin worden niet gerekend: -a. inkomsten uit arbeid indien de betrokkene 65 jaar of ouder is; +a. inkomsten uit arbeid indien de betrokkene de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, heeft bereikt; b. inkomsten uit arbeid, arbeidsvervangende inkomsten en inkomsten uit onderneming van zijn echtgenoot; -c. inkomsten uit vermogen, tot een bedrag van vijfhonderd gulden per 1 januari 2012: achthonderdveertien euro en twintig eurocent; +c. inkomsten uit vermogen, tot een bedrag van vijfhonderd gulden per 1 januari 2013: achthonderdzevenendertig euro en vijfenvijftig eurocent; met dien verstande, dat indien met zodanige inkomsten van de echtgenoot of gewezen echtgenoot of uit vermogen reeds rekening is gehouden bij de vaststelling van de pensioengrondslag, een bedrag gelijk aan het met deze inkomsten verband houdende deel van het buitengewoon pensioen op het buitengewoon pensioen in mindering wordt gebracht. Wij bepalen bij algemene maatregel van bestuur in welke gevallen van laatstgenoemde vermindering wordt afgezien. Het in of krachtens de tweede en derde volzin bepaalde vindt geen toepassing, indien zulks zou leiden tot een lager betaalbaar pensioenbedrag. @@ -599,8 +597,8 @@ c. een weduwnaar, genoemd in artikel 14, vierde lid, onder *a*, die recht heeft Het van toepassing zijnde normbedrag bedraagt: -a. voor de gepensioneerde die de vijfenzestigjarige leeftijd nog niet heeft bereikt: zeventig procent van de minimum-pensioengrondslag op maandbasis; -b. voor de gepensioneerde die de vijfenzestigjarige leeftijd heeft bereikt: vijftig procent van de minimum-pensioengrondslag op maandbasis, vermeerderd met twintig procent van het bedrag van het bruto-ouderdomspensioen voor de pensioengerechtigde, bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder a, van de Algemene Ouderdomswet alsmede van het bedrag van de bruto-vakantie-uitkering, vastgesteld overeenkomstig artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, van die wet. +a. voor de gepensioneerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet heeft bereikt: zeventig procent van de minimum-pensioengrondslag op maandbasis; +b. voor de gepensioneerde die de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, heeft bereikt: vijftig procent van de minimum-pensioengrondslag op maandbasis, vermeerderd met twintig procent van het bedrag van het bruto-ouderdomspensioen voor de pensioengerechtigde, bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder a, van de Algemene Ouderdomswet alsmede van het bedrag van de bruto-vakantie-uitkering, vastgesteld overeenkomstig artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, van die wet. ### Artikel 31g @@ -610,11 +608,11 @@ De garantietoeslag gaat in op de eerste dag van de maand, waarin het recht op de ### Artikel 31h -**1.** Indien de pensioengerechtigde over zijn buitengewoon pensioen of garantietoeslag de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 41 van de Zorgverzekeringswet, verschuldigd is, heeft hij recht op een toeslag. Deze toeslag bedraagt het percentage van het buitengewoon pensioen of de garantietoeslag dat overeenkomt met het bijdragepercentage, bedoeld in artikel 45, tweede lid, van de Zorgverzekeringswet, vermenigvuldigd met anderhalf, voorzover het pensioen of de garantietoeslag is te rekenen tot het deel van het bijdrage-inkomen, bedoeld in artikel 43, eerste lid, onderdeel a, van de Zorgverzekeringswet. +**1.** Indien de pensioengerechtigde over zijn buitengewoon pensioen of garantietoeslag de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 43 van de Zorgverzekeringswet, verschuldigd is, heeft hij recht op een toeslag. Deze toeslag bedraagt het percentage van het buitengewoon pensioen of de garantietoeslag dat overeenkomt met het bijdragepercentage, bedoeld in artikel 45, tweede lid, van de Zorgverzekeringswet, vermenigvuldigd met anderhalf, voorzover het pensioen of de garantietoeslag is te rekenen tot het deel van het bijdrage-inkomen, bedoeld in artikel 43, tweede lid, onderdeel a, van de Zorgverzekeringswet. **2.** Indien de pensioengerechtigde over zijn buitengewoon pensioen of garantietoeslag de bijdrage, bedoeld in artikel 69, tweede lid, van de Zorgverzekeringswet, verschuldigd is, heeft hij recht op een toeslag. Voor de berekening van deze toeslag is het eerste lid, tweede volzin, van overeenkomstige toepassing. -**3.** Het in aanmerking te nemen bijdrage-inkomen bedraagt op jaarbasis ten hoogste het bedrag, bedoeld in artikel 43, tweede lid, van de Zorgverzekeringswet. +**3.** Het in aanmerking te nemen bijdrage-inkomen bedraagt op jaarbasis ten hoogste het bedrag, bedoeld in artikel 43, derde lid, van de Zorgverzekeringswet. **4.** Op de toeslagen, bedoeld in het eerste en tweede lid, is het achtste hoofdstuk van toepassing, met uitzondering van de artikelen 31i en 35a. @@ -668,15 +666,7 @@ De Sociale verzekeringsbank is bevoegd geheel of gedeeltelijk van invordering af ### Artikel 36 -**1.** Op de bedragen, bedoeld in artikel 31b, verminderd overeenkomstig de artikelen 12 en 20, en vermeerderd met de garantietoeslagen, bedoeld in artikel 31e, wordt een bedrag ingehouden, dat gelijk is aan het bedrag van de premie, dat een werkgever ingevolge de Werkloosheidswet op het overeenkomstige loon van een werknemer, die verzekerd is ingevolge die wet, inhoudt. - -**2.** Indien de gepensioneerde op grond van hetzelfde feit, als waaraan het genot van een buitengewoon pensioen wordt ontleend een uitkering geniet ingevolge de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen of de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, waarover premie ingevolge de Werkloosheidswet wordt ingehouden, wordt het eerste lid zodanig toegepast, dat het totaal van de in te houden bedragen niet meer bedraagt dan het maximaal ingevolge het eerste lid in te houden bedrag. - -**3.** Indien ingevolge de Wet financiering sociale verzekeringen een premie wordt ingehouden waarvan het percentage per bedrijfstak verschilt, wordt met inachtneming van bij algemene maatregel van bestuur te stellen regelen door Onze Minister voor de toepassing van het eerste lid een gemiddeld percentage vastgesteld. - -**4.** Het bepaalde in het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op de uitkering (overlijdensuitkering) bedoeld in artikel 30a. - -**5.** Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing indien de buitengewoon pensioengerechtigde 65 jaar of ouder is. +Vervallen ### Artikel 36a @@ -714,11 +704,7 @@ Vervallen ### Artikel 38 -**1.** Tegen een besluit op grond van deze wet kan een belanghebbende beroep instellen bij de Centrale Raad van Beroep. - -**2.** In afwijking van artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht bedraagt de termijn voor het indienen van een beroepschrift dertien weken, indien de belanghebbende in het buitenland is gevestigd. - -**3.** Het griffierecht bedraagt € 35. +In afwijking van artikel 6:7 van de Algemene wet bestuursrecht bedraagt de termijn voor het indienen van een beroepschrift dertien weken, indien de belanghebbende in het buitenland is gevestigd. ### Artikel 38a @@ -772,7 +758,7 @@ Op een beschikking, voortvloeiende uit de toepassing van de artikelen 41, 41*a* Het buitengewoon pensioen of de garantietoeslag wordt, met uitzondering van de op grond van artikel 8 vastgestelde pensioengrondslag en het invaliditeitspercentage, bedoeld in artikel 9, opnieuw vastgesteld: -a. wanneer de pensioengerechtigde of zijn echtgenoot de 65-jarige leeftijd bereikt; +a. wanneer de pensioengerechtigde of zijn echtgenoot de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, bereikt; b. wanneer de pensioengerechtigde in het huwelijk treedt of zijn huwelijk wordt beëindigd door echtscheiding of overlijden van zijn echtgenoot; c. wanneer de pensioengerechtigde duurzaam gescheiden van zijn echtgenoot gaat leven; d. wanneer een kind of pleegkind van de pensioengerechtigde meerderjarig wordt;