From a9d52ee269aeceaa156c0f884c48aa02ef8450c3 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Sat, 1 Nov 2025 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2025-11-01 | BWBR0009709 | Penitentiaire beginselenwet --- .../BWBR0009709/README.md | 147 ++++++++++++++++-- 1 file changed, 138 insertions(+), 9 deletions(-) diff --git a/wet/penitentiaire-beginselenwet/BWBR0009709/README.md b/wet/penitentiaire-beginselenwet/BWBR0009709/README.md index 17176c150d2..6452143f8d7 100644 --- a/wet/penitentiaire-beginselenwet/BWBR0009709/README.md +++ b/wet/penitentiaire-beginselenwet/BWBR0009709/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Penitentiaire beginselenwet bwb_id: BWBR0009709 type: wet status: geldend -datum_inwerkingtreding: '2021-07-01' +datum_inwerkingtreding: '2025-07-14' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0009709 citeertitel: Penitentiaire beginselenwet --- @@ -22,7 +22,7 @@ c. afdeling: een afdeling van een inrichting als bedoeld in artikel 8, tweede li d. directeur: de persoon, bedoeld in artikel 3, derde lid, alsmede diens vervanger of vervangers, bedoeld in artikel 3, vierde lid; e. gedetineerde: een persoon ten aanzien van wie de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel in een inrichting plaatsvindt; f. ambtenaar of medewerker: een persoon die een taak uitoefent in het kader van de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel; -g. vervallen; +g. afdeling voor intensief toezicht: afdeling waar gedetineerden op grond van artikel 14, tweede lid, worden ondergebracht in verband met de noodzaak van intensief toezicht; h. reclasseringswerker: een reclasseringswerker als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Reclasseringsregeling 1995; i. rechtsbijstandverlener: de advocaat of de medewerker van de voorziening, bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de Wet op de rechtsbijstand, voor zover belast met de verlening van rechtsbijstand anders dan rechtshulp; j. Raad: de Raad voor strafrechtstoepassing en jeugdbescherming; @@ -46,7 +46,7 @@ u. elektronisch toezicht: een technische voorziening waarbij, gebruik makend van **2.** Met handhaving van het karakter van de vrijheidsstraf of de vrijheidsbenemende maatregel wordt de tenuitvoerlegging hiervan zoveel mogelijk en afhankelijk van het gedrag van de betrokkene dienstbaar gemaakt aan de voorbereiding van de terugkeer in de maatschappij. Bij het verlenen van vrijheden aan gedetineerden wordt rekening gehouden met de veiligheid van de samenleving en de belangen van slachtoffers en nabestaanden. -**3.** Personen ten aanzien van wie de tenuitvoerlegging plaatsvindt van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel worden aan geen andere beperkingen onderworpen dan die welke voor het doel van de vrijheidsbeneming of in het belang van de handhaving van de orde of de veiligheid in de inrichting noodzakelijk zijn. +**3.** Personen ten aanzien van wie de tenuitvoerlegging plaatsvindt van een vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel worden aan geen andere beperkingen onderworpen dan die welke voor het doel van de vrijheidsbeneming, het belang van de handhaving van de orde of veiligheid noodzakelijk zijn. ### Artikel 3 @@ -250,7 +250,7 @@ d. extra beveiligd. **1.** Inrichtingen of afdelingen daarvan kunnen door Onze Minister worden bestemd voor de onderbrenging van gedetineerden die een bijzondere opvang behoeven. -**2.** De bijzondere opvang, bedoeld in het eerste lid, kan verband houden met de leeftijd, de persoonlijkheid, de lichamelijke of de geestelijke gezondheidstoestand van de gedetineerden, de geneeskundige behandeling van de geestelijke gezondheidstoestand als bedoeld in artikel 46d, onder a alsmede met het delict waarvoor zij zijn gedetineerd. +**2.** De bijzondere opvang, bedoeld in het eerste lid, kan verband houden met de leeftijd, de persoonlijkheid, de lichamelijke of de geestelijke gezondheidstoestand van de gedetineerden, de geneeskundige behandeling van de geestelijke gezondheidstoestand als bedoeld in artikel 46d, onder a, het delict waarvoor zij zijn gedetineerd alsmede met de intensiteit van het toezicht dat op de gedetineerde noodzakelijk is. **3.** Onze Minister bepaalt de criteria waaraan gedetineerden moeten voldoen om voor plaatsing in een inrichting of een afdeling als bedoeld in het eerste lid in aanmerking te komen. @@ -297,9 +297,12 @@ In afwijking van artikel 15, eerste lid, eerste volzin, kan Onze Minister bepale De betrokkene heeft het recht een met redenen omkleed bezwaarschrift in te dienen tegen de beslissing: a. tot plaatsing of overplaatsing als bedoeld in artikel 15, eerste lid; -b. tot beëindiging van zijn deelname aan een penitentiair programma. +b. tot beëindiging van zijn deelname aan een penitentiair programma; +c. tot het weigeren van de aanwijzing van een rechtsbijstandverlener als bedoeld in artikel 40a, vijfde en zesde lid; +d. tot het geven van het bevel, bedoeld in artikel 40d; +e. tot het verlengen of wijzigen van het bevel, bedoeld in artikel 40e. -**2.** Op de wijze van indiening is artikel 61, tweede, vierde en vijfde lid, van overeenkomstige toepassing. +**2.** Op de wijze van indiening is artikel 61, tweede, vierde en vijfde lid, van overeenkomstige toepassing. Op de behandeling van een bezwaarschrift op de beslissingen bedoeld in het eerste lid, onderdelen c en d, is artikel 73, vijfde tot en met negende lid, van overeenkomstige toepassing. **3.** Onze Minister stelt de betrokkene in de gelegenheid schriftelijk of mondeling diens bezwaarschrift toe te lichten, tenzij hij het aanstonds kennelijk niet-ontvankelijk, kennelijk ongegrond of kennelijk gegrond acht. @@ -322,6 +325,8 @@ b. deelname aan een penitentiair programma. **4.** Indien het verzoekschrift, bedoeld in het eerste lid, is afgewezen, kan zes maanden na deze afwijzing opnieuw een dergelijk verzoekschrift worden ingediend. +**5.** In afwijking van het vierde lid geldt een termijn van twaalf maanden voor verzoekschriften van een betrokkene die is geplaatst in een afdeling intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel d. + ## Hoofdstuk IVa. Detentie- en re-integratieplan ### Artikel 18a @@ -667,7 +672,11 @@ l. andere door Onze Minister of de directeur aan te wijzen personen of instantie **6.** De directeur kan het bezoek binnen de daarvoor bestemde tijd beëindigen en de bezoeker uit de inrichting doen verwijderen, indien dit noodzakelijk is met het oog op een belang als bedoeld in artikel 36, vierde lid. -**7.** De in artikel 37, eerste lid, onder g, h, en i, onder 2° genoemde personen en instanties hebben te allen tijde toegang tot de gedetineerde. De overige in dat lid genoemde personen en instanties hebben toegang tot de gedetineerde op in de huisregels vastgestelde tijden en plaatsen. Tijdens dit bezoek kunnen zij zich vrijelijk met de gedetineerde onderhouden, behoudens ingeval de directeur, na overleg met de desbetreffende bezoeker, van mening is dat van de gedetineerde een ernstig gevaar uitgaat voor de veiligheid van de bezoeker. In dat geval laat de directeur voor het bezoek weten welke toezichthoudende maatregelen genomen worden om het onderhoud zo ongestoord mogelijk te laten verlopen. De toezichthoudende maatregelen mogen er niet toe leiden dat vertrouwelijke mededelingen in het onderhoud tussen de gedetineerde en diens rechtsbijstandverlener bij derden bekend kunnen worden. +**7.** De in artikel 37, eerste lid, onder g, h, i, onder 2°, en j genoemde personen en instanties hebben te allen tijde toegang tot de gedetineerde. De overige in dat lid genoemde personen en instanties hebben toegang tot de gedetineerde op in de huisregels vastgestelde tijden en plaatsen. Tijdens dit bezoek kunnen zij zich vrijelijk met de gedetineerde onderhouden, behoudens ingeval de directeur, na overleg met de desbetreffende bezoeker, van mening is dat van de gedetineerde een ernstig gevaar uitgaat voor de veiligheid van de bezoeker. In dat geval laat de directeur voor het bezoek weten welke toezichthoudende maatregelen genomen worden om het onderhoud zo ongestoord mogelijk te laten verlopen. De toezichthoudende maatregelen mogen er niet toe leiden dat vertrouwelijke mededelingen in het onderhoud tussen de gedetineerde en diens rechtsbijstandverlener bij derden bekend kunnen worden. + +**8.** Op een bezoek van de in artikel 37, eerste lid, onder j, genoemde personen aan de gedetineerde die is geplaatst in een afdeling voor intensief toezicht of in een extra beveiligde inrichting als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel d, wordt visueel toezicht gehouden. Dit toezicht mag niet ertoe leiden dat vertrouwelijke mededelingen in het onderhoud bij derden bekend kunnen worden. + +**9.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over het toezicht, bedoeld in het achtste lid. De voordracht voor een krachtens de eerste zin vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd. ### Artikel 39 @@ -679,6 +688,12 @@ l. andere door Onze Minister of de directeur aan te wijzen personen of instantie **4.** De gedetineerde wordt in staat gesteld met de in artikel 37, eerste lid, genoemde personen en instanties telefonisch contact te hebben, indien hiervoor de noodzaak en de gelegenheid bestaat. Op deze gesprekken wordt geen ander toezicht uitgeoefend dan noodzakelijk is om de identiteit van de personen of instantie met wie de gedetineerde een telefoongesprek voert of wenst te voeren vast te stellen. +**5.** Een telefoongesprek met een gedetineerde die is geplaatst in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel d, kan binnen Nederland uitsluitend worden gevoerd vanuit door Onze Minister aangewezen plaatsen met een aangewezen toestel. De persoon met wie de gedetineerde telefoneert dient zich voorafgaand aan het telefoongesprek deugdelijk te legitimeren. Telefoongesprekken vanuit het buitenland kunnen enkel met toestemming van Onze Minister en onder door hem gestelde voorwaarden worden gevoerd. Onderdeel van de voorwaarden is dat wordt bepaald in welke taal het gesprek gevoerd mag worden. + +**6.** Onze Minister wijst de plaatsen aan van waaruit kan worden getelefoneerd met een gedetineerde die is geplaatst in een afdeling voor intensief toezicht of een extra beveiligde inrichting als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel d. + +**7.** Het vijfde en zesde lid zijn niet van toepassing op een telefoongesprek met een rechtsbijstandverlener, tenzij een bevel als bedoeld in artikel 40d is gegeven dat mede een beperking of uitsluiting van telefoonverkeer inhoudt. + ### Artikel 40 **1.** @@ -694,6 +709,108 @@ d. de voorkoming of opsporing van strafbare feiten. **3.** De directeur kan op het contact met een vertegenwoordiger van de media toezicht uitoefenen, indien dit noodzakelijk is met het oog op een belang als bedoeld in het eerste lid. Artikel 38, vierde lid, tweede en derde volzin, en vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing. +### Artikel 40a + +**1.** De gedetineerde die verblijft in een afdeling voor intensief toezicht of in een extra beveiligde inrichting als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel d, doet opgave aan de directeur van ten hoogste twee rechtsbijstandverleners die toegang hebben tot de gedetineerde. + +**2.** In afwijking van artikel 37, eerste lid, draagt de directeur zorg dat brieven of andere poststukken, gericht aan of afkomstig van andere rechtsbijstandverleners dan de aangewezen rechtsbijstandverleners bedoeld in het eerste lid, niet worden uitgereikt aan de gedetineerde. + +**3.** Vrije toegang van de rechtsbijstandverlener als bedoeld in artikel 38, zevende lid, tot een gedetineerde die verblijft in een afdeling voor intensief toezicht of in een extra beveiligde inrichting als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel d, is beperkt tot de aangewezen rechtsbijstandverleners bedoeld in het eerste lid. + +**4.** Het recht op het voeren van telefoongesprekken met een rechtsbijstandverlener op de wijze als voorzien in artikel 39, vierde en vijfde lid, is voor de gedetineerde die verblijft in een afdeling voor intensief toezicht of in een extra beveiligde inrichting als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel d, beperkt tot de aangewezen rechtsbijstandverleners, bedoeld in het eerste lid. + +**5.** De aangewezen rechtsbijstandverlener, bedoeld in het eerste lid, kan – met toestemming van de gedetineerde – Onze Minister verzoeken zich vanwege bijzondere omstandigheden te laten vervangen door een rechtsbijstandverlener van hetzelfde kantoor. Indien de aangewezen rechtsbijstandverlener niet werkzaam is binnen een kantoor, kan hij zich laten vervangen door diens vaste vervanger. Het tweede tot en met vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing op de vervangende rechtsbijstandverlener. Onze Minister beslist tijdig. + +**6.** De gedetineerde heeft het recht om bij Onze Minister een met redenen omkleed verzoekschrift in te dienen, strekkende tot het toestaan dat de gedetineerde een of meer andere rechtsbijstandverleners aanwijst die toegang hebben tot de gedetineerde indien bijzondere omstandigheden hiertoe aanleiding geven. Onze Minister beslist tijdig. + +**7.** Het eerste tot en met vijfde lid zijn van overeenkomstige toepassing op een op grond van het zesde lid aangewezen rechtsbijstandverlener. + +**8.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de uitvoering van dit artikel. De voordracht voor een krachtens de eerste zin vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd. + +### Artikel 40b + +**1.** + +De gedetineerde die verblijft in een extra beveiligde inrichting als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel d, wordt in de gelegenheid gesteld om: + +a. één uur per week bezoek te ontvangen; +b. éénmaal per week tien minuten één telefoongesprek te voeren. + +**2.** De gedetineerde ontvangt per bezoekmoment slechts één meerderjarige bezoeker dan wel één minderjarige bezoeker vergezeld door één meerderjarige bezoeker. + +**3.** Op het bezoek en het telefoongesprek wordt toezicht uitgeoefend als bedoeld in artikel 38, vierde lid, respectievelijk artikel 39, tweede lid. + +**4.** Onze Minister kan een tijdelijke verruiming van het bepaalde in het eerste en tweede lid toestaan indien sprake is van bijzondere omstandigheden die een tijdelijke verruiming rechtvaardigen. + +**5.** Artikel 18, eerste en derde lid, is van overeenkomstige toepassing. Onze Minister kan het verzoek rauwelijks afwijzen indien de gedetineerde bij herhaling kennelijk ongegronde verzoeken doet. + +**6.** Onze Minister kan te allen tijde de toepassing van het vierde lid beëindigen, indien nieuwe feiten of omstandigheden daartoe aanleiding geven. + +**7.** Bij regeling van Onze Minister worden nadere regels gesteld over de toepassing van het vierde en zesde lid. + +### Artikel 40c + +**1.** + +De gedetineerde die verblijft in een afdeling voor intensief toezicht wordt in de gelegenheid gesteld om: + +a. één uur per week bezoek te ontvangen; +b. driemaal per week tien minuten één telefoongesprek te voeren. + +**2.** De gedetineerde ontvangt per bezoekmoment slechts twee meerderjarige bezoekers, maar niet gelijktijdig, dan wel één minderjarige bezoeker vergezeld door één meerderjarige bezoeker. + +**3.** Op het bezoek en het telefoongesprek wordt toezicht uitgeoefend als bedoeld in artikel 38, vierde lid, respectievelijk artikel 39, tweede lid. + +**4.** Artikel 40b, vierde tot en met zevende lid, is van overeenkomstige toepassing. + +## Hoofdstuk VIIA. Bevelen van Onze Minister + +### Artikel 40d + +**1.** + +Onze Minister kan bevelen dat de gedetineerde die verblijft in een afdeling voor intensief toezicht of in een extra beveiligde inrichting als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onderdeel d, aan beperkingen wordt onderworpen die in het belang van de openbare orde of veiligheid buiten de inrichting noodzakelijk zijn: + +a. bij aanwijzingen dat de gedetineerde zijn contacten gebruikt voor ernstig intimiderende of levensbedreigende activiteiten in de buitenwereld, of +b. indien gelet op de aard van de verdenking, de aard van het misdrijf of de misdrijven waarvoor de gedetineerde is veroordeeld, de omstandigheden waaronder dat misdrijf of die misdrijven zouden zijn begaan of zijn begaan, of gelet op de persoonlijkheid van de gedetineerde, een gevaar voor de openbare orde of veiligheid moet worden aangenomen. + +**2.** Een gevaar bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, kan in ieder geval worden aangenomen indien de gedetineerde wordt verdacht van of is veroordeeld wegens deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven waarop een gevangenisstraf van twaalf jaren of meer is gesteld, terwijl de gedetineerde volgens de verdenking of veroordeling van die organisatie als oprichter, leider of bestuurder, bedoeld in artikel 140, derde en vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, kan worden aangemerkt. + +**3.** + +Het bevel kan inhouden: + +a. een beperking of uitsluiting van de mate waarin de gedetineerde in staat wordt gesteld individueel dan wel met andere gedetineerden aan activiteiten deel te nemen, in afwijking van artikel 21; +b. een beperking of uitsluiting van deelname aan gemeenschappelijke activiteiten, in afwijking van artikel 23; +c. een beperking of uitsluiting van het ontvangen en verzenden van brieven en het intensiveren van toezicht daarop, in afwijking van artikel 36; +d. een beperking of uitsluiting van het ontvangen van bezoek en het intensiveren van toezicht daarop, in afwijking van de artikelen 38, 40b en 40c; +e. een beperking of uitsluiting van telefoonverkeer en het intensiveren van toezicht daarop, in afwijking van de artikelen 39, 40b en 40c; +f. een beperking of uitsluiting van het onderhouden van contacten met de media en het toezicht daarop, in afwijking van artikel 40; +g. een beperking van het recht op het kennis nemen van het nieuws, in afwijking van artikel 48, eerste lid; +h. een uitsluiting van deelname aan overleg, bedoeld in artikel 74. + +**4.** Het bevel kan de rechten van derden buiten de inrichting beperken. + +**5.** Het bevel is schriftelijk. De maatregelen zijn gemotiveerd. Voor zover het bevel alle contacten van de gedetineerde met de buitenwereld beperkt, is het bevel ten hoogste drie maanden van kracht. In de overige gevallen is het bevel ten hoogste twaalf maanden van kracht. Het bevel duurt niet langer dan strikt noodzakelijk. Onze Minister kan het bevel telkens verlengen met een periode van ten hoogste dezelfde periode. Het bevel vermeldt telkens de duur van de daarin opgenomen maatregelen. + +**6.** Onze Minister kan het openbaar ministerie, de politie of het gerecht dat de zaak in laatste instantie feitelijk heeft behandeld om advies vragen over de inhoud van het bevel. Onze Minister kan de directeur inlichtingen vragen over de omstandigheden van de gedetineerde. + +**7.** Indien het bevel uitsluitend berust op de persoonlijkheid van de gedetineerde, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, dient de Minister in zijn bevel een advies van een gedragsdeskundige te betrekken. + +**8.** Het bevel beperkt de vrijheid van verkeer tussen de rechtsbijstandverlener en de gedetineerde niet. + +**9.** De directeur draagt zorg voor de uitvoering van het bevel. + +**10.** Het bevel laat de bevoegdheden van de directeur op grond van het bepaalde bij en krachtens deze wet onverlet. + +### Artikel 40e + +**1.** Indien Onze Minister dat aanvaardbaar acht, kan hij op verzoek van de gedetineerde beperkingen die volgen uit het bevel opheffen. Onze Minister kan aan de opheffing voorwaarden verbinden. + +**2.** Artikel 18 is van overeenkomstige toepassing met dien verstande dat in plaats van de in artikel 18, vierde lid, genoemde termijn van zes maanden, een termijn van vier weken geldt bij een bevel dat alle contacten van de gedetineerde met de buitenwereld beperkt, en een termijn van drie maanden voor overige bevelen. + +**3.** Onze Minister wijzigt een opgelegde beperking ten gunste van de gedetineerde of trekt hem in, indien nieuwe feiten of omstandigheden daartoe aanleiding geven. Onze Minister kan op grond van nieuwe feiten of omstandigheden een bevel wijzigen ten nadele van de gedetineerde. + ## Hoofdstuk VIII. Verzorging, arbeid en andere activiteiten ### Paragraaf 1. Verzorging @@ -736,6 +853,8 @@ a. de verstrekking van de door de aan de inrichting verbonden arts of diens verv b. de behandeling van de gedetineerde op aanwijzing van de aan de inrichting verbonden arts of diens vervanger; c. de overbrenging van de gedetineerde naar een ziekenhuis dan wel andere instelling, indien de onder b bedoelde behandeling aldaar plaatsvindt. +**5.** Over de uitvoering van het eerste en tweede lid worden bij algemene maatregel van bestuur nadere regels gesteld. + ### Artikel 43 **1.** De gedetineerde heeft recht op sociale verzorging en hulpverlening. @@ -1285,11 +1404,11 @@ b. enig ander onder a bedoeld handelen of nalaten in die hoedanigheid in strijd **4.** Indien de klacht door de beroepscommissie geheel of gedeeltelijk gegrond wordt geacht bepaalt de beroepscommissie of enige tegemoetkoming aan de gedetineerde geboden is. Zij stelt de tegemoetkoming, die geldelijk van aard kan zijn, vast. -## Hoofdstuk XIII. Beroep inzake plaatsing, overplaatsing, deelname aan een penitentiair programma, verlof en strafonderbreking +## Hoofdstuk XIII. Beroep inzake plaatsing, overplaatsing en tegen beslissingen op verzoekschriften ### Artikel 72 -**1.** De betrokkene heeft het recht tegen de beslissing van Onze Minister op het bezwaar- of verzoekschrift voor zover dit betreft een gehele of gedeeltelijke ongegrondverklaring, onderscheidenlijk afwijzing als bedoeld in de artikelen 17 en 18 een met redenen omkleed beroepschrift in te dienen bij de commissie, bedoeld in artikel 73, eerste lid. De betrokkene heeft ook het recht een beroepschrift in te dienen in het geval dat het indienen van een bezwaarschrift op de grond als vermeld in artikel 17, vijfde lid, achterwege is gebleven. +**1.** De betrokkene heeft het recht tegen de beslissing van Onze Minister op het bezwaar- of verzoekschrift voor zover dit betreft een gehele of gedeeltelijke ongegrondverklaring, onderscheidenlijk afwijzing als bedoeld in de artikelen 17, 18 en 40a, vijfde en zesde lid een met redenen omkleed beroepschrift in te dienen bij de commissie, bedoeld in artikel 73, eerste lid. De betrokkene heeft ook het recht een beroepschrift in te dienen in het geval dat het indienen van een bezwaarschrift op de grond als vermeld in artikel 17, vijfde lid, achterwege is gebleven. **2.** De gedetineerde heeft het recht tegen een hem betreffende beslissing aangaande verlof, voor zover hiertegen geen beklag ingevolge artikel 60, eerste en tweede lid, openstaat, een met redenen omkleed beroepschrift in te dienen bij de commissie, bedoeld in artikel 73, eerste lid. @@ -1311,6 +1430,16 @@ a. de betrokkenen uitsluitend in de gelegenheid worden gesteld het beroepschrift b. de mondelinge opmerkingen ten overstaan van een lid van de commissie, bedoeld in het eerste lid, kunnen worden gemaakt; c. ingeval bij een ander persoon mondeling inlichtingen worden ingewonnen, de betrokkenen uitsluitend in de gelegenheid worden gesteld schriftelijk de vragen op te geven die zij aan die persoon gesteld wensen te zien. +**5.** Bij de behandeling van het beroepschrift op een bevel als bedoeld in artikel 40d, kunnen, in afwijking van het bepaalde in artikel 65, derde lid, partijen die verplicht zijn inlichtingen te geven dan wel stukken over te leggen, indien daarvoor gewichtige redenen zijn, het geven van inlichtingen dan wel het overleggen van stukken weigeren of de commissie mededelen dat uitsluitend zij kennis zal mogen nemen van de inlichtingen onderscheidenlijk de stukken. + +**6.** De commissie beslist of de in het vijfde lid bedoelde weigering onderscheidenlijk de beperking van de kennisneming gerechtvaardigd is. Indien de commissie heeft beslist dat de weigering gerechtvaardigd is, vervalt de verplichting. + +**7.** Indien de commissie heeft beslist dat de beperking van de kennisneming gerechtvaardigd is, kan zij slechts met toestemming van de andere partij mede op de grondslag van die inlichtingen onderscheidenlijk die stukken uitspraak doen. + +**8.** Indien de toestemming wordt geweigerd, wordt de zaak verwezen naar een andere commissie die op het beroep beslist. + +**9.** De Raad doet zo snel mogelijk uitspraak. + ## Hoofdstuk XIV. Overleg en vertegenwoordiging ### Artikel 74