2001-09-19 | BWBR0002520 | Verstrekkingenbesluit ziekenfondsverzekering
This commit is contained in:
parent
b1e8a6e322
commit
b30d99ca86
1 changed files with 68 additions and 85 deletions
|
|
@ -3,7 +3,7 @@ titel: Verstrekkingenbesluit ziekenfondsverzekering
|
|||
bwb_id: BWBR0002520
|
||||
type: AMvB
|
||||
status: geldend
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2005-03-09'
|
||||
datum_inwerkingtreding: '2000-02-01'
|
||||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0002520
|
||||
citeertitel: Verstrekkingenbesluit ziekenfondsverzekering
|
||||
---
|
||||
|
|
@ -19,9 +19,7 @@ In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
|||
a. "Onze Minister": Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
|
||||
b. "specialist": een arts, die is ingeschreven in het specialistenregister van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot Bevordering der Geneeskunst;
|
||||
c. "tandarts-specialist": een tandarts, die is ingeschreven in het specialistenregister voor mondheelkunde en chirurgische prothetiek, dan wel in het specialistenregister voor dentomaxillaire orthopaedie van de Nederlandsche Maatschappij tot Bevordering der Tandheelkunde;
|
||||
d. "huisarts": een arts, die is ingeschreven in het register van erkende huisartsen van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot Bevordering der Geneeskunst;
|
||||
e. bedrijfsarts: een arts die als arts arbeid en gezondheid, bedrijfsarts, is ingeschreven in het register van erkende Sociaal Geneeskundigen, dat wordt bijgehouden door de Sociaal-Geneeskundigen Registratie Commissie van de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot Bevordering der Geneeskunst;
|
||||
f. arbodienst: een arbodienst als bedoeld in artikel 1, derde lid, onder j, van de Arbeidsomstandighedenwet 1998.
|
||||
d. "huisarts": een arts, die is ingeschreven in het register van erkende huisartsen van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot Bevordering der Geneeskunst.
|
||||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
|
|
@ -43,35 +41,19 @@ g. hulp door een trombosedienst; een en ander met inachtneming van het bij of kr
|
|||
|
||||
**1.** De aanspraak op een verstrekking kan slechts tot gelding worden gebracht voor zover de verzekerde, gelet op zijn behoefte en uit een oogpunt van doelmatige zorgverlening, redelijkerwijs daarop naar aard, inhoud en omvang is aangewezen.
|
||||
|
||||
**2.** Onverminderd hetgeen bij of krachtens dit besluit wordt bepaald, kan het ziekenfonds schriftelijk de voorwaarden vaststellen waaronder de aanspraken tot gelding worden gebracht.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 1a. No-claimteruggaaf
|
||||
**2.** Onverminderd hetgeen bij of krachtens dit besluit wordt bepaald, kan het ziekenfonds bij reglement de voorwaarden vaststellen waaronder de aanspraken tot gelding worden gebracht.
|
||||
|
||||
### Artikel 2b
|
||||
|
||||
**1.** Het bedrag, bedoeld in artikel 18a, tweede lid, eerste volzin, van de Ziekenfondswet bedraagt: € 255.
|
||||
|
||||
**2.** Het indexcijfer, bedoeld in artikel 18a, zesde lid, onderdeel f, van de Ziekenfondswet, betreft het percentage waarmee het minimumloon, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel a, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, op 1 juli van het jaar voorafgaand aan het kalenderjaar waarop de uitkering betrekking heeft, is gewijzigd ten opzichte van het minimumloon op 1 juli van het tweede jaar voorafgaand aan dat kalenderjaar.
|
||||
|
||||
**3.** Het met toepassing van het tweede lid berekende bedrag wordt naar beneden afgerond op een veelvoud van een hele euro.
|
||||
|
||||
**4.** Bij de jaarlijkse toepassing van het indexcijfer wordt de afronding buiten beschouwing gelaten.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 2c
|
||||
|
||||
**1.** De uitkering waarop verzekerden ingevolge artikel 18a van de Ziekenfondswet aanspraak hebben, wordt uiterlijk op 31 maart van het kalenderjaar volgend op het kalenderjaar waarop de uitkering betrekking heeft uitgekeerd, door overmaking op de bankrekening van degene die de nominale premie heeft betaald, tenzij de verzekerde anders heeft aangegeven.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de toepassing van artikel 18a, eerste lid, van de Ziekenfondswet wordt als kosten van de gebruikte zorg in aanmerking genomen het bedrag dat voor die zorg in rekening is gebracht.
|
||||
|
||||
**3.** Indien blijkt dat zorg is gebruikt, met de kosten waarvan het ziekenfonds bij de berekening van de uitkering geen rekening kon houden, wordt de uitkering uiterlijk op 31 maart van het tweede kalenderjaar volgend op het kalenderjaar waarop de uitkering betrekking heeft, gecorrigeerd.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Artikel 2d
|
||||
|
||||
**1.** Indien de verzekerde slechts gedurende een deel van het kalenderjaar waarop de uitkering betrekking heeft, bij een ziekenfonds was ingeschreven, wordt het bedrag, bedoeld in artikel 2b, gedeeld door het aantal dagen van dat kalenderjaar en vermenigvuldigd met het aantal dagen dat de verzekerde bij dat ziekenfonds was ingeschreven.
|
||||
|
||||
**2.** Indien voor de verzekerde slechts een deel van het kalenderjaar waarop de uitkering betrekking heeft, nominale premie verschuldigd was, wordt het bedrag, bedoeld in artikel 2b, gedeeld door het aantal dagen van dat kalenderjaar en vermenigvuldigd met het aantal dagen waarover nominale premie werd betaald.
|
||||
|
||||
**3.** Indien het eerste of het tweede lid van toepassing is, worden voor de berekening van de uitkering slechts in aanmerking genomen de kosten van de zorg waarvan de verzekerde gebruik heeft gemaakt in het desbetreffende deel van het kalenderjaar.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2. Huisartsenzorg en paramedische zorg
|
||||
|
||||
|
|
@ -91,20 +73,17 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
Paramedische zorg omvat:
|
||||
|
||||
a. door een huisarts, bedrijfsarts of specialist voorgeschreven zorg, te verlenen door heilgymnasten-masseurs, fysiotherapeuten en oefentherapeuten;
|
||||
b. door een huisarts, bedrijfsarts, specialist of tandarts-specialist voorgeschreven zorg, te verlenen door logopedisten;
|
||||
c. door een huisarts, bedrijfsarts, specialist of verpleeghuisarts voorgeschreven advisering, instructie, training of behandeling gedurende maximaal 10 uren per kalenderjaar, te verlenen door een ergotherapeut in zijn behandelruimte of ten huize van de verzekerde, met als doel de zelfzorg en zelfredzaamheid van de verzekerde te bevorderen of te herstellen;
|
||||
d. door een arts of tandarts voorgeschreven voorlichting met een medisch doel over voeding en eetgewoonten gedurende maximaal vier behandeluren per jaar, te verlenen door een diëtist.
|
||||
a. door een huisarts of specialist voorgeschreven zorg, te verlenen door heilgymnasten-masseurs, fysiotherapeuten en oefentherapeuten;
|
||||
b. door een huisarts, specialist of tandarts-specialist voorgeschreven zorg, te verlenen door logopedisten;
|
||||
c. door een huisarts, specialist of verpleeghuisarts voorgeschreven advisering, instructie, training of behandeling gedurende maximaal 10 uren per kalenderjaar, te verlenen door een ergotherapeut in zijn behandelruimte of ten huize van de verzekerde, met als doel de zelfzorg en zelfredzaamheid van de verzekerde te bevorderen of te herstellen.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de zorg, bedoeld in het eerste lid, plaatsvindt op voorschrift van een bedrijfsarts, bestaat slechts aanspraak op deze zorg indien het ziekenfonds met de verwijzende bedrijfsarts of de arbodienst waaraan deze bedrijfsarts is verbonden, schriftelijk afspraken heeft gemaakt over de kwaliteit en doelmatigheid van de verwijzing, de wijze waarop afstemming en overleg plaatsvinden met personen of instellingen die aan de verzekerde zorg verlenen of kunnen verlenen, en de controle op de naleving van de afspraken.
|
||||
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de omvang van de zorg, bedoeld in het eerste lid, onder a en b, de voorwaarden waaronder aanspraak bestaat en de plaats waar de zorg wordt verleend.
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de omvang van de zorg, bedoeld in het eerste lid, onder a en b, de voorwaarden waaronder aanspraak bestaat en de plaats waar de zorg wordt verleend.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 3. Verloskundige zorg
|
||||
|
||||
### Artikel 6
|
||||
|
||||
De verloskundige zorg omvat de door verloskundigen en huisartsen te verlenen verloskundige zorg.
|
||||
De verloskundige zorg omvat, in de omvang en onder de voorwaarden nader door Onze Minister vast te stellen, de door verloskundigen en huisartsen te verlenen verloskundige zorg.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 4. Tandheelkundige zorg
|
||||
|
||||
|
|
@ -120,7 +99,7 @@ c. door een tandarts-specialist.
|
|||
|
||||
**2.** De tandheelkundige zorg aan de verzekerde die de leeftijd van 18 jaren heeft bereikt omvat in de omvang en onder de voorwaarden nader door Onze Minister vast te stellen tandheelkundige zorg, te verlenen door een tandarts of een tandarts-specialist.
|
||||
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat de verzekerde een bijdrage is verschuldigd in de kosten van de zorg die hij ontvangt in verband met een ernstige tandheelkundige aandoening, een niet-tandheelkundige lichamelijke of een geestelijke aandoening.
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat de verzekerde een bijdrage is verschuldigd in de kosten van de zorg die hij ontvangt in verband met een ernstige tandheelkundige aandoening, een niet-tandheelkundige lichamelijke of een geestelijke aandoening. Voorts kan bij ministeriële regeling worden bepaald dat een verzekerde als bedoeld in het eerste lid, een bijdrage is verschuldigd in de kosten van de zorg die hij ontvangt, indien zijn tand-, kaak- en mondstelsel niet voldoet aan de bij die regeling gestelde eisen.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -142,14 +121,14 @@ slechts aanspraak heeft op tandheelkundige zorg, indien deze wordt verleend in e
|
|||
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
a. geneesmiddel: een geneesmiddel dat op grond van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening in Nederland mag worden afgeleverd;
|
||||
b. specialité: een geneesmiddel als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder h, van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening;
|
||||
c. preparaat: een geneesmiddel als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder i, van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening;
|
||||
b. specialité: een geneesmiddel als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder *h*, van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening;
|
||||
c. preparaat: een geneesmiddel als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder *i*, van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening;
|
||||
d. branded generic: een specialité dat in de handel wordt gebracht onder een benaming waarin de stofnaam is vermeld en waaraan een merkaanduiding is toegevoegd;
|
||||
e. combinatiepreparaat: een geneesmiddel dat meer dan een werkzaam bestanddeel bevat;
|
||||
f. geregistreerd geneesmiddel: een geneesmiddel dat is ingeschreven in het register, bedoeld in artikel 3 van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening, of voor het in de handel brengen waarvan de Gemeenschap ingevolge de Verordening (EEG) nr. 2309/93 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 22 juli 1993 tot vaststelling van communautaire procedures voor het verlenen van vergunningen voor en het toezicht op geneesmiddelen voor menselijk en diergeneeskundig gebruik en tot oprichting van een Europees bureau voor de geneesmiddelenbeoordeling (*PbEG* L 214) een vergunning heeft afgegeven;
|
||||
g. deel IB van het registerdossier: het registerblad, inhoudende de gegevens, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder h, van het Besluit registratie geneesmiddelen of het registerblad, bedoeld in deel I, onderdeel B, van de bijlage van de richtlijn nr. 75/318/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 mei 1975 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten inzake de analytische, toxicologisch-farmacologische en klinische normen en voorschriften betreffende proeven op farmaceutische specialiteiten (*PbEG* L 147/1);
|
||||
g. deel IB van het registerdossier: het registerblad, inhoudende de gegevens, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder *h*, van het Besluit registratie geneesmiddelen of het registerblad, bedoeld in deel I, onderdeel B, van de bijlage van de richtlijn nr. 75/318/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 20 mei 1975 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten inzake de analytische, toxicologisch-farmacologische en klinische normen en voorschriften betreffende proeven op farmaceutische specialiteiten (*PbEG* L 147/1);
|
||||
h. registratiehouder: degene te wiens naam een geneesmiddel in het register, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening staat ingeschreven dan wel degene die voor een geneesmiddel een vergunning heeft ingevolge de Verordening (EEG) nr. 2309/93 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 22 juli 1993 tot vaststelling van communautaire procedures voor het verlenen van vergunningen voor en het toezicht op geneesmiddelen voor menselijk en diergeneeskundig gebruik en tot oprichting van een Europees bureau voor de geneesmiddelenbeoordeling (*PbEG* L 214);
|
||||
i. Taxe: de Taxe, uitgegeven door de Z-index B.V.;
|
||||
i. Taxe: de Taxe, uitgegeven door de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering der Pharmacie;
|
||||
j. Defined Daily Dose: de dagdosis van een geneesmiddel, als vastgesteld onder verantwoordelijkheid van het WHO Collaborating Centre for Drug Statistics Methodology;
|
||||
k. Anatomical Therapeutic Chemical Classification: de classificatie van geneesmiddelen, samengesteld onder verantwoordelijkheid van het WHO Collaborating Centre for Drug Statistics Methodology;
|
||||
l. standaardkuur: de totale hoeveelheid van het werkzaam bestanddeel van een geneesmiddel die, blijkens de dosering, vermeld in deel IB van het registerdossier, wordt gegeven;
|
||||
|
|
@ -162,11 +141,8 @@ Bij de toepassing van deze paragraaf wordt uitsluitend acht geslagen op:
|
|||
a. deel IB van het registerdossier,
|
||||
b. de publicaties onder auspiciën van de Wereldgezondheidsorganisatie over de Defined Daily Dose en de Anatomical Therapeutical Chemical Classification,
|
||||
c. de in medisch-farmaceutische kringen gebruikelijke farmacologische en farmacotherapeutische handboeken,
|
||||
d. publicaties in tijdschriften die in medisch-farmaceutische kringen als betrouwbare bronnen voor geneesmiddeleninformatie gelden,
|
||||
e. gegevens afkomstig van farmaco-economisch onderzoek, en
|
||||
f. andere gegevens en bescheiden die voldoen aan de regels ingevolge artikel 2, zesde lid, van het Besluit registratie geneesmiddelen.
|
||||
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling kunnen voorwaarden worden gesteld waaraan farmaco-economisch onderzoek voor de toepassing van deze paragraaf moet voldoen.
|
||||
d. publicaties in tijdschriften die in medisch-farmaceutische kringen als betrouwbare bronnen voor geneesmiddeleninformatie gelden, en
|
||||
e. andere gegevens en bescheiden die voldoen aan de regels ingevolge artikel 2, zesde lid, van het Besluit registratie geneesmiddelen.
|
||||
|
||||
### Artikel 9
|
||||
|
||||
|
|
@ -175,7 +151,7 @@ f. andere gegevens en bescheiden die voldoen aan de regels ingevolge artikel 2,
|
|||
Farmaceutische zorg omvat de aflevering van:
|
||||
|
||||
a. de bij ministeriële regeling aangewezen geregistreerde geneesmiddelen;
|
||||
b. andere dan geregistreerde geneesmiddelen die op grond van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening in Nederland mogen worden afgeleverd, indien behandeling met die middelen als rationele farmacotherapie kan worden aangemerkt;
|
||||
b. andere dan geregistreerde geneesmiddelen die op grond van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening in Nederland mogen worden afgeleverd;
|
||||
c. polymere, oligomere, monomere en modulaire dieetpreparaten;
|
||||
d. verbandmiddelen.
|
||||
|
||||
|
|
@ -192,20 +168,18 @@ d. geneesmiddelen waarvoor geen vergoedingslimiet als bedoeld in artikel 11a kan
|
|||
|
||||
In afwijking van het eerste lid omvat de farmaceutische zorg niet de aflevering van:
|
||||
|
||||
a. geneesmiddelen, indien niet voldaan is aan de daarvoor bij ministeriële regeling vastgestelde voorwaarden;
|
||||
b. geneesmiddelen uit voorzorg of ter voorkoming van een ziekte aan verzekerde af te leveren met het oog op een reis;
|
||||
c. geneesmiddelen als bedoeld in de artikelen 54 en 55 van het Besluit bereiding en aflevering van farmaceutische produkten, tenzij het een verzekerde betreft die lijdt aan een in Nederland zelden voorkomende ziekte, te wiens behoeve het ziekenfonds vooraf toestemming heeft verleend voor de aflevering van een geneesmiddel als bedoeld in artikel 54, eerste lid, onder d, van dat besluit;
|
||||
a. een ingevolge het eerste lid, onder *a*, aangewezen geneesmiddel, indien niet is voldaan aan de daarbij aangegeven voorwaarden;
|
||||
b. geneesmiddelen uit voorzorg of ter voorkoming van een ziekte aan verzekerde af te leveren met het oog op een reis naar het buitenland;
|
||||
c. geneesmiddelen als bedoeld in de artikelen 54 en 55 van het Besluit bereiding en aflevering van farmaceutische produkten, tenzij het een verzekerde betreft die lijdt aan een in Nederland zelden voorkomende ziekte, te wiens behoeve het ziekenfonds vooraf toestemming heeft verleend voor de aflevering van een geneesmiddel als bedoeld in artikel 54, eerste lid, onder *d*, van dat besluit;
|
||||
d. dieetpreparaten, tenzij het een verzekerde betreft die lijdt aan een ernstige slikstoornis, een ernstige passagestoornis, een ernstige resorptiestoornis, een ernstige voedselallergie, een ernstige stofwisselingsstoornis, chronisch obstructief longlijden, cystische fibrose of een ernstige congenitaal hartfalen en bij dat hartfalen een dreigende groeiachterstand heeft;
|
||||
e. verbandmiddelen, tenzij het een verzekerde betreft met een ernstige aandoening waarbij een langdurige medische behandeling met deze middelen is aangewezen;
|
||||
f. een geneesmiddel als bedoeld in het eerste lid, onder b, dat gelijkwaardig of nagenoeg gelijkwaardig is aan enig niet aangewezen geregistreerd geneesmiddel.
|
||||
e. verbandmiddelen, tenzij het een verzekerde betreft met een ernstige aandoening waarbij een langdurige medische behandeling met deze middelen is aangewezen.
|
||||
|
||||
### Artikel 9a
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
**1.** Het ziekenfonds kan schriftelijk vaststellen dat de bij hem ingeschreven verzekerden in afwijking van artikel 9, eerste lid, aanhef en onder a, slechts aanspraak hebben op aflevering van de door hem aangewezen geregistreerde geneesmiddelen.
|
||||
In afwijking van het eerste lid, onder *b*, omvat de farmaceutische zorg niet de aflevering van een geneesmiddel dat is bereid uit eenzelfde werkzaam bestanddeel en eenzelfde toedieningsvorm heeft:
|
||||
|
||||
**2.** De aanwijzing geschiedt zodanig dat de werkzame stoffen die voorkomen in de geneesmiddelen, aangewezen ingevolge artikel 9, eerste lid, aanhef en onder a, voor de verzekerden beschikbaar zijn.
|
||||
|
||||
**3.** Een beperking van de aanspraak als bedoeld in het eerste lid is niet van toepassing voor zover behandeling met een aangewezen geneesmiddel voor een verzekerde medisch niet verantwoord is.
|
||||
a. als enig niet aangewezen geregistreerd geneesmiddel;
|
||||
b. als een aangewezen geregistreerd geneesmiddel, indien niet voldaan is aan de voorwaarden die ingevolge het derde lid, onder *a*, voor aflevering van dat geregistreerde geneesmiddel gelden.
|
||||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
|
|
@ -214,7 +188,7 @@ f. een geneesmiddel als bedoeld in het eerste lid, onder b, dat gelijkwaardig of
|
|||
De verzekerde heeft slechts aanspraak op farmaceutische zorg indien de zorg is voorgeschreven door:
|
||||
|
||||
a. een arts, tandarts of verloskundige wiens zorg de verzekerde ingevolge dit besluit heeft ingeroepen;
|
||||
b. een arts verbonden aan een consultatiebureau voor geboorteregeling, een persoon of instelling die zorg verleent als bedoeld in artikel 8 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ;
|
||||
b. een arts verbonden aan een consultatiebureau voor geboorteregeling, een psychiater of zenuwarts die zorg verleent als bedoeld in artikel 20d van het Besluit zorgaanspraken bijzondere ziektekostenverzekering of een instelling die zorg verleent als bedoeld in de artikelen 20, 20a, 20b, 20e en 20f van dat besluit;
|
||||
c. een arts die is verbonden aan een gemeentelijke gezondheidsdienst, en de zorg strekt ter behandeling van tuberculose of tuberculose-infectie.
|
||||
|
||||
**2.** De verzekerde heeft aanspraak op een van de geneesmiddelen die de stof bevatten waarvan de stofnaam is vermeld op het voorschrift.
|
||||
|
|
@ -225,7 +199,7 @@ c. een arts die is verbonden aan een gemeentelijke gezondheidsdienst, en de zorg
|
|||
|
||||
De verzekerde heeft per voorschrift aanspraak op geneesmiddelen voor een periode van ten hoogste:
|
||||
|
||||
a. een jaar, indien het orale anticonceptiva betreft;
|
||||
a. een half jaar, indien het orale anticonceptiva betreft;
|
||||
b. drie maanden, indien het geneesmiddelen betreft ter behandeling van een chronische ziekte, met uitzondering van hypnotica of anxiolytica;
|
||||
c. vijftien dagen, indien het geneesmiddelen ter bestrijding van acute aandoeningen met antibiotica of chemotherapeutica betreft;
|
||||
d. een maand, in de overige gevallen.
|
||||
|
|
@ -242,11 +216,12 @@ Bij de aanwijzing van een geneesmiddel ingevolge artikel 9, eerste lid, onder *a
|
|||
|
||||
Geneesmiddelen worden als onderling vervangbaar aangemerkt, indien zij:
|
||||
|
||||
a. bij een gelijksoortig indicatiegebied kunnen worden toegepast,
|
||||
b. via een gelijke toedieningsweg worden toegediend, en
|
||||
c. in het algemeen voor dezelfde leeftijdscategorie zijn bestemd.
|
||||
a. een gelijksoortige wijze van werking of een gelijksoortig werkingsmechanisme hebben,
|
||||
b. bij een gelijksoortig indicatiegebied kunnen worden toegepast,
|
||||
c. via een gelijke toedieningsweg worden toegediend, en
|
||||
d. in het algemeen voor dezelfde leeftijdscategorie zijn bestemd.
|
||||
|
||||
**2.** Bij de toedieningswegen wordt een onderscheid gemaakt in toediening door middel van injectie waarbij systemisch het gewenste effect wordt beoogd, toediening niet door middel van een injectie waarbij systemisch het gewenste effect wordt beoogd, toediening door middel van injectie waarbij lokaal het gewenste effect wordt beoogd en toediening niet door middel van een injectie waarbij lokaal het gewenste effect wordt beoogd.
|
||||
**2.** De orale, de oromucosale en de transcutane toedieningsweg worden als gelijke toedieningswegen beschouwd. Bij de parenterale toedieningsweg wordt geen onderscheid gemaakt naar gelang de wijze waarop een injectie wordt toegediend.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -254,7 +229,7 @@ In afwijking van het eerste en tweede lid worden geneesmiddelen niet als onderli
|
|||
|
||||
a. tussen die geneesmiddelen verschillen in eigenschappen bestaan,
|
||||
b. deze verschillen in eigenschappen zich voordoen of kunnen voordoen bij de gehele patiëntenpopulatie, bij welke de geneesmiddelen kunnen worden toegepast, en
|
||||
c. uit de gegevens en bescheiden, bedoeld in artikel 8, tweede lid, blijkt dat deze verschillen in eigenschappen, tezamen genomen, bepalend zijn voor de keuze van het geneesmiddel door de arts.
|
||||
c. aangenomen moet worden dat deze verschillen in eigenschappen, tezamen genomen, bepalend zijn voor de keuze van het geneesmiddel door de arts.
|
||||
|
||||
**4.** In afwijking van het eerste en tweede lid worden geneesmiddelen die behoren tot een subgroep die alleen uit preparaten bestaat of alleen uit specialités onder dezelfde merknaam niet als onderling vervangbaar beschouwd.
|
||||
|
||||
|
|
@ -390,26 +365,22 @@ Voor zover de toepassing van de artikelen 11*b* tot 11*i* naar het oordeel van O
|
|||
Medisch-specialistische zorg, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder a, van de Ziekenfondswet omvat:
|
||||
|
||||
a. genees-, heel- en verloskundige zorg naar de omvang bepaald door hetgeen in de kring der beroepsgenoten gebruikelijk is;
|
||||
b. bij ministeriële regeling aan te wijzen vormen van transplantaties van weefsel en organen alsmede vergoeding van bij die regeling nader te bepalen kosten, verband houdend met het verkrijgen van het meest passende transplantatiemateriaal, een en ander onder voorwaarden bij die regeling vast te stellen;
|
||||
c. met een pleeggezin overeengekomen verpleging in dat gezin.
|
||||
b. bij ministeriële regeling aan te wijzen vormen van transplantaties van weefsel en organen alsmede vergoeding van bij die regeling nader te bepalen kosten, verband houdend met het verkrijgen van het meest passende transplantatiemateriaal, een en ander onder voorwaarden bij die regeling vast te stellen.
|
||||
c. met een pleeggezin overeengekomen verpleging in dat gezin, tenzij er sprake is van verblijf in een gezinsvervangend tehuis als bedoeld in de artikelen 12, 21, 22 en 25 van het Besluit zorgaanspraken bijzondere ziektekostenverzekering.
|
||||
|
||||
**2.** Op de zorg, bedoeld in het eerste lid, bestaat slechts aanspraak op verwijzing van de huisarts van de verzekerde, op verwijzing van een bedrijfsarts of op verwijzing van de specialist naar wie de verzekerde werd verwezen. Indien het verloskundige zorg betreft bestaat eveneens aanspraak op die zorg op verwijzing van de verloskundige.
|
||||
**2.** Op de zorg, bedoeld in het eerste lid, bestaat slechts aanspraak op verwijzing van de huisarts van de verzekerde of op verwijzing van de specialist naar wie de verzekerde werd verwezen. Indien het verloskundige zorg betreft bestaat eveneens aanspraak op die zorg op verwijzing van de verloskundige.
|
||||
|
||||
**3.** Indien de zorg, bedoeld in het eerste lid, plaatsvindt op verwijzing van een bedrijfsarts, bestaat slechts aanspraak op deze zorg indien het ziekenfonds met de verwijzende bedrijfsarts of de arbodienst waaraan deze bedrijfsarts is verbonden, schriftelijk afspraken heeft gemaakt over de kwaliteit en doelmatigheid van de verwijzing, de wijze waarop afstemming en overleg plaatsvinden met personen of instellingen die aan de verzekerde zorg verlenen of kunnen verlenen, en de controle op de naleving van de afspraken.
|
||||
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling kan de omvang van de in het eerste lid, onder a, bedoelde zorg worden beperkt en kan de aanspraak daarop afhankelijk worden gesteld van daarbij te stellen voorwaarden.
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling kan de omvang van de in het eerste lid, onder a, bedoelde zorg worden beperkt en kan de aanspraak daarop afhankelijk worden gesteld van daarbij te stellen voorwaarden.
|
||||
|
||||
### Artikel 13
|
||||
|
||||
**1.** Medisch-specialistische zorg, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder c, van de Ziekenfondswet omvat genees-, heel- en verloskundige zorg naar de omvang bepaald door hetgeen in de kring der beroepsgenoten gebruikelijk is.
|
||||
**1.** Medisch-specialistische zorg, bedoeld in artikel 8, eerste lid, onder c, van de Ziekenfondswet omvat genees- , heel- en verloskundige zorg naar de omvang bepaald door hetgeen in de kring der beroepsgenoten gebruikelijk is.
|
||||
|
||||
**2.** Op de zorg, bedoeld in het eerste lid, bestaat slechts aanspraak op verwijzing van de huisarts van de verzekerde, op verwijzing van een bedrijfsarts of op verwijzing van de specialist naar wie de verzekerde werd verwezen. Indien het verloskundige zorg betreft bestaat eveneens aanspraak op die zorg op verwijzing van de verloskundige.
|
||||
**2.** Op de zorg, bedoeld in het eerste lid, bestaat slechts aanspraak op verwijzing van de huisarts van de verzekerde of op verwijzing van de specialist naar wie de verzekerde werd verwezen. Indien het verloskundige zorg betreft bestaat eveneens aanspraak op die zorg op verwijzing van de verloskundige.
|
||||
|
||||
**3.** Indien de zorg, bedoeld in het eerste lid, plaatsvindt op verwijzing van een bedrijfsarts, bestaat slechts aanspraak op deze zorg indien het ziekenfonds met de verwijzende bedrijfsarts of de arbodienst waaraan deze bedrijfsarts is verbonden, schriftelijk afspraken heeft gemaakt over de kwaliteit en doelmatigheid van de verwijzing, de wijze waarop afstemming en overleg plaatsvinden met personen of instellingen die aan de verzekerde zorg verlenen of kunnen verlenen, en de controle op de naleving van de afspraken.
|
||||
**3.** De plaats waar de in het eerste lid bedoelde zorg wordt verleend, wordt bepaald door hetgeen in de kring der beroepsgenoten gebruikelijk is.
|
||||
|
||||
**4.** De plaats waar de in het eerste lid bedoelde zorg wordt verleend, wordt bepaald door hetgeen in de kring der beroepsgenoten gebruikelijk is.
|
||||
|
||||
**5.** Bij ministeriële regeling kan de omvang van de in het eerste lid bedoelde zorg worden beperkt en kan de verstrekking ervan afhankelijk worden gesteld van daarbij te stellen voorwaarden.
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling kan de omvang van de in het eerste lid bedoelde zorg worden beperkt en kan de verstrekking ervan afhankelijk worden gesteld van daarbij te stellen voorwaarden.
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
|
|
@ -419,13 +390,17 @@ c. met een pleeggezin overeengekomen verpleging in dat gezin.
|
|||
|
||||
**3.** In afwijking van het tweede lid tellen onderbrekingen wegens weekeinde- en vakantieverlof wel mee voor de berekening van de 365 dagen.
|
||||
|
||||
**4.** Indien een verzekerde, die uitsluitend in verband met het verstrijken van de in het eerste lid bedoelde periode niet voor rekening van de Ziekenfondswet verblijft in een sanatorium voor tuberculose-patiënten, vanuit dit sanatorium wordt overgeplaatst naar een ziekenhuis met andere bestemming wordt voor de toepassing van de Ziekenfondswet te zijnen aanzien een periode als bedoeld in het eerste lid geacht opnieuw aan te vangen.
|
||||
|
||||
**5.** Indien een verzekerde die ten laste van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten verblijft in een psychiatrisch ziekenhuis, onderscheidenlijk een psychiatrische afdeling van een algemeen ziekenhuis, wordt overgeplaatst naar een ziekenhuis met andere bestemming onderscheidenlijk naar een andere afdeling, wordt voor de toepassing van de Ziekenfondswet te zijnen aanzien een periode als bedoeld in het eerste lid geacht opnieuw aan te vangen.
|
||||
|
||||
### Artikel 14a
|
||||
|
||||
**1.** Op opneming in een ziekenhuis bestaat aanspraak indien en zolang de verzekerde redelijkerwijs op medisch-specialistische zorg in een ziekenhuis is aangewezen.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de verzekerde op grond van het eerste lid in verband met verloskundige zorg in een ziekenhuis verblijft, heeft zowel de moeder als het kind aanspraak op opneming in dat ziekenhuis.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van het eerste lid bestaat aanspraak op opneming gedurende het etmaal in een ziekenhuis tot vier weken nadat het ziekenfonds heeft vastgesteld dat een indicatiebesluit op grond van het Zorgindicatiebesluit is genomen waaruit blijkt dat de verzekerde is aangewezen op de zorg, bedoeld in artikel 9 van het Besluit zorgaanspraken AWBZ, in verband met een somatische of psychogeriatrische aandoening.
|
||||
**3.** In afwijking van het eerste lid bestaat aanspraak op opneming gedurende het etmaal in een ziekenhuis tot vier weken nadat het ziekenfonds heeft vastgesteld dat een indicatiebesluit op grond van het Zorgindicatiebesluit is genomen waaruit blijkt dat de verzekerde is aangewezen op de zorg, bedoeld in artikel 14 van het Besluit zorgaanspraken bijzondere ziektekostenverzekering.
|
||||
|
||||
### Artikel 14b
|
||||
|
||||
|
|
@ -455,11 +430,18 @@ c. een daarbij aangegeven percentage van de aanschaffingskosten, indien door toe
|
|||
|
||||
### Artikel 16
|
||||
|
||||
**1.** Het ziekenvervoer omvat medisch noodzakelijk vervoer in de omvang en onder de voorwaarden bij ministeriële regeling vast te stellen. Daarbij kan worden bepaald dat aanspraak bestaat op vergoeding voor vervoer in de laagste klasse van een openbaar middel van vervoer.
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat de verzekerde voor ziekenvervoer, anders dan ambulancevervoer als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet ambulancevervoer, een bijdrage in de kosten is verschuldigd tot een bij die regeling aangegeven maximum per 12 maanden voor zichzelf en zijn medeverzekerden te zamen.
|
||||
Het ziekenvervoer omvat in de omvang en onder de voorwaarden, nader door Onze Minister vast te stellen:
|
||||
|
||||
**3.** De bijdrage wordt betaald aan de vervoerder.
|
||||
a. vervoer per auto;
|
||||
b. vergoeding voor vervoer in de laagste klasse van een openbaar middel van vervoer.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister kan bepalen in welke gevallen aanspraak bestaat op vervoer met een ander vervoermiddel dan de in het vorige lid genoemde.
|
||||
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat de verzekerde voor ziekenvervoer, anders dan ambulancevervoer als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet ambulancevervoer, een bijdrage in de kosten is verschuldigd tot een bij die regeling aangegeven maximum per 12 maanden voor zichzelf en zijn medeverzekerden te zamen.
|
||||
|
||||
**4.** De bijdrage wordt betaald aan de vervoerder.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 9. Kraamzorg
|
||||
|
||||
|
|
@ -494,17 +476,15 @@ b. advisering over de aan te schaffen gehoorapparatuur;
|
|||
c. voorlichting over het gebruik van de apparatuur;
|
||||
d. psycho-sociale hulp indien noodzakelijk in verband met problemen met de gestoorde gehoorfunctie.
|
||||
|
||||
**2.** Op hulp door een audiologisch centrum bestaat slechts aanspraak indien de verzekerde naar het centrum is verwezen door zijn huisarts, een bedrijfsarts, een kinderarts of een keel-, neus en oorarts.
|
||||
**2.** Op hulp door een audiologisch centrum bestaat slechts aanspraak indien de verzekerde naar het centrum is verwezen door zijn huisarts, een kinderarts of een keel-, neus en oorarts.
|
||||
|
||||
**3.** Indien de zorg, bedoeld in het eerste lid, plaatsvindt op verwijzing van een bedrijfsarts, bestaat slechts aanspraak op deze zorg indien het ziekenfonds met de verwijzende bedrijfsarts of de arbodienst waaraan deze bedrijfsarts is verbonden, schriftelijk afspraken heeft gemaakt over de kwaliteit en doelmatigheid van de verwijzing, de wijze waarop afstemming en overleg plaatsvinden met personen of instellingen die aan de verzekerde zorg verlenen of kunnen verlenen, en de controle op de naleving van de afspraken.
|
||||
|
||||
**4.** Indien hulp door een audiologisch centrum langer dan zes weken is aangewezen, wordt tijdig voor het verstrijken van die periode toestemming aan het ziekenfonds gevraagd. Bij de aanvraag wordt een deugdelijke motivering van het audiologisch centrum overgelegd.
|
||||
**3.** Indien hulp door een audiologisch centrum langer dan zes weken is aangewezen, wordt tijdig voor het verstrijken van die periode toestemming aan het ziekenfonds gevraagd. Bij de aanvraag wordt een deugdelijke motivering van het audiologisch centrum overgelegd.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 11. Erfelijkheidsadvisering
|
||||
|
||||
### Artikel 20
|
||||
|
||||
**1.** Hulp in het kader van erfelijkheidsadvisering omvat onderzoek naar en van erfelijke afwijkingen door middel van stamboomonderzoek, chromosoomonderzoek, biochemische diagnostiek, ultrageluidsonderzoek en DNA-onderzoek, het geven van erfelijkheidsadviezen en daarmee verband houdende psycho-sociale begeleiding, te verlenen door een instelling die een vergunning heeft op grond van artikel 2 van de Wet op bijzondere medische verrichtingen voor de toepassing van klinisch genetisch onderzoek en erfelijkheidsadvisering.
|
||||
**1.** Hulp in het kader van erfelijkheidsadvisering omvat onderzoek naar en van erfelijke afwijkingen door middel van stamboomonderzoek, chromosoomonderzoek, biochemische diagnostiek, ultrageluidsonderzoek en DNA-onderzoek, het geven van erfelijkheidsadviezen en daarmee verband houdende psycho-sociale begeleiding, te verlenen door een instelling die een vergunning heeft op grond van artikel 18 van de Wet ziekenhuisvoorzieningen voor de toepassing van klinisch genetisch onderzoek en erfelijkheidsadvisering.
|
||||
|
||||
**2.** Op hulp in het kader van erfelijkheidsadvisering bestaat slechts aanspraak op verwijzing van de huisarts van de verzekerde dan wel de specialist naar wie de verzekerde door de huisarts is verwezen.
|
||||
|
||||
|
|
@ -583,11 +563,11 @@ Onderzoek in het kader van de behandeling van tuberculose of tuberculose-infecti
|
|||
|
||||
De omvang van de door een trombosedienst te verlenen hulp, zomede de voorwaarden waaronder deze hulp wordt verleend, worden door Onze Minister vastgesteld.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 16. Bijzondere bepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 24a
|
||||
|
||||
Op hulp, welke bij of krachtens dit besluit als verstrekking is geregeld, bestaat geen aanspraak, voor zover deze objectief voorzienbaar samenhangt met een onderzoek in een ziekenhuis dat of een behandeling in een ziekenhuis die niet behoort tot de verstrekking, bedoeld in artikel 12 van dit besluit of tot de zorg, omschreven in artikel 14, eerste lid, van het Besluit zorgaanspraken AWBZ.
|
||||
Op hulp, welke bij of krachtens dit besluit als verstrekking is geregeld, bestaat geen aanspraak, voor zover deze objectief voorzienbaar samenhangt met een onderzoek in een ziekenhuis dat of een behandeling in een ziekenhuis die niet behoort tot de verstrekking, bedoeld in artikel 12 van dit besluit of tot de zorg, omschreven in artikel 9, eerste lid, van het Besluit zorgaanspraken bijzondere ziektekostenverzekering.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 16. Bijzondere bepalingen
|
||||
|
||||
### Artikel 25
|
||||
|
||||
|
|
@ -624,10 +604,13 @@ In de omstandigheden als bedoeld in artikel 25, eerste lid, onder c, is het bepa
|
|||
In de omstandigheid als bedoeld in artikel 25, eerste lid, onder d, bestaat, mits is voldaan aan door het College zorgverzekeringen ter zake vast te stellen voorwaarden, aanspraak op een door het College zorgverzekeringen vast te stellen gehele of gedeeltelijke vergoeding van kosten van geneeskundige verzorging, ingeroepen:
|
||||
|
||||
a. in de periode gelegen tussen het tijdstip van aanmelding als verzekerde overeenkomstig het bepaalde in het Inschrijvingsbesluit ziekenfondsverzekering en het tijdstip waarop het ziekenfonds het bewijs van inschrijving als bedoeld in artikel 15 van dat besluit heeft verstrekt;
|
||||
b. in de periode gelegen tussen het tijdstip waarop de verzekering een aanvang heeft genomen en het tijdstip van aanmelding als verzekerde overeenkomstig het bepaalde in het Inschrijvingsbesluit ziekenfondsverzekering.
|
||||
b. in de periode gelegen tussen het tijdstip waarop de verzekering een aanvang heeft genomen en het tijdstip van aanmelding als verzekerde overeenkomstig het bepaalde in het Inschrijvingsbesluit ziekenfondsverzekering;
|
||||
c. in de periode gedurende welke de inschrijving onder toepassing van artikel 17, eerste lid, onder b of e, dan wel van artikel 18, onder c, van het Inschrijvingsbesluit ziekenfondsverzekering onderbroken is geweest.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de toepassing van het bepaalde bij of krachtens het eerste lid kunnen premiën, betaald ten behoeve van verzekering voor geneeskundige verzorging, worden aangemerkt als kosten van geneeskundige verzorging.
|
||||
|
||||
**3.** Voor de toepassing van het bepaalde bij of krachtens het eerste lid, aanhef en onder c, wordt met de periode gedurende welke de inschrijving onder toepassing van artikel 17, eerste lid, onder b of e, dan wel van artikel 18, onder c, van het Inschrijvingsbesluit ziekenfondsverzekering onderbroken is geweest, gelijkgesteld de periode gelegen tussen het tijdstip met ingang waarvan de inschrijving onder toepassing van artikel 17, eerste lid, onder b of e, dan wel van artikel 18, onder c, is beëindigd en het tijdstip waarop de verplichte verzekering is geëindigd zonder dat voordien een hernieuwde inschrijving tot stand is gekomen.
|
||||
|
||||
### Artikel 30
|
||||
|
||||
In de omstandigheid, als bedoeld in het tweede lid van artikel 25, bestaat, mits is voldaan aan door het College zorgverzekeringen vast te stellen voorwaarden, aanspraak op gehele of gedeeltelijke vergoeding van de kosten van hulp, verleend door aan een ziekenfonds verbonden medewerkers en tot een door het College zorgverzekeringen vast te stellen bedrag indien de hulp door anderen is verleend.
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue