diff --git a/wet/spoorwegwet/BWBR0015007/README.md b/wet/spoorwegwet/BWBR0015007/README.md index b5d6a800093..8288907bd0a 100644 --- a/wet/spoorwegwet/BWBR0015007/README.md +++ b/wet/spoorwegwet/BWBR0015007/README.md @@ -221,8 +221,11 @@ e. de beheerder financieel draagkrachtig en beroepsbekwaam is. Aan de concessie worden voorts in elk geval voorschriften verbonden ten aanzien van: a. door de beheerder te berekenen tarieven voor diensten aan derden; -b. het verstrekken van gegevens aan Onze Minister ten behoeve van het toezicht op de naleving van de concessie alsmede ten behoeve van het voldoen aan de verplichtingen die Onze Minister met betrekking tot de hoofdspoorwegen heeft ingevolge de artikelen 116, 118 en 122 van de Wet geluidhinder ter uitvoering van richtlijn nr. 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 25 juni 2002 inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai (PbEG L 189); -c. het opstellen van een financiële verantwoording van het uitvoeren van de concessie, welke verantwoording gescheiden is van die voor andere werkzaamheden. +b. het verstrekken van gegevens aan Onze Minister ten behoeve van: + +1°. het toezicht op de naleving van de concessie; +2°. het voldoen aan de verplichtingen die Onze Minister met betrekking tot de hoofdspoorwegen heeft ingevolge de artikelen 116, 118 en 122 van de Wet geluidhinder ter uitvoering van richtlijn nr. 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 25 juni 2002 inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai (PbEG L 189); +3°. het voldoen aan de verplichtingen die Onze Minister met betrekking tot de hoofdspoorwegen heeft ingevolge artikel 12.13, eerste lid, van de Wet milieubeheer. **3.** Een wijziging van de technische of functionele eigenschappen van de hoofdspoorweginfrastructuur die de gebruiksmogelijkheden van de hoofdspoorwegen aanmerkelijk verandert, behoeft de voorafgaande instemming van Onze Minister. De beheerder vermeldt in zijn verzoek om instemming de zienswijzen van betrokken gerechtigden als bedoeld in artikel 57 en, voorzover de wijziging afwijkt van die zienswijzen, een deugdelijke motivering van die afwijking.