diff --git a/wet/gezondheids-en-welzijnswet-voor-dieren/BWBR0005662/README.md b/wet/gezondheids-en-welzijnswet-voor-dieren/BWBR0005662/README.md index f1f75ac2c9c..0b0baea22cb 100644 --- a/wet/gezondheids-en-welzijnswet-voor-dieren/BWBR0005662/README.md +++ b/wet/gezondheids-en-welzijnswet-voor-dieren/BWBR0005662/README.md @@ -32,7 +32,7 @@ pluimvee: dieren zijnde hoenderachtigen, eenden of ganzen; besmettelijke dierziekte: elke aantasting van de gezondheid van een dier die gevaar kan opleveren voor de gezondheid van andere dieren of van de mens; -smetstof: elk micro-organisme of virus, dat een infectieziekte en elke parasiet, die een parasitaire ziekte bij dieren kan veroorzaken; +smetstof: elk micro-organisme of virus dat, of elke andere biologische eenheid die, een infectieziekte en elke parasiet, die een parasitaire ziekte bij dieren kan veroorzaken; schadelijke stoffen: stoffen die de gezondheid van mens of dier kunnen aantasten; @@ -46,7 +46,7 @@ houder: eigenaar, houder of hoeder; Diergezondheidsfonds: fonds als bedoeld in artikel 95a. -**2.** Voor de toepassing van het bij of krachtens deartikelen 91a tot en met 93a en 96a bepaalde wordt verstaan onder bedrijf: bedrijf als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van de Wet herstructurering varkenshouderij. +**2.** Voor de toepassing van het bij of krachtens de artikelen 91a tot en met 93a en 96a bepaalde wordt verstaan onder bedrijf: bedrijf als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van de Wet herstructurering varkenshouderij. **3.** Voor de toepassing van artikel 91e wordt verstaan onder vestiging: op één plaats gelegen bedrijf of deel van een bedrijf, bestaande uit alle aldaar gelegen aangrenzende percelen grond, gebouwen of afgescheiden gedeelten daarvan dat, naar de feitelijke omstandigheden beoordeeld, als functionele eenheid voor het houden van varkens in gebruik is of daartoe bestemd is. @@ -80,14 +80,14 @@ c. de biotechnologische toepassingen bij dieren, de ethische aspecten daaronder Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden voor bij die maatregel aangewezen categorieën van houders van dieren of levende dierlijke producten van bij die maatregel aangewezen soorten of categorieën van dieren dan wel van levende dierlijke producten regelen gesteld omtrent: -a. de inrichting van de bedrijven waarop dieren of van levende dierlijke producten worden gehouden; +a. de inrichting van de bedrijven waarop dieren of levende dierlijke producten worden gehouden; b. het toevoegen van dieren aan bedrijven of vestigingen, daaronder begrepen het aantal bedrijven of vestigingen waarvan de toe te voegen dieren ten hoogste afkomstig zijn; c. de wijze waarop dieren worden gehouden en hun huisvesting; d. de hygiënische eisen waaraan moet worden voldaan; e. de voedering, drenking, verzorging en behandeling van dieren; f. het gebruik van sera, entstoffen, antibiotica en chemotherapeutica; g. de bestrijding van insecten en ratten alsmede van andere organismen voor zover zij schadelijk zijn voor de gezondheid van dieren; -h. bedrijfsbegeleiding door een dierenarts en begeleiding vanwege de stichting genoemd in artikel 82; +h. bedrijfsbegeleiding door een dierenarts; i. het vervoer en het verzamelen van dieren of van levende dierlijke producten; j. het afvoeren van dieren van bedrijven of vestigingen, daaronder begrepen het aantal bedrijven of vestigingen waaraan die dieren ten hoogste worden toegevoegd; k. het winnen, bewerken en gebruiken van levende dierlijke producten; @@ -167,7 +167,7 @@ b. met betrekking tot produkten en voorwerpen: 2°. de bestemming; 3°. het vervoer naar de plaats van onderzoek of de plaats van bestemming dan wel naar de plaats waar de zaken weer buiten Nederland worden gebracht. -**2.** Regelen omtrent de in het eerste lid, onderdeel *a*, sub 5, genoemde onderwerpen, worden vastgesteld in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. +**2.** Regelen omtrent de in het eerste lid, onderdeel *a*, sub 5, genoemde onderwerpen, worden vastgesteld in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. ### Artikel 12 @@ -183,7 +183,7 @@ Onze Minister kan voorts regelen stellen met betrekking tot de reiniging en onts De in deze afdeling bedoelde regelen kunnen onder meer verschillen naar gelang van het land van herkomst en naar gelang van de bestemming der dieren, produkten en voorwerpen. -### Afdeling 3. De bestrijding van besmettelijke dierziekten +### Afdeling 3. De preventie en de bestrijding van besmettelijke dierziekten ### Artikel 15 @@ -203,8 +203,8 @@ f. andere dieren van door Onze Minister voor een termijn van ten hoogste acht ma Een besmettelijke dierziekte kan worden aangewezen, indien: a. de ziekte zich snel kan uitbreiden, ernstige schade kan berokkenen aan de betrokken diersoort en niet of niet volledig kan worden voorkomen of bestreden met normale bedrijfsmiddelen; -b. de nakoming van een internationale overeenkomst of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie zulks met zich brengt of -c. de ziekte naar het oordeel van Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur een ernstig gevaar voor de volksgezondheid oplevert. +b. een verdrag of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie zulks met zich brengt of +c. de ziekte naar het oordeel van Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een ernstig gevaar voor de volksgezondheid oplevert. **3.** In het geval bedoeld in het tweede lid, onderdeel *c*, vindt de aanwijzing plaats in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. @@ -214,13 +214,29 @@ c. de ziekte naar het oordeel van Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en **1.** Een aanwijzing als bedoeld in artikel 15, eerste lid, onderdeel *f*, kan alleen plaatsvinden in spoedeisende gevallen. -**2.** Indien de aanwijzing tevens in het belang is van de volksgezondheid, vindt zij plaats in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. +**2.** Indien de aanwijzing tevens in het belang is van de volksgezondheid, vindt zij plaats in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. ### Artikel 17 -**1.** Onze Minister kan hetzij voor geheel Nederland, hetzij voor bepaalde gedeelten daarvan, bevelen dat dieren die door een besmettelijke dierziekte kunnen worden aangetast, daartegen op een door hem te bepalen wijze voorbehoedend worden behandeld, worden gemerkt, worden opgesloten of aangelijnd, dan wel voor die dieren andere maatregelen bevelen ter voorkoming van overbrenging van besmetting. +**1.** -**2.** Indien de besmettelijke dierziekte is aangewezen in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur geeft Onze Minister de in het eerste lid bedoelde bevelen in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. +Bij ministeriële regeling kunnen hetzij voor geheel Nederland, hetzij voor bepaalde gedeelten daarvan, regels worden gesteld ter voorkoming van overbrenging van een besmettelijke dierziekte, waaronder in ieder geval regels omtrent: + +a. het voorbehoedend behandelen, merken, opsluiten, aanlijnen van dieren die door een besmettelijke dierziekte kunnen worden aangetast of drager van smetstof kunnen zijn; +b. het behandelen of onschadelijk maken van producten van dierlijke oorsprong, diervoeder, vervoermiddelen alsmede van andere producten of voorwerpen die drager van smetstof kunnen zijn; +c. het betreden van bedrijven of vestigingen waar dieren worden gehouden, waaronder het opleggen van de verplichting aan personen, die in het kader van de uitoefening van hun beroep of bedrijf bedrijven of vestigingen betreden, tot het houden van aantekeningen omtrent het betreden van desbetreffende bedrijven of vestigingen; +d. het insemineren of laten bevruchten van dieren die door een besmettelijke dierziekte kunnen worden aangetast. + +**2.** + +Onder de in het eerste lid bedoelde regels worden mede verstaan regels met betrekking tot: + +a. het aanvoeren van dieren, producten van dierlijke oorsprong, diervoeder, vervoermiddelen alsmede van andere producten of voorwerpen aan bedrijven of vestigingen; +b. het ontvangen van dieren, producten van dierlijke oorsprong, diervoeder, vervoermiddelen alsmede van andere producten of voorwerpen op bedrijven of vestigingen; +c. het afvoeren van dieren, producten van dierlijke oorsprong, diervoeder, vervoermiddelen, alsmede van andere producten of voorwerpen van bedrijven of vestigingen; +d. de aanwezigheid van dieren, producten van dierlijke oorsprong, diervoeder, vervoermiddelen alsmede andere producten of voorwerpen op bedrijven of vestigingen. + +**3.** Indien een besmettelijke dierziekte is aangewezen in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport worden de in het eerste lid bedoelde regels in overeenstemming met die minister gesteld. ### Artikel 18 @@ -231,7 +247,7 @@ Onze Minister kan, hetzij voor Nederland, hetzij voor bepaalde gedeelten daarvan a. schorsing van markten waarop dieren van door hem aangewezen soorten of categorieën van dieren worden verhandeld en sluiting van diergaarden en daarmede vergelijkbare inrichtingen bevelen, dan wel markten, diergaarden of vergelijkbare inrichtingen verbieden indien niet wordt voldaan aan door hem te stellen regelen; b. het op een plaats bijeenbrengen van dieren van door hem aangewezen soorten of categorieën van dieren afkomstig van verschillende plaatsen verbieden of daaromtrent regelen stellen. -**2.** De regelen, bedoeld in het eerste lid, kunnen onder meer betrekking hebben op de aanvoer van dieren naar en de afvoer van dieren van markten en andere plaatsen waarop dieren afkomstig van verschillende plaatsen bijeen worden gebracht alsmede op de controle daarop, daaronder begrepen de verzegeling van vervoermiddelen en de afgifte van bewijsstukken. +**2.** De regelen, bedoeld in het eerste lid, kunnen onder meer betrekking hebben op de aanvoer van dieren naar en de afvoer van dieren van bedrijven of vestigingen waar dieren worden gehouden, markten en andere plaatsen waarop dieren afkomstig van verschillende plaatsen bijeen worden gebracht alsmede op de controle daarop, daaronder begrepen de verzegeling van vervoermiddelen en de afgifte van bewijsstukken. **3.