2025-01-01 | BWBR0012289 | Vreemdelingencirculaire 2000 (B)

This commit is contained in:
Coornhert 2025-01-01 12:00:00 +00:00
parent 414b9f65f4
commit abc0d9dda7

View file

@ -452,13 +452,17 @@ Op deze regel zijn de volgende uitzonderingen van toepassing:
### 4. Afwijzingsgronden verblijfsvergunning regulier bepaalde tijd
#### 4.1. MVV-vereiste
#### 4.1. Mvv-vereiste
##### 4.1.1. Vrijstelling mvv-vereiste op medische grond
Op grond van artikel 17, eerste lid, onder c, Vw wijst de IND de aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd niet af wegens het ontbreken van een geldige mvv als:
• het voor de vreemdeling gelet op zijn gezondheidssituatie niet verantwoord is om te reizen; of
• als er binnen drie tot zes maanden bij het uitblijven van behandeling een medische noodsituatie zal ontstaan.
##### 4.1.2. Vrijstelling mvv-vereiste vanwege het Associatierecht EEG-Turkije
Een vreemdeling is vrijgesteld van het MVV-vereiste, als artikel 3.71, tweede lid, onder e, Vb van toepassing is. De IND neemt aan dat uitzetting in strijd is met het Associatierecht in de zin van artikel 3.71, tweede lid, aanhef en onder e, Vb als de vreemdeling voldoet aan alle volgende voorwaarden:
• de vreemdeling of de hoofdpersoon valt onder het toepassingsbereik van Besluit 1/80 of het Aanvullend Protocol;
@ -468,16 +472,21 @@ Een vreemdeling is vrijgesteld van het MVV-vereiste, als artikel 3.71, tweede li
De bijzondere, individuele omstandigheden moeten het uitoefenen van het vrij verkeer van werknemers of de vrijheid van vestiging belemmeren. Hiervan kan sprake zijn als bij een aanvraag om verblijf als gezinslid bij een Turkse hoofdpersoon die tot de legale Nederlandse arbeidsmarkt behoort, die Turkse hoofdpersoon door de bijzondere, individuele omstandigheden genoodzaakt wordt om te kiezen tussen het uitoefenen van de economische activiteit in Nederland en het gezinsleven in Turkije.
Van belemmeringen van het uitoefenen van voornoemde vrijheden in Nederland is in ieder geval geen sprake als de bijzondere, individuele omstandigheden zien op de:
De IND neemt in beginsel geen belemmering van het uitoefenen van voornoemde vrijheden in Nederland aan als de bijzondere, individuele omstandigheden uitsluitend zien op de:
• politieke, economische of sociale situatie in Turkije; of
• persoonlijke omstandigheden in Turkije.
De IND neemt geen belemmering aan voor het uitoefenen van voornoemde vrijheden in Nederland als de bijzondere, individuele omstandigheden zien op de:
• politieke, economische of sociale situatie in Turkije;
• persoonlijke omstandigheden in Turkije; of
• (voortzetting van) illegale arbeid in Nederland.
Het is aan de vreemdeling om de eventuele bijzondere individuele omstandigheden bij indiening van de aanvraag aan te voeren en met bewijsmiddelen te onderbouwen.
Aanvragen voor een verblijfsvergunning die door de IND zijn ontvangen voor 1 oktober 2022 worden niet afgewezen op het mvv-vereiste als de aanvrager onder het toepassingsbereik valt van Besluit 1/80 of het Aanvullend Protocol en, behalve aan het mvv-vereiste, aan alle overige voorwaarden van het gevraagde verblijfsdoel voldoet.
##### 4.1.3. Hardheidsclausule
Op grond van artikel 3.71, derde lid, Vb wijst de IND de aanvraag voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd niet af wegens het ontbreken van een geldige mvv als dit leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard (de hardheidsclausule).
De IND past de hardheidsclausule als bedoeld in artikel 3.71, derde lid, Vb in ieder geval toe als aan alle voorwaarden voor verlening van een verblijfsvergunning onder de beperking verblijf als familie- of gezinslid wordt voldaan, afgezien van het mvv-vereiste, en de vreemdeling:
@ -491,6 +500,8 @@ De IND past de hardheidsclausule als bedoeld in artikel 3.71, derde lid, Vb in i
op welke wijze hij de referent ondersteunt; en
waarom deze ondersteuning niet door derden kan worden verleend, bijvoorbeeld door een familielid of medewerker van professionele (thuis)zorg.
##### 4.1.4. Niet-bijzondere gevallen in het kader van de hardheidsclausule
De IND past de hardheidsclausule als bedoeld in artikel 3.71, derde lid, Vb in ieder geval niet toe als de vreemdeling:
• het beroep op de hardheidsclausule niet heeft gemotiveerd of met relevante gegevens en bescheiden heeft onderbouwd binnen een door de IND gestelde termijn;
@ -1053,7 +1064,9 @@ Voor de toepassing van deze grond is het bepaalde in paragraaf B1/4.4 Vc van ove
##### 6.2.4. Middelen van bestaan
De IND kan de aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd wegens het niet voldoen aan artikel 18, eerste lid, aanhef en onder d, Vw, afwijzen, als de verblijfsvergunning is verleend in het kader van gezinsmigratie en de vreemdeling en/of de hoofdpersoon een beroep doet/doen op de algemene middelen.
De IND kan de aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd afwijzen wegens het niet voldoen aan artikel 18, eerste lid, aanhef en onder d, Vw, als de vreemdeling en/of de hoofdpersoon niet meer zelfstandig en duurzaam beschikt over voldoende middelen van bestaan.
Als de verblijfsvergunning is verleend in het kader van gezinsmigratie wordt de aanvraag alleen afgewezen wegens het niet voldoen aan artikel 18, eerste lid, aanhef en onder d, Vw, als de vreemdeling en/of de hoofdpersoon een beroep doet op de algemene middelen.
#### 6.3. Niet-verlenging en intrekking verblijfsvergunning regulier bepaalde tijd
@ -3465,12 +3478,11 @@ Onder artikel 3.23 Vb wordt ook begrepen de situatie dat:
• het kind in Nederland is geboren;
• het kind behoort tot het gezin van een ouder, die na de geboorte van het kind genaturaliseerd is;
• het kind minderjarig is;
• het kind sinds de geboorte feitelijk is blijven behoren tot het gezin;
• het kind het hoofdverblijf niet buiten Nederland heeft verplaatst; en
het kind en de referent sinds de geboorte van het kind het hoofdverblijf niet buiten Nederland hebben verplaatst; en
• het kind voldoet aan de voorwaarden als bedoeld in artikel 3.23, vierde en vijfde lid, Vb.
Ook in deze situatie wijst de IND de aanvraag niet af wegens het niet bereid zijn een onderzoek naar of behandeling voor TBC te ondergaan en daaraan niet mee te werken.
Ook in deze situatie wijst de IND de aanvraag niet af wegens het niet bereid zijn een onderzoek naar of behandeling voor TBC te ondergaan en daaraan niet mee te werken
#### 3.4. Gezinshereniging bij minderjarige houder verblijfsvergunning asiel
@ -3666,7 +3678,7 @@ De IND neemt in ieder geval familie- of gezinsleven als bedoeld in artikel 8 EVR
als uit de feiten en omstandigheden volgt dat daadwerkelijk sprake is van hechte persoonlijke banden.
De IND neemt familie- of gezinsleven als bedoeld in artikel 8 EVRM aan tussen meerderjarigen als sprake is van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie (more than normal emotional ties).
De IND neemt familie- of gezinsleven als bedoeld in artikel 8 EVRM aan tussen meerderjarigen als sprake is van bijkomende elementen van afhankelijkheid die de gebruikelijke emotionele banden overstijgen.
De IND neemt familie- en gezinsleven aan als bedoeld in artikel 8 EVRM tussen ouders en hun meerderjarige kinderen, zonder dat sprake moet zijn van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie, uitsluitend als het meerderjarige kind:
@ -4358,21 +4370,30 @@ Van vreemdelingen, die in het bezit zijn van een verblijfsvergunning regulier vo
#### 8.1. Beleidsregels
De IND verleent op grond van artikel 3.49 Vb een verblijfsvergunning aan een vreemdeling die in afwachting is van een verzoek ex artikel 17 RWN als de vreemdeling:
De IND verleent op grond van artikel 3.49 Vb een verblijfsvergunning aan een vreemdeling die in afwachting is van een verzoek ex. artikel 17 RWN als de vreemdeling:
• op grond van een besluit van de Minister niet als vreemdeling uit Nederland wordt verwijderd in afwachting van het besluit op het verzoek om vaststelling van het Nederlanderschap; en
• zijn hoofdverblijf niet buiten Nederland heeft verplaatst.
• op grond van een besluit van de Minister van Asiel en Migratie niet als vreemdeling uit Nederland wordt verwijderd in afwachting van het besluit op het verzoek om vaststelling van het Nederlanderschap ex. artikel 17 RWN;
• zijn hoofdverblijf niet buiten Nederland heeft verplaatst; en
• het verzoek ex. artikel 17 RWN klaarblijkelijk niet van elke grond is ontbloot.
De IND-medewerker, die een verzoek ex artikel 17 RWN behandelt, moet advies vragen aan de afdeling Nationaliteitsvraagstukken over de vraag of het verzoek ex artikel 17 RWN niet klaarblijkelijk van elke grond is ontbloot.
De IND-medewerker kan slechts een verblijfsvergunning verlenen, als uit het advies van de afdeling Nationaliteitsvraagstukken blijkt dat het verzoek niet klaarblijkelijk van elke grond is ontbloot.
#### 8.2. Verlenging
Nadat de rechtbank te s-Gravenhage uitspraak heeft gedaan op het verzoek ex artikel 17 RWN, wijst de IND de aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning niet af omdat de vreemdeling niet meer voldoet aan de beperking waaronder de verblijfsvergunning is verleend, als de vreemdeling:
cassatieberoep heeft ingesteld, waarop nog geen beschikking is gegeven;
een cassatieverzoek heeft ingediend, waarop nog geen beschikking is gegeven;
• zijn hoofdverblijf niet buiten Nederland heeft verplaatst; en
• hangende het cassatieberoep niet als vreemdeling uit Nederland zal worden verwijderd, omdat het verzoek naar het oordeel van de IND niet klaarblijkelijk van elke grond is ontbloot.
• hangende het cassatieverzoek niet als vreemdeling uit Nederland zal worden verwijderd, omdat het verzoek naar het oordeel van de IND niet klaarblijkelijk van elke grond is ontbloot.
Als de aanvraag op grond van het openbare orde criterium wordt afgewezen, wordt de vreemdeling niet uitgezet als op het verzoek ex artikel 17 RWN niet is beslist.
De IND-medewerker, die aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning ex artikel 17 RWN behandelt, moet advies vragen aan de afdeling Nationaliteitsvraagstukken over de vraag of het verzoek ex artikel 17 RWN niet klaarblijkelijk van elke grond is ontbloot.
De IND-medewerker kan slechts een verblijfsvergunning verlengen, als uit het advies van de afdeling Nationaliteitsvraagstukken blijkt dat het verzoek niet klaarblijkelijk van elke grond is ontbloot.
#### 8.3. Bewijsmiddelen
De IND beschouwt een afschrift uit de BRP waaruit blijkt dat de vreemdeling is ingeschreven als ingezetene, als bewijsmiddel waaruit moet blijken dat de vreemdeling zijn hoofdverblijf in Nederland heeft.
@ -5702,6 +5723,109 @@ De IND beschouwt als bewijsmiddel waaruit blijkt welke hulpverlening de minderja
De IND beschouwt uitsluitend een advies van de DT&V als bewijsmiddel dat de ondertoezichtstelling van een minderjarige vreemdeling niet overdraagbaar is aan het land van herkomst of aan een land waarvan kan worden aangenomen dat er toegang kan worden verleend.
### 21. Tijdelijke regeling voor de verlening van een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan langdurig in Nederland verblijvende Surinaamse vreemdelingen, die als gevolg van de onafhankelijkheid van Suriname in 1975 de Nederlandse nationaliteit van rechtswege zijn kwijtgeraakt
#### 21.1. Inleiding
In dit hoofdstuk zijn de beleidsregels opgenomen die gelden voor langdurig in Nederland verblijvende Surinaamse vreemdelingen zonder rechtmatig verblijf, die tot 25 november 1975 de Nederlandse nationaliteit bezaten en ten aanzien van wie een eenmalige, bijzondere humanitaire regeling in het leven is geroepen. Deze regeling loopt van 1 januari 2025 tot 1 juli 2025.
In deze periode kunnen bedoelde niet-rechtmatige verblijvende Surinamers op aanvraag voor rechtmatig verblijf in aanmerking komen. De grondslag voor deze eenmalige, bijzondere humanitaire regeling is artikel 3.51, vierde lid, Vb in combinatie met artikel 3.24aa, tweede lid, aanhef en onder m, VV.
#### 21.2. Aanvraagprocedure
De Surinaamse vreemdeling, die meent in aanmerking te komen voor deze regeling, meldt zich eerst bij het Amsterdams Solidariteits Komitee Vluchtelingen (ASKV). Het ASKV begeleidt Surinaamse vreemdelingen uit alle gemeenten in Nederland die een beroep doen op deze regeling.
Het ASKV bespreekt samen met de Surinaamse vreemdeling of de vreemdeling aan de in paragraaf B9/21.3 Vc genoemde voorwaarden voldoet, welke bewijsmiddelen de vreemdeling nodig heeft en hoe deze bewijsmiddelen te verkrijgen. Het ASKV ondersteunt vervolgens de Surinaamse vreemdeling bij het verzamelen van voornoemde bewijsstukken. Nadat alle bewijsstukken zijn verzameld ondertekent de vreemdeling een antecedentenverklaring die bij de aanvraag wordt gevoegd. De aanvraag wordt vervolgens vóór 1 juli 2025 bij de IND ingediend.
Als de vreemdeling nog in afwachting is van al eerder opgevraagde aanvullende bewijsmiddelen met betrekking tot de identiteit en nationaliteit kunnen deze binnen een redelijke termijn na de sluitingsdatum van 1 juli 2025 worden verstrekt zolang de aanvraag vóór 1 juli 2025 is ingediend.
Namens de Surinaamse vreemdeling wordt enkel een aanvraag ingediend als de vreemdeling de volgende bewijsmiddelen over heeft gelegd:
• een bewijs van oud-Nederlanderschap tenzij het oud- Nederlanderschap al is komen vast te staan door het overleggen van een identiteitsbewijs;
• een bewijs van een minimale en aaneengesloten verblijfsduur in Nederland van tien jaar (Burgemeestersverklaring);
• een antecedentenverklaring; en
• een identiteitsbewijs tenzij de identiteit al is komen vast te staan door het overleggen van een bewijs van oud-Nederlanderschap.
In de overige gevallen wordt namens de vreemdeling door het ASKV geen aanvraag ingediend.
Als de Surinaamse vreemdeling bewijs heeft overgelegd dat hij een minimale en aaneengesloten verblijfsduur in Nederland heeft gehad van tien jaar, dan geeft de gemeente Amsterdam een ondertekende Burgemeestersverklaring af. Namens de vreemdeling wordt deze ondertekende Burgemeestersverklaring samen met de andere bewijsmiddelen door het ASKV aan de IND gestuurd.
De IND wijst de aanvraag onverkort af als:
• de vreemdeling zonder tussenkomst van het ASKV bij de IND een aanvraag heeft ingediend; of
• de aanvraag van de vreemdeling niet is voorzien van een Burgemeestersverklaring.
Paragraaf B1/8.1.1 Vc die ziet op gelegaliseerde bescheiden is van overeenkomstige toepassing.
#### 21.3. Voorwaarden
Op grond van artikel 3.51, vierde lid, Vb in combinatie met artikel 3.24aa, tweede lid, aanhef en onder m, VV verleent de IND een verblijfsvergunning voor bepaalde duur aan de Surinaamse vreemdeling, die:
a. voor 1975 Nederlander is geweest en het Nederlanderschap als gevolg van de Toescheidingsovereenkomst tussen Nederland en Suriname bij de onafhankelijkheid van Suriname in 1975 heeft verloren;
b. voorafgaand aan 1 januari 2025 een minimale en aaneengesloten verblijfsduur in Nederland heeft gehad van tien jaar, zoals vastgelegd in de Burgemeestersverklaring, afgegeven door de gemeente Amsterdam;
c. zijn identiteit aantoont door het bezit van een geldig identiteitsbewijs, paspoort, een verklaring van nationaliteit of bewijs van voormalig Nederlanderschap; en
d. binnen de periode van tien jaar voorafgaand aan de datum van de indiening van de aanvraag om de verblijfsvergunning niet is veroordeeld voor een misdrijf
Als de Surinaamse vreemdeling voldoet aan de voorwaarden voor verlening van een verblijfsvergunning op grond van deze regeling, wordt de vreemdeling vrijgesteld van het vereiste in het bezit te zijn van een geldige mvv.
##### 21.3.1. De Surinaamse vreemdeling is voor 1975 Nederlander geweest en heeft het Nederlanderschap als gevolg van de Toescheidingsovereenkomst tussen Nederland en Suriname in 1975 verloren
Deze regeling geldt alleen voor de Surinaamse vreemdeling, die geboren is vóór 25 november 1975 en op 25 november 1975 het Nederlanderschap bij de onafhankelijkheid van Suriname heeft verloren als gevolg van de Toescheidingsovereenkomst tussen Suriname en Nederland. De vreemdeling moet aantonen hij voor 25 november 1975 de Nederlandse nationaliteit heeft gehad, bijvoorbeeld via een bewijs van verklaring van ex-Nederlanderschap of door het overleggen van een verlopen Nederlands paspoort van voor 25 november 1975.
##### 21.3.2. De Surinaamse vreemdeling zonder rechtmatig verblijf heeft voorafgaand aan 1 januari 2025 een minimale en aaneengesloten verblijfsduur in Nederland gehad van tien jaar, zoals vastgelegd in de Burgemeestersverklaring, afgegeven door de gemeente Amsterdam
Het ASKV beoordeelt of er bij Surinaamse vreemdeling sprake is van:
• niet-rechtmatig verblijf;
• een minimale en aaneengesloten verblijfsduur in Nederland van tien jaar, direct voorafgaand aan de aanvraag.
Het is voor de Surinaamse vreemdeling niet noodzakelijk dat hij aantoont de gehele periode van tien jaar, direct voorafgaand aan de aanvraag, geen rechtmatig verblijf te hebben gehad. Kortdurend verblijf buiten Nederland, bijvoorbeeld vanwege ziekte of familiebezoek, wordt niet tegengeworpen. Het gaat om het aannemelijk maken van langdurig feitelijk verblijf in Nederland.
Een lijst van bewijsmiddelen waarmee de Surinaamse vreemdeling de duur van het verblijf kan aantonen is op de website van ASKV en/of gemeente Amsterdam beschikbaar.
