From a9d0c061dfe316bd374afccfdb13e891166a5728 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 1 Jan 2013 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2013-01-01 | BWBR0025007 | Besluit tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten --- .../BWBR0025007/README.md | 8 ++++---- 1 file changed, 4 insertions(+), 4 deletions(-) diff --git a/amvb/besluit-tegemoetkoming-chronisch-zieken-en-gehandicapten/BWBR0025007/README.md b/amvb/besluit-tegemoetkoming-chronisch-zieken-en-gehandicapten/BWBR0025007/README.md index 9bb8387a82e..a41ace3e1d8 100644 --- a/amvb/besluit-tegemoetkoming-chronisch-zieken-en-gehandicapten/BWBR0025007/README.md +++ b/amvb/besluit-tegemoetkoming-chronisch-zieken-en-gehandicapten/BWBR0025007/README.md @@ -34,7 +34,7 @@ Vervallen **1.** -De tegemoetkoming, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet, bedraagt € 296 indien de rechthebbende in het kalenderjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft, jonger was dan 65 jaar of 65 jaar is geworden, onderscheidenlijk € 148 indien de rechthebbende in het gehele jaar 65 jaar of ouder was, de rechthebbende niet is overleden in het kalenderjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft, en: +De tegemoetkoming, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet, bedraagt € 290 indien de rechthebbende in het kalenderjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft, de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet heeft bereikt of pensioengerechtigd is geworden, onderscheidenlijk € 145 indien de rechthebbende in het gehele jaar pensioengerechtigde was, de rechthebbende niet is overleden in het kalenderjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft, en: a. in dat jaar één of meer ATC’s of in het jaar voorafgaande aan dat jaar één of meer DBC’s vergoed kreeg die behoren tot een bij ministeriële regeling aangewezen chronische groep die recht geeft op een lage tegemoetkoming; b. in dat jaar één of meer ATC’s of in het jaar voorafgaande aan dat jaar één of meer DBC’s vergoed kreeg die behoren tot twee of meer bij ministeriële regeling aangewezen chronische groepen die afzonderlijk geen recht geven op een tegemoetkoming; @@ -53,11 +53,11 @@ h. in dat jaar al dan niet aaneengesloten 26 weken of meer op grond van een indi 2°. het gemiddelde aantal uren waarvoor een functie is geïndiceerd, geldt als het aantal uren zorg per week voor die functie, en 3°. in geval van een indicatie voor twee of meer functies het totaalaantal uren zorg per week wordt berekend door het aantal uren zorg per functie per week op te tellen; i. in dat jaar al dan niet aaneengesloten 26 weken of meer gedurende één tot tien uren per week in natura huishoudelijke verzorging als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Wet maatschappelijke ondersteuning heeft ontvangen of daartoe op grond van een indicatiebesluit was aangewezen en een persoonsgebonden budget heeft ontvangen, met dien verstande dat voor het vaststellen van de periode van 26 weken wordt aangesloten bij de indeling in weken als bedoeld in artikel 4.1, derde lid, van het Besluit maatschappelijke ondersteuning, of -j. in dat jaar al dan niet aaneengesloten 26 weken of meer op grond van een indicatiebesluit was aangewezen op één of meer etmalen per week zorg als bedoeld in de artikelen 9, eerste lid, of 13, eerste en tweede lid, van het Besluit zorgaanspraken AWBZ. +j. in dat jaar al dan niet aaneengesloten 26 weken of meer op grond van een indicatiebesluit was aangewezen op één of meer etmalen per week zorg als bedoeld in de artikelen 9, eerste lid, 9a, eerste lid, of 13, eerste en tweede lid, van het Besluit zorgaanspraken AWBZ. **2.** -De tegemoetkoming, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet bedraagt € 494 indien de rechthebbende in het kalenderjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft, jonger was dan 65 jaar of 65 jaar is geworden, onderscheidenlijk € 346 indien de rechthebbende in het gehele jaar 65 jaar of ouder was, de rechthebbende niet is overleden in het kalenderjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft, en de rechthebbende in dat jaar: +De tegemoetkoming, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet bedraagt € 484 indien de rechthebbende in het kalenderjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft, de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, nog niet heeft bereikt of pensioengerechtigd is geworden, onderscheidenlijk € 339 indien de rechthebbende in het gehele jaar pensioengerechtigde was, de rechthebbende niet is overleden in het kalenderjaar waarop de tegemoetkoming betrekking heeft, en de rechthebbende in dat jaar: a. een of meer ATC’s of in het jaar voorafgaande aan dat jaar een of meer DBC’s vergoed kreeg die behoren tot: @@ -172,7 +172,7 @@ a. de persoon, bedoeld in artikel 10, eerste lid, van de wet die op 1 juli van h 4°. een uitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen bij een arbeidsongeschiktheid van 35% of meer; b. de persoon die op 1 juli van het kalenderjaar recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 35% of meer of op arbeidsondersteuning op grond van de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten. -**2.** De persoon, bedoeld in het eerste lid, ontvangt per kalenderjaar een tegemoetkoming van € 342. +**2.** De persoon, bedoeld in het eerste lid, ontvangt per kalenderjaar een tegemoetkoming van € 350,–. **3.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verstrekt de tegemoetkoming ambtshalve in het derde kwartaal van het kalenderjaar.