2010-11-01 | BWBR0002406 | Wet tarieven in strafzaken

This commit is contained in:
Coornhert 2010-11-01 12:00:00 +00:00
parent 060fa19146
commit b274cfa2c9

View file

@ -141,7 +141,7 @@ Vergoedingen verschuldigd door de verdachte of de gerekwestreerde worden, nadat
**1.** De verdachte of de gerekwestreerde kan de krachtens artikel 14 bevoegde griffier verzoeken, vergoedingen als bedoeld in artikel 15 bij wijze van voorschot te zijnen behoeve aan de rechthebbenden te betalen. Het verzoek, dat schriftelijk moet worden gedaan, kan worden ingediend binnen 14 dagen nadat de beschikking tot toekenning van de vergoeding of de beschikking tot goedkeuring van de declaratie onherroepelijk is geworden. De griffier beslist zo spoedig mogelijk.
**2.** Het voorschot dient binnen 3 maanden na het eindigen van de zaak te worden terugbetaald. Wordt aan de verplichting tot terugbetaling niet binnen de gestelde termijn voldaan, dan geschiedt invordering krachtens een door de griffier uit te vaardigen dwangbevel. Artikel 22 van de Wet tarieven in burgerlijke zaken is van overeenkomstige toepassing.
**2.** Het voorschot dient binnen 3 maanden na het eindigen van de zaak te worden terugbetaald. Wordt aan de verplichting tot terugbetaling niet binnen de gestelde termijn voldaan, dan geschiedt invordering krachtens een door de griffier uit te vaardigen dwangbevel. Artikel 30 van de Wet griffierechten burgerlijke zaken is van overeenkomstige toepassing.
**3.** In strafzaken wordt na het eindigen van de zaak een verzoek, gedaan ingevolge lid 1, aangemerkt als een verzoek als bedoeld in artikel 591, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering. Het wordt door de griffier zo spoedig mogelijk overgelegd aan het gerecht, bedoeld in dat artikel. De op grond van dat verzoek toegekende vergoeding wordt verrekend met het verleende voorschot.
@ -167,7 +167,7 @@ Wij stellen bij algemene maatregel van bestuur de tarieven vast voor het uitbren
### Artikel 19
Voor zaken, bedoeld in artikel 1, lid 1 sub *b* van deze wet, voor zaken aangebonden en verzoeken ingediend op grond van enig artikel van deze wet en van het Wetboek van Strafvordering, benevens voor niet op grond van een bepaling van burgerlijk recht aangebonden zaken betreffende dwangmaatregelen van overheidswege, zonder rechterlijk bevel getroffen in verband met de niet-naleving van een wettelijk gebod of verbod, is geen recht verschuldigd als bedoeld in artikel 1 van de Wet tarieven in burgerlijke zaken.
Voor zaken, bedoeld in artikel 1, lid 1 sub b van deze wet, voor zaken aangebonden en verzoeken ingediend op grond van enig artikel van deze wet en van het Wetboek van Strafvordering, benevens voor niet op grond van een bepaling van burgerlijk griffierecht aangebonden zaken betreffende dwangmaatregelen van overheidswege, zonder rechterlijk bevel getroffen in verband met de niet-naleving van een wettelijk gebod of verbod, is geen griffierecht verschuldigd als bedoeld in artikel 3 van de Wet griffierechten burgerlijke zaken.
### Artikel 20