##### 21.3.3. De Surinaamse vreemdeling toont zijn identiteit aan door het bezit van een geldig identiteitsbewijs, paspoort, een verklaring van nationaliteit of bewijs van voormalig Nederlanderschap
Als bewijs van zijn identiteit en nationaliteit legt de Surinaamse vreemdeling over een:
• Surinaamse identiteitskaart;
• Surinaams paspoort;
• verklaring van nationaliteit van de Surinaamse autoriteiten. Deze verklaring mag niet ouder zijn dan één jaar; of
• bewijs van voormalig Nederlanderschap, bestaande uit een verlopen Nederlands paspoort van voor 25 november 1975 of een verklaring van ex-Nederlanderschap van de Surinaamse autoriteiten.
##### 21.3.4. De Surinaamse vreemdeling is binnen de periode van tien jaar voorafgaand aan de datum van de indiening van de aanvraag van de verblijfsvergunning niet veroordeeld voor een misdrijf
De Surinaamse vreemdeling die binnen de periode van tien jaar voorafgaand aan de datum van de indiening van de aanvraag van de verblijfsvergunning is veroordeeld tot een onherroepelijke vrijheidsbenemende straf of maatregel of een taakstraf, wegens het plegen van één of meerdere misdrijven komt op grond van de openbare orde niet in aanmerking voor deze regeling als:
• hiertegen gevangenisstraf of een vrijheidsbenemende maatregel, een taakstraf of een maatregel als bedoeld in artikel 37a of 38m of van het Wetboek van Strafrecht is opgelegd, de vreemdeling bij strafbeschikking een taakstraf is opgelegd, dan wel het buitenlandse equivalent van een dergelijke straf of maatregel is opgelegd, en de totale duur van de onvoorwaardelijk ten uitvoer te leggen gedeelten van die straffen en maatregelen in totaal ten minste één maand bedraagt;
In het algemeen wordt hierbij een termijn gehanteerd van een onherroepelijke veroordeling tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf of vrijheidsbenemende maatregel van ten minste één maand. Dit geldt eveneens voor een onherroepelijk opgelegde taakstraf of een boete die niet ter uitvoering kon worden gelegd en heeft geleid tot een vervangende gevangenisstraf of vrijheidsbenemende maatregel van ten minste één maand.
Bij de berekening of er sprake is van een straf of maatregel van ten minste één maand, worden meerdere veroordelingen bij elkaar opgeteld.
Als voornoemde termijn langer is dan een maand dan moet dit worden beoordeeld in het licht van de strekking van deze eenmalige, bijzondere humanitaire regeling.
Bovenstaande beleidsregels met betrekking tot de openbare orde wijken af van de algemene beleidsregels over de openbare orde als opgenomen in paragraaf B1/4.4 Vc.
Voor wat betreft een eventueel gevaar voor de nationale veiligheid is paragraaf B1/4.4 Vc van overeenkomstige toepassing.
#### 21.4. Gezinshereniging
Het algemene beleid inzake gezinshereniging is van toepassing.
#### 21.5. Beperking, arbeidsmarktaantekening, geldigheidsduur en vrijstelling mvv
Op grond van artikel 3.4, eerste lid, aanhef en onder s, Vb verleent de IND de verblijfsvergunning onder de beperking: niet-tijdelijke humanitaire gronden.
Op grond van artikel 3.1, derde lid, aanhef en onder a, VV luidt de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument: Arbeid vrij toegestaan. TWV niet vereist.
Op grond van artikel 3.58, eerste lid, aanhef en onder s, Vb verleent de IND de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning regulier bepaalde tijd onder de beperking: niet-tijdelijke humanitaire gronden met de geldigheidsduur van vijf jaar.
#### 21.6. Verlenging of intrekking
Paragraaf B9/19 Vc is van overeenkomstige toepassing.
Paragraaf B9/19 Vc is van overeenkomstige toepassing.
## B10. EU-recht en Internationale Verdragen
### 1. Inleiding