** Indien een bevel of verbod, als bedoeld in het eerste lid, van kracht is, is het verboden dieren ten aanzien waarvan het bevel of verbod geldt, op de aldaar genoemde plaatsen aanwezig te hebben onderscheidenlijk aldaar aanwezig te hebben in strijd met de regelen bedoeld in het eerste lid. @@ -260,15 +276,19 @@ Indien de houder van een dier vermoedt dat dat dier door een besmettelijke dierz De in artikel 21 bedoelde maatregelen kunnen zijn: a. het afzonderen van zieke en verdachte dieren; -b. het opstallen of ophokken van zieke en verdachte dieren; +b. opstallen, ophokken of op een plaats houden van zieke en verdachte dieren; c. het plaatsen van waarschuwingsborden; d. het door het plaatsen van kentekenen besmet of van besmetting verdacht verklaren van gebouwen en terreinen; e. het merken van zieke, verdachte en herstelde dieren; f. het doden van zieke en verdachte dieren; g. het onschadelijk maken van gedode of gestorven, zieke en verdachte dieren, en van produkten en voorwerpen, die besmet zijn of ervan worden verdacht gevaar op te leveren voor verspreiding van smetstof; h. het reinigen en ontsmetten van gebouwen, terreinen, bewaarplaatsen van mest en voorwerpen; -i. het vastleggen of opsluiten van dieren; -j. het behandelen van dieren op een door Onze Minister aangegeven wijze. +i. het vastleggen, opsluiten of afzonderen van dieren; +j. het behandelen van dieren of producten op een door Onze Minister aangegeven wijze; +k. het verbieden van het vervoeren van de op grond van artikel 25, eerste lid, aangewezen soorten of categorieën van dieren, producten of voorwerpen van of naar gebouwen en terreinen waar geen kenteken als bedoeld onderdeel d, is geplaatst; +l. het verbieden van de toegang aan anderen dan de op grond van artikel 25, tweede lid, aangewezen personen of groepen van personen tot gebouwen en terreinen waar geen kenteken als bedoeld in onderdeel d, is geplaatst; +m. het verbieden van het verlaten van gebouwen en terreinen waar geen kenteken als bedoeld in onderdeel d, is geplaatst, tenzij de door Onze Minister voorgeschreven maatregelen van ontsmetting zijn toegepast; +n. het nemen van andere maatregelen, voorzover een verdrag of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie zulks met zich brengt. **2.** @@ -279,8 +299,8 @@ b. het verbieden van het verplaatsen van een bijenwoning; c. het hechten van een kenteken aan de bijenwoning, waaruit blijkt dat deze niet mag worden verplaatst; d. het verbieden van het laten uitvliegen der bijen gedurende een bepaalde tijd; e. het plaatsen van geneesmiddelen in de bijenwoning; -f. het vernietigen van besmette en van besmetting verdachte raten; -g. het vernietigen van bijenvolken die besmet zijn of van besmetting verdacht worden, of die onmiddellijk gevaar lopen besmet te worden, al dan niet met de daarbij behorende woning; +f. het vernietigen of het onschadelijk maken van producten en voorwerpen die besmet zijn of ervan worden verdacht gevaar op te leveren voor verspreiding van smetstof; +g. het doden en vernietigen van zieke of verdachte bijenvolken; h. het behandelen van de bijen op een wijze die door wetenschap of praktijk als doeltreffend is aangewezen. ### Artikel 23 @@ -335,6 +355,21 @@ In de gemeente of het gedeelte van de gemeente ten aanzien waarvan een bevel, al Indien in het belang van de bestrijding van besmettelijke dierziekten naar het oordeel van Onze Minister een onverwijlde voorziening noodzakelijk is, kan hij bepalen dat door hem krachtens dit hoofdstuk vastgestelde regelingen onmiddellijk na hun bekendmaking in werking treden. In dat geval kan hij zodanige regeling, in afwijking van het bepaalde in artikel 4, eerste lid, van de Bekendmakingswet (*Stb.* 1988, 18), op andere dan de daar genoemde wijze bekend maken. +### Artikel 31a + +**1.** + +Onze Minister kan mandaat verlenen: + +a. tot het stellen van het in artikel 30, eerste lid, bedoelde vervoersverbod en de in dat artikellid bedoelde regels, voorzover het toepassingsbereik van het vervoersverbod is beperkt tot een gebied met een straal van 10 kilometer of minder rondom een gebouw of terrein, dat door het plaatsen van een kenteken als bedoeld in artikel 22, eerste lid, onderdeel d, besmet of van besmetting verdacht is verklaard; +b. tot het stellen van de regels, bedoeld in artikel 17 en 18, indien in het belang van bestrijding van besmettelijke dierziekten een onverwijlde voorziening noodzakelijk is. + +**2.** Het in het eerste lid bedoelde mandaat kan tevens de bevoegdheid betreffen tot inwerkingtreding en bekendmaking van het vervoersverbod en de regels overeenkomstig artikel 31. + +### Artikel 31B + +**1.** Onze Minister kan besluiten de maatregelen, bedoeld in artikel 22, eerste lid, onderdelen a, b, e, i , j of n toe te passen op dieren die niet lijden aan een besmettelijke dierziekte, of niet van besmetting met een dergelijke dierziekte worden verdacht, maar die zodanige ziekteverschijnselen vertonen dat naar het oordeel van Onze Minister die dieren of de van die dieren afkomstige producten een gevaar voor de diergezondheid kunnen opleveren, danwel naar het oordeel van Onze Minister en Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport die dieren of die producten een gevaar voor de volksgezondheid kunnen opleveren. + ### Artikel 32 Bij het stellen van regelen en het voorschrijven van maatregelen krachtens dit hoofdstuk kan worden afgeweken van het bepaalde bij of krachtens de Meststoffenwet en de Flora- en faunawet. @@ -443,7 +478,7 @@ De krachtens het eerste lid gestelde regelen hebben in ieder geval betrekking op **3.** Het slachten van dieren zonder voorafgaande bedwelming volgens de israëlitische of de islamitische ritus is toegestaan. -**4.** Het slachten, bedoeld in het derde lid, mag slechts geschieden in door Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur aan te wijzen inrichtingen. +**4.** Het slachten, bedoeld in het derde lid, mag slechts geschieden in door Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan te wijzen inrichtingen. **5.** @@ -458,7 +493,7 @@ een en ander voor zover uit het desbetreffende verzoek blijkt dat in het deel va **7.** -Onze Minister stelt, in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur en in overleg met de aangewezen inrichting en +Onze Minister stelt, in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en in overleg met de aangewezen inrichting en a. voor zover het betreft de behoefte aan vlees, afkomstig van volgens de israëlitische ritus geslachte dieren: in overleg met de Permanente Commissie tot de Algemene Zaken van het Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap, of b. voor zover het betreft de behoefte aan vlees, afkomstig van volgens de islamitische ritus geslachte dieren: in overleg met de in het vijfde lid, onderdeel *b*, bedoelde organisaties, @@ -476,7 +511,7 @@ Deze personen voegen zich ten aanzien van het aantal door hen ritueel te slachte **9.** Bij algemene maatregel van bestuur worden in het belang van de bescherming van het slachtdier regelen gesteld omtrent het slachten volgens de israëlitische of de islamitische ritus. -**10.** Een voordracht voor een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het negende lid wordt Ons gedaan door Onze Minister en Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. +**10.** Een voordracht voor een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het negende lid wordt Ons gedaan door Onze Minister en Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. ### Afdeling 4. De huisvesting van dieren @@ -860,9 +895,9 @@ Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden ### Artikel 83 -Uit ’het“‘het” moet zijn het. Diergezondheidsfonds worden betaald: +Uit het Diergezondheidsfonds worden betaald: -a. de kosten van de uitvoering van de in artikel 22, eerste lid, onderdeel *c*, *d* en *h*, genoemde maatregelen, met uitzondering van die van het reinigen van stallen en de daarin aanwezige voorwerpen alsmede van het reinigen en ontsmetten van markten, andere plaatsen waar dieren van verschillende houders bijeen zijn gebracht, diergaarden en daarmee vergelijkbare inrichtingen; +a. de kosten van de uitvoering van de in artikel 22, eerste lid, onderdeel *c*, *d* en *h*, genoemde maatregelen, met uitzondering van die van het reinigen van gebouwen, terreinen, bewaarplaatsen van mest en voorwerpen alsmede van het reinigen en ontsmetten van markten en andere plaatsen waarop dieren afkomstig van verschillende plaatsen bijeen worden gebracht; b. de kosten van het ter beschikking stellen van de middelen ter ontsmetting, als bedoeld in artikel 26. ### Artikel 84 @@ -881,7 +916,7 @@ Onze Minister kan bepalen, dat de kosten van het in artikel 17, eerste lid, bedo **1.** -Uit ’het“‘het” moet zijn het. Diergezondheidsfonds wordt aan de eigenaar een tegemoetkoming in de schade uitgekeerd, indien: +Uit het Diergezondheidsfonds wordt aan de eigenaar een tegemoetkoming in de schade uitgekeerd, indien: a. dieren krachtens het bepaalde in artikel 22, eerste lid, onderdeel *f*, worden gedood; b. produkten en voorwerpen krachtens het bepaalde in artikel 22, eerste lid, onderdeel *g*, onschadelijk worden gemaakt; @@ -924,7 +959,7 @@ d. de te nemen preventieve maatregelen. ### Artikel 87 -Alvorens dieren krachtens het bepaalde in artikel 22, eerste lid, onderdeel *f*, worden gedood of produkten en voorwerpen krachtens het bepaalde in artikel 22, eerste lid, onderdeel *g*, worden onschadelijk gemaakt, dan wel raten of bijenvolken krachtens het bepaalde in artikel 22, tweede lid, onderdeel *f* en *g*, worden vernietigd, wordt de waarde daarvan vastgesteld. +Alvorens dieren op grond van artikel 22, eerste lid, onderdeel f, worden gedood of producten en voorwerpen op grond van artikel 22, eerste lid, onderdeel g, onschadelijk worden gemaakt, danwel producten en voorwerpen op grond van artikel 22, tweede lid, onderdeel f, worden vernietigd of onschadelijk gemaakt of bijenvolken op grond van artikel 22, tweede lid, onderdeel g, worden vernietigd, wordt de waarde daarvan vastgesteld. ### Artikel 88 @@ -934,7 +969,7 @@ Alvorens dieren krachtens het bepaalde in artikel 22, eerste lid, onderdeel *f*, **3.** Indien over de waardevaststelling geen overeenstemming wordt bereikt, geldt het bedrag dat het gemiddelde is van de verschillende waarderingen. -**4.** De kosten van de in het eerste en tweede lid bedoelde deskundigen worden uit ’het“‘het” moet zijn het. Diergezondheidsfonds betaald. +**4.** De kosten van de in het eerste en tweede lid bedoelde deskundigen worden uit het Diergezondheidsfonds betaald. ### Artikel 89 @@ -942,13 +977,13 @@ Terstond nadat de waarde is vastgesteld deelt Onze Minister aan de eigenaar het ### Artikel 90 -**1.** Indien door het onschadelijk maken van dieren, produkten of voorwerpen krachtens het bepaalde in artikel 22 schade wordt toegebracht aan gebouwen, terreinen of voorwerpen, wordt aan de eigenaar of gebruiker van deze gebouwen, terreinen of voorwerpen uit ’het“‘het” moet zijn het. Diergezondheidsfonds een tegemoetkoming in de schade uitgekeerd. +**1.** Indien door het onschadelijk maken van dieren, produkten of voorwerpen krachtens het bepaalde in artikel 22 schade wordt toegebracht aan gebouwen, terreinen of voorwerpen, wordt aan de eigenaar of gebruiker van deze gebouwen, terreinen of voorwerpen uit het Diergezondheidsfonds een tegemoetkoming in de schade uitgekeerd. **2.** Bij geschil over het bedrag der tegemoetkoming wordt dit, op verzoek van de meest gerede partij, door de kantonrechter bepaald bij beschikking, zonder hoger beroep. ### Artikel 91 -Schade veroorzaakt door de toepassing van maatregelen, als bedoeld in artikel 17 of 21, kan voor zover deze niet uit hoofde van deartikelen 86 of 90 voor vergoeding in aanmerking komt, in door Onze Minister te bepalen bijzondere gevallen geheel of gedeeltelijk uit ’het“‘het” moet zijn het. Diergezondheidsfonds worden vergoed. +Schade veroorzaakt door de toepassing van maatregelen, als bedoeld in artikel 17 of 21, kan voor zover deze niet uit hoofde van de artikelen 86 of 90 voor vergoeding in aanmerking komt, in door Onze Minister te bepalen bijzondere gevallen geheel of gedeeltelijk uit het Diergezondheidsfonds worden vergoed. ### Afdeling 3. Heffingen @@ -1010,7 +1045,9 @@ f. een bij algemene maatregel van bestuur, op ten minste 5 en ten hoogste 25, va **3.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen, met ingang van 1 januari van het kalenderjaar dat volgt op de datum van inwerkingtreding van die algemene maatregel van bestuur, met het oog op de bestrijding of het weren van voor varkens besmettelijke ziekten, andere gevallen worden bepaald op basis waarvan het tarief van de varkensheffing wordt verminderd. -**4.** De toepassing van het tweede, onderscheidenlijk derde lid, geschiedt zodanig dat in geen geval meer dan 70% korting op het tarief van de varkensheffing wordt verkregen. +**4.** Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat het tarief van de varkensheffing wordt verminderd met een bij die maatregel, op ten minste 5 en ten hoogste 25, vastgesteld aantal procentpunten, indien het bedrijf op een bij die maatregel te bepalen tijdstip voldoet aan bij die maatregel te bepalen voorschriften met betrekking tot één of meer onderdelen waarover krachtens hoofdstuk III van deze wet regels zijn gesteld. + +**5.** De toepassing van het eerste, tweede, derde of vierde lid, geschiedt zodanig dat in geen geval meer dan 70% korting op het tarief van de varkensheffing wordt verkregen. ### Artikel 91f @@ -1035,7 +1072,7 @@ d. die noodzakelijk zijn met het oog op de heffing en invordering van de heffing **3.** Een krachtens het eerste lid ingevoerde heffing wordt geheven per bedrijf per kalenderjaar naar het aantal dieren van de bij de desbetreffende heffing betrokken diersoort dat gemiddeld in een kalenderjaar op het bedrijf wordt gehouden, met dien verstande dat, in geval de betrokken heffing wordt ingevoerd gedurende het kalenderjaar, de heffing in dat kalenderjaar wordt geheven over het nog niet verstreken deel van dat jaar. -**4.** Een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid kan gevallen bepalen waarin korting op het tarief van de desbetreffende heffing wordt verkregen. Daarbij wordt in ieder geval rekening gehouden met de mate waarin het bedrijf of de bedrijfsvoering van de heffingplichtige een risico vormt voor de verspreiding van op grond van artikel 15, eerste lid, aangewezen en voor de bij de desbetreffende heffing betrokken diersoort besmettelijke ziekten. +**4.** Een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid kan gevallen bepalen waarin korting op het tarief van de desbetreffende heffing wordt verkregen. Daarbij wordt in ieder geval rekening gehouden met de mate waarin het bedrijf of de bedrijfsvoering van de heffingplichtige een risico vormt voor de verspreiding van op grond van artikel 15, eerste lid, aangewezen en voor de bij de desbetreffende heffing betrokken diersoort besmettelijke ziekten. Bij de in de eerste volzin bedoelde maatregel kan op de bij die maatregel aangegeven wijze rekening worden gehouden met de mate waarin en het tijdstip waarop voldaan is aan bij die maatregel voor de desbetreffende soort of categorie dieren te bepalen voorschriften met betrekking tot één of meer onderwerpen waarover krachtens hoofdstuk III van de wet regels zijn gesteld. **5.** De toepassing van het vierde lid geschiedt zodanig dat in geen geval meer dan 70% korting op het tarief wordt verkregen. @@ -1217,19 +1254,25 @@ Bij een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in de artikelen 3, 35, 45 en ### Artikel 98 -**1.** Onze Minister kan bepalen dat dieren die aan te wijzen schadelijke stoffen hebben opgenomen of waarvan wordt vermoed dat zij dergelijke stoffen hebben opgenomen, totdat het tegendeel is gebleken, dan wel totdat van overheidswege is vastgesteld dat het dier weer vrij is van deze stoffen, het bedrijf waar zij worden gehouden niet mogen verlaten dan met toestemming van een door Onze Minister aangewezen ambtenaar. +**1.** Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat dieren die aan te wijzen schadelijke stoffen hebben opgenomen of waarvan wordt vermoed dat zij die stoffen hebben opgenomen, totdat het tegendeel is gebleken, danwel totdat van overheidswege is vastgesteld dat het dier weer vrij is van deze stoffen, op het bedrijf waar zij worden gehouden worden opgestald of opgehokt danwel slechts met toestemming van Onze Minister het bedrijf mogen verlaten. -**2.** De in het eerste lid bedoelde aanwijzing van schadelijke stoffen geschiedt door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. +**2.** Bij ministeriële regeling kan ter voorkoming van de opname van aan te wijzen schadelijke stoffen door dieren worden bepaald dat dieren op het bedrijf waar zij worden gehouden worden opgestald of opgehokt danwel slechts met toestemming van Onze Minister het bedrijf mogen verlaten. -**3.** Onze Minister kan bepalen dat de in het eerste lid bedoelde dieren op een door hem voorgeschreven wijze worden gemerkt. +**3.** De in het eerste en tweede lid bedoelde aanwijzing van schadelijke stoffen geschiedt door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. -**4.** De toestemming als bedoeld in het eerste lid, kan onder beperkingen worden verleend en aan een toestemming kunnen voorschriften worden verbonden. +**4.** Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat de in het eerste en tweede lid bedoelde dieren op door hem voorgeschreven wijze worden gemerkt, gevoederd of gedrenkt en dat de van die dieren afkomstige producten, voorzover aanwezig op het bedrijf waar de dieren worden gehouden, slechts met toestemming van Onze Minister het bedrijf mogen verlaten. + +**5.** De toestemming, bedoeld in het eerste, tweede en vierde lid, kan onder beperkingen worden verleend en aan een toestemming kunnen voorschriften worden verbonden. ### Artikel 99 **1.** Onze Minister kan het brengen in Nederland van dieren, waarin zich schadelijke stoffen bevinden, verbieden dan wel verbieden, indien niet voldaan wordt aan door hem te stellen regelen. -**2.** Een regeling krachtens het eerste lid wordt vastgesteld in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. +**2.** Een regeling krachtens het eerste lid wordt vastgesteld in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. + +### Artikel 99a + +Indien naar het oordeel van Onze Minister een onverwijlde voorziening noodzakelijk is, kan Onze Minister bepalen dat de op grond de artikelen 80, 97, 98 of 99 gestelde regels onmiddellijk na hun bekendmaking in werking treden. In dat geval kan hij zodanige regels, in afwijking van artikel 4, eerste lid, van de Bekendmakingswet, op andere dan de daar genoemde wijze bekend maken. ### Artikel 100 @@ -1241,6 +1284,12 @@ De dierenartsen zijn verplicht van alle door hen opgemerkte gevallen van dierzie **2.** Het bepaalde in het eerste lid geldt niet indien een door Onze Minister aangewezen ambtenaar het in zieke of verdachte toestand brengen in het belang van de algemene gezondheidstoestand van de betrokken diersoort uitdrukkelijk heeft goedgekeurd. +### Artikel 101a + +**1.** De houder van één of meer dieren die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn handelen of nalaten, een besmetting met danwel de verspreiding van een krachtens artikel 15 aangewezen besmettelijke dierziekte kan worden veroorzaakt, is verplicht dergelijk handelen achterwege te laten voorzover zulks in redelijkheid kan worden gevergd, danwel alle maatregelen te nemen die in redelijkheid kunnen worden gevergd, teneinde zodanige besmetting of verspreiding te voorkomen, danwel indien zodanige besmetting zich voordoet, de omvang en de gevolgen daarvan zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken. + +**2.** De in het eerste lid bedoelde houder handelt in ieder geval in strijd met dat lid indien deze een of meer handelingen verricht waarvan redelijkerwijs kan worden aangenomen dat die achterwege zouden zijn gebleven indien geen sprake zou zijn geweest van een uitbraak van een besmettelijke dierziekte, danwel een kennelijke dreiging daarvan, en redelijkerwijs kan worden aangenomen dat die handelingen het gevaar van een zodanige verspreiding kunnen vergroten. + ### Artikel 102 **1.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen ter voorkoming van de verspreiding van smetstof door dieren die niet worden gehouden regelen worden gesteld. @@ -1249,7 +1298,9 @@ De dierenartsen zijn verplicht van alle door hen opgemerkte gevallen van dierzie ### Artikel 103 -Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden +**1.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen ter wering en bestrijding van ziekten die door dieren op de mens kunnen worden overgebracht en die alleen de gezondheid van de mens aantasten de bepalingen van deze wet geheel of gedeeltelijk van overeenkomstige toepassing worden verklaard. + +**2.** Een voordracht voor een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het eerste lid wordt Ons gedaan door Onze Minister en Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. ### Artikel 104 @@ -1267,13 +1318,13 @@ Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden ### Artikel 106 -Onze Minister is bevoegd tot toepassing van bestuursdwang ter handhaving van de bij of krachtens deze wet gestelde verplichtingen, indien dit ter voorkoming van verspreiding van smetstof noodzakelijk is. +Onze Minister is bevoegd tot toepassing van bestuursdwang ter handhaving van de bij of krachtens deze wet gestelde verplichtingen. ### Artikel 107 **1.** Onze Minister kan, voor zover het belang van de gezondheid of het welzijn van dieren zich daartegen niet verzet, van het bij of krachtens deze wet bepaalde vrijstelling of ontheffing verlenen. -**2.** Een vrijstelling of ontheffing van het bij of krachtens deartikelen 97 tot en met 99 bepaalde alsmede van een voorschrift dat tevens in het belang is van de bestrijding van een dierziekte die is aangewezen in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur wordt in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur verleend. +**2.** Een vrijstelling of ontheffing van het bij of krachtens de artikelen 97 tot en met 99 bepaalde alsmede van een voorschrift dat tevens in het belang is van de bestrijding van een dierziekte die is aangewezen in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wordt in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport verleend. **3.** Aan een vrijstelling of ontheffing kunnen voorschriften of voorwaarden worden verbonden. Zij kunnen onder beperkingen worden verleend. Zij kunnen te allen tijde worden ingetrokken. @@ -1283,6 +1334,25 @@ Onze Minister is bevoegd tot toepassing van bestuursdwang ter handhaving van de **2.** Indien de in het eerste lid bedoelde medewerking bestaat in het stellen van nadere regelen bij verordening, behoeft zodanige verordening de goedkeuring van Onze Minister. Krachtens de verordening genomen besluiten behoeven, voor zover zulks bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur is bepaald, de goedkeuring van de daarbij aangewezen autoriteit. +### Artikel 108a + +**1.** Bij toepassing van artikel 108, eerste en tweede lid, kan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur danwel bij ministeriële regeling worden bepaald dat tuchtrechtelijke maatregelen kunnen worden gesteld bij overtreding van de bij die maatregel of regeling genoemde nadere regelen die door het bestuur van het betrokken bedrijfslichaam of samenwerkingslichaam krachtens artikel 108, eerste lid, bij verordening als bedoeld in artikel 108, tweede lid, zijn of worden gesteld, voorzover deze nadere regelen als overtreding strafbaar zijn gesteld. + +**2.** + +De in het eerste lid bedoelde tuchtrechtelijke maatregelen die kunnen worden opgelegd, zijn: + +a. berisping; +b. geldboete tot ten hoogste het bedrag van de derde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht; +c. het stellen van de betrokkene onder verscherpte controle op zijn kosten, voor ten hoogste twee jaren; +d. de openbaarmaking van de tuchtbeschikking op kosten van de betrokkene. + +**3.** De artikelen 2, 4, 5, eerste lid, 6 tot en met 34 en 36, eerste zin, van de Wet tuchtrechtspraak bedrijfsorganisatie zijn van overeenkomstige toepassing. Het betrokken bedrijfslichaam of samenwerkingslichaam geeft aan de opbrengsten van de geldboeten een bijzondere bestemming, welke de goedkeuring van Onze Minister behoeft. + +**4.** Indien bij de toepassing van artikel 108, eerste en tweede lid, krachtens het eerste lid tuchtrechtelijke maatregelen zijn gesteld, vindt geen toepassing van die maatregelen plaats indien de Officier van Justitie, na overleg met het betrokken bedrijfslichaan of samenwerkingslichaam, heeft beslist dat desbetreffende overtreding strafrechtelijk wordt afgedaan. + +**5.** Onverminderd artikel 114, eerste lid, kan bij algemene maatregel van bestuur, danwel bij ministeriële regeling, worden bepaald dat met het toezicht op de naleving van de nadere regels waarvoor tuchtrechtelijke maatregelen zijn of worden opgelegd, de bij besluit van het betrokken bedrijfslichaam of samenwerkingslichaam aangewezen personen zijn belast. Dit besluit behoeft de goedkeuring van Onze Minister. Onze Minister kan het betrokken bedrijfslichaam of samenwerkingslichaam een aanwijzing geven omtrent het aanwijzen van toezichthouders en de wijze waarop toezicht wordt uitgeoefend. + ### Artikel 109 Tegen een op grond van deze wet genomen besluit kan een belanghebbende beroep instellen bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven. @@ -1291,7 +1361,7 @@ Tegen een op grond van deze wet genomen besluit kan een belanghebbende beroep in **1.** De algemene maatregelen van bestuur, bedoeld in de artikelen 1, tweede lid; 15, eerste lid, onderdeel *e*; 33, eerste lid; 34, eerste en tweede lid; 35, eerste lid; 38; 39; 40, tweede lid, onderdeel *c*, en derde lid; 42; 43; 44, eerste en negende lid; 45, eerste en derde lid; 46, eerste lid; 50, tweede lid; 52, eerste lid; 53; 54; 55, eerste, tweede en derde lid; 56; 58, eerste, tweede en vierde lid; 60, eerste lid; 61, tweede en derde lid; 65; 68; 69, tweede lid; 70; 76, eerste lid, 91a, tweede lid, 91d, tweede lid, 91e, tweede en derde lid, 91h, tweede lid, 91i, tweede lid, 92, tweede lid, 92a, tweede lid, alsmede 96 worden aan beide Kamers der Staten-Generaal overgelegd. Binnen 30 dagen na de overlegging kan door ten minste een vijfde van het grondwettelijk aantal leden van één der Kamers de wens te kennen worden gegeven dat de inwerkingtreding bij wet zal worden geregeld. Indien zodanige wens te kennen wordt gegeven, dienen Wij zo spoedig mogelijk een desbetreffend wetsvoorstel in. -**2.** Indien de algemene maatregel van bestuur tevens in het belang is van de volksgezondheid, wordt de voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van de algemene maatregel van bestuur gedaan door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur. +**2.** Indien de algemene maatregel van bestuur tevens in het belang is van de volksgezondheid, wordt de voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van de algemene maatregel van bestuur gedaan door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. **3.** Indien het wetsvoorstel wordt ingetrokken of één van beide Kamers der Staten-Generaal tot niet-aanneming daarvan besluit, wordt de algemene maatregel van bestuur onverwijld ingetrokken. @@ -1311,7 +1381,7 @@ Deze wet treedt niet in hetgeen bij of krachtens de Wet op de dierproeven (*Stb. ### Artikel 114 -**1.** Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet zijn belast de bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren. +**1.** Onverminderd artikel 108a, vijfde lid, zijn met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet de bij besluit van Onze Minister aangewezen ambtenaren belast. **2.** Onze Minister wijst ambtenaren aan die zijn belast met onderzoek naar de aanwezigheid van besmettelijke dierziekten. @@ -1366,9 +1436,9 @@ Een ieder ten aanzien van wie een der in de artikelen 115 of 117 van deze wet om ### Artikel 122 -**1.** Gedragingen in strijd met de voorschriften vastgesteld bij of krachtens deartikelen 36, eerste lid, 37, 40, 43, 61, eerste lid, en 73, tweede lid, worden gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of een geldboete van de vierde categorie. +**1.** Gedragingen in strijd met de voorschriften vastgesteld bij of krachtens de artikelen 36, eerste lid, 37, 40, 43, 61, eerste lid, en 73, tweede lid, worden gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of een geldboete van de vierde categorie. -**2.** Gedragingen in strijd met de voorschriften vastgesteld bij of krachtens deartikelen 33, 35, 36, derde lid, 41, eerste en tweede lid, 58, tweede lid, 61, tweede en derde lid, 62, 63 en 64 worden gestraft met een hechtenis van ten hoogste zes maanden of een geldboete van de derde categorie. +**2.** Gedragingen in strijd met de voorschriften vastgesteld bij of krachtens de artikelen 33 en 35, voorzover deze gedragingen plaatsvinden anders dan in de uitoefening van een bedrijf waarop voorschriften gesteld op grond van artikel 45 van toepassing zijn, 36, derde lid, 41, eerste en tweede lid, 58, tweede lid, 61, tweede en derde lid, 62, 63 en 64 worden gestraft met een hechtenis van ten hoogste zes maanden of een geldboete van de derde categorie. **3.** Indien een strafbaar feit als omschreven in artikel 62, tweede lid, of artikel 63, eerste lid, wordt gepleegd in verband met een paardenren of harddraverij met betrekking tot welke een totalisator als bedoeld in artikel 23, tweede lid, van de Wet op de kansspelen (*Stb.* 1964, 483) is georganiseerd, worden de ingevolge het tweede lid geldende strafmaxima met een derde verhoogd.