2004-01-01 | BWBR0002524 | Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
This commit is contained in:
parent
72eaf1ce8e
commit
b40aefa8e5
1 changed files with 89 additions and 83 deletions
|
|
@ -28,8 +28,8 @@ e. Arbeidsongeschiktheidskas: de Arbeidsongeschiktheidskas, bedoeld in artikel 7
|
|||
f. eigen risicodrager: de werkgever aan wie de toestemming is verleend, bedoeld in artikel 75, eerste lid;
|
||||
g. vreemdeling: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Vreemdelingenwet 2000;
|
||||
h. onbetaald verlof: een tussen werkgever en werknemer overeengekomen periode van verlof, waarbij op grond van artikel 6, tweede lid, geen dienstbetrekking aanwezig is;
|
||||
k. rechtens zijn vrijheid is ontnomen: rechtens zijn vrijheid is ontnomen, behoudens de gevallen, bedoeld in de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen en in artikel 37, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht;
|
||||
l. justitiële inrichting: een penitentiaire inrichting, een inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden, of een inrichting voor justitiële jeugdbescherming zijnde een landelijke voorziening als bedoeld in artikel 65 van de Wet op de jeugdhulpverlening.
|
||||
i. rechtens zijn vrijheid is ontnomen: rechtens zijn vrijheid is ontnomen, behoudens de gevallen, bedoeld in de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen en in artikel 37, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht;
|
||||
j. justitiële inrichting: een penitentiaire inrichting, een inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden, of een inrichting voor justitiële jeugdbescherming zijnde een landelijke voorziening als bedoeld in artikel 65 van de Wet op de jeugdhulpverlening.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -180,7 +180,7 @@ d. degene, die tegen beloning persoonlijk arbeid verricht en wiens arbeidsverhou
|
|||
|
||||
Als dienstbetrekking wordt niet beschouwd de arbeidsverhouding van:
|
||||
|
||||
a. degene, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a of d, van de Ambtenarenwet;
|
||||
a. degene, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel a of d van de Ambtenarenwet;
|
||||
b. degene, die een verplichting naleeft, hem opgelegd door de wet of voortvloeiende uit een verbintenis anders dan bij arbeidsovereenkomst door hem jegens de Overheid aangegaan ten aanzien van ’s lands verdediging of ter bescherming van de openbare orde en de veiligheid der bevolking, alsmede van degene, die als vrijwilliger al dan niet tegen loon werkzaamheden verricht bij een gemeentelijke brandweer;
|
||||
c. degene, die ten behoeve van de natuurlijke persoon, tot wie hij in dienstbetrekking staat, uitsluitend of nagenoeg uitsluitend huiselijke of persoonlijke diensten in diens huishouding verricht en die diensten doorgaans op minder dan drie dagen per week verricht;
|
||||
d. de directeur-grootaandeelhouder.
|
||||
|
|
@ -198,7 +198,7 @@ f. arbeidsongeschiktheid, ter zake waarvan ziekengeld ingevolge de Ziektewet of
|
|||
|
||||
**3.** Het eerste en tweede lid zijn alleen van toepassing op de aldaar bedoelde arbeidsverhoudingen.
|
||||
|
||||
**4.** Door Onze Minister worden, in overeenstemming met Onze Minister van Financiën, regels gesteld omtrent hetgeen onder directeur-grootaandeelhouder, bedoeld in het eerste lid, onderdeel *d*, wordt verstaan.
|
||||
**4.** Door Onze Minister worden, in overeenstemming met Onze Minister van Financiën, regels gesteld omtrent hetgeen onder directeur-grootaandeelhouder, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, wordt verstaan.
|
||||
|
||||
### Artikel 6a
|
||||
|
||||
|
|
@ -221,7 +221,8 @@ c. degene, die wegens werkloosheid niet werkt en die ingevolge een door Onze Min
|
|||
Voor de toepassing van deze wet wordt mede als werknemer beschouwd:
|
||||
|
||||
a. degene, die krachtens de verplichte verzekering ingevolge de Ziektewet ziekengeld ontvangt;
|
||||
b. in door Onze Minister aan te wijzen gevallen degene, die wegens arbeidsongeschiktheid niet werkt, doch aan wie geen ziekengeld wordt verleend op grond van enige bepaling van de Ziektewet.
|
||||
b. in door Onze Minister aan te wijzen gevallen degene, die wegens arbeidsongeschiktheid niet werkt, doch aan wie geen ziekengeld wordt verleend op grond van enige bepaling van de Ziektewet;
|
||||
c. degene, die wegens arbeidsongeschiktheid niet werkt, doch aan wie geen ziekengeld wordt betaald op grond van artikel 29, eerste lid, van de Ziektewet maar wel een toeslag op grond van de Toeslagenwet.
|
||||
|
||||
### Artikel 7b
|
||||
|
||||
|
|
@ -271,11 +272,11 @@ Als werkgever wordt beschouwd:
|
|||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen wordt als werkgever beschouwd in de gevallen, bedoeld in artikel 7, onderdeel a, artikel 7a, onderdeel a, artikel 7b en artikel 7c, onderdeel a.
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen wordt als werkgever beschouwd in de gevallen, bedoeld in artikel 7, onderdeel a, artikel 7a, onderdelen a en c, artikel 7b en artikel 7c, onderdeel a.
|
||||
|
||||
**2.** In de gevallen, bedoeld in artikel 7, onderdeel b en c, artikel 7a, onderdeel b, en artikel 7c, onderdeel b, wordt als werkgever beschouwd degene, die door Onze Minister als werkgever wordt aangewezen.
|
||||
|
||||
**3.** Ingeval het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de uitkering bedoeld in het eerste lid, vermeerderd met de daarover door de werkgever verschuldigde premies, betaalt aan de werkgever, bedoeld in artikel 8, 9 of 11, teneinde deze uitkering door diens tussenkomst te doen uitbetalen, treedt voor de toepassing van het eerste lid, deze in de plaats van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onafhankelijk van het voortbestaan van de dienstbetrekking met die werkgever.
|
||||
**3.** Ingeval het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de uitkering of toeslag, bedoeld in de artikelen genoemd in het eerste lid, vermeerderd met de daarover door de werkgever verschuldigde premies, betaalt aan de werkgever, bedoeld in artikel 8, 9 of 11, teneinde deze uitkering of toeslag door diens tussenkomst te doen uitbetalen, treedt voor de toepassing van het eerste lid, deze in de plaats van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onafhankelijk van het voortbestaan van de dienstbetrekking met die werkgever.
|
||||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
|
|
@ -377,25 +378,25 @@ wordt mededeling gedaan in de *Staatscourant*. Een voordracht tot vaststelling,
|
|||
|
||||
### Artikel 19
|
||||
|
||||
**1.** De verzekerde, die arbeidsongeschikt wordt, heeft, zodra hij onafgebroken 52 weken arbeidsongeschikt is geweest, recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij na afloop van deze periode nog arbeidsongeschikt is. Als eerste dag van de arbeidsongeschiktheid geldt de eerste werkdag waarop wegens ziekte niet is gewerkt of het werken tijdens de werktijd is gestaakt. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan voor bijzondere gevallen regels stellen inzake welke dag als eerste werkdag wordt aangemerkt.
|
||||
**1.** De verzekerde, die arbeidsongeschikt wordt, heeft, zodra hij onafgebroken 104 weken arbeidsongeschikt is geweest, recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij na afloop van deze periode nog arbeidsongeschikt is. Als eerste dag van de arbeidsongeschiktheid geldt de eerste werkdag waarop wegens ziekte niet is gewerkt of het werken tijdens de werktijd is gestaakt. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan voor bijzondere gevallen regels stellen inzake welke dag als eerste werkdag wordt aangemerkt.
|
||||
|
||||
**2.** Voor het bepalen van het tijdvak van 52 weken, bedoeld in het vorige lid, worden perioden van arbeidsongeschiktheid samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen. Bij de vaststelling van de periode van vier weken blijven perioden, waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond van artikel 3:7, eerste lid,3:8 of 3:10, eerste lid van de Wet arbeid en zorg wordt genoten, buiten beschouwing.
|
||||
**2.** Voor het bepalen van het tijdvak van 104 weken, bedoeld in het vorige lid, worden perioden van arbeidsongeschiktheid samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen. Bij de vaststelling van de periode van vier weken blijven perioden, waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond van artikel 3:7, eerste lid,3:8 of 3:10, eerste lid van de Wet arbeid en zorg wordt genoten, buiten beschouwing.
|
||||
|
||||
**3.** Recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft eveneens de verzekerde, bedoeld in het eerste lid, die na afloop van het in het eerste, tweede, en zevende lid bedoelde tijdvak niet arbeidsongeschikt is, doch ten aanzien van wie dit wel het geval is binnen vier weken na afloop van dat tijdvak.
|
||||
|
||||
**4.** Voor de toepassing van het bepaalde in de vorige leden wordt niet als arbeidsongeschikt beschouwd degene, die minder dan 15% arbeidsongeschikt is.
|
||||
|
||||
**5.** Voor het bepalen van het tijdvak van 52 weken, bedoeld in de vorige leden, worden steeds in aanmerking genomen tijdvakken, gedurende welke aanspraak bestaat op ziekengeld krachtens de Ziektewet en worden niet in aanmerking genomen tijdvakken gedurende welke een uitkering wordt genoten als bedoeld in het tweede lid.
|
||||
**5.** Voor het bepalen van het tijdvak van 104 weken, bedoeld in de vorige leden, worden steeds in aanmerking genomen tijdvakken, gedurende welke aanspraak bestaat op ziekengeld krachtens de Ziektewet en worden niet in aanmerking genomen tijdvakken gedurende welke een uitkering wordt genoten als bedoeld in het tweede lid.
|
||||
|
||||
**6.** Voor de toepassing van het bepaalde in het vorige lid wordt een belanghebbende geacht aanspraak te hebben op ziekengeld krachtens de Ziektewet, indien hem in verband met de artikelen 19a, 19b,29, 30, 31, 42, 44 en 45 van de Ziektewet geen ziekengeld wordt uitgekeerd.
|
||||
|
||||
**7.** De wachttijd, bedoeld in het eerste lid, wordt door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verlengd op gezamenlijk verzoek van de verzekerde en de werkgever jegens wie de verzekerde, bij ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid wegens ziekte, recht heeft op loon als bedoeld in artikel 629 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, tenzij artikel 29 of 29a, derde of zevende lid van de Ziektewet van toepassing is dan wel aanspraak heeft op bezoldiging op grond van artikel XV, tweede lid, van de Wet terugdringing ziekteverzuim, tenzij onderdeel a van het elfde lid van dat artikel van toepassing is, met een termijn van ten hoogste 52 weken tenzij zwaarwegende omstandigheden zich daartegen verzetten. De verlengde wachttijd eindigt op de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aangegeven datum. De verlengde wachttijd kan op verzoek van de werkgever of de werknemer worden verkort. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt bij verkorting van de verlengde wachttijd een nieuwe datum vast waarop de verlengde wachttijd eindigt, met dien verstande dat de wachttijd niet eerder eindigt dan vijftien weken na dat verzoek. Bij de bekendmaking van het besluit maakt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen melding van de mogelijkheid van het doen van een aanvraag voor de toekenning van de uitkering alsmede van de termijn binnen welke die aanvraag wordt gedaan. Het tweede en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit lid.
|
||||
**7.** De wachttijd, bedoeld in het eerste lid, wordt door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verlengd op gezamenlijk verzoek van de verzekerde en de werkgever jegens wie de verzekerde, bij ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid wegens ziekte, recht heeft op loon als bedoeld in artikel 629 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, tenzij artikel 29 of 29a, derde of zevende lid van de Ziektewet van toepassing is dan wel aanspraak heeft op bezoldiging op grond van artikel XV, tweede lid, van de Wet terugdringing ziekteverzuim, tenzij onderdeel a van het elfde lid van dat artikel van toepassing is, tenzij zwaarwegende omstandigheden zich daartegen verzetten. De verlengde wachttijd eindigt op de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aangegeven datum. De verlengde wachttijd kan op verzoek van de werkgever of de werknemer worden verkort. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt bij verkorting van de verlengde wachttijd een nieuwe datum vast waarop de verlengde wachttijd eindigt, met dien verstande dat de wachttijd niet eerder eindigt dan vijftien weken na dat verzoek tenzij de werkgever voor het verstrijken van het tijdvak van die vijftien weken geen loon meer verschuldigd is, omdat de dienstbetrekking is geëindigd. Bij de bekendmaking van het besluit maakt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen melding van de mogelijkheid van het doen van een aanvraag voor de toekenning van de uitkering alsmede van de termijn binnen welke die aanvraag wordt gedaan. Het tweede en vierde lid zijn van overeenkomstige toepassing. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 19a
|
||||
|
||||
**1.** De verzekerde, bedoeld in artikel 19, heeft geen recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering indien de dag waarop het recht op arbeidsongeschiktheidsuitkering zou ingaan, is gelegen in een periode dat hem rechtens zijn vrijheid is ontnomen.
|
||||
|
||||
**2.** De persoon, die op grond van het eerste lid geen recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft alsmede de persoon die op grond van artikel 19b van de Ziektewet geen recht heeft op ziekengeld, wordt vanaf de dag dat hij in vrijheid wordt gesteld weer als verzekerde aangemerkt en heeft met inachtneming van de bepalingen van deze wet recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij op die dag arbeidsongeschikt is. Artikel 19, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing. De artikelen 18, tweede tot en met vierde lid, en 30, eerste lid, onderdeel a, zijn niet van toepassing.
|
||||
**2.** De persoon, die op grond van het eerste lid geen recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft alsmede de persoon die op grond van artikel 19b van de Ziektewet geen recht heeft op ziekengeld, wordt vanaf de dag dat hij in vrijheid wordt gesteld weer als verzekerde aangemerkt en heeft met inachtneming van de bepalingen van deze wet recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering, indien hij op die dag arbeidsongeschikt is. Artikel 19, vierde lid, is van overeenkomstige toepassing. De artikelen 18, tweede tot en met vierde lid, en 30, eerste lid, onderdeel a zijn niet van toepassing, behoudens voorzover het betreft de op de dag voorafgaande aan de eerste dag dat die persoon rechtens zijn vrijheid is ontnomen aanwezige arbeidsongeschiktheid in de zin van artikel 18, eerste lid.
|
||||
|
||||
**3.** Voor de toepassing van het eerste lid worden perioden van vrijheidsontneming samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen.
|
||||
|
||||
|
|
@ -495,9 +496,9 @@ Een arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van
|
|||
|
||||
### Artikel 24
|
||||
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de door hem daartoe aangewezen deskundige kunnen de persoon die aanspraak maakt op of in het genot is van een arbeidsongeschiktheidsuitkering voorschriften geven in het belang van een behandeling of van genezing of tot behoud, herstel en bevordering van de mogelijkheid tot het verrichten van arbeid.
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen en de door hem daartoe aangewezen deskundige kunnen de persoon die aanspraak maakt op of in het genot is van een arbeidsongeschiktheidsuitkering voorschriften geven in het belang van een behandeling of van genezing dan wel voorzover dit voortvloeit uit de taak, bedoeld in artikel 10 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten, tot behoud, herstel en bevordering van de mogelijkheid tot het verrichten van arbeid.
|
||||
|
||||
**2.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan voorschrijven dat de persoon, bedoeld in het eerste lid, zich laat registreren als werkzoekende bij de Centrale organisatie voor werk en inkomen.
|
||||
**2.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan in het kader van de uitvoering van het eerste lid voorschrijven dat de persoon, bedoeld in het eerste lid, zich laat registreren als werkzoekende bij de Centrale organisatie werk en inkomen.
|
||||
|
||||
### Artikel 25
|
||||
|
||||
|
|
@ -525,13 +526,13 @@ Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen is bevoegd controlevoorschrifte
|
|||
|
||||
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen handelt overeenkomstig het bepaalde in artikel 25:
|
||||
|
||||
a. indien de belanghebbende de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de door hem daartoe aangewezen deskundige krachtens artikel 24 in het belang van een behandeling of genezing of tot behoud, herstel of bevordering van de mogelijkheid tot het verrichten van arbeid en tot registratie als werkzoekende bij de Centrale organisatie voor werk en inkomen gegeven voorschriften zonder deugdelijke grond niet opvolgt;
|
||||
a. indien de belanghebbende de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de door hem daartoe aangewezen deskundige krachtens artikel 24 in het belang van een behandeling of genezing of tot behoud, herstel of bevordering van de mogelijkheid tot het verrichten van arbeid en tot registratie als werkzoekende bij de Centrale organisatie werk en inkomen gegeven voorschriften zonder deugdelijke grond niet opvolgt;
|
||||
b. indien de belanghebbende zich niet, zolang als het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen of de door hem daartoe aangewezen deskundige te kennen heeft gegeven dit noodzakelijk te achten, onder geneeskundige behandeling stelt of indien hij de voorschriften van de behandelende arts niet opvolgt;
|
||||
c. indien de belanghebbende zich schuldig maakt aan gedragingen, waardoor zijn genezing wordt belemmerd of nalaat voldoende mede te werken om aanpassing aan zijn ziekte of gebrek te verkrijgen;
|
||||
d. indien de belanghebbende de controlevoorschriften, bedoeld in artikel 27, of de verplichting bedoeld in artikel 55, tweede lid, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, niet of niet behoorlijk is nagekomen dan wel de verplichting bedoeld in artikel 80 niet binnen de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen daarvoor vastgestelde termijn is nagekomen;
|
||||
e. indien de belanghebbende zijn arbeidsongeschiktheid opzettelijk heeft veroorzaakt;
|
||||
f. indien belanghebbende zich niet houdt aan de voorschriften, bedoeld in artikel 34, derde lid, artikel 34a, eerste lid, of artikel 34a, vierde lid;
|
||||
g. indien de belanghebbende zonder redelijke gronden niet meewerkt aan een scholing of opleiding die wenselijk wordt geacht voor zijn inschakeling in de arbeid;
|
||||
g. indien de belanghebbende zonder redelijke gronden niet meewerkt aan een scholing of opleiding die door zijn werkgever of het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen uit hoofde van de uitoefening van hun taak op grond van artikel 8 of 10 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten wenselijk wordt geacht voor zijn inschakeling in de arbeid;
|
||||
h. indien de belanghebbende zonder deugdelijke grond weigert of heeft geweigerd mee te werken aan door zijn werkgever of door een door die werkgever aangewezen deskundige gegeven redelijke voorschriften of getroffen maatregelen die erop gericht zijn om de belanghebbende in staat te stellen passende arbeid te verrichten dan wel indien bij de behandeling van de aanvraag, bedoeld in artikel 34, derde lid, en bij de beoordeling als bedoeld in artikel 34a, eerste lid, blijkt dat de belanghebbende zonder deugdelijke grond onvoldoende reïntegratie-inspanningen heeft verricht. Voor de toepassing van dit onderdeel wordt onder werkgever mede verstaan de eigenrisicodrager, bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel h, van de Ziektewet.
|
||||
|
||||
### Artikel 29
|
||||
|
|
@ -606,7 +607,7 @@ In afwijking van artikel 8:69 van de Algemene wet bestuursrecht kan de rechter i
|
|||
|
||||
**2.** Indien degene aan wie een boete is opgelegd uitkering ontvangt op grond van deze wet, de Werkloosheidswet, de Ziektewet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen of de Wet arbeid en zorg of een toeslag op grond van de Toeslagenwet, wordt het besluit waarbij de boete is opgelegd tenuitvoergelegd door verrekening met die uitkering of toeslag.
|
||||
|
||||
**3.** Indien degene aan wie een boete is opgelegd een uitkering ontvangt op grond van de Algemene Ouderdomswet, de Algemene nabestaandenwet, de Algemene bijstandswet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen of de Wet inkomensvoorziening kunstenaars, betaalt de Sociale verzekeringsbank, onderscheidenlijk de betrokken gemeente het bedrag van die boete, zonder dat daarvoor een machtiging nodig is van hem, op zijn verzoek aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
|
||||
**3.** Indien degene aan wie een boete is opgelegd een uitkering ontvangt op grond van de Algemene Ouderdomswet, de Algemene nabestaandenwet, de Wet werk en bijstand, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen of de Wet inkomensvoorziening kunstenaars, betaalt de Sociale verzekeringsbank, onderscheidenlijk de betrokken gemeente het bedrag van die boete, zonder dat daarvoor een machtiging nodig is van hem, op zijn verzoek aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
|
||||
|
||||
**4.** Indien degene aan wie een boete is opgelegd geen uitkering als bedoeld in het derde lid ontvangt, of meer ontvangt, dan wel ten aanzien van zodanige uitkering toepassing van het derde lid niet mogelijk is, wordt het besluit waarbij de boete is opgelegd bij gebreke aan tijdige betaling met toepassing van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering op zijn kosten betekend tenuitvoergelegd.
|
||||
|
||||
|
|
@ -661,18 +662,18 @@ Vervallen
|
|||
|
||||
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt de belanghebbende van de mogelijkheid van het doen van een aanvraag schriftelijk in kennis uiterlijk vier maanden vóór de datum waarop:
|
||||
|
||||
a. de wachttijd van 52 weken, bedoeld in artikel 19, eerste lid, verstrijkt;
|
||||
a. de wachttijd van 104 weken, bedoeld in artikel 19, eerste lid, verstrijkt;
|
||||
b. de periode waarover de arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, verstrijkt.
|
||||
|
||||
**3.** De belanghebbende, die in aanmerking wenst te komen voor toekenning dan wel voortzetting van de uitkering, dient zijn aanvraag te doen binnen 9 maanden na aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid onderscheidenlijk uiterlijk dertien weken voor de in het eerste lid bedoelde termijn verstrijkt. Indien de wachttijd, bedoeld in artikel 19, eerste lid, is verlengd op grond van het zevende lid van dat artikel wordt de aanvraag voor de toekenning van de uitkering, in afwijking van de eerste zin, uiterlijk 13 weken voor het verstrijken van de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen vastgestelde verlengde wachttijd gedaan.
|
||||
**3.** De belanghebbende, die in aanmerking wenst te komen voor toekenning dan wel voortzetting van de uitkering, dient zijn aanvraag te doen binnen 21 maanden na aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid onderscheidenlijk uiterlijk dertien weken voor de in het eerste lid bedoelde termijn verstrijkt. Indien de wachttijd, bedoeld in artikel 19, eerste lid, is verlengd op grond van het zevende lid van dat artikel wordt de aanvraag voor de toekenning van de uitkering, in afwijking van de eerste zin, uiterlijk 13 weken voor het verstrijken van de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen vastgestelde verlengde wachttijd gedaan.
|
||||
|
||||
**4.** Indien niet binnen de termijn bedoeld in artikel 87, tweede lid, een beslissing is genomen op een tijdig ingediende aanvraag tot voortzetting van de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt de uitkering voortgezet tot het tijdstip waarop de beschikking op de aanvraag is bekendgemaakt.
|
||||
**4.** Indien niet binnen de termijn ingevolge artikel 87, tweede lid, een beslissing is genomen op een tijdig ingediende aanvraag tot voortzetting van de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt de uitkering voortgezet tot het tijdstip waarop de beschikking op de aanvraag is bekendgemaakt.
|
||||
|
||||
**5.** Een aanvraag wordt geacht tijdig te zijn ingediend, indien het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de kennisgeving als bedoeld in het tweede lid, niet heeft gedaan dan wel indien bij een latere kennisgeving dan bedoeld in het tweede lid de aanvraag wordt ingediend binnen vier weken nadat deze kennisgeving is ontvangen.
|
||||
|
||||
**6.** Indien de uitkering wordt voortgezet wordt als dagloon of vervolgdagloon in aanmerking genomen het dagloon of het vervolgdagloon, dat zou hebben gegolden als de periode, bedoeld in het eerste lid, niet was geëindigd.
|
||||
|
||||
**7.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan, onder goedkeuring van Onze Minister, ten aanzien van bepaalde groepen arbeidsongeschikten bepalen dat geen termijn geldt dan wel een termijn zal gelden die afwijkt van de in het eerste lid genoemde termijn.
|
||||
**7.** Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat ten aanzien van bepaalde groepen arbeidsongeschikten geen termijn geldt dan wel een termijn zal gelden die afwijkt van de in het eerste lid genoemde termijn.
|
||||
|
||||
**8.** Indien de toepassing van het derde lid zou leiden tot kennelijke hardheid, is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bevoegd de uitkering ambtshalve toe te kennen of voort te zetten.
|
||||
|
||||
|
|
@ -707,7 +708,7 @@ d. zo spoedig mogelijk, indien het tijdvak waarover de eigenrisicodrager, bedoel
|
|||
|
||||
**2.** Onverminderd het in deze wet ter zake van herziening of intrekking van de arbeidsongeschiktheidsuitkering bepaalde, dient binnen een jaar na ingang van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, niet zijnde een voortzetting als bedoeld in artikel 34, derde lid, door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen te worden bezien of er gronden aanwezig zijn voor herziening of intrekking van de arbeidsongeschiktheidsuitkering.
|
||||
|
||||
**3.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan, onder goedkeuring van Onze Minister, ten aanzien van bepaalde groepen arbeidsongeschikten bepalen dat geen termijn geldt dan wel een termijn zal gelden, die afwijkt van de in het tweede lid genoemde termijn.
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling kan worden bepaald dat ten aanzien van bepaalde groepen arbeidsongeschikten geen termijn geldt dan wel een termijn zal gelden die afwijkt van de in het tweede lid genoemde termijn.
|
||||
|
||||
**4.** Ter zake van toeneming van de arbeidsongeschiktheid vindt herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering plaats met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 37 tot en met 40.
|
||||
|
||||
|
|
@ -732,11 +733,11 @@ d. indien het niet of niet behoorlijk nakomen van een verplichting op grond van
|
|||
|
||||
### Artikel 37
|
||||
|
||||
**1.** Terzake van toeneming van arbeidsongeschiktheid vindt herziening van een arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 45%, onverminderd de artikelen 39 en 39*a*, plaats zodra de toegenomen arbeidsongeschiktheid onafgebroken 52 weken heeft geduurd.
|
||||
**1.** Terzake van toeneming van arbeidsongeschiktheid vindt herziening van een arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van minder dan 45%, onverminderd de artikelen 39 en 39a, plaats zodra de toegenomen arbeidsongeschiktheid onafgebroken 104 weken heeft geduurd.
|
||||
|
||||
**2.** De in het eerste lid bedoelde herziening vindt niet plaats, indien de uitkeringsgerechtigde bij het intreden van de arbeidsongeschiktheid uitsluitend verzekerd is op grond van artikel 7*b*, dan wel artikel 7*b* en artikel 7*a*, onderdeel *a*, en de toeneming kennelijk is voortgekomen uit een andere oorzaak dan die waaruit de ongeschiktheid, terzake waarvan de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt ontvangen, is voortgekomen.
|
||||
**2.** De in het eerste lid bedoelde herziening vindt niet plaats, indien de uitkeringsgerechtigde bij het intreden van de arbeidsongeschiktheid uitsluitend verzekerd is op grond van artikel 7b, en de toeneming kennelijk is voortgekomen uit een andere oorzaak dan die waaruit de ongeschiktheid, terzake waarvan de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt ontvangen, is voortgekomen.
|
||||
|
||||
**3.** Voor het bepalen van het tijdvak van 52 weken, bedoeld in het eerste lid, worden perioden van toegenomen arbeidsongeschiktheid samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen. Bij de vaststelling van zowel het tijdvak van 52 weken als de periode van vier weken blijven perioden, waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond van artikel 3:7, eerste lid, 3:8, of 3:10, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg wordt genoten, buiten beschouwing.
|
||||
**3.** Voor het bepalen van het tijdvak van 104 weken, bedoeld in het eerste lid, worden perioden van toegenomen arbeidsongeschiktheid samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen. Bij de vaststelling van zowel het tijdvak van 104 weken als de periode van vier weken blijven perioden, waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond van artikel 3:7, eerste lid, 3:8, of 3:10, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg wordt genoten, buiten beschouwing.
|
||||
|
||||
### Artikel 38
|
||||
|
||||
|
|
@ -771,7 +772,7 @@ d. binnen een door Onze Minister aan te geven termijn in door Onze Minister aan
|
|||
|
||||
### Artikel 40
|
||||
|
||||
**1.** Indien terzake van toeneming van de arbeidsongeschiktheid herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering alsmede toekenning van ziekengeld krachtens de Ziektewet heeft plaatsgevonden dan wel loondoorbetaling heeft plaatsgevonden op grond van artikel 629, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek of betaling van bezoldiging op grond van artikel XV, tweede lid, van de Wet terugdringing ziekteverzuim, wordt met ingang van de dag na beëindiging van het ziekengeld op grond van artikel 29, vijfde lid, van de Ziektewet dan wel na afloop van het in artikel 629, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek of in artikel XV, tweede lid, van de Wet terugdringing ziekteverzuim bedoelde tijdvak van 52 weken het dagloon opnieuw vastgesteld overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens artikel 14, mits dat leidt tot een hoger dagloon, dan het dagloon dat voor de berekening van de laatstelijk ontvangen loondervingsuitkering of vervolguitkering in aanmerking werd genomen.
|
||||
**1.** Indien terzake van toeneming van de arbeidsongeschiktheid herziening van de arbeidsongeschiktheidsuitkering alsmede toekenning van ziekengeld krachtens de Ziektewet heeft plaatsgevonden dan wel loondoorbetaling heeft plaatsgevonden op grond van artikel 629, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek of betaling van bezoldiging op grond van artikel XV, tweede lid, van de Wet terugdringing ziekteverzuim, wordt met ingang van de dag na beëindiging van het ziekengeld op grond van artikel 29, vijfde lid, van de Ziektewet dan wel na afloop van het in artikel 629, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek of in artikel XV, tweede lid, van de Wet terugdringing ziekteverzuim bedoelde tijdvak van 104 weken het dagloon opnieuw vastgesteld overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens artikel 14, mits dat leidt tot een hoger dagloon, dan het dagloon dat voor de berekening van de laatstelijk ontvangen loondervingsuitkering of vervolguitkering in aanmerking werd genomen.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de toepassing van het bepaalde in het vorige lid wordt in artikel 14, eerste lid, in plaats van de woorden "ware hij niet arbeidsongeschikt" gelezen: "ware zijn arbeidsongeschiktheid niet toegenomen" en voorts in plaats van de woorden "gerekend naar het loonpeil op de dag van ingang van de arbeidsongeschiktheidsuitkering" gelezen: "gerekend naar het loonpeil op de dag, met ingang waarvan op grond van het bepaalde in artikel 40, eerste lid, hernieuwde vaststelling van een dagloon plaatsvindt".
|
||||
|
||||
|
|
@ -785,7 +786,7 @@ d. binnen een door Onze Minister aan te geven termijn in door Onze Minister aan
|
|||
|
||||
**1.** Verhoging van de arbeidsongeschiktheidsuitkering vindt op aanvraag of ambtshalve plaats.
|
||||
|
||||
**2.** Verhoging van de arbeidsongeschiktheidsuitkering ter zake van toeneming van de arbeidsongeschiktheid vindt in elk geval ambtshalve plaats, indien de betrokkene aansluitend aan de uitkering van ziekengeld krachtens de Ziektewet dan wel na afloop van het in artikel 629, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek of in artikel XV, tweede lid, van de Wet terugdringing ziekteverzuim bedoelde tijdvak van 52 weken in aanmerking komt voor een hogere arbeidsongeschiktheidsuitkering.
|
||||
**2.** Verhoging van de arbeidsongeschiktheidsuitkering ter zake van toeneming van de arbeidsongeschiktheid vindt in elk geval ambtshalve plaats, indien de betrokkene aansluitend aan de uitkering van ziekengeld krachtens de Ziektewet dan wel na afloop van het in artikel 629, eerste lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek of in artikel XV, tweede lid, van de Wet terugdringing ziekteverzuim bedoelde tijdvak van 104 weken in aanmerking komt voor een hogere arbeidsongeschiktheidsuitkering.
|
||||
|
||||
### Artikel 42
|
||||
|
||||
|
|
@ -805,7 +806,7 @@ d. binnen een door Onze Minister aan te geven termijn in door Onze Minister aan
|
|||
|
||||
**3.** Indien intrekking van de arbeidsongeschiktheidsuitkering verband houdt met een voltooide opleiding of scholing, is artikel 42, vierde lid, van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**4.** De arbeidsongeschiktheidsuitkering van degene die deelneemt aan een opleiding of scholing, wordt gedurende deze opleiding of scholing niet ingetrokken of herzien in verband met een daaruit voortvloeiende afname van de arbeidsongeschiktheid, tenzij artikel 21, vierde lid, van toepassing is. Indien de belanghebbende tijdens de opleiding of scholing inkomsten uit arbeid verwerft, is artikel 44, eerste lid, van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**4.** De arbeidsongeschiktheidsuitkering van degene die deelneemt aan een opleiding of scholing, wordt gedurende deze opleiding of scholing niet ingetrokken of herzien in verband met een daaruit voortvloeiende afname van de arbeidsongeschiktheid. Indien de belanghebbende tijdens de opleiding of scholing inkomsten uit arbeid verwerft, is artikel 44, eerste lid, van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**5.** De arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt ingetrokken, indien degene die recht heeft op arbeidsongeschiktheidsuitkering rechtens zijn vrijheid is ontnomen, vanaf de dag dat deze vrijheidsontneming één maand heeft geduurd.
|
||||
|
||||
|
|
@ -824,7 +825,7 @@ binnen vijf jaar na de datum van die intrekking dan wel binnen vijf jaar na het
|
|||
|
||||
**2.** Voor het bepalen van de periode van vier weken, bedoeld in het eerste lid, worden perioden van arbeidsongeschiktheid samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen. Bij de vaststelling van zowel de eerstgenoemde als de laatstgenoemde periode van vier weken blijven perioden, waarin uitkering in verband met zwangerschap of bevalling op grond van artikel 3:7, eerste lid, 3:8, of 3:10, eerste lid, van de Wet arbeid en zorg wordt genoten, buiten beschouwing.
|
||||
|
||||
**3.** In de gevallen, waarin artikel 20 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen onderscheidenlijk artikel 19 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten geen toepassing vindt omdat artikel 29*b* van de Ziektewet toepassing kan vinden, wordt het aan de arbeidsongeschiktheidsuitkering ten grondslag te leggen dagloon niet lager gesteld dan 108/100 maal de grondslag die voor de berekening van de laatstelijk ontvangen arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen onderscheidenlijk de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten in aanmerking werd genomen, dan wel 108/100 maal de grondslag die in aanmerking zou zijn genomen, indien na het einde van de wachttijd, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen onderscheidenlijk artikel 6, eerste lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, recht zou hebben bestaan op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van een laatstbedoelde wet, zoals die sinds de beëindiging van die uitkering onderscheidenlijk sinds het einde van die wachttijd op grond van artikel 7 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen onderscheidenlijk artikel 7 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten zou zijn herzien.
|
||||
**3.** In de gevallen, waarin artikel 20 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen onderscheidenlijk artikel 19 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten geen toepassing vindt omdat artikel 29b van de Ziektewet toepassing kan vinden, wordt het aan de arbeidsongeschiktheidsuitkering ten grondslag te leggen dagloon niet lager gesteld dan 108/100 maal de grondslag die voor de berekening van de laatstelijk ontvangen arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen onderscheidenlijk de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten in aanmerking werd genomen, dan wel 108/100 maal de grondslag die in aanmerking zou zijn genomen, indien na het einde van de wachttijd, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidverzekering zelfstandigen onderscheidenlijk artikel 6, eerste lid, van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, recht zou hebben bestaan op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van een laatstbedoelde wet, zoals die sinds de beëindiging van die uitkering onderscheidenlijk sinds het einde van die wachttijd op grond van artikel 8 van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen onderscheidenlijk artikel 7 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten zou zijn herzien.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -868,7 +869,7 @@ Deze termijn wordt geacht niet te zijn onderbroken indien gedurende perioden van
|
|||
|
||||
**3.** Indien degene, die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, inkomsten uit arbeid geniet, die bestaan uit loon ingevolge een arbeidsovereenkomst als bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van de Wet sociale werkvoorziening vindt het tweede lid geen toepassing.
|
||||
|
||||
**4.** Na afloop van een kalenderkwartaal wordt het gezamenlijke bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, die op grond van het derde lid niet zijn uitbetaald wegens het genieten van het loon, bedoeld in het derde lid alsmede van de dientengevolge niet uitbetaalde vakantie-uitkeringen, vermeerderd met het bedrag aan premies dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij uitbetaling daarover op grond van enige wet verschuldigd zou zijn en dat niet op de uitkeringen in mindering kan worden gebracht, aan ’s Rijks kas afgedragen.
|
||||
**4.** Maandelijks wordt het geraamde bedrag aan arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, die op grond van het derde lid niet worden uitbetaald wegens het genieten van dat loon alsmede van de dientengevolge niet uitbetaalde vakantie-uitkeringen, vermeerderd met het bedrag aan premies dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij uitbetaling daarover op grond van enige wet verschuldigd zou zijn en dat niet op de uitkeringen in mindering kan worden gebracht, aan ’s Rijks kas afgedragen.
|
||||
|
||||
**5.** Onze Minister kan bepalen dat het tweede lid geen toepassing vindt ten aanzien van bepaalde groepen personen.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1209,7 +1210,7 @@ Dit tijdvak is ten hoogste 52 weken en wordt afgestemd op de aard en ernst van h
|
|||
|
||||
### Artikel 71b
|
||||
|
||||
**1.** In afwijking van artikel 71a, is op het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ten aanzien van de werknemer die op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel a, b, c of d, van de Ziektewet recht heeft op ziekengeld, artikel 71a, tweede tot en met het tiende lid niet van toepassing en is artikel 71a, eerste lid, van overeenkomstige toepassing. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt, binnen een door Onze Minister nader te bepalen termijn, in overleg met die werknemer, een plan van aanpak op.
|
||||
**1.** In afwijking van artikel 71a, is op het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ten aanzien van de werknemer die op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel a, b, c of d, van de Ziektewet recht heeft op ziekengeld, artikel 71a, tweede tot en met het tiende lid niet van toepassing en is artikel 71a, eerste lid, van overeenkomstige toepassing. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt, binnen een door Onze Minister nader te bepalen termijn, in overleg met die werknemer, een plan van aanpak op. Het plan van aanpak wordt periodiek geëvalueerd.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van artikel 71a, is artikel 71a, vierde, achtste, negende en tiende lid, niet van toepassing op de werkgever, wiens werknemer op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel e, f of g , van de Ziektewet dan wel op grond van artikel 29a, derde of zevende lid, van die wet recht heeft op ziekengeld.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1252,16 +1253,11 @@ Vervallen
|
|||
Onder een verzekeraar als bedoeld in het eerste lid, wordt verstaan een verzekeraar:
|
||||
|
||||
1°. die in het bezit is van de op grond van artikel 24, eerste lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 vereiste vergunning of heeft voldaan aan de op grond van de artikelen 37 of 38 van die wet vereiste procedure met betrekking tot een bijkantoor in Nederland; of
|
||||
2°. die heeft voldaan aan de vereiste procedure, bedoeld in de artikelen 111, eerste lid, onderdelen *a* tot en met *c*, of tweede lid, 113, eerste of vierde lid, 116, eerste lid, onderdelen *a* tot en met *c*, of derde lid, of 118, tweede of vijfde lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 indien het de aldaar bedoelde dienstverrichting naar Nederland betreft.
|
||||
2°. die heeft voldaan aan de vereiste procedure, bedoeld in de artikelen 111, eerste lid, onderdelen a tot en met c, of tweede lid, 113, eerste of vierde lid, 116, eerste lid, onderdelen a tot en met c, of derde lid, of 118, tweede of vijfde lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993 indien het de aldaar bedoelde dienstverrichting naar Nederland betreft.
|
||||
|
||||
**4.** De schriftelijke garantie, bedoeld in het eerste lid, wordt voor onbepaalde tijd afgegeven, strekt zich uit tot rechtsopvolgers onder algemene titel van de eigen risicodrager en tot het risico dat overgaat op de verkrijgende werkgever, bedoeld in artikel 75b, vierde en zesde lid en bepaalt dat de desbetreffende kredietinstelling of verzekeraar de garantie kan beëindigen door schriftelijke opzegging bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen.
|
||||
|
||||
**5.**
|
||||
|
||||
De schriftelijke garantie, bedoeld in het eerste lid, strekt zich niet uit tot:
|
||||
|
||||
a. arbeidsongeschiktheidsuitkeringen terzake van arbeidsongeschiktheid die is ontstaan door een omstandigheid als bedoeld in artikel 64, tweede lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993, of door een kernongeval als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet aansprakelijkheid kernongevallen;
|
||||
b. de boete, bedoeld in artikel 75e, vijfde lid.
|
||||
**5.** De schriftelijke garantie, bedoeld in het eerste lid, strekt zich niet uit tot arbeidsongeschiktheidsuitkeringen terzake van arbeidsongeschiktheid die is ontstaan door een omstandigheid als bedoeld in artikel 64, tweede lid, van de Wet toezicht verzekeringsbedrijf 1993, of door een kernongeval als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet aansprakelijkheid kernongevallen.
|
||||
|
||||
**6.** De toestemming, bedoeld in het eerste lid, wordt verleend met ingang van 1 januari of 1 juli van enig jaar, mits de aanvraag ten minste dertien weken voor de desbetreffende datum is ingediend. Aan een startende werkgever wordt op zijn verzoek toestemming verleend met ingang van het tijdstip waarop deze start.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1283,18 +1279,20 @@ c. een door een stichting als bedoeld in artikel 17 of artikel 48 van de Wet op
|
|||
d. een door het bevoegd gezag van een openbare school, al dan niet met één of meer andere bevoegde gezagsorganen als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra of de Wet op het voortgezet onderwijs, in stand gehouden centrale dienst zoals die beschreven wordt in artikel 68 van de Wet op het primair onderwijs, voorzover de kosten voor de betrokken werknemers door het Rijk worden bekostigd; of
|
||||
e. openbare scholen als bedoeld in artikel 1, onderdelen a tot en met c, en artikel 124, onderdelen a tot en met c, van de Wet op het voortgezet onderwijs.
|
||||
|
||||
**9.** Aan een gemeente wordt geen toestemming verleend om het risico van betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering zelf te dragen ten aanzien van werknemers die werkzaam zijn in een dienstbetrekking op grond van de Wet sociale werkvoorziening.
|
||||
|
||||
### Artikel 75a
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De eigen risicodrager draagt gedurende de periode van vijf jaar nadat de arbeidsongeschiktheidsuitkering is ingegaan het risico van de betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering die is toegekend:
|
||||
De eigen risicodrager draagt gedurende de periode van vier jaar nadat de arbeidsongeschiktheidsuitkering is ingegaan het risico van de betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering die is toegekend:
|
||||
|
||||
a. aan de werknemer die op de eerste dag van de ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid als bedoeld in artikel 19 van de Ziektewet tot de eigen risicodrager in dienstbetrekking stond en ter zake van die ongeschiktheid de wachttijd van 52 weken, bedoeld in artikel 19 heeft doorgemaakt;
|
||||
b. met toepassing van artikel 43*a*, eerste lid, onderdeel *a*, nadat de arbeidsongeschiktheidsuitkering toegekend aan de werknemer, bedoeld in onderdeel *a*, is ingetrokken op grond van artikel 43, eerste lid;
|
||||
c. met toepassing van artikel 43*a*, eerste lid, onderdeel *b*, aan de werknemer, bedoeld in onderdeel *a*, die aan het einde van de wachttijd ongeschikt was tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte of gebreken, maar geen recht had op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering omdat hij niet arbeidsongeschikt was;
|
||||
a. aan de werknemer die op de eerste dag van de ongeschiktheid tot het verrichten van zijn arbeid als bedoeld in artikel 19 van de Ziektewet tot de eigen risicodrager in dienstbetrekking stond en ter zake van die ongeschiktheid de wachttijd van 104 weken, bedoeld in artikel 19 heeft doorgemaakt;
|
||||
b. met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, nadat de arbeidsongeschiktheidsuitkering toegekend aan de werknemer, bedoeld in onderdeel a, is ingetrokken op grond van artikel 43, eerste lid;
|
||||
c. met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, aan de werknemer, bedoeld in onderdeel a, die aan het einde van de wachttijd ongeschikt was tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte of gebreken, maar geen recht had op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering omdat hij niet arbeidsongeschikt was;
|
||||
d. aan de werknemer, bedoeld in onderdeel a, ten aanzien van wie op grond van artikel 43a, vierde lid, onderdeel b, geen toepassing kan worden gegeven aan artikel 43a, eerste lid, als bedoeld in de onderdelen b en c.
|
||||
|
||||
**2.** Indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend met toepassing van artikel 43*a*, eerste lid, of aan de werknemer, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, vangt de in het eerste lid bedoelde periode van vijf jaar aan na het verstrijken van de wachttijd van 52 weken, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a.
|
||||
**2.** Indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, of aan de werknemer, bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, vangt de in het eerste lid bedoelde periode van vier jaar aan na het verstrijken van de wachttijd van 104 weken, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -1312,7 +1310,9 @@ Het eerste lid is evenmin van toepassing indien de arbeidsongeschiktheidsuitkeri
|
|||
|
||||
**5.** Indien de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen toegekende arbeidsongeschiktheidsuitkering geheel of ten dele niet aan de werknemer, bedoeld in het eerste lid, wordt betaald wegens het genieten van loon als bedoeld in artikel 44, derde lid, wordt na afloop van een kalenderkwartaal het gezamenlijke bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de niet uitbetaalde vakantie-uitkeringen, vermeerderd met het bedrag aan premies dat de eigen risicodrager bij wel-uitbetaling daarover op grond van enige wet verschuldigd zou zijn en dat niet op de uitkeringen in mindering kan worden gebracht, door de eigen risicodrager aan ’s Rijks kas afgedragen.
|
||||
|
||||
**6.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend direct aansluitend op een wachttijd die op grond van artikel 19, zevende lid, is verlengd, wordt de duur van de verlenging van de wachttijd in mindering gebracht op de periode van vijf jaar bedoeld in het eerste lid.
|
||||
**6.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend direct aansluitend op een wachttijd die op grond van artikel 19, zevende lid, is verlengd, wordt de duur van de verlenging van de wachttijd in mindering gebracht op de periode van vier jaar bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
**7.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering, respectievelijk een verhoging daarvan, niet wordt uitbetaald op grond van artikel 43d wordt de periode van vier jaar, bedoeld in het eerste lid, verlengd met het verlengde tijdvak waarin recht bestaat op ziekengeld op grond van artikel 29, negende lid, van de Ziektewet, op loon op grond van artikel 629, elfde lid, onderdelen a en c, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek dan wel op bezoldiging op grond van artikel XV, veertiende lid, van de Wet terugdringing ziekteverzuim.
|
||||
|
||||
### Artikel 75b
|
||||
|
||||
|
|
@ -1388,7 +1388,7 @@ Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere en zonodig afwijkende regels wo
|
|||
De premie, die door de werkgever verschuldigd is, bestaat uit:
|
||||
|
||||
a. een basispremie, waarop de artikelen 76b, 77, 77a, 79a en 79b van toepassing zijn;
|
||||
b. een gedifferentieerde premie, waarop de artikelen 76b, 78, 79a en 79b van toepassing zijn.
|
||||
b. een gedifferentieerde premie, waarop de artikelen 76b, 78 en 79b van toepassing zijn.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -1410,10 +1410,10 @@ b. het de werkgever niet redelijkerwijs duidelijk kan zijn dat de werknemer tot
|
|||
Ten gunste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds komen:
|
||||
|
||||
a. de gelden die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ontvangt door het heffen van de basispremie, bedoeld in artikel 77;
|
||||
b. de gelden die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ontvangt door toepassing van artikel 29*a*;
|
||||
c. de gelden die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ontvangt door toepassing van artikel 75*f*, eerste lid;
|
||||
d. de gelden die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen met toepassing van verhaal als bedoeld in artikel 90 ontvangt in verband met uitkeringen als bedoeld in artikel 76*d*, eerste lid, onderdeel *a*;
|
||||
e. de gelden die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ontvangt door toepassing van artikel 57, in verband met uitkeringen als bedoeld in artikel 76*d*, eerste lid, onderdeel* a*;
|
||||
b. de gelden die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ontvangt door toepassing van artikel 29a;
|
||||
c. de gelden die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ontvangt door toepassing van artikel 75f, eerste lid;
|
||||
d. de gelden die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen met toepassing van verhaal als bedoeld in artikel 90 ontvangt in verband met uitkeringen als bedoeld in artikel 76d, eerste lid, onderdeel a;
|
||||
e. de gelden die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ontvangt door toepassing van artikel 57, in verband met uitkeringen als bedoeld in artikel 76d, eerste lid, onderdeel a;
|
||||
f. de gelden die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ontvangt door toepassing van artikel XIV van de Wet afschaffing malus en bevordering reïntegratie.
|
||||
|
||||
### Artikel 76d
|
||||
|
|
@ -1426,10 +1426,9 @@ a. de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen te betalen arbeidson
|
|||
b. de kosten die zijn verbonden aan de uitvoering van deze wet;
|
||||
c. de gelden die door toepassing van artikel 79 worden overgeheveld naar de Arbeidsongeschiktheidskas;
|
||||
d. de in artikel XIII van de Wet afschaffing malus en bevordering reïntegratie bedoelde bonusuitkeringen;
|
||||
e. de schade, bedoeld in artikel 75f, tweede lid, die wordt vergoed aan een eigen risicodrager;
|
||||
f. het gezamenlijke bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de vakantie-uitkeringen die niet zijn uitbetaald wegens het genieten van loon als bedoeld in artikel 44, derde lid, en dat op grond van artikel 44, vierde lid, wordt afgedragen aan 's Rijks kas, vermeerderd met het bedrag aan premies dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij wel-uitbetaling daarover op grond van enige wet verschuldigd zou zijn en dat niet op de uitkeringen in mindering kan worden gebracht;
|
||||
g. het op grond van artikel 42 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten aan het Reïntegratiefonds af te dragen bedrag;
|
||||
h. bij ministeriële regeling te bepalen kosten in verband met de overgang van personeel en vermogensbestanddelen naar de Centrale organisatie werk en inkomen voor het verrichten van werkzaamheden gericht op de bevordering van inschakeling in de arbeid van arbeidsgehandicapten in de zin van artikel 2 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten;
|
||||
e. het gezamenlijke bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de vakantie-uitkeringen die niet zijn uitbetaald wegens het genieten van loon als bedoeld in artikel 44, derde lid, en dat op grond van artikel 44, vierde lid, wordt afgedragen aan 's Rijks kas, vermeerderd met het bedrag aan premies dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij wel-uitbetaling daarover op grond van enige wet verschuldigd zou zijn en dat niet op de uitkeringen in mindering kan worden gebracht;
|
||||
f. het op grond van artikel 42 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten aan het Reïntegratiefonds af te dragen bedrag;
|
||||
g. bij ministeriële regeling te bepalen kosten in verband met de overgang van personeel en vermogensbestanddelen naar de Centrale organisatie werk en inkomen voor het verrichten van werkzaamheden gericht op de bevordering van inschakeling in de arbeid van arbeidsgehandicapten in de zin van artikel 2 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten;
|
||||
i. de bedragen die op grond van artikel 79a op de door werkgevers verschuldigde premies in mindering wordt gebracht.
|
||||
|
||||
**2.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bezigt de middelen die zijn gereserveerd ten behoeve van het Arbeidsongeschiktheidsfonds niet tot bestrijding van uitgaven ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds dan met toestemming van Onze Minister.
|
||||
|
|
@ -1449,18 +1448,20 @@ f. de gelden die het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen ontvangt met t
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas komen gedurende de periode van vijf jaar te rekenen vanaf de dag waarop een arbeidsongeschiktheidsuitkering is ingegaan:
|
||||
Ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas komen gedurende de periode van vier jaar te rekenen vanaf de dag waarop een arbeidsongeschiktheidsuitkering is ingegaan:
|
||||
|
||||
a. de door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen te betalen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkeringen door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen verschuldigde premies die niet op deze uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht;
|
||||
b. het gezamenlijke bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de vakantie-uitkeringen die in de in de aanhef bedoelde periode niet zijn uitbetaald wegens het genieten van loon als bedoeld in artikel 44, derde lid, en dat op grond van artikel 44, vierde lid, wordt afgedragen aan ’s Rijks kas, vermeerderd met het bedrag aan premies dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bij wel-uitbetaling daarover op grond van enige wet verschuldigd zou zijn en dat niet op de uitkeringen in mindering kan worden gebracht.
|
||||
|
||||
**2.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend met toepassing van artikel 43*a*, eerste lid, onderdeel *a*, vangt de in het eerste lid bedoelde periode van vijf jaar aan op de dag waarop de in artikel 43*a*, eerste lid, onderdeel *a*, bedoelde ingetrokken arbeidsongeschiktheidsuitkering is ingegaan. De eerste zin is tevens van toepassing op de arbeidsongeschiktheidsuitkering die niet is toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, maar met toepassing van artikel 19, omdat het eerstgenoemde artikel op grond van artikel 43a, vierde lid, onderdeel b, geen toepassing kon vinden.
|
||||
**2.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, vangt de in het eerste lid bedoelde periode van vier jaar aan op de dag waarop de in artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, bedoelde ingetrokken arbeidsongeschiktheidsuitkering is ingegaan. De eerste zin is tevens van toepassing op de arbeidsongeschiktheidsuitkering die niet is toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, maar met toepassing van artikel 19, omdat het eerstgenoemde artikel op grond van artikel 43a, vierde lid, onderdeel b, geen toepassing kon vinden.
|
||||
|
||||
**3.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend met toepassing van artikel 43*a*, eerste lid, onderdeel *b*, vangt de in het eerste lid bedoelde periode van vijf jaar aan na het verstrijken van de in artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, bedoelde wachttijd. De eerste zin is tevens van toepassing op de arbeidsongeschiktheidsuitkering die niet is toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, maar met toepassing van artikel 19, omdat het eerstgenoemde artikel op grond van artikel 43a, vierde lid, onderdeel b, geen toepassing kon vinden.
|
||||
**3.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, vangt de in het eerste lid bedoelde periode van vier jaar aan na het verstrijken van de in artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, bedoelde wachttijd. De eerste zin is tevens van toepassing op de arbeidsongeschiktheidsuitkering die niet is toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, maar met toepassing van artikel 19, omdat het eerstgenoemde artikel op grond van artikel 43a, vierde lid, onderdeel b, geen toepassing kon vinden.
|
||||
|
||||
**4.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend direct aansluitend op een wachttijd die op grond van artikel 19, zevende lid, is verlengd, wordt de duur van de verlenging van de wachttijd in mindering gebracht op de periode van 5 jaar bedoeld in het eerste lid.
|
||||
**4.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend direct aansluitend op een wachttijd die op grond van artikel 19, zevende lid, is verlengd, wordt de duur van de verlenging van de wachttijd in mindering gebracht op de periode van vier jaar bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
**5.**
|
||||
**5.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering, respectievelijk een verhoging daarvan, niet wordt uitbetaald op grond van artikel 43d wordt de periode van vier jaar, bedoeld in het eerste lid, verlengd met het verlengde tijdvak waarin recht bestaat op ziekengeld op grond van artikel 29, negende lid, van de Ziektewet, op loon op grond van artikel 629, elfde lid, onderdelen a en c, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek dan wel op bezoldiging op grond van artikel XV, veertiende lid, van de Wet terugdringing ziekteverzuim.
|
||||
|
||||
**6.**
|
||||
|
||||
Het eerste lid is niet van toepassing indien:
|
||||
|
||||
|
|
@ -1476,9 +1477,9 @@ De periode van zes jaar, bedoeld onder 3, is niet van toepassing indien de arbei
|
|||
|
||||
Het eerste lid is evenmin van toepassing indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend aan een vervanger als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet arbeid en zorg, indien de verlofganger die hij vervangt in de verlofperiode arbeidsongeschikt is geworden en terzake van die ongeschiktheid recht op toekenning van arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft verkregen.
|
||||
|
||||
**6.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bezigt de middelen die zijn gereserveerd ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas niet tot bestrijding van uitgaven ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas dan met toestemming van Onze Minister.
|
||||
**7.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen bezigt de middelen die zijn gereserveerd ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas niet tot bestrijding van uitgaven ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas dan met toestemming van Onze Minister.
|
||||
|
||||
**7.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere en zonodig afwijkende regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel.
|
||||
**8.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere en zonodig afwijkende regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel.
|
||||
|
||||
### Artikel 76g
|
||||
|
||||
|
|
@ -1525,9 +1526,9 @@ Vervallen
|
|||
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt, onder goedkeuring van Onze Minister:
|
||||
|
||||
a. voor de berekening van de gedifferentieerde premie een voor alle takken van bedrijf en beroep gelijk rekenpercentage vast, alsmede de periode waarover dit percentage zal gelden;
|
||||
b. voor de berekening van het rekenpercentage, bedoeld in onderdeel *a*, een voor alle takken van bedrijf en beroep gelijk gemiddeld percentage vast, alsmede de periode waarover dit percentage zal gelden.
|
||||
b. voor de berekening van het rekenpercentage, bedoeld in onderdeel a, een voor alle takken van bedrijf en beroep gelijk gemiddeld percentage vast, alsmede de periode waarover dit percentage zal gelden.
|
||||
|
||||
**3.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt elk jaar met ingang van 1 januari voor elke werkgever een opslag of korting vast waarmee voor die werkgever het in het tweede lid, onderdeel a, bedoelde percentage wordt verhoogd respectievelijk verlaagd. Indien een werkgever met toepassing van artikel 97l van de Werkloosheidswet is aangesloten bij meer dan een sector, worden de in de eerste zin bedoelde opslag en korting afzonderlijk vastgesteld voor elk bedrijfsonderdeel van de werkgever waar werkzaamheden worden verricht die behoren tot een afzonderlijke sector.
|
||||
**3.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt elk jaar met ingang van 1 januari voor elke werkgever een opslag of korting vast waarmee voor die werkgever het in het tweede lid, onderdeel a, bedoelde percentage wordt verhoogd respectievelijk verlaagd. Indien een werkgever met toepassing van artikel 97l en artikel 97m van de Werkloosheidswet is aangesloten bij verschillende sectoren, worden de in de eerste zin bedoelde opslag en korting afzonderlijk vastgesteld voor elk bedrijfsonderdeel van de werkgever waar werkzaamheden worden verricht die behoren tot een afzonderlijke sector.
|
||||
|
||||
**4.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen stelt in geval van overgang van een onderneming in de zin van artikel 662 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede in geval van een dergelijke overgang bij faillissement, de vastgestelde opslag of korting, bedoeld in het derde lid, opnieuw vast voor de werkgever die een onderneming of een deel daarvan verkrijgt en voor de werkgever die een deel van zijn onderneming overdraagt.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1537,17 +1538,17 @@ b. voor de berekening van het rekenpercentage, bedoeld in onderdeel *a*, een voo
|
|||
|
||||
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld:
|
||||
|
||||
a. omtrent de wijze waarop het rekenpercentage, bedoeld in het tweede lid, onderdeel *a*, en het gemiddelde percentage, bedoeld in het tweede lid, onderdeel *b*, worden vastgesteld;
|
||||
a. omtrent de wijze waarop het rekenpercentage, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, en het gemiddelde percentage, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, worden vastgesteld;
|
||||
b. omtrent de wijze waarop de in het derde of vierde lid bedoelde opslag of korting door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op basis van het arbeidsongeschiktheidsrisico wordt berekend;
|
||||
c. omtrent de percentages die op grond van dit artikel ten hoogste aan een werkgever in rekening mogen worden gebracht en omtrent de percentages die op grond van dit artikel ten minste aan een werkgever in rekening moeten worden gebracht.
|
||||
|
||||
**7.** In afwijking van het eerste lid wordt over een uitkering op grond van deze wet, de Ziektewet, hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg, de Werkloosheidswet, over een toeslag op grond van de Toeslagenwet en over het loon uit een dienstbetrekking op grond van de Wet sociale werkvoorziening in plaats van een gedifferentieerde premie een vervangende premie vastgesteld. Het percentage van de vervangende premie is gelijk aan het percentage, bedoeld in het tweede lid, onderdeel *a*. Met een uitkering op grond van de Werkloosheidswet wordt gelijkgesteld een wachtgeld als bedoeld in artikel 1, onderdeel r, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen. De derde zin en deze zin vervallen met ingang van het tijdstip van aanvang van fase 3 als bedoeld in artikel 54 van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen.
|
||||
**7.** In afwijking van het eerste lid wordt over een uitkering op grond van deze wet, de Ziektewet, hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg, de Werkloosheidswet, over een toeslag op grond van de Toeslagenwet en over het loon uit een dienstbetrekking op grond van de Wet sociale werkvoorziening in plaats van een gedifferentieerde premie een vervangende premie vastgesteld. Het percentage van de vervangende premie is gelijk aan het percentage, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a. Met een uitkering op grond van de Werkloosheidswet wordt gelijkgesteld een wachtgeld als bedoeld in artikel 1, onderdeel r, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen. De derde zin en deze zin vervallen met ingang van het tijdstip van aanvang van fase 3 als bedoeld in artikel 54 van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen.
|
||||
|
||||
**8.** Behalve voor degene die loon ontvangt uit een dienstbetrekking op grond van de Wet sociale werkvoorziening wordt het zevende lid niet toegepast ingeval het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de uitkering, vermeerderd met de daarover door de werkgever verschuldigde premies betaalt aan de werkgever, bedoeld in artikel 8, 9 of 11 van deze wet en in artikel 9, 10 of 12 van de Werkloosheidswet en de Ziektewet, onafhankelijk van het voortbestaan van de dienstbetrekking met die werkgever.
|
||||
|
||||
**9.** In afwijking van het eerste lid wordt over het loon van de werknemer van de eigenrisicodrager, op wie artikel 76a, tweede lid, van toepassing is, de gedifferentieerde premie vastgesteld op het percentage, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a.
|
||||
|
||||
**10.** Indien Onze Minister zijn goedkeuring onthoudt aan een door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op grond van het tweede lid, onderdeel *a* of onderdeel *b*, vastgesteld percentage of vastgestelde periode, stelt hij het percentage of de periode vast.
|
||||
**10.** Indien Onze Minister zijn goedkeuring onthoudt aan een door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen op grond van het tweede lid, onderdeel a of onderdeel b, vastgesteld percentage of vastgestelde periode, stelt hij het percentage of de periode vast.
|
||||
|
||||
**11.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere en zonodig afwijkende regels worden gesteld met betrekking tot het vijfde lid.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1562,17 +1563,20 @@ b. omtrent de vaststelling van het bedrag dat een werkgever aan wie op grond van
|
|||
|
||||
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de overheveling van gelden uit het Arbeidsongeschiktheidsfonds naar de Arbeidsongeschiktheidskas.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 4. Premievrijstelling en premiekorting
|
||||
### Paragraaf 4. Premiekorting
|
||||
|
||||
### Artikel 79a
|
||||
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen heft op het loon van de werknemer, die bij het begin van het kalenderjaar de leeftijd van 57 jaar heeft bereikt, 2%-punt minder basispremie, als bedoeld in artikel 77, voorzover hij over dat kalenderjaar premie over het loon van die werknemer verschuldigd is of verschuldigd zou zijn indien artikel 79b niet van toepassing zou zijn geweest.
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
**2.** Dit artikel is niet van toepassing indien het loon van de werknemer slechts bestaat uit een door tussenkomst van de werkgever uitbetaalde uitkering op grond van de verplichte verzekering op grond van deze wet en, indien van toepassing, een toeslag daarop op grond van de Toeslagenwet.
|
||||
Het uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen heft op het loon van de werknemer geen basispremie als bedoeld in artikel 77:
|
||||
|
||||
**3.** Dit artikel is niet van toepassing op de premie over het loon van de persoon die arbeid verricht als bedoeld in de artikelen 2 of 7 van de Wet sociale werkvoorziening, de artikelen 4 of 5 van de Wet inschakeling werkzoekenden of arbeid waarvoor de werkgever krachtens artikel 3, eerste lid, van de Kaderwet SZW-subsidies een vergoeding ontvangt als bedoeld in artikel 6 van het Besluit in- en doorstroombanen, met uitzondering van arbeid waarvoor de werkgever krachtens artikel 3, eerste lid, van de Kaderwet SZW-subsidies een vergoeding ontvangt als bedoeld in artikel 2 van de Regeling schoonmaakdiensten particulieren.
|
||||
a. indien de werkgever die werknemer in dienst neemt, terwijl die werknemer een leeftijd van 50 jaar of ouder heeft;
|
||||
b. indien die werknemer de leeftijd van 55 jaar heeft bereikt.
|
||||
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ten behoeve van een goede uitvoering van het eerste lid.
|
||||
**2.** Dit artikel is niet van toepassing op de premie over het loon van de persoon die arbeid verricht als bedoeld in artikel 2 van de Wet sociale werkvoorziening.
|
||||
|
||||
**3.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ten behoeve van een goede uitvoering van het eerste lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 79b
|
||||
|
||||
|
|
@ -1580,7 +1584,7 @@ Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de overh
|
|||
|
||||
**2.** De werkgever wordt, op diens aanvraag, met betrekking tot de werknemer die arbeidsgehandicapte is geworden als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de (re)integratie arbeidsgehandicapten, voor zolang de dienstbetrekking duurt doch ten hoogste gedurende één jaar nadat die werknemer zijn eigen arbeid of een andere functie bij dezelfde werkgever geheel of gedeeltelijk heeft hervat dan wel gedurende één jaar nadat diens arbeidsplaats is aangepast tot behoud, herstel of ter bevordering van de mogelijkheden tot het verrichten van arbeid van die werknemer, een korting toegekend van € 1021 per jaar op de door hem verschuldigde premie, bedoeld in artikel 76a. Een aanvraag als bedoeld in dit lid wordt binnen één jaar nadat de werknemer zijn eigen arbeid of een andere functie bij dezelfde werkgever geheel of gedeeltelijke heeft hervat dan wel binnen één jaar nadat de arbeidsplaats is aangepast gedaan.
|
||||
|
||||
**3.** Het eerste en tweede lid is slechts van toepassing voorzover de werknemer aanspraak heeft op ten minste 50% van het voor hem relevante minimumloon. Voor de werknemer die aanspraak heeft op minder dan 50% van het hiervoor bedoelde minimumloon geldt een bedrag van € 227 per jaar. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent de verdeling van de korting over de premies op grond van deze wet en op grond van de artikelen 82, 82a of 97c, van de Werkloosheidswet. Onverminderd het eerste en tweede lid en de tweede volzin, wordt de werkgever een korting op de verschuldigde premie toegekend van € 680 voor de werknemer die tevens jonggehandicapte is als bedoeld in artikel 5 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening en diegenen die na rea-toets recht hebben op het rea-instrumentarium en bij wie hun beperking al voor hun 17e verjaardag bestond.
|
||||
**3.** Het eerste en tweede lid zijn slechts van toepassing indien het loon van de werknemer over het kalenderjaar tenminste 50% van het naar een jaarbedrag herleide minimumloon bedraagt zoals dat voor de werknemer gold op 1 januari van het desbetreffende kalenderjaar. Voor de werknemer wiens loon minder dan 50% van het hiervoor bedoelde minimumloon bedraagt, geldt een bedrag van € 227. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent de verdeling van de korting over de premies op grond van deze wet. Onverminderd het eerste en tweede lid en de tweede volzin, wordt de werkgever een korting op de verschuldigde premie toegekend van € 680 voor de werknemer die tevens jonggehandicapte is als bedoeld in artikel 5 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening en diegenen die na rea-toets recht hebben op het rea-instrumentarium en bij wie hun beperking al voor hun 17e verjaardag bestond.
|
||||
|
||||
**4.** Een aanvraag als bedoeld in het tweede lid wordt slechts in behandeling genomen als de werkgever gelijktijdig met de aanvraag een plan van aanpak als bedoeld in artikel 71a overlegt.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1588,9 +1592,11 @@ Bij algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent de overh
|
|||
|
||||
**6.** Bij ministeriële regeling worden nadere en zo nodig afwijkende regels gesteld met betrekking tot de gevallen waarin en de situaties waaronder bij onderbrekingen van het dienstverband dan wel bij opeenvolgende dienstverbanden bij dezelfde dan wel een andere werkgever, in afwijking van het eerste en tweede lid wel premie verschuldigd is.
|
||||
|
||||
**7.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ten behoeve van een goede uitvoering van het eerste en tweede lid.
|
||||
**7.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ten behoeve van een goede uitvoering van het eerste, tweede en derde lid.
|
||||
|
||||
**8.** Bij ministeriële regeling kan het bedrag, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, worden gewijzigd.
|
||||
**8.** Bij ministeriële regeling kunnen de bedragen, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, worden gewijzigd.
|
||||
|
||||
**9.** Indien de toepassing van dit artikel er toe zou leiden dat een negatieve premie wordt geheven, wordt de premie op nihil vastgesteld.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk V. Het verstrekken van inlichtingen
|
||||
|
||||
|
|
@ -1602,7 +1608,11 @@ Degene, die de wachttijd, bedoeld in artikel 19 doormaakt, dan wel aanspraak maa
|
|||
|
||||
**1.** Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen maakt per werkgever, die behoort tot een bij ministeriële regeling te bepalen categorie, het percentage werknemers van die werkgever dat in een kalenderjaar recht heeft gekregen op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deze wet openbaar. Dat percentage wordt verkregen door het aantal werknemers dat in dienstbetrekking stond tot die werkgever, dat recht heeft gekregen op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deze wet in het kalenderjaar dat voorafgaat aan het kalenderjaar waarin openbaarmaking plaatsvindt, te delen door het gemiddelde aantal werknemers dat in dienstbetrekking stond tot die werkgever gedurende het kalenderjaar dat voorafgaat aan eerstgenoemd kalenderjaar.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld omtrent de wijze van openbaarmaking van gegevens als bedoeld in het eerste lid.
|
||||
**3.** Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder recht krijgen op een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van deze wet verstaan het voor de eerste maal betaald krijgen van de arbeidsongeschiktheidsuitkering na toekenning daarvan.
|
||||
|
||||
**4.** Indien een werkgever, met toepassing van de artikelen 97l en 97m van de Werkloosheidswet, is aangesloten bij verschillende sectoren, vindt voor elk bedrijfsonderdeel van de werkgever, waar werkzaamheden worden verricht die behoren tot een afzonderlijke sector, de in het eerste lid bedoelde openbaarmaking afzonderlijk plaats.
|
||||
|
||||
**4.** Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld omtrent de wijze van openbaarmaking van gegevens als bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk VI. De vrijwillige verzekering
|
||||
|
||||
|
|
@ -1627,7 +1637,7 @@ i. degene, die op grond van artikel 7 als werknemer wordt beschouwd en tevens al
|
|||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De in het eerste lid bedoelde verplichting bestaat eveneens ten aanzien van de persoon, jonger dan 65 jaar, die op grond van het bepaalde bij of krachtens artikel 3, tweede, derde en vierde lid, niet als werknemer wordt beschouwd, en
|
||||
De in het eerste lid bedoelde verplichting bestaat eveneens ten aanzien van de persoon, jonger dan 65 jaar, die op grond van het bepaalde bij of krachtens artikel 3, tweede, vierde en vijfde lid, niet als werknemer wordt beschouwd, en
|
||||
|
||||
a. wiens verplichte verzekering is geëindigd en die buiten Nederland woont, aldaar direct aansluitend op de beëindiging van de verplichte verzekering een dienstbetrekking vervult voor de duur van maximaal vijf jaar en wiens werkgever binnen Nederland woont of gevestigd is;
|
||||
b. die Nederlander is en die is uitgezonden om door de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking aan te wijzen werkzaamheden in het kader van ontwikkelingssamenwerking te verrichten;
|
||||
|
|
@ -1635,7 +1645,7 @@ c. die Nederlander is en die is uitgezonden om, in of buiten Nederland, werkzaam
|
|||
d. die in Nederland woont, en buiten Nederland een dienstbetrekking vervult; of
|
||||
e. die Nederlander is en buiten Nederland werkzaamheden verricht die worden bekostigd door het Rijk en die tevens in opdracht van het Rijk worden verricht in het kader van een wettelijke taakomschrijving of ter uitvoering van een internationaal verdrag dan wel een daarmee gelijk te stellen overeenkomst of een besluit van een volkenrechtelijke organisatie.
|
||||
|
||||
**3.** Aan het vervullen van een dienstbetrekking, bedoeld in het eerste lid, onderdeel *a*, dient een aaneengesloten periode van verplichte verzekering van tenminste één jaar te zijn voorafgegaan.
|
||||
**3.** Aan het vervullen van een dienstbetrekking, bedoeld in het tweede lid, onderdeel a, dient een aaneengesloten periode van verplichte verzekering van tenminste één jaar te zijn voorafgegaan.
|
||||
|
||||
**4.** Met de Nederlander, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, c en e, wordt gelijkgesteld de persoon, die onderdaan is van één van de lidstaten van de Europese Gemeenschap of onderdaan is van een Staat, waarmee Nederland een verdrag inzake sociale zekerheid heeft gesloten, mits hij voor hij werd uitgezonden in Nederland woonde.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1883,15 +1893,11 @@ Bij de vaststelling van de schadevergoeding, waarop de verzekerde naar burgerlij
|
|||
|
||||
### Artikel 91b
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
**1.** Ten aanzien van de persoon wiens eerste dag van arbeidsongeschiktheid is gelegen voor 1 januari 2004 blijven de artikelen 19, 34, 75a en 76f van toepassing zoals deze luidden op 31 december 2003.
|
||||
|
||||
De artikelen 20, 43b, en 47a zijn tot 1 januari 2004 niet van toepassing op de persoon, die:
|
||||
**2.** Indien de arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt herzien in verband met een voor 1 januari 2004 ingetreden toeneming van de arbeidsongeschiktheid, zijn de artikelen 37, 40 en 41 van toepassing, zoals deze luidden op 31 december 2003.
|
||||
|
||||
a. op 31 december 1999, op grond van artikel 18 recht heeft op arbeidsongeschiktheidsuitkering;
|
||||
b. op die dag niet woont in Nederland, en
|
||||
c. op 1 januari 2003 woont in Armenië, Barbados, Belize, Benin, Burkina Faso, Botswana, China, Colombia, Dominicaanse Republiek, Eritrea, Ethiopië, Gambia, Ghana, Guatemala, Honduras, Jamaica, Japan, Kenia, Koeweit, Madagaskar, Maleisië, Mali, Mauritius, Nicaragua, Nigeria, Oekraïne, Pakistan, Russische Federatie, Sri Lanka, St. Vincent & Grenadines, Swaziland, Tanzania, Togo, Venezuela, Verenigd Koninkrijk van Groot-Britannië en Noord-Ierland, uitsluitend voorzover het de Baljuwschappen Jersey en Guernsey betreffen, Vietnam of Zimbabwe.
|
||||
|
||||
**2.** Dit artikel vervalt met ingang van 1 januari 2004.
|
||||
**3.** Voor de toepassing van het eerste en tweede lid worden perioden van ongeschiktheid tot werken geacht eenzelfde, niet onderbroken periode van ongeschiktheid te vormen, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen. Bij de vaststelling van de periode van vier weken blijven perioden, waarin zwangerschaps- of bevallingsverlof wordt genoten overeenkomstig artikel 3:1, tweede en derde lid, van de Wet arbeid en zorg, buiten beschouwing.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk IX. Strafbepalingen
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue