2007-01-01 | BWBR0005804 | Uitvoeringsbesluit verbruiksbelastingen van alcoholvrije dranken en van enkele andere produkten

This commit is contained in:
Coornhert 2007-01-01 12:00:00 +00:00
parent 69b5b8d209
commit aa7e5ec8e2

View file

@ -183,26 +183,21 @@ wordt verleend indien degene die deze goederen betrekt in het bezit is van een v
### Artikel 15
**1.**
Vrijstelling van belasting ter zake van de uitslag of de invoer van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak die worden gebruikt aan boord van schepen in het verkeer van Nederland naar een andere lidstaat, anders dan over de binnenwateren, wordt verleend indien:
Vrijstelling van belasting ter zake van de uitslag en de invoer van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak die worden gebruikt aan boord van schepen in het verkeer van Nederland naar een andere lid-staat, wordt verleend indien:
a. de eigenaar van het schip of diens vertegenwoordiger in Nederland in het bezit is van een vergunning als bedoeld in artikel 19 van het Uitvoeringsbesluit accijns; en
b. de eigenaar van het schip of zijn gemachtigde aan boord van het schip aan de vergunninghouder van de inrichting een schriftelijke verklaring in tweevoud heeft verstrekt waarin hij vermeldt dat de aan hem te leveren alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak worden gebruikt voor het in de aanhef bedoelde gebruik onder vermelding van het reisdoel dan wel, in geval van invoer, deze verklaring in tweevoud wordt overgelegd bij de aangifte tot plaatsing onder de douaneregeling vrij verkeer.
**2.** De vergunninghouder van de inrichting stelt een exemplaar van de verklaring na ondertekening weer ter hand aan de afnemer. In geval van invoer stelt de ambtenaar bij wie de aangifte tot plaatsing onder de douaneregeling vrij verkeer wordt gedaan een exemplaar van de verklaring na aftekening weer ter hand van de aangever.
**3.** De vergunninghouder van de inrichting, dan wel degene die de alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak invoert, dient de ontvangen verklaringen op overzichtelijke wijze bij zijn administratie te bewaren.
**4.** De afnemer die met vrijstelling van belasting alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak heeft betrokken dient de door hem terugontvangen exemplaren van de verklaringen op overzichtelijke wijze bij zijn administratie te bewaren.
**5.** Indien de eigenaar van het schip buitenslands woont of is gevestigd en in Nederland geen vertegenwoordiger heeft, kunnen de alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak waarvoor de vrijstelling van toepassing is, met inachtneming van het eerste lid, onderdeel *b*, en het tweede tot en met vierde lid, met vrijstelling worden uitgeslagen of ingevoerd.
a. de eigenaar of exploitant van het schip of zijn vertegenwoordiger aan boord van het schip verklaart dat de aan hem te leveren alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak worden gebruikt voor het in de aanhef bedoelde gebruik;
b. de verklaring in tweevoud geschiedt met gebruikmaking van een door de vergunninghouder van de inrichting opgesteld bescheid ingeval van uitslag of met gebruikmaking van een door degene die de levering verricht opgesteld bescheid ingeval van invoer;
c. de eigenaar of exploitant van het schip of zijn vertegenwoordiger aan boord van het schip beide exemplaren van de verklaring ondertekent; en
d. een exemplaar op overzichtelijke wijze wordt bewaard bij de administratie van de vergunninghouder van de inrichting ingeval van uitslag en bij de administratie van degene die de aangifte tot plaatsing onder de douaneregeling brengen in het vrije verkeer doet, ingeval van invoer. Het andere exemplaar wordt op overzichtelijke wijze bewaard bij de administratie aan boord van het schip.
### Artikel 16
**1.** Vrijstelling van belasting ter zake van de uitslag en de invoer van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak die worden gebruikt aan boord van luchtvaartuigen in het verkeer van Nederland naar een andere lid-staat wordt verleend indien de eigenaar van het luchtvaartuig of diens gemachtigde aan de vergunninghouder van de inrichting een schriftelijke verklaring in tweevoud heeft verstrekt waarin hij vermeldt dat de aan hem te leveren alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak zijn bestemd voor vorenbedoeld gebruik, dan wel in geval van invoer, deze verklaring in tweevoud wordt overgelegd bij de aangifte tot plaatsing onder de douaneregeling vrij verkeer.
Vrijstelling van belasting ter zake van de uitslag of de invoer van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak die worden gebruikt aan boord van luchtvaartuigen in het verkeer van Nederland naar een andere lidstaat wordt verleend indien:
**2.** Artikel 15, tweede tot en met vierde lid, is van overeenkomstige toepassing.
a. de eigenaar of exploitant van het luchtvaartuig of zijn vertegenwoordiger aan boord van het luchtvaartuig verklaart dat de aan hem te leveren alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak worden gebruikt voor het in de aanhef bedoelde gebruik;
b. de verklaring in tweevoud geschiedt met gebruikmaking van een door de vergunninghouder van de inrichting opgesteld bescheid ingeval van uitslag of met gebruikmaking van een door degene die de levering verricht opgesteld bescheid ingeval van invoer;
c. de eigenaar of exploitant van het luchtvaartuig of zijn vertegenwoordiger aan boord van het luchtvaartuig beide exemplaren van de verklaring ondertekent; en
d. een exemplaar op overzichtelijke wijze wordt bewaard bij de administratie van de vergunninghouder van de inrichting ingeval van uitslag en bij de administratie van degene die de aangifte tot plaatsing onder de douaneregeling brengen in het vrije verkeer doet, ingeval van invoer. Het andere exemplaar wordt op overzichtelijke wijze bewaard bij de administratie van de eigenaar of exploitant van het luchtvaartuig.
### Artikel 17
@ -231,7 +226,12 @@ Voor de toepassing van de teruggaaf van belasting voor alcoholvrije dranken, pru
### Artikel 19
Voor de toepassing van de teruggaaf van belasting ter zake van de levering van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak waarvoor op de voet van artikel 30 van de wet aanspraak op een vrijstelling zou bestaan, zijn de artikelen 15 en 16 van overeenkomstige toepassing.
Teruggaaf van belasting waarvoor op de voet van artikel 30 van de wet aanspraak op een vrijstelling zou bestaan, wordt verleend indien:
a. degene die om teruggaaf verzoekt bij zijn verzoek een verklaring overlegt van de eigenaar of exploitant van het schip of luchtvaartuig of zijn vertegenwoordiger aan boord van het schip of luchtvaartuig dat de goederen worden gebruikt voor het in artikel 30 van de wet bedoelde gebruik;
b. de verklaring in tweevoud geschiedt met gebruikmaking van een door degene die de levering heeft verricht opgesteld bescheid;
c. de eigenaar of exploitant van het schip of luchtvaartuig of zijn vertegenwoordiger aan boord van het schip of luchtvaartuig beide exemplaren van de verklaring ondertekent; en
d. een exemplaar van de verklaring op overzichtelijke wijze wordt bewaard bij de administratie aan boord van het schip of bij de administratie van de eigenaar of exploitant van het luchtvaartuig.
### Artikel 20
@ -275,7 +275,7 @@ Bij een verzoek om teruggaaf van belasting dient steeds de aankoopfactuur van de
**1.** Van alcoholvrije dranken die worden vervoerd dan wel voorhanden zijn buiten een inrichting of een entrepot, moet aan de hand van bescheiden de herkomst kunnen worden aangetoond.
**2.** Het bescheid mag niet ouder zijn dan twee dagen bij vervoer over de weg en vijf dagen bij vervoer op andere wijze.
**2.** Het bescheid dat wordt gebruikt om de herkomst aan te tonen van alcoholvrije dranken die worden vervoerd, mag niet ouder zijn dan zes dagen.
**3.** Het eerste lid is niet van toepassing met betrekking tot alcoholvrije dranken die bij anderen dan ondernemers als bedoeld in artikel 7 van de Wet op de omzetbelasting 1968 (*Stb.* 329), of publiekrechtelijke lichamen, anders dan als ondernemer, voorhanden zijn of door hen worden vervoerd voor eigen verbruik voor zover die produkten zich bevinden in de gebruikelijke kleinhandelsverpakkingen.
@ -294,11 +294,11 @@ b. communautaire alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak als bedoeld in a
### Artikel 30
**1.** De voor opslag bestemde inrichtingen van de vergunninghouder van een entrepot van het type E, bedoeld in artikel 504, tweede lid, van de toepassingsverordening Communautair douanewetboek, kunnen voor de opslag van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak als inrichting worden aangewezen.
**1.** De voor opslag bestemde inrichtingen van de vergunninghouder van een entrepot van het type E, bedoeld in artikel 525, tweede lid, onderdeel b, van de toepassingsverordening Communautair douanewetboek, kunnen voor de opslag van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak als inrichting worden aangewezen.
**2.** Uit de administratie van de vergunninghouder voor de inrichting en voor het in het eerste lid bedoelde entrepot dient op overzichtelijke wijze te blijken welke goederen in de inrichting zijn opgeslagen en welke in het entrepot.
**3.** Met betrekking tot plaatsen waarvoor een vergunning als bedoeld in het eerste lid is verleend, wordt onder het in artikel 5, derde lid, onderdeel *c*, van de wet bedoelde brengen van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak die zijn geplaatst onder een communautaire douaneregeling vanuit het entrepot naar een inrichting die voor dat soort goederen als zodanig is aangewezen, mede verstaan het in de administratie overboeken van de goederen van het entrepot naar de inrichting.
**3.** Met betrekking tot plaatsen waarvoor een vergunning als bedoeld in het eerste lid is verleend, wordt onder het in artikel 5, derde lid, onderdeel c, van de wet bedoelde brengen van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak die zijn geplaatst onder een communautaire douaneregeling vanuit het entrepot naar een inrichting die voor dat soort goederen als zodanig is aangewezen, mede verstaan het in de administratie overboeken van de goederen van het entrepot naar de inrichting.
**4.** Voor de in het derde lid bedoelde overbrengingen is geen vervoersopdracht vereist.
@ -320,7 +320,7 @@ b. communautaire alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak als bedoeld in a
Strafbare feiten zijn:
a. het nalaten te voldoen aan een in de artikelen 2, vierde, vijfde en zesde lid, 3, tweede, derde en vierde lid, 7, 11 en 27 opgenomen verplichting en een op grond van artikel 12 opgelegde verplichting; en
a. het nalaten te voldoen aan een in de artikelen 2, vierde, vijfde en zesde lid, 3, tweede, derde en vierde lid, 7, 11, 15, 16 en 27 opgenomen verplichting en een op grond van artikel 12 opgelegde verplichting; en
b. het overigens in strijd met dit besluit vervoeren of voorhanden hebben van alcoholvrije dranken, pruimtabak of snuiftabak.
## Hoofdstuk VII. Slotbepalingen