2017-07-01 | BWBR0002638 | Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag
This commit is contained in:
parent
f69e88f511
commit
af5efdb91f
1 changed files with 24 additions and 10 deletions
|
|
@ -80,15 +80,15 @@ j. een werkgeversbijdrage in de premie voor de ziektekostenverzekering van een p
|
|||
|
||||
### Artikel 7
|
||||
|
||||
**1.** De werknemer die de leeftijd van 23 jaar heeft bereikt heeft voor de arbeid door hem in dienstbetrekking verricht, jegens de werkgever recht op een loon ten minste tot het bedrag, bij of krachtens de volgende artikelen onder de benaming minimumloon vastgesteld.
|
||||
**1.** De werknemer die de leeftijd van 22 jaar heeft bereikt heeft voor de arbeid door hem in dienstbetrekking verricht, jegens de werkgever recht op een loon ten minste tot het bedrag, bij of krachtens de volgende artikelen onder de benaming minimumloon vastgesteld.
|
||||
|
||||
**2.** Indien daartoe naar Ons oordeel aanleiding bestaat op grond van de ontwikkeling in collectieve arbeidsovereenkomsten ter zake van de leeftijd waarop recht op een loon tenminste tot de in artikel 8, eerste lid, genoemde bedragen ontstaat, kan bij algemene maatregel van bestuur worden bepaald, dat werknemers beneden de leeftijd van 23 jaar, die de leeftijd van 22 jaar dan wel die de leeftijd van 21 jaar hebben bereikt, eveneens het in het eerste lid bedoelde recht hebben.
|
||||
**2.** Indien daartoe naar Ons oordeel aanleiding bestaat op grond van de ontwikkeling in collectieve arbeidsovereenkomsten ter zake van de leeftijd waarop recht op een loon tenminste tot de in artikel 8, eerste lid, genoemde bedragen ontstaat, kan bij algemene maatregel van bestuur worden bepaald, dat werknemers beneden de leeftijd van 22 jaar, die de leeftijd van 21 jaar dan wel die de leeftijd van 20 jaar hebben bereikt, eveneens het in het eerste lid bedoelde recht hebben.
|
||||
|
||||
**3.** Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald, dat werknemers - dan wel dat werknemers, behorende tot een bij de maatregel aangewezen categorie - beneden de leeftijd van 23 jaar of, zo toepassing is gegeven aan het tweede lid, beneden de krachtens dat lid bepaalde leeftijd, die een bij de maatregel aangewezen lagere leeftijd hebben bereikt, eveneens het in het eerste lid bedoelde recht hebben.
|
||||
**3.** Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald, dat werknemers - dan wel dat werknemers, behorende tot een bij de maatregel aangewezen categorie - beneden de leeftijd van 22 jaar of, zo toepassing is gegeven aan het tweede lid, beneden de krachtens dat lid bepaalde leeftijd, die een bij de maatregel aangewezen lagere leeftijd hebben bereikt, eveneens het in het eerste lid bedoelde recht hebben.
|
||||
|
||||
**4.** Beloningen, die de werknemer voor arbeid, door hem in de dienstbetrekking verricht, van derden ontvangt, worden, voor zover zij deel uitmaken van de arbeidsvoorwaarden, voor de toepassing van het bij of krachtens het eerste, tweede of derde lid bepaalde geacht van de werkgever te zijn ontvangen.
|
||||
|
||||
**5.** Loon waarop de werknemer recht heeft over een periode, waarin hij geen arbeid verricht, wordt voor de toepassing van het bij of krachtens het eerste, tweede of derde lid bepaalde aangemerkt als loon voor de arbeid door hem in die dienstbetrekking verricht. Bedragen, waarmede het loon ingevolge die bepaling wordt verminderd, worden voor de toepassing van het bij of krachtens het eerste, tweede of derde lid bepaalde geacht van de werkgever te zijn ontvangen.
|
||||
**5.** Loon waarop de werknemer recht heeft over een periode, waarin hij geen arbeid verricht, wordt voor de toepassing van het bij of krachtens het eerste, tweede of derde lid bepaalde aangemerkt als loon voor de arbeid door hem in die dienstbetrekking verricht. Bedragen, waarmee het loon overeenkomstig die bepaling wordt verminderd, worden voor de toepassing van het bij of krachtens het eerste, tweede of derde lid bepaalde geacht van de werkgever te zijn ontvangen.
|
||||
|
||||
### Artikel 7a
|
||||
|
||||
|
|
@ -102,14 +102,16 @@ j. een werkgeversbijdrage in de premie voor de ziektekostenverzekering van een p
|
|||
|
||||
Het minimumloon bedraagt over elke uitbetalingstermijn van:
|
||||
|
||||
a. een maand of een veelvoud van een maand: € 1264,80 per 1 januari 2017: € 1.551,60, onderscheidenlijk een gelijk veelvoud hiervan;
|
||||
b. een week of een veelvoud van een week: € 291,90 per 1 januari 2017: € 358,05, onderscheidenlijk een gelijk veelvoud hiervan;
|
||||
c. een andere tijdsduur: € 58,38 per 1 januari 2017: € 71,61 vermenigvuldigd met het aantal van de in die termijn begrepen werkdagen. Onder werkdag wordt verstaan een dag, waarop de werknemer arbeid heeft verricht of waarover hij recht op loon heeft als bedoeld in artikel 7, vijfde lid.
|
||||
a. een maand of een veelvoud van een maand: € 1264,80 per 1 juli 2017: € 1.565,40, onderscheidenlijk een gelijk veelvoud hiervan;
|
||||
b. een week of een veelvoud van een week: € 291,90 per 1 juli 2017: € 361,25, onderscheidenlijk een gelijk veelvoud hiervan;
|
||||
c. een andere tijdsduur: € 58,38 per 1 juli 2017: € 72,25 vermenigvuldigd met het aantal van de in die termijn begrepen werkdagen. Onder werkdag wordt verstaan een dag, waarop de werknemer arbeid heeft verricht of waarover hij recht op loon heeft als bedoeld in artikel 7, vijfde lid.
|
||||
|
||||
**2.** Waar in deze wet wordt verwezen naar de in het vorige lid genoemde bedragen, worden als zodanig, indien toepassing is gegeven aan artikel 14, de daarbij laatstelijk in hun plaats gestelde bedragen aangemerkt.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van het eerste lid bedraagt het minimumloon voor werknemers aan wie het in artikel 7, eerste lid, bedoelde recht is toegekend bij een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het derde lid van dat artikel, een bij die maatregel vast te stellen percentage van de in het eerste lid van het onderhavige artikel genoemde bedragen. Dit percentage kan voor naar leeftijd en tak van bedrijf of beroep te onderscheiden categorieën van deze werknemers verschillend zijn.
|
||||
|
||||
**4.** Bij algemene maatregel van bestuur kan ten aanzien van de werknemer die werkzaam is op basis van een arbeidsovereenkomst die is aangegaan in verband met een beroepsbegeleidende leerweg als bedoeld in artikel 7.2.2 van de Wet educatie en beroepsonderwijs een percentage van de in het eerste lid genoemde bedragen worden vastgesteld. Dit percentage kan voor naar leeftijd te onderscheiden categorieën van deze werknemers verschillend zijn.
|
||||
|
||||
### Artikel 9
|
||||
|
||||
De uitbetaling van het loon aan werknemers, wier dienstbetrekking niet op een arbeidsovereenkomst berust, geschiedt, voor wat het bedrag van het minimumloon betreft, telkens na een kwartaal, tenzij partijen een kortere uitbetalingstermijn zijn overeengekomen.
|
||||
|
|
@ -136,14 +138,26 @@ Indien bij publiekrechtelijke regeling of collectieve arbeidsovereenkomst een pe
|
|||
|
||||
**4.** Voor zover het loon niet naar tijdruimte is vastgesteld maar afhankelijk is van de uitkomsten van de verrichte arbeid, wordt voor de toepassing van het bij of krachtens deze wet bepaalde als arbeidsduur aangemerkt: de tijd, die redelijkerwijs met de uitvoering van de verrichte arbeid is gemoeid.
|
||||
|
||||
### Artikel 12a
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel 12b
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel 13
|
||||
|
||||
**1.** Het minimumloon is niet vatbaar voor inhouding of verrekening door de werkgever op grond van artikel 631 onderscheidenlijk artikel 632 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid is inhouding toegestaan, ter nakoming van een beding als bedoeld in artikel 631, derde lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen betalingsverplichtingen van de werknemer worden aangewezen ten aanzien waarvan hij bevoegd is om schriftelijke volmacht te verlenen aan de werkgever om uit het uit te betalen loon betalingen in zijn naam te verrichten, met inachtneming van hetgeen overigens in artikel 631 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek is bepaald. Deze betalingsverplichtingen kunnen voor te onderscheiden categorieën van werknemers verschillend worden aangewezen.
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid is inhouding toegestaan, ter nakoming van een beding als bedoeld in artikel 631, derde lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen betalingsverplichtingen van de werknemer worden aangewezen ten aanzien waarvan hij bevoegd is om schriftelijke volmacht te verlenen aan de werkgever om uit het uit te betalen loon betalingen in zijn naam te verrichten, met inachtneming van hetgeen overigens in artikel 631 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek is bepaald. Deze betalingsverplichtingen kunnen voor te onderscheiden categorieën van werknemers verschillend worden aangewezen. In afwijking van artikel 2, derde lid, kunnen tevens betalingsverplichtingen worden aangewezen van werknemers die op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht in dienst zijn genomen door of vanwege het Rijk of het bevoegde gezag van een provincie, gemeente, waterschap, veenschap en veenpolder, indien, op grond van artikel 615 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, titel 10 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing is verklaard.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van het eerste lid zijn voorschotten op het minimumloon, overeenkomstig artikel 7a aan de werknemer verstrekt, vatbaar voor verrekening met het minimumloon, mits dit vooraf schriftelijk met de werknemer is overeengekomen.
|
||||
|
||||
### Artikel 13a
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
|
@ -207,7 +221,7 @@ b. het verschil tussen de ontwikkeling van de contractlonen zoals deze voor het
|
|||
|
||||
**6.** Ingeval de werkgever die jegens zijn werknemers verplicht is tot toepassing van een publiekrechtelijke regeling of collectieve arbeidsovereenkomst, dan wel algemeen verbindend verklaarde bepalingen van een collectieve arbeidsovereenkomst, waarbij op grond van het eerste lid is afgeweken van artikel 15, tevens werknemers in dienst heeft jegens wie die verplichting niet bestaat, kan ten aanzien van laatstbedoelde werknemers bij schriftelijke overeenkomst op overeenkomstige wijze van artikel 15 worden afgeweken.
|
||||
|
||||
**7.** Indien de werknemer recht heeft op loon over een periode, waarin hij geen arbeid verricht, worden de uitkeringen krachtens de Ziektewet, hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg en de Werkloosheidswet, waarmede het loon ingevolge die bepaling wordt verminderd, voor de toepassing van dit artikel geacht ten laste van de werkgever komend loon te zijn.
|
||||
**7.** Indien de werknemer recht heeft op loon over een periode, waarin hij geen arbeid verricht, worden de uitkeringen krachtens de Ziektewet, hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg en de Werkloosheidswet, waarmee het loon overeenkomstig die bepaling wordt verminderd, voor de toepassing van dit artikel geacht ten laste van de werkgever komend loon te zijn.
|
||||
|
||||
### Artikel 17
|
||||
|
||||
|
|
@ -221,7 +235,7 @@ b. het verschil tussen de ontwikkeling van de contractlonen zoals deze voor het
|
|||
|
||||
**1.** Indien hierin bij publiekrechtelijke regeling of collectieve arbeidsovereenkomst is voorzien, kan de werkgever aan zijn verplichtingen tegenover de werknemer betreffende de vakantiebijslag voldoen hetzij door aan de werknemer vakantiebonnen over te dragen ten laste van een fonds, hetzij door betaling van de vakantiebijslag aan een fonds ten laste waarvan de werknemer het recht op vakantiebijslag verwerft, mits het bedrag, waarop de werknemer door deze overdracht onderscheidenlijk deze betaling, op dat fonds recht verwerft, niet lager ligt dan het bedrag, waarop de werknemer krachtens de artikelen 15 en 16 recht heeft.
|
||||
|
||||
**2.** Een fonds als bedoeld in het eerste lid dient te zijn ingericht overeenkomstig de voorwaarden, gesteld krachtens artikel 631, derde lid onder *c*, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.
|
||||
**2.** Een fonds als bedoeld in het eerste lid dient te zijn ingericht overeenkomstig de voorwaarden, gesteld krachtens artikel 631, derde lid, onder c, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk IV. Toezicht op de naleving
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue