2020-01-01 | BWBR0020413 | Besluit Markttoegang financiële ondernemingen Wft
This commit is contained in:
parent
f891a3b1b7
commit
b486b25d95
1 changed files with 71 additions and 105 deletions
|
|
@ -79,7 +79,7 @@ b. een opgave van de rechtsvorm van de afwikkelonderneming;
|
|||
c. een opgave van de statutaire zetel, de statutaire naam en de handelsnaam of handelsnamen;
|
||||
d. een opgave van het nummer van inschrijving in het handelsregister;
|
||||
e. een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
f. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
f. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
h. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet;
|
||||
i. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16, eerste en tweede lid, van de wet;
|
||||
|
|
@ -116,7 +116,7 @@ Onze Minister kan op grond van artikel 2:3.0g, vierde lid, van de wet een staat
|
|||
|
||||
a. de in die staat geldende regels voor het uitoefenen van het bedrijf van afwikkelonderneming en het toezicht op de naleving daarvan gelijkwaardig zijn aan het ingevolge de wet bepaalde met betrekking tot:
|
||||
|
||||
1°. deskundigheid en betrouwbaarheid;
|
||||
1°. geschiktheid en betrouwbaarheid;
|
||||
2°. financiële waarborgen;
|
||||
3°. bedrijfsvoering, waaronder maatregelen gericht op het bevorderen en handhaven van een integere bedrijfsvoering; en
|
||||
4°. waarborgen voor een adequaat toezicht op de naleving van de in die staat gestelde regels;
|
||||
|
|
@ -142,7 +142,7 @@ h. een beschrijving van de interne controlemechanismen die de betaaldienstverlen
|
|||
i. een beschrijving van de organisatiestructuur, met inbegrip van, voor zover van toepassing, een beschrijving van het voorgenomen gebruik van agenten en bijkantoren, van de minimaal jaarlijkse controles van deze agenten en bijkantoren, van de uitbestedingregelingen, alsmede van de deelname van de aanvrager aan een nationaal of internationaal betaalsysteem;
|
||||
j. een opgave van de identiteit van personen die een gekwalificeerde deelneming als bedoeld in artikel 1:1 van de wet in de betaaldienstverlener of elektronischgeldinstelling bezitten, alsmede de omvang van hun deelneming en het bewijs van hun geschiktheid, gelet op de noodzaak de gezonde en prudente bedrijfsvoering van de betaalinstelling of de elektronischgeldinstelling te garanderen;
|
||||
k. een opgave van de accountantsorganisatie of, indien van toepassing, het auditkantoor, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdelen a onderscheidenlijk c, van de Wet toezicht accountantsorganisaties, belast met de wettelijke controle als bedoeld in artikel 2 van die richtlijn van de jaarrekening van de betaaldienstverlener of elektronischgeldinstelling;
|
||||
l. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
l. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
m. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
n. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet;
|
||||
o. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16, eerste en tweede lid, van de wet;
|
||||
|
|
@ -189,7 +189,7 @@ De gegevens, bedoeld in artikel 2:3c, eerste lid, van de wet zijn:
|
|||
|
||||
a. een opgave van de naam, het adres, het telefoon- en faxnummer en het emailadres van de betaaldienstagent;
|
||||
b. een beschrijving van de interne controlemechanismen die door de betaaldienstagent zullen worden gebruikt om de in de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme geregelde verplichtingen na te komen; en
|
||||
c. de identiteit van de personen die het beleid van de betaaldienstagent bepalen of mede bepalen, alsmede gegevens waaruit blijkt dat zij betrouwbaar en deskundig zijn;
|
||||
c. de identiteit van de personen die het beleid van de betaaldienstagent bepalen of mede bepalen, alsmede gegevens waaruit blijkt dat zij betrouwbaar en geschikt zijn;
|
||||
d. de betaaldiensten die de betaaldienstagent namens de betaalinstelling verleent; en
|
||||
e. voor zover van toepassing, de unieke identificatiecode of het unieke identificatienummer van de betaaldienstagent.
|
||||
|
||||
|
|
@ -249,7 +249,7 @@ c. indien de clearinginstelling een rechtspersoon is, een opgave van de statutai
|
|||
d. indien de clearinginstelling is ingeschreven in het handelsregister, een opgave van het nummer van inschrijving;
|
||||
e. indien aanwezig, een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
f. een opgave van activiteiten die de clearinginstelling voornemens is te verrichten;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
i. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet;
|
||||
j. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
|
||||
|
|
@ -283,7 +283,7 @@ Onze Minister kan op grond van artikel 2:6, tweede lid, van de wet een staat aan
|
|||
|
||||
a. de in die staat geldende regels voor het uitoefenen van het bedrijf van clearinginstelling en het toezicht op de naleving daarvan gelijkwaardig zijn aan het ingevolge de wet bepaalde met betrekking tot:
|
||||
|
||||
1°. deskundigheid en betrouwbaarheid;
|
||||
1°. geschiktheid en betrouwbaarheid;
|
||||
2°. financiële waarborgen;
|
||||
3°. bedrijfsvoering, waaronder maatregelen gericht op het bevorderen en handhaven van een integere bedrijfsvoering; en
|
||||
4°. waarborgen voor een adequaat toezicht op de naleving van de in die staat gestelde regels;
|
||||
|
|
@ -303,7 +303,7 @@ d. indien de clearinginstelling is ingeschreven in het handelsregister, een opga
|
|||
e. het adres van het bijkantoor;
|
||||
f. indien aanwezig, een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
g. een opgave van activiteiten die de clearinginstelling voornemens is te verrichten vanuit het bijkantoor;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
i. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
j. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet, vanuit het bijkantoor;
|
||||
k. een beschrijving van de inrichting van de bedrijfsvoering met betrekking tot de beheerste en integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:17, eerste lid, van de wet vanuit het bijkantoor; en
|
||||
|
|
@ -356,7 +356,7 @@ c. indien de bank een rechtspersoon is, een opgave van de statutaire zetel, de s
|
|||
d. indien de bank is ingeschreven in het handelsregister, een opgave van het nummer van inschrijving;
|
||||
e. indien aanwezig, een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
f. een opgave van activiteiten die de bank voornemens is te verrichten;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
i. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet;
|
||||
j. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
|
||||
|
|
@ -412,7 +412,7 @@ d. indien de bank is ingeschreven in het handelsregister, een opgave van het num
|
|||
e. het adres van het bijkantoor;
|
||||
f. indien aanwezig, een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
g. een opgave van activiteiten die de bank voornemens is te verrichten vanuit het bijkantoor;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid van het bijkantoor van de bank bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid van het bijkantoor van de bank bepalen;
|
||||
i. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid van het bijkantoor van de bank bepalen of mede bepalen;
|
||||
j. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet, vanuit het bijkantoor;
|
||||
k. een beschrijving van de inrichting van de bedrijfsvoering met betrekking tot de beheerste en integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:17, eerste lid, van de wet vanuit het bijkantoor;
|
||||
|
|
@ -462,7 +462,7 @@ c. een opgave van de statutaire zetel, de statutaire naam en de handelsnaam of h
|
|||
d. indien de herverzekeraar is ingeschreven in het handelsregister, een opgave van het nummer van inschrijving;
|
||||
e. een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
f. een programma van werkzaamheden die de herverzekeraar voornemens is te verrichten;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
i. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet;
|
||||
j. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
|
||||
|
|
@ -499,13 +499,17 @@ d. een opgave van referenten.
|
|||
|
||||
Het programma van werkzaamheden, bedoeld in artikel 11a, eerste lid, onderdeel f, dat wordt overgelegd door degene die een vergunning aanvraagt voor het uitoefenen van het bedrijf van herverzekeraar, bevat het volgende:
|
||||
|
||||
a. een opgave van de aard van de risico’s die de herverzekeraar voornemens is te dekken;
|
||||
b. een uiteenzetting omtrent de leidende beginselen op het gebied van het sluiten van overeenkomsten waarbij de herverzekeraar een gedeelte van het door hem herverzekerde risico, tegen betaling van premie, op zijn beurt aan een andere verzekeraar overdraagt;
|
||||
c. een raming van de kosten voor de inrichting van de administratie en van het produktienet en bewijsstukken waaruit blijkt dat de herverzekeraar beschikt over de financiële middelen ter dekking daarvan;
|
||||
d. een raming voor de eerste drie boekjaren van de andere dan de in onderdeel c bedoelde kosten van beheer, in het bijzonder van de algemene kosten en provisies;
|
||||
e. een raming voor de eerste drie boekjaren van de premies en van de schaden;
|
||||
f. een raming voor de eerste drie boekjaren van de liquiditeitspositie; en
|
||||
g. een raming voor de eerste drie boekjaren van de financiële middelen tot dekking van de verplichtingen en tot dekking van het solvabiliteitskapitaalvereiste, bedoeld in artikel 3:57, derde lid, van de wet.
|
||||
a. een opgave van de aard van de risico’s die de herverzekeraar voornemens is te dekken of van de aard van de overeenkomsten die de herverzekeraar voornemens is te sluiten;
|
||||
b. de aard van de herverzekeringsregelingen die de herverzekeraar voornemens is met de cederende verzekeraars te treffen;
|
||||
c. een uiteenzetting omtrent de leidende beginselen op het gebied van het sluiten van overeenkomsten waarbij de herverzekeraar een gedeelte van het door hem herverzekerde risico, tegen betaling van premie, op zijn beurt aan een andere verzekeraar overdraagt;
|
||||
d. de kernvermogensbestanddelen die de absolute ondergrens vormen van het minimumkapitaalvereiste dat ingevolge artikel 3:53, eerste en vierde lid, van de wet voor de betrokken activiteit of activiteiten geldt;
|
||||
e. een raming van de kosten voor de inrichting van de administratie en van het productienet en bewijsstukken waaruit blijkt dat de herverzekeraar beschikt over de financiële middelen tot dekking daarvan;
|
||||
f. voor de eerste drie boekjaren een raming van de te verwachten balanspositie;
|
||||
g. voor de eerste drie boekjaren een raming van het toekomstige solvabiliteitskapitaalvereiste, op basis van de in onderdeel f bedoelde te verwachten balanspositie, evenals de voor deze ramingen gehanteerde berekeningsmethode;
|
||||
h. voor de eerste drie boekjaren een raming van het toekomstige minimumkapitaalvereiste, op basis van de in onderdeel f bedoelde te verwachten balanspositie, evenals de voor deze ramingen gehanteerde berekeningsmethode;
|
||||
i. voor de eerste drie boekjaren een raming van de financiële middelen tot dekking van de verplichtingen en tot dekking van het minimumkapitaalvereiste en het solvabiliteitskapitaalvereiste;
|
||||
j. voor de eerste drie boekjaren een raming van de andere dan de in onderdeel e bedoelde inrichtingskosten, in het bijzonder van de algemene kosten en de provisies; en
|
||||
k. voor de eerste drie boekjaren een raming van de premies en de schaden.
|
||||
|
||||
### Artikel 11c
|
||||
|
||||
|
|
@ -520,7 +524,7 @@ d. indien de herverzekeraar is ingeschreven in het handelsregister, een opgave v
|
|||
e. het adres van het bijkantoor;
|
||||
f. een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
g. een programma van werkzaamheden die de herverzekeraar voornemens is te verrichten vanuit het bijkantoor;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid van het bijkantoor van de herverzekeraar bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid van het bijkantoor van de herverzekeraar bepalen;
|
||||
i. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid van het bijkantoor van de herverzekeraar bepalen of mede bepalen;
|
||||
j. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet, vanuit het bijkantoor;
|
||||
k. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
|
||||
|
|
@ -553,16 +557,20 @@ d. een opgave van referenten.
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het programma van werkzaamheden, bedoeld in artikel 11c, eerste lid, onderdeel g, dat wordt overgelegd door degene die een vergunning aanvraagt voor het uitoefenen van het bedrijf van herverzekeraar, bevat het volgende:
|
||||
Het programma van werkzaamheden, bedoeld in artikel 11c, eerste lid, onderdeel g, dat wordt overgelegd door degene die een vergunning aanvraagt voor het uitoefenen van het bedrijf van herverzekeraar, bevat voor het bijkantoor het volgende:
|
||||
|
||||
a. een opgave van de aard van de risico’s die de herverzekeraar voornemens is te dekken;
|
||||
b. bewijsstukken waaruit blijkt dat het bijkantoor voldoet aan de absolute ondergrens van het minimumkapitaalvereiste dat ingevolge artikel 3:55a, eerste lid, in samenhang met artikel 3:53, eerste en vierde lid, van de wet voor de betrokken activiteit of activiteiten geldt, dan wel aan het solvabiliteitskapitaalvereiste dat ingevolge artikel 3:62, eerste lid, in samenhang met artikel 3:57, eerste tot en met derde lid, van de wet van toepassing is indien dit solvabiliteitskapitaalvereiste hoger is dan de absolute ondergrens van het minimumkapitaalvereiste;
|
||||
c. een uiteenzetting omtrent de leidende beginselen op het gebied van het sluiten van overeenkomsten waarbij de herverzekeraar een gedeelte van het door hem herverzekerde risico, tegen betaling van premie, op zijn beurt aan een andere verzekeraar overdraagt;
|
||||
d. een raming van de kosten voor de inrichting van de administratie en van het produktienet en bewijsstukken waaruit blijkt dat de herverzekeraar beschikt over de financiële middelen ter dekking daarvan;
|
||||
e. een raming voor de eerste drie boekjaren van de andere dan de in onderdeel c bedoelde kosten van beheer, in het bijzonder van de algemene kosten en provisies;
|
||||
f. een raming voor de eerste drie boekjaren van de premies en van de schaden;
|
||||
g. een raming voor de eerste drie boekjaren van de liquiditeitspositie; en
|
||||
h. een raming voor de eerste drie boekjaren van de financiële middelen tot dekking van de verplichtingen en tot dekking van het solvabiliteitskapitaalvereiste, bedoeld in artikel 3:57, derde lid, van de wet.
|
||||
a. een opgave van de aard van de risico’s die de herverzekeraar voornemens is te dekken of van de aard van de overeenkomsten die de herverzekeraar voornemens is te sluiten;
|
||||
b. een uiteenzetting omtrent de leidende beginselen op het gebied van het sluiten van overeenkomsten waarbij de herverzekeraar een gedeelte van het door hem herverzekerde risico, tegen betaling van premie, op zijn beurt aan een andere verzekeraar overdraagt;
|
||||
c. een raming van het toekomstige solvabiliteitskapitaalvereiste, op basis van de te verwachten balanspositie, evenals de voor deze ramingen gehanteerde berekeningsmethode;
|
||||
d. een raming van het toekomstige minimumkapitaalvereiste, op basis van de te verwachten balanspositie, evenals de voor deze ramingen gehanteerde berekeningsmethode;
|
||||
e. bewijsstukken waaruit blijkt dat het bijkantoor voldoet aan de absolute ondergrens van het minimumkapitaalvereiste dat ingevolge artikel 3:55a, eerste lid, in samenhang met artikel 3:53, eerste en vierde lid, van de wet voor de betrokken activiteit of activiteiten geldt, dan wel aan het solvabiliteitskapitaalvereiste dat ingevolge artikel 3:62, eerste lid, in samenhang met artikel 3:57, eerste tot en met derde lid, van de wet van toepassing is indien dit solvabiliteitskapitaalvereiste hoger is dan de absolute ondergrens van het minimumkapitaalvereiste;
|
||||
f. een raming van de kosten voor de inrichting van de administratie en van het productienet en bewijsstukken waaruit blijkt dat de herverzekeraar beschikt over de financiële middelen tot dekking daarvan;
|
||||
g. een uiteenzetting over de structuur van het governancesysteem;
|
||||
h. een raming voor de eerste drie boekjaren van de andere