From af5d5b2f0968d0989202e6c93bc0a2f234e95186 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Wed, 8 Mar 2006 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2006-03-08 | BWBR0001880 | Pandhuiswet 1910 --- wet/pandhuiswet-1910/BWBR0001880/README.md | 22 +++++++++++----------- 1 file changed, 11 insertions(+), 11 deletions(-) diff --git a/wet/pandhuiswet-1910/BWBR0001880/README.md b/wet/pandhuiswet-1910/BWBR0001880/README.md index 41a03ca325b..397c7c41859 100644 --- a/wet/pandhuiswet-1910/BWBR0001880/README.md +++ b/wet/pandhuiswet-1910/BWBR0001880/README.md @@ -26,19 +26,19 @@ citeertitel: Pandhuiswet 1910 **1.** In elke gemeente, waarin aan een gemeentelijke bank van leening genoegzame behoefte bestaat, wordt zoodanige bank opgericht. -**2.** Gedeputeerde Staten zijn bevoegd, den raad gehoord, om zoo zij oordeelen, dat een gemeente nalatig is in het nakomen van de in het vorige lid bedoelde verplichting, de oprichting te bevelen. +**2.** Gedeputeerde Staten zijn bevoegd, burgemeester en wethouders gehoord, om zoo zij oordeelen, dat een gemeente nalatig is in het nakomen van de in het vorige lid bedoelde verplichting, de oprichting te bevelen. ### Artikel 3 -**1.** Een gemeentelijke bank van leening wordt opgericht en opgeheven bij besluit van den gemeenteraad. Een besluit tot opheffing van een gemeentelijke bank van leening wordt onderworpen aan de goedkeuring van Gedeputeerde Staten. +**1.** Een gemeentelijke bank van leening wordt opgericht en opgeheven bij besluit van burgemeester en wethouders. Een besluit tot opheffing van een gemeentelijke bank van leening wordt onderworpen aan de goedkeuring van Gedeputeerde Staten. -**2.** De gemeenteraad stelt een reglement vast voor de gemeentelijke bank van leening. Het reglement en wijzigingen daarvan worden onderworpen aan de goedkeuring van Gedeputeerde Staten. +**2.** Burgemeester en wethouders stellen een reglement vast voor de gemeentelijke bank van leening. Het reglement en wijzigingen daarvan worden onderworpen aan de goedkeuring van Gedeputeerde Staten. ### Artikel 4 **1.** -In het reglement van een gemeentelijke bank van leening wordt, behalve hetgeen de gemeenteraad daarin verder wenscht vast te stellen, geregeld: +In het reglement van een gemeentelijke bank van leening wordt, behalve hetgeen burgemeester en wethouders daarin verder wensen vast te stellen, geregeld: 1°. het bestuur en het beheer van de bank, benevens benoeming, schorsing, ontslag, bezoldiging, werkkring en aansprakelijkheid van de ambtenaren en bedienden; 2°. de inrichting en de wijze van bijhouding van de registers; @@ -69,7 +69,7 @@ c. zaken, behoorende tot de kleeding, uitrusting of wapening van een krijgsman b ### Artikel 6 -De gemeenteraad is bevoegd, een of meer van de in art. 4 genoemde onderwerpen, betreffende de ambtenaren van de bank, te regelen bij een of meer afzonderlijke reglementen. Met betrekking tot zoodanig reglement is van toepassing het bepaalde in art. 3, lid 2 en 3. +Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, een of meer van de in art. 4 genoemde onderwerpen, betreffende de ambtenaren van de bank, te regelen bij een of meer afzonderlijke reglementen. Met betrekking tot zoodanig reglement is van toepassing het bepaalde in art. 3, lid 2 en 3. ### Artikel 7 @@ -289,7 +289,7 @@ d. de dagen en de uren, gedurende welke de inrichting geopend is. **1.** -De gemeenteraad kan onder goedkeuring van Gedeputeerde Staten bepalen: +Burgemeester en wethouders kunnen onder goedkeuring van Gedeputeerde Staten bepalen: a. eischen, waaraan localiteiten, waarin een bank van leening zal worden gehouden, moeten voldoen, alvorens de toelating, bedoeld in art. 13, kan worden verleend; b. een model voor het register, bedoeld in art. 18; @@ -298,7 +298,7 @@ d. uren gedurende welke de banken van leening gesloten moeten zijn; e. dat in de localiteiten of in het perceel, waarin een bank van leening gehouden wordt, zekere beroepen of bedrijven niet of niet zonder toestemming van Burgemeester en Wethouders uitgeoefend mogen worden of zekere bezigheden niet of niet zonder toestemming van Burgemeester en Wethouders mogen geschieden; f. wat door den houder van een bank van leening moet worden gedaan ter wering van verspreiding van besmettelijke ziekten door panden. -**2.** Een verordening, vastgesteld ingevolge het vorige lid, wordt na de goedkeuring door Gedeputeerde Staten ter openbare kennis gebracht en aan de houders van banken van leening medegedeeld. De houders van banken van leening zijn van den tweeden dag af na den dag der mededeeling gehouden tot naleving van een verordening als bedoeld onder letter *c* en *d* van het vorige lid; tot naleving van een verordening, als bedoeld onder letter *b*, *e* en *f* zijn zij gehouden van den dertigsten dag af na den dag der mededeeling. +**2.** Een besluit, vastgesteld ingevolge het vorige lid, wordt na de goedkeuring door Gedeputeerde Staten ter openbare kennis gebracht en aan de houders van banken van leening medegedeeld. De houders van banken van leening zijn van den tweeden dag af na den dag der mededeeling gehouden tot naleving van een besluit als bedoeld onder letter *c* en *d* van het vorige lid; tot naleving van een besluit, als bedoeld onder letter *b*, *e* en *f* zijn zij gehouden van den dertigsten dag af na den dag der mededeeling. ### Artikel 38 @@ -373,13 +373,13 @@ Hij, die behoudens het bepaalde in art. 43, eerste lid, zonder de vereischte toe ### Artikel 50 -Hij, die handelt in strijd met het bepaalde in de artt. 26, 27 of 32 of met een verordening, vastgesteld ingevolge art. 37, letter *d*, of *e*, of die nalaat, daartoe verplicht zijnde, het bewijs af te geven, bedoeld in art. 31, tweede lid, wordt gestraft met geldboete van de eerste categorie. +Hij, die handelt in strijd met het bepaalde in de artt. 26, 27 of 32 of met een besluit, vastgesteld ingevolge art. 37, letter d, of e, of die nalaat, daartoe verplicht zijnde, het bewijs af te geven, bedoeld in art. 31, tweede lid, wordt gestraft met geldboete van de eerste categorie. ### Artikel 51 -**1.** Hij, die weigert, den rechtmatigen houder van een pandbewijs tot lossing van het pand toe te laten; die een pand verkoopt binnen den termijn, ingevolge art. 20, letter *d*, op het pandbewijs vermeld; die in het geval, bedoeld in art. 21, tweede lid, het pand niet tegen ontvangst van het verschuldigde terug geeft; of die weigert, het bedrag, bedoeld in art. 20, letter *e*, aan den rechthebbende uit te keeren, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de eerste categorie. +**1.** Hij, die weigert, den rechtmatigen houder van een pandbewijs tot lossing van het pand toe te laten; die een pand verkoopt binnen den termijn, ingevolge art. 20, letter d, op het pandbewijs vermeld; die in het geval, bedoeld in art. 21, tweede lid, het pand niet tegen ontvangst van het verschuldigde terug geeft; of die weigert, het bedrag, bedoeld in art. 20, letter e, aan den rechthebbende uit te keeren, wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste een maand of geldboete van de eerste categorie. -**2.** Met gelijke straf wordt gestraft hij, die handelt in strijd met het bepaalde in art. 35, eerste lid, of met een verordening, vastgesteld ingevolge art. 37, letter *c*. +**2.** Met gelijke straf wordt gestraft hij, die handelt in strijd met het bepaalde in art. 35, eerste lid, of met een besluit, vastgesteld ingevolge art. 37, letter c. ### Artikel 52 @@ -409,7 +409,7 @@ De reglementen van de gemeentelijke banken van leening vervallen zes maanden na **1.** Particuliere banken van leening kunnen gedurende een jaar na de inwerkingtreding van deze wet worden gehouden zonder de in art. 13 gevorderde toelating. -**2.** Het bepaalde in de artt. 17-20, 23-36, 38, 39, 46 en 47 blijft gedurende dien termijn buiten toepassing; houders van banken van leening zijn eerst na afloop van dien termijn met inachtneming van het bepaalde in art. 37, tweede lid, gehouden tot naleving van een verordening, te voren vastgesteld op grond van art. 37, eerste lid, letter *b, c, d, e* of *f*. +**2.** Het bepaalde in de artt. 17-20, 23-36, 38, 39, 46 en 47 blijft gedurende dien termijn buiten toepassing; houders van banken van leening zijn eerst na afloop van dien termijn met inachtneming van het bepaalde in art. 37, tweede lid, gehouden tot naleving van een besluit, te voren vastgesteld op grond van art. 37, eerste lid, letter b, c, d, e of f. ### Artikel 57