2013-08-20 | BWBR0008999 | Wet havenstaatcontrole

This commit is contained in:
Coornhert 2013-08-20 12:00:00 +00:00
parent ead5f96f1b
commit b2b6617cf2

View file

@ -26,7 +26,7 @@ b. verdrag:
3°. het op 20 oktober 1972 te Londen tot stand gekomen Verdrag inzake voorkoming van aanvaringen op zee (*Trb*. 1974, 51),
4°. het op 2 november 1973 te Londen tot stand gekomen Verdrag inzake voorkoming van verontreiniging door schepen (*Trb*. 1975, 147),
5°. het op 1 november 1974 te Londen tot stand gekomen Verdrag inzake de beveiliging van mensenlevens op zee (*Trb*. 1977, 77),
6°. het op 29 oktober 1976 te Genève tot stand gekomen Verdrag inzake de minimumnormen op koopvaardijschepen (*Trb*. 1977, 108),
6°. het op 23 februari 2006 in Genève tot stand gekomen Maritiem Arbeidsverdrag, 2006 (*Trb*. 2007, 93).
7°. het op 7 juli 1978 te Londen tot stand gekomen Verdrag inzake de normen voor zeevarenden inzake opleiding, diplomering en wachtdienst (*Trb*. 1981, 144),
8°. de op 11 november 1988 te Londen tot stand gekomen Protocollen inzake het onder 1° en 5° genoemde verdrag, met bijlagen (*Trb*. 1990, 57),
9°. een bij de onder 1° tot en met 7° genoemde verdragen Nederland bindend protocol, bindende bijlage of bindend aanhangsel, of
@ -110,8 +110,9 @@ Een ambtenaar van de Inspectie Verkeer en Waterstaat houdt een schip aan:
a. indien wordt voldaan aan een of meer van de criteria die ingevolge bijlage X van de richtlijn tot de aanhouding van een schip kunnen leiden;
b. indien het niet is uitgerust met een functionerend reisgegevens-recordersysteem, terwijl het gebruik daarvan voor dat schip verplicht is op grond van richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor der zeescheepvaart en tot intrekking van richtlijn 93/75/EEG van de Raad (PbEG L 208);
c. indien de kapitein of de bemanning niet voldoet aan operationele voorschriften, bedoeld in een of meer van de verdragen;
d. indien andere tekortkomingen dan bedoeld onder a zijn geconstateerd die afzonderlijk of gezamenlijk maken dat uitvaren gevaarlijk is voor de veiligheid of de gezondheid dan wel schadelijk is voor het mariene milieu; of
e. indien de ambtenaar wordt belemmerd in de uitoefening van zijn taak.
d. indien andere tekortkomingen dan bedoeld onder a zijn geconstateerd die afzonderlijk of gezamenlijk maken dat uitvaren gevaarlijk is voor de veiligheid of de gezondheid dan wel schadelijk is voor het mariene milieu;
e. indien de ambtenaar wordt belemmerd in de uitoefening van zijn taak; of
f. indien de normen van het in artikel 1, onderdeel b, onder 6° genoemde verdrag herhaaldelijk of ernstig zijn overtreden.
**2.** In afwijking van het eerste lid, onderdeel a, zijn voor de aanhouding van een vissersvaartuig niet van toepassing de bij ministeriële regeling aan te geven onderdelen van bijlage X van de richtlijn, die ingevolge de verdragen niet op vissersvaartuigen kunnen worden toegepast.