2013-05-30 | BWBR0008365 | Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren
This commit is contained in:
parent
19e448ab8e
commit
ab6e20ec1f
1 changed files with 13 additions and 11 deletions
|
|
@ -280,7 +280,11 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
Bij een opvolgende benoeming in een ambt waaraan een hoger maximum salaris is verbonden en waarvoor krachtens artikel 7, derde lid, een schaal is vastgesteld, geschiedt de inpassing in die schaal, met ingang van de datum van indiensttreding, op het naast hogere bedrag. De jaarlijkse verhoging tot het daarna in de schaal vermelde salaris blijft geschieden op dezelfde dag van het jaar als waarop die overeenkomstig artikel 13 plaatsvond.
|
||||
**1.** Bij een opvolgende benoeming in een ambt waaraan een hoger maximum salaris is verbonden en waarvoor krachtens artikel 7, derde lid, een schaal is vastgesteld, geschiedt de inpassing in die schaal, met ingang van de datum van indiensttreding, op het naast hogere bedrag. De jaarlijkse verhoging tot het daarna in de schaal vermelde salaris blijft geschieden op dezelfde dag van het jaar als waarop die overeenkomstig artikel 13 plaatsvond.
|
||||
|
||||
**2.** Ten aanzien van een rechterlijk ambtenaar wiens opvolgende benoeming een ambt bij een gerechtshof of rechtbank betreft kan door het betrokken gerechtsbestuur ten gunste van de rechterlijk ambtenaar worden afgeweken van het eerste lid, eerste volzin. Indien het gerechtsbestuur voornemens is in deze zin te besluiten, stelt het de Raad voor de rechtspraak in de gelegenheid hierover advies uit te brengen. Heeft de Raad advies uitgebracht, dan zendt het gerechtsbestuur een afschrift van het vervolgens genomen besluit aan de Raad.
|
||||
|
||||
**3.** Ten aanzien van een rechterlijk ambtenaar, anders dan bedoeld in het tweede lid, onderscheidenlijk een rechterlijk ambtenaar in opleiding kan door Onze minister onderscheidenlijk de Raad voor de rechtspraak van het eerste lid worden afgeweken, doch niet anders dan op voorstel van of na het inwinnen van advies bij de functionele autoriteit onderscheidenlijk de rector.
|
||||
|
||||
### Artikel 15
|
||||
|
||||
|
|
@ -690,23 +694,21 @@ d. indien het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk
|
|||
|
||||
### Artikel 46j
|
||||
|
||||
**1.** Om te beoordelen of sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 46i, eerste lid, onderdelen a en b, wordt door de functionele autoriteit medisch advies ingewonnen bij een daartoe door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, aangewezen arts. Deze arts stelt naar aanleiding van zijn bevindingen een rapport op, dat wordt toegezonden aan de functionele autoriteit en in afschrift aan de betrokken rechterlijk ambtenaar.
|
||||
|
||||
**2.** De in het eerste lid bedoelde arts betrekt bij zijn beoordeling een door de functionele autoriteit aangewezen arts en, indien de rechterlijk ambtenaar dit wenst, een door de rechterlijk ambtenaar aangewezen arts.
|
||||
|
||||
**3.** De functionele autoriteit stelt de rechterlijk ambtenaar er schriftelijk van op de hoogte dat de in het eerste lid bedoelde procedure zal worden ingesteld en dat de rechterlijk ambtenaar bevoegd is desgewenst een arts aan te wijzen. Deze kennisgeving geschiedt niet eerder dan nadat de rechterlijk ambtenaar gedurende een onafgebroken periode van achttien maanden ongeschikt is geweest tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte en in ieder geval op een zodanig tijdstip dat de procedure met betrekking tot het medisch advies uiterlijk binnen een periode van vierentwintig maanden ongeschiktheid afgerond kan zijn.
|
||||
Bij de beoordeling of sprake is van een situatie als bedoeld in artikel 46i, eerste lid, wordt de uitslag betrokken van de beoordeling door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, van de aanvraag op grond van artikel 64 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. Indien de beoordeling in de eerste volzin niet of langer dan een jaar geleden heeft plaatsgevonden, dan wel indien de rechterlijk ambtenaar en de functionele autoriteit het oneens zijn over het ontslag, kan door de functionele autoriteit aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een oordeel als bedoeld in artikel 32, eerste lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen worden gevraagd en betrekt de Hoge Raad dit bij de beoordeling.
|
||||
|
||||
### Artikel 46k
|
||||
|
||||
**1.** Aan de rechterlijk ambtenaar, die ongeschikt is tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte, kan door de Hoge Raad, op voorstel van de functionele autoriteit in een verzoek als bedoeld in artikel 46o, tweede lid, een ander ambt of andere functie worden opgedragen bij een gerecht of binnen het gezagsbereik van Onze Minister, indien sprake is van passende arbeid. De rechterlijk ambtenaar is verplicht het ambt dat of de functie die hem wordt opgedragen te aanvaarden.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid kan de opdracht, indien de daar bedoelde voorwaarden zijn vervuld en de rechterlijk ambtenaar daarom verzoekt, worden gegeven bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister. Voor de rechtsgevolgen wordt een zodanige opdracht gelijkgesteld met een door de Hoge Raad overeenkomstig het eerste lid gegeven opdracht.
|
||||
**2.** Onverminderd het bepaalde in het eerste lid kan de rechterlijk ambtenaar die door het in artikel 46j, eerste lid, bedoelde Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen minder dan 35% arbeidsongeschikt is verklaard, door de Hoge Raad op voorstel van de functionele autoriteit wordt herplaatst in een ander ambt of andere functie bij een parket of gerecht of anderszins binnen het gezagsbereik van Onze Minister, indien sprake is van passende arbeid, tenzij een zwaarwegend dienstbelang zich daartegen verzet.
|
||||
|
||||
**3.** Indien aan de rechterlijk ambtenaar een ander ambt of andere functie, niet zijnde een ambt als bedoeld in artikel 2, eerste lid, wordt opgedragen, wordt hij door de Hoge Raad onderscheidenlijk bij koninklijk besluit tevens ontslagen als voor het leven benoemd rechterlijk ambtenaar.
|
||||
**3.** In afwijking van het eerste lid kan de opdracht, indien de daar bedoelde voorwaarden zijn vervuld en de rechterlijk ambtenaar daarom verzoekt, worden gegeven bij koninklijk besluit op voordracht van Onze Minister. Voor de rechtsgevolgen wordt een zodanige opdracht gelijkgesteld met een door de Hoge Raad overeenkomstig het eerste lid gegeven opdracht.
|
||||
|
||||
**4.** Indien aan de rechterlijk ambtenaar een ambt als bedoeld in artikel 2, eerste lid, wordt opgedragen voor minder uren dan het aantal uren dat hij zijn oorspronkelijke ambt gemiddeld per week vervulde, wordt hij door de Hoge Raad onderscheidenlijk bij koninklijk besluit tevens ontslagen voor het meerdere aantal uren.
|
||||
**4.** Indien aan de rechterlijk ambtenaar een ander ambt of andere functie, niet zijnde een ambt als bedoeld in artikel 2, eerste lid, wordt opgedragen, wordt hij door de Hoge Raad onderscheidenlijk bij koninklijk besluit tevens ontslagen als voor het leven benoemd rechterlijk ambtenaar.
|
||||
|
||||
**5.** Het eerste tot en met vierde lid zijn niet van toepassing op de raadsheren in buitengewone dienst bij en de advocaten-generaal in buitengewone dienst bij de Hoge Raad, de raadsheren-plaatsvervangers in de gerechtshoven en de rechters-plaatsvervangers in de rechtbanken.
|
||||
**5.** Indien aan de rechterlijk ambtenaar een ambt als bedoeld in artikel 2, eerste lid, wordt opgedragen voor minder uren dan het aantal uren dat hij zijn oorspronkelijke ambt gemiddeld per week vervulde, wordt hij door de Hoge Raad onderscheidenlijk bij koninklijk besluit tevens ontslagen voor het meerdere aantal uren.
|
||||
|
||||
**6.** Het eerste tot en met vijfde lid zijn niet van toepassing op de raadsheren in buitengewone dienst bij en de advocaten-generaal in buitengewone dienst bij de Hoge Raad, de raadsheren-plaatsvervangers in de gerechtshoven en de rechters-plaatsvervangers in de rechtbanken.
|
||||
|
||||
### Artikel 46ka
|
||||
|
||||
|
|
@ -718,7 +720,7 @@ a. gevolg te geven aan door de functionele autoriteit of een door de functionele
|
|||
b. passende arbeid te verrichten waartoe hij in de gelegenheid wordt gesteld; of
|
||||
c. zijn medewerking te verlenen aan het opstellen, evalueren en bijstellen van een plan van aanpak als bedoeld in artikel 25, tweede lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen dan wel artikel 71a, tweede lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
|
||||
|
||||
**2.** Om te beoordelen of sprake is van een situatie als bedoeld in het eerste lid wint de functionele autoriteit het advies in van het in artikel 46j, eerste lid, bedoelde Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
|
||||
**2.** Om te beoordelen of sprake is van een situatie als bedoeld in het eerste lid, kan de uitslag worden betrokken van de beoordeling door het in artikel 46j, eerste lid, bedoelde Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen van de aanvraag op grond van artikel 64 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. Indien de beoordeling in de vorige volzin niet of langer dan een jaar geleden heeft plaatsgevonden, dan wel indien de rechterlijk ambtenaar en de functionele autoriteit het oneens zijn over het ontslag, kan door de functionele autoriteit aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een oordeel als bedoeld in artikel 32, eerste lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen worden gevraagd en betrekt de Hoge Raad dit bij de beoordeling.
|
||||
|
||||
### Artikel 46l
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue