2011-01-12 | BWBR0006534 | Rechtspositiebesluit staten- en commissieleden

This commit is contained in:
Coornhert 2011-01-12 12:00:00 +00:00
parent 4c3ba88ff0
commit b41af7d508

View file

@ -36,15 +36,13 @@ b. indien door provinciale staten toepassing is gegeven aan artikel 4, dit lid e
### Artikel 2
**1.** Aan een lid van provinciale staten wordt een vergoeding voor de werkzaamheden toegekend die ten hoogste € 9 991,79 per 1 januari 2009: € 12.433,63 per jaar bedraagt.
**1.** Aan een lid van provinciale staten wordt een vergoeding voor de werkzaamheden toegekend die ten hoogste € 12.948,63 per jaar bedraagt.
**2.** Het bedrag van de vergoeding voor de werkzaamheden wordt per 1 januari van elk jaar door Onze Minister herzien aan de hand van het door het Centraal Bureau voor de Statistiek voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar vastgestelde indexcijfer CAO lonen overheid, inclusief bijzondere beloningen en bekend gemaakt in de Staatscourant.
**2.** Het bedrag van de vergoeding voor de werkzaamheden wordt per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd aan de hand van het door het Centraal Bureau voor de Statistiek voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar vastgestelde indexcijfer CAO lonen overheid, inclusief bijzondere beloningen.
**3.** Aan een lid van provinciale staten wordt een onkostenvergoeding voor aan de uitoefening van het statenlidmaatschap verbonden kosten toegekend die ten hoogste € 70,79 per 1 januari 2009: € 84,86 per maand bedraagt.
**3.** Aan een lid van provinciale staten wordt een onkostenvergoeding voor aan de uitoefening van het statenlidmaatschap verbonden kosten toegekend die ten hoogste € 86,56 per maand bedraagt.
**4.** Ten aanzien van een lid van provinciale staten van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, wordt in afwijking van het derde lid een onkostenvergoeding die ten hoogste 147,48 per 1 januari 2009: € 176,80 per maand bedraagt.
**5.** De bedragen van de vergoeding van de kosten, bedoeld in het derde en vierde lid, worden per 1 januari van elk jaar door Onze Minister herzien aan de hand van de consumentenprijsindex, geldend voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar en bekend gemaakt in de Staatscourant.
**4.** Het bedrag, genoemd in het derde lid, wordt per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd aan de hand van de consumentenprijsindex geldend voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar.
### Artikel 3
@ -74,7 +72,7 @@ Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat ten hoogste 20% van de ver
### Artikel 6a
**1.** Op aanvraag wordt ten laste van de provincie aan een lid van provinciale staten voor de uitoefening van het statenlidmaatschap een computer, bijbehorende apparatuur en software in bruikleen ter beschikking gesteld. Gedeputeerde staten verstrekken op aanvraag een tegemoetkoming voor de belastingheffing als gevolg hiervan.
**1.** Op aanvraag wordt ten laste van de provincie aan een lid van provinciale staten voor de uitoefening van het statenlidmaatschap een computer, bijbehorende apparatuur en software in bruikleen ter beschikking gesteld.
**2.**
@ -99,7 +97,7 @@ b. gebruik van een eigen computer, bijbehorende apparatuur en software.
**1.** Een lid van provinciale staten dat op grond van artikel 75 van de Provinciewet meer dan dertig dagen onafgebroken het voorzitterschap van de staten waarneemt, ontvangt voor die tijd voor die waarneming een toeslag van 8% van zijn vergoeding als lid van provinciale staten.
**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de onkostenvergoeding, bedoeld in artikel 2, derde en vierde lid.
**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de onkostenvergoeding, bedoeld in artikel 2, derde lid.
### Artikel 7b
@ -160,7 +158,7 @@ c. de vergoeding, bedoeld in artikel 6a, derde lid.
### Artikel 13
Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat aan een lid van een commissie een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie wordt toegekend tot het maximumbedrag van € 80,32 per 1 januari 2009: € 99,94. Het artikel 2, tweede en vierde lid, is van overeenkomstige toepassing. Provinciale Staten kunnen bij verordening bepalen dat artikel 6a geheel of gedeeltelijk van overeenkomstige toepassing is.
Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat aan een lid van een commissie een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie wordt toegekend tot het maximumbedrag van € 104,08. Het artikel 2, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing. Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat artikel 6a of artikel 11 geheel of gedeeltelijk van overeenkomstige toepassing is.
### Artikel 14