2024-05-01 | BWBR0027429 | Nederlands-Antilliaans Uitleveringsbesluit

This commit is contained in:
Coornhert 2024-05-01 12:00:00 +00:00
parent 071e5e319a
commit afdefe65f4

View file

@ -3,7 +3,7 @@ titel: Uitleveringsbesluit van Aruba, Curaçao en Sint Maarten
bwb_id: BWBR0027429
type: AMvB
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2010-08-20'
datum_inwerkingtreding: '2024-03-01'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0027429
citeertitel: Uitleveringsbesluit van Aruba, Curaçao en Sint Maarten
---
@ -53,9 +53,13 @@ b. *met vrijheidsstraffen van langere duur dan een jaar:* vrijheidsstraffen —
**4.** Militaire delicten die niet tevens misdrijven naar het algemene strafrecht van Aruba, Curaçao onderscheidenlijk Sint Maarten zijn, en fiscale delicten kunnen geen aanleiding geven tot uitlevering, tenzij bij verdrag uitdrukkelijk anders is bepaald.
### Artikel 2c
Indien, naar het recht van de verzoekende staat, de doodstraf is gesteld op het feit waarvoor de uitlevering is gevraagd, wordt de opgeëiste persoon niet uitgeleverd, tenzij naar het oordeel van de Gouverneur voldoende is gewaarborgd dat die straf, zo een veroordeling daartoe mocht volgen, niet ten uitvoer zal worden gelegd.
### Artikel 3
De uitlevering mag geschieden niet alleen wegens het begaan van het misdrijf, maar ook wegens poging daartoe of medeplichtigheid daaraan, voor zover die poging of die medeplichtigheid ook in de Nederlandse Antillen strafbaar is.
De uitlevering mag geschieden niet alleen wegens het begaan van het misdrijf, maar ook wegens poging daartoe of medeplichtigheid daaraan, voor zover die poging of die medeplichtigheid ook in Aruba, Curaçao of Sint Maarten strafbaar is.
### Artikel 4
@ -89,13 +93,25 @@ Geen uitlevering wordt toegestaan dan onder voorwaarde dat de uitgeleverde niet
**1.** In afwachting van de aanvrage tot uitlevering kan de persoon wiens uitlevering kan worden aangevraagd op last van de procureur-generaal voorlopig worden aangehouden op aanvrage van de macht in de verzoekende staat tot voorlopige aanhouding bevoegd en als zodanig in het verdrag aangewezen. De op en bij de aangehoudene zijnde goederen mogen in beslag genomen worden.
**2.** Indien de aanhouding plaats vindt op Aruba of Sint Maarten kan de aangehoudende naar Willemstad worden overgebracht indien zulks zijn verhoor door het Hof van Justitie zou bespoedigen.
**2.** Indien de aanhouding plaats vindt op Aruba of Sint Maarten kan de aangehoudene naar Willemstad worden overgebracht indien zulks zijn verhoor door het Hof van Justitie zou bespoedigen.
### Artikel 10
**1.** De procureur-generaal is bevoegd om, na de aangehoudene te hebben gehoord, een bevel tot voorlopige aanhouding tegen hem uit te vaardigen, dat hem zo spoedig mogelijk wordt betekend.
**2.** De procureur-generaal beveelt de onmiddellijke invrijheidstelling van de aangehoudene, tenzij hij uit anderen hoofde behoort in verzekerde bewaring te blijven, en de teruggave van de in beslag genomen goederen, tenzij er uit anderen hoofde redenen van terughouding bestaan, een en ander indien hem geen aanvrage tot uitlevering met de daarbij nodige bescheiden is medegedeeld binnen een termijn bij het verdrag te bepalen en van niet langer dan: twee maanden na de dagtekening van het bevel van aanhouding. Geschiedt de aanvrage tot uitlevering binnen de gestelde termijn, dan wordt verder gehandeld overeenkomstig het bepaalde bij de artikelen 13 tot en met 18.
**2.** Na de aangehoudene te hebben gehoord, kan de procureur-generaal bevelen dat deze gedurende drie dagen, te rekenen vanaf het tijdstip van de voorlopige aanhouding, in verzekering gesteld zal worden tot het tijdstip waarop de rechter-commissaris over diens bewaring beslist. De termijn van inverzekeringstelling kan door de procureur-generaal eenmaal met drie dagen worden verlengd.
**3.** De rechter-commissaris kan, na de aangehoudene te hebben gehoord, op vordering van de procureur-generaal de bewaring van de aangehoudene bevelen.
**4.** De aangehoudene is bevoegd zich door een raadsman te doen bijstaan.
**5.** Het bevel tot inverzekeringstelling of bewaring kan te allen tijde ambtshalve of op verzoek van de aangehoudene of diens raadsman worden opgeheven of worden geschorst. De te stellen schorsingsvoorwaarden mogen alleen strekken tot voorkoming van vlucht.
**6.** De procureur-generaal, onderscheidenlijk de rechter-commissaris, beveelt de onmiddellijke invrijheidstelling van de aangehoudene, tenzij hij uit anderen hoofde behoort in verzekerde bewaring te blijven, en de teruggave van de in beslag genomen goederen, tenzij er uit anderen hoofde redenen van terughouding bestaan, een en ander indien hem geen aanvrage tot uitlevering met de daarbij nodige bescheiden is medegedeeld binnen een termijn bij het verdrag te bepalen en van niet langer dan: twee maanden na de dagtekening van het bevel tot voorlopige aanhouding. Geschiedt de aanvrage tot uitlevering binnen de gestelde termijn, dan wordt verder gehandeld overeenkomstig het bepaalde bij de artikelen 13 tot en met 18.
### Artikel 10a
De bijstand door en vergoeding van een raadsman geschieden op overeenkomstige wijze als bepaald in de Wetboeken van Strafvordering van Aruba, Curaçao onderscheidenlijk Sint Maarten.
### Artikel 11
@ -103,7 +119,7 @@ Bij de aanvrage tot uitlevering moet in het oorspronkelijke of in gewaarmerkt af
### Artikel 12
**1.** Personen, wier uitlevering wordt aangevraagd, mogen voor zover dit niet reeds geschied is, worden aangehouden.
**1.** Personen, wier uitlevering wordt aangevraagd, mogen voor zover dit niet reeds geschied is, worden aangehouden. Artikel 10, tweede tot en met het vijfde lid, is van overeenkomstige toepassing.
**2.** Het bevel van aanhouding moet hun zo spoedig mogelijk worden betekend.
@ -151,13 +167,54 @@ Vervallen
Is de opgeëiste persoon niet aangehouden en, na behoorlijk te zijn opgeroepen om door het Hof van Justitie te worden gehoord, niet verschenen, dan gaat de termijn, in artikel 15 genoemd, in met de dag, waarop het verhoor door het Hof is bepaald.
### Artikel 19a
Voor zover het toepasselijke verdrag daarin voorziet, wordt de persoon wiens voorlopige aanhouding of uitlevering vanwege een andere staat is verzocht zo spoedig mogelijk door de procureur-generaal in kennis gesteld van de mogelijkheid tot onmiddellijke uitlevering.
### Artikel 19b
**1.** De persoon wiens voorlopige aanhouding of uitlevering vanwege een andere staat is verzocht kan, uiterlijk op de dag voorafgaande aan de dag welke is bepaald voor diens verhoor door het Hof van Justitie, verklaren dat wordt ingestemd met onmiddellijke uitlevering.
**2.** De verklaring wordt afgelegd ten overstaan van een rechter-commissaris.
**3.** De persoon wiens voorlopige aanhouding of uitlevering vanwege een andere staat is verzocht wordt, voordat diegene de verklaring aflegt, op de mogelijke gevolgen gewezen, daaronder begrepen dat artikel 7 niet van toepassing is. Van de verklaring wordt proces-verbaal opgemaakt.
**4.** De persoon wiens voorlopige aanhouding of uitlevering vanwege een andere staat is verzocht kan zich bij het afleggen van de verklaring doen bijstaan door een raadsman. Indien de persoon zonder raadsman verschijnt, vestigt de rechter-commissaris de aandacht van de persoon op dat recht. Indien nodig wordt de persoon bijgestaan door een tolk.
**5.** De rechter-commissaris ten overstaan van wie de verklaring, bedoeld in het eerste lid, is afgelegd, zendt het proces-verbaal daarvan aan de bij het verzoek tot voorlopige aanhouding of uitlevering betrokken procureur-generaal.
### Artikel 19c
**1.** In afwijking van artikel 8, tweede lid, en artikel 18, eerste lid, kan, nadat een verklaring overeenkomstig artikel 19b is afgelegd, de procureur-generaal beslissen dat de persoon wiens voorlopige aanhouding of uitlevering vanwege een andere staat is verzocht ter beschikking zal worden gesteld van de autoriteiten van de staat waarvan het verzoek tot voorlopige aanhouding of uitlevering is uitgegaan.
**2.** Van deze beslissing geeft de procureur-generaal zo spoedig mogelijk kennis aan de Gouverneur.
**3.** De verzoekende staat wordt binnen twintig dagen na de datum van de verklaring, bedoeld in artikel 19b, in kennis gesteld van de beslissing ter zake van de onmiddellijke uitlevering.
**4.** De procureur-generaal bepaalt, na overleg met de autoriteiten van de staat waarvan het verzoek tot voorlopige aanhouding of uitlevering is uitgegaan, zo spoedig mogelijk de tijd en de plaats waarop de uitlevering zal geschieden.
**5.**
Het eerste lid blijft buiten toepassing:
a. indien voor het feit of de feiten, in verband waarmee de voorlopige aanhouding of de uitlevering is gevraagd, ingevolge de artikelen 2b, 2c, 4, 5 of 6 geen uitlevering kan worden toegestaan; of
b. indien blijkt dat tegen de persoon wiens voorlopige aanhouding of uitlevering vanwege een andere staat is verzocht in Aruba, Curaçao dan wel Sint Maarten een strafrechtelijke vervolging gaande is, of dat tegen deze persoon door een rechter van Aruba, Curaçao onderscheidenlijk Sint Maarten een nog geheel of ten dele voor tenuitvoerlegging vatbaar strafvonnis is gewezen.
### Artikel 19d
**1.** Voor zover het toepasselijke verdrag daarin voorziet, wordt in afwijking van artikel 10, zesde lid, de verzoekende staat er binnen tien dagen na datum van de voorlopige aanhouding door de procureur-generaal van in kennis gesteld of de aangehoudene al dan niet een verklaring overeenkomstig artikel 19b heeft afgelegd teneinde de verzoekende staat in de gelegenheid te stellen een verzoek tot uitlevering in te dienen. Indien een verklaring overeenkomstig artikel 19b is afgelegd nadat de termijn van tien dagen is verstreken, wordt de procedure, bedoeld in artikel 19c, toegepast.
**2.** Na de dag waarop een verklaring overeenkomstig artikel 19b is afgelegd, kan de aangehoudene op bevel van de rechter-commissaris ten hoogste veertig dagen in bewaring gesteld blijven of gesteld worden. Wanneer de uitlevering door bijzondere omstandigheden niet binnen de termijn van veertig dagen heeft kunnen plaatsvinden, kan deze termijn op vordering van de procureur-generaal door de rechter-commissaris voor ten hoogste dertig dagen worden verlengd. De aangehoudene wordt in de gelegenheid gesteld op de vordering tot verlenging door de rechter-commissaris te worden gehoord.
**3.** Indien de aangehoudene een verklaring als bedoeld in artikel 19b heeft afgelegd, maar de procureur-generaal niettemin besluit de procedure, bedoeld in artikel 19c, niet toe te passen, stelt de procureur-generaal de verzoekende staat daarvan zo spoedig mogelijk in kennis om deze in de gelegenheid te stellen een verzoek tot uitlevering langs de diplomatieke weg in te dienen voordat de gestelde termijn in artikel 10, zesde lid, verstrijkt. Het tweede lid blijft in dat geval buiten toepassing.
### Artikel 20
De Gouverneur kan toestaan dat een persoon wiens uitlevering door een vreemde Staat aan een andere Staat is toegestaan, over het grondgebied van Aruba, Curaçao of Sint Maarten onder medegeleide van ambtenaren van Aruba, Curaçao of Sint Maarten wordt vervoerd, mits met de Staat, waaraan de uitlevering geschiedt, een uitleveringsverdrag is gesloten en het misdrijf waarvoor uitlevering is toegestaan onder de werking van dat verdrag valt.
### Artikel 21
**1.** Personen die in Aruba, Curaçao of Sint Maarten in voorlopige hechtenis zijn of straf ondergaan mogen ter confrontatie of tot het afleggen van verklaringen in strafgedingen, die in een vreemde Staat aanhangig zijn, op last van de Governeur tijdelijk worden overgezonden.
**1.** Personen die in Aruba, Curaçao of Sint Maarten in voorlopige hechtenis zijn of straf ondergaan mogen ter confrontatie of tot het afleggen van verklaringen in strafgedingen, die in een vreemde Staat aanhangig zijn, op last van de Gouverneur tijdelijk worden overgezonden.
**2.** Indien die personen in Aruba, Curaçao of Sint Maarten straf ondergaan, zal hun straftijd geacht worden niet te zijn afgebroken door die tijdelijke overzending.