2013-01-01 | BWBR0013490 | Vaststellingsbesluit regels met betrekking tot commissies bedoeld in Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding

This commit is contained in:
Coornhert 2013-01-01 12:00:00 +00:00
parent cfe2813242
commit b2c2cf89ea

View file

@ -38,11 +38,11 @@ c. de zorgvuldigheidseisen: de zorgvuldigheidseisen, omschreven in artikel 2 van
Tot toetsing van meldingen van gevallen van levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding is bevoegd:
a. de commissie te Groningen indien het overlijden heeft plaatsgevonden in de arrondissementen Groningen, Leeuwarden, of Assen;
b. de commissie te Arnhem indien het overlijden heeft plaatsgevonden in de arrondissementen Zwolle, Arnhem, Almelo, Zutphen of Utrecht;
c. de commissie te Haarlem indien het overlijden heeft plaatsgevonden in de arrondissementen Alkmaar, Amsterdam of Haarlem;
d. de commissie te Rijswijk indien het overlijden heeft plaatsgevonden in de arrondissementen 's-Gravenhage, Rotterdam, Dordrecht of Middelburg;
e. de commissie te 's-Hertogenbosch indien het overlijden heeft plaatsgevonden in de arrondissementen 's-Hertogenbosch, Breda, Roermond of Maastricht.
a. de commissie te Groningen indien het overlijden heeft plaatsgevonden in de provincies Groningen, Friesland of Drenthe;
b. de commissie te Arnhem indien het overlijden heeft plaatsgevonden in de provincies Overijssel, Gelderland, Flevoland of Utrecht;
c. de commissie te Haarlem indien het overlijden heeft plaatsgevonden in de provincie Noord-Holland;
d. de commissie te Rijswijk indien het overlijden heeft plaatsgevonden in de provincies Zuid-Holland of Zeeland;
e. de commissie te 's-Hertogenbosch indien het overlijden heeft plaatsgevonden in de provincies Noord-Brabant of Limburg.
### Artikel 4