2016-03-31 | BWBR0022530 | Besluit gewasbeschermingsmiddelen en biociden

This commit is contained in:
Coornhert 2016-03-31 12:00:00 +00:00
parent 730c32b92a
commit a978fc038c

View file

@ -26,7 +26,9 @@ g. gasvormende toestand: toestand van een gewasbeschermingsmiddel of biocide waa
h. maximumresidugehalte (MRL): het hoogste wettelijk toegestane concentratieniveau van een residu van gewasbeschermingsmiddelen of biociden in of op een levensmiddel of diervoeder op basis van goede landbouwpraktijken en de laagste blootstelling van consumenten die noodzakelijk is met het oog op de bescherming van kwetsbare consumenten;
i. richtlijn 1999/45/EG: richtlijn nr. 1999/45/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 31 mei 1999 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke preparaten (PbEG 1999, L 200);
j. uitvoeringsverordening (EU) 545/2011: Verordening (EU) nr. 545/2011 van de Commissie van 10 juni 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad wat de gegevensvereisten voor gewasbeschermingsmiddelen betreft (PbEU 2011, L 155);
k. uitvoeringsverordening (EU) 546/2011: Verordening (EU) nr. 546/2011 van de Commissie van 10 juni 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad wat uniforme beginselen voor de evaluatie en de toelating van gewasbeschermingsmiddelen betreft (PbEU 2011, L 155).
k. uitvoeringsverordening (EU) 546/2011: Verordening (EU) nr. 546/2011 van de Commissie van 10 juni 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad wat uniforme beginselen voor de evaluatie en de toelating van gewasbeschermingsmiddelen betreft (PbEU 2011, L 155);
l. verhard oppervlak: oppervlak dat is verhard door bebouwing, bestrating en overige verhardingen aangebracht op de bodem voor verbetering van draagvlak en begaanbaarheid;
m. onverhard oppervlak: oppervlak niet zijnde verhard oppervlak.
### Artikel 1a
@ -378,20 +380,23 @@ Een gewasbeschermingsmiddel dat een prioritaire gevaarlijke stof bevat als bedoe
### Artikel 27b
Het gebruik van een gewasbeschermingsmiddel wordt geminimaliseerd of blijft achterwege op en langs:
**1.** Het is een professionele gebruiker niet toegestaan om gewasbeschermingsmiddelen op een verhard oppervlak toe te passen.
a. wegen, spoorwegen en andere infrastructuur in de nabijheid van oppervlaktewater of grondwater, alsook op verharde oppervlakken waar een groot risico van afspoeling naar oppervlaktewateren of rioleringssystemen bestaat;
b. zeer doorlaatbare oppervlakken in de nabijheid van oppervlaktewater of grondwater.
**2.**
Het eerste lid is niet van toepassing in bij ministeriële regeling aan te wijzen gebieden of omstandigheden voor zover het een toepassing van een gewasbeschermingsmiddel betreft:
a. die noodzakelijk is voor een veilige exploitatie van bedrijfsmatige activiteiten of inrichtingen;
b. die noodzakelijk is voor de bescherming van de gezondheid van mens of dier of van het milieu; of
c. op specifieke terreinen voor recreatieve doeleinden of voor het beoefenen van sport die vanwege hun aard of omvang redelijkerwijze niet op een andere wijze kunnen worden onderhouden.
**3.** Bij ministeriële regeling kunnen voorwaarden worden gesteld aan de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen in de gebieden en omstandigheden, bedoeld in het tweede lid.
**4.** Het eerste lid geldt niet voor land- en tuinbouwbedrijven die gewassen telen of kweken.
### Artikel 27c
**1.** In niet-landbouwgebieden in gebruik bij het grote publiek of bij kwetsbare groepen als bedoeld in artikel 3 van verordening (EG) 1107/2009 wordt gebruik gemaakt van gewasbeschermingsmiddelen met een laag risico als bedoeld in artikel 47 van verordening (EG) 1107/2009 of biologische bestrijdingsmethoden.
**2.** Indien met de gewasbeschermingsmiddelen of bestrijdingsmethoden, bedoeld in het eerste lid, onvoldoende resultaat wordt geboekt of zon resultaat redelijkerwijs te verwachten is, kunnen andere toegelaten gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast.
**3.** Degene die voornemens is in de situatie, bedoeld in het tweede lid, een gewasbeschermingsmiddel te gebruiken, dat overeenkomstig richtlijn 1999/45/EG is ingedeeld als vergiftig of zeer vergiftig, meldt zijn voornemen aan Onze Minister van Economische Zaken. Artikel 32, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
**4.** Bij regeling van Onze Minister kan worden bepaald binnen welke termijn na ontvangst van de melding Onze Minister van Economische Zaken kan besluiten het voorgenomen gebruik te verbieden, dan wel voorschriften en beperkingen te verbinden aan het gebruik.
Vervallen
### Artikel 27d