2002-07-01 | BWBR0001860 | Faillissementswet
This commit is contained in:
parent
3e04fa4c3b
commit
acf4c4e2fc
1 changed files with 28 additions and 12 deletions
|
|
@ -62,7 +62,9 @@ De artikelen 3 en 3a blijven buiten toepassing indien een verzoek of een vorderi
|
|||
|
||||
### Artikel 5
|
||||
|
||||
De verzoekschriften, bedoeld in het vorige artikel en in de artikelen 8, 9, 10, 11, 15c, tweede lid, 67, 155, 166, 198 en 206, worden ingediend door een procureur.
|
||||
**1.** De verzoekschriften, bedoeld in het vorige artikel en in de artikelen 8, 9, 10, 11, 15c, tweede lid, 67, 155, 166, 198 en 206, worden ingediend door een procureur.
|
||||
|
||||
**2.** Het eerste lid is niet van toepassing op een hoger beroep dat wordt ingesteld tegen een beschikking van de rechter-commissaris, houdende machtiging aan de curator tot opzegging van een arbeidsovereenkomst.
|
||||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
|
|
@ -136,6 +138,10 @@ De verzoekschriften, bedoeld in het vorige artikel en in de artikelen 8, 9, 10,
|
|||
|
||||
**2.** Hangende het verzet, het hooger beroep of de cassatie kan geene raadpleging over een akkoord plaats hebben, noch tot de vereffening van den boedel buiten toestemming van den schuldenaar worden overgegaan.
|
||||
|
||||
### Artikel 13a
|
||||
|
||||
Indien de faillietverklaring wordt vernietigd wordt de opzegging van een arbeidsovereenkomst door een curator, in afwijking van artikel 13, eerste lid, met terugwerkende kracht beheerst door de wettelijke of overeengekomen regels die van toepassing zijn buiten faillissement, met dien verstande dat de termijnen, bedoeld in artikel 683 leden 1 en 2 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek en in artikel 9, derde lid, van het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945, aanvangen op het tijdstip waarop het faillissement wordt vernietigd.
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
**1.** Het vonnis van faillietverklaring houdt in de benoeming van een der leden van de rechtbank tot rechter-commissaris in het faillissement, en de aanstelling van een of meer curators. De rechter die de faillietverklaring uitspreekt, geeft in de uitspraak tevens last aan de curator tot het openen van aan de gefailleerde gerichte brieven en telegrammen.
|
||||
|
|
@ -637,9 +643,13 @@ Alvorens in eenige zaak, het beheer of de vereffening des faillieten boedels bet
|
|||
|
||||
### Artikel 67
|
||||
|
||||
**1.** Van alle beschikkingen van den rechter-commissaris is gedurende vijf dagen hooger beroep op de rechtbank. De rechtbank beslist na verhoor of behoorlijke oproeping van de belanghebbenden.
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
**2.** Niettemin valt geen hooger beroep van de beschikkingen vermeld in de artikelen 21, 2°. en 4°., 34, 58, eerste lid, 59*a*, derde lid, 60, derde lid, 73*a*, tweede lid, 79, 93a, 94, 98, 100, 102, 125, 127, vierde lid, 174, 175, tweede lid, 176, eerste en tweede lid, 177, 179 en 180.
|
||||
Van alle beschikkingen van de rechter-commissaris is gedurende vijf dagen hoger beroep op de rechtbank mogelijk, te rekenen vanaf de dag waarop de beschikking is gegeven. De rechtbank beslist na verhoor of behoorlijke oproeping van de belanghebbenden.
|
||||
|
||||
Niettemin staat geen hoger beroep open van de beschikkingen, vermeld in de artikelen 21, 2° en 4°, 34, 58, eerste lid, 59a, derde lid, 60, derde lid, 73a, tweede lid, 79, 93a, 94, 98, 100, 102, 125, 127, vierde lid, 174, 175, tweede lid, 176, eerste en tweede lid, 177, 179 en 180.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid vangt in het geval van hoger beroep tegen een machtiging van de rechter-commissaris aan de curator tot opzegging van een arbeidsovereenkomst de termijn van vijf dagen aan op de dag dat de werknemer die het beroep instelt van de machtiging kennis heeft kunnen nemen. Op straffe van vernietigbaarheid wijst de curator de werknemer bij de opzegging op de mogelijkheid van beroep en op de termijn daarvan. Het beroep op de vernietigbaarheid geschiedt door een buitengerechtelijke verklaring aan de curator, en kan worden gedaan gedurende veertien dagen, te rekenen vanaf de dag waarop de arbeidsovereenkomst is opgezegd.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 2. Van den curator
|
||||
|
||||
|
|
@ -669,7 +679,9 @@ Alvorens in eenige zaak, het beheer of de vereffening des faillieten boedels bet
|
|||
|
||||
### Artikel 72
|
||||
|
||||
Het ontbreken van de machtiging van den rechter-commissaris, waar die vereischt is, of de niet-inachtneming van de bepalingen vervat in de artikelen 78 en 79, heeft, voor zooveel derden betreft, geen invloed op de geldigheid van de door den curator verrichte handeling. De curator is deswege alleen jegens den gefailleerde en de schuldeischers aansprakelijk.
|
||||
**1.** Het ontbreken van de machtiging van den rechter-commissaris, waar die vereischt is, of de niet-inachtneming van de bepalingen vervat in de artikelen 78 en 79, heeft, voor zooveel derden betreft, geen invloed op de geldigheid van de door den curator verrichte handeling. De curator is deswege alleen jegens den gefailleerde en de schuldeischers aansprakelijk.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid is de opzegging van een arbeidsovereenkomst door de curator zonder dat de rechter-commissaris daarvoor de machtiging, bedoeld in artikel 68, tweede lid, heeft gegeven, vernietigbaar. Daarnaast is de curator jegens de gefailleerde en de werknemer aansprakelijk. Het beroep op de vernietigbaarheid geschiedt door een buitengerechtelijke verklaring aan de curator, en kan worden gedaan gedurende vijf dagen, te rekenen vanaf de dag waarop de arbeidsovereenkomst is opgezegd.
|
||||
|
||||
### Artikel 73
|
||||
|
||||
|
|
@ -2226,19 +2238,23 @@ De rechtbank kan bepalen, dat bepaalde soorten van vorderingen of vorderingen be
|
|||
|
||||
Indien te voorzien is dat er meer dan één uitkering aan de schuldeisers zal moeten geschieden, kan de rechtbank bij de homologatie van het akkoord bepalen, dat bij de eerste uitkering aan de schuldeisers een of meer papieren aan toonder zullen worden ter hand gesteld en dat betaling van de volgende uitkeringen uitsluitend door middel van aanbieding van zodanig papier zal kunnen worden gevorderd.
|
||||
|
||||
### Afdeling B. Van de verlening van surséance van betaling aan een kredietinstelling, die niet wordt beschouwd als een kredietinstelling op grond van de Wet toezicht kredietwezen 1992, een financiële instelling, een effecteninstelling of een andere instelling, genoemd in artikel 281g
|
||||
### Afdeling B. Van de verlening van surséance van betaling aan een kredietinstelling, die ingevolge
|
||||
|
||||
### Artikel 281g
|
||||
|
||||
Deze afdeling is van toepassing op:
|
||||
|
||||
a. een kredietinstelling ten aanzien waarvan de Minister van Financiën op grond van artikel 1, derde lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992, heeft bepaald dat zij niet wordt beschouwd als een kredietinstelling in de zin van die wet;
|
||||
b. een kredietinstelling ten aanzien waarvan De Nederlandsche Bank N.V. op grond van artikel 1, vierde lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992, heeft bepaald dat zij niet wordt beschouwd als een kredietinstelling in de zin van die wet;
|
||||
c. een financiële instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel c, van de Wet toezicht kredietwezen 1992;
|
||||
d. een effecteninstelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995;
|
||||
e. een centrale tegenpartij, indien deze in het kader van deelname aan het systeem op grond van een overboekingsopdracht effectentegoeden verkrijgt;
|
||||
f. een overheidsinstantie of onderneming met overheidsgarantie;
|
||||
g. een in een staat die niet een lidstaat is van de Europese Unie gevestigde onderneming of instelling die het bedrijf van effecteninstelling uitoefent door middel van een bijkantoor in Nederland.
|
||||
a. een kredietinstelling, die door de Minister van Financiën op grond van artikel 6, tweede lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992 is vrijgesteld van het verbod van artikel 6, eerste lid, van die wet;
|
||||
b. een kredietinstelling, die door de Minister van Financiën op grond van artikel 31, vierde lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992 is vrijgesteld van het verbod van artikel 31, eerste lid, van die wet;
|
||||
c. een kredietinstelling, die door de Minister van Financiën op grond van artikel 38, derde lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992 is vrijgesteld van het verbod van artikel 38, eerste lid, van die wet;
|
||||
d. een kredietinstelling, die door De Nederlandsche Bank N.V. op grond van artikel 6, derde lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992 is ontheven van het verbod van artikel 6, eerste lid, van die wet;
|
||||
e. een kredietinstelling, die door De Nederlandsche Bank N.V. op grond van artikel 31, vijfde lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992 is ontheven van het verbod van artikel 31, eerste lid, van die wet;
|
||||
f. een kredietinstelling, die door De Nederlandsche Bank N.V. op grond van artikel 38, vierde lid, van de Wet toezicht kredietwezen 1992 is ontheven van het verbod van artikel 38, eerste lid, van die wet;
|
||||
g. een financiële instelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel c, van de Wet toezicht kredietwezen 1992;
|
||||
h. een effecteninstelling als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995;
|
||||
i. een centrale tegenpartij, indien deze in het kader van deelname aan het systeem op grond van een overboekingsopdracht effectentegoeden verkrijgt;
|
||||
j. een overheidsinstantie of onderneming met overheidsgarantie;
|
||||
k. een in een staat die niet een lidstaat is van de Europese Unie gevestigde onderneming of instelling die het bedrijf van effecteninstelling uitoefent door middel van een bijkantoor in Nederland.
|
||||
|
||||
### Artikel 281h
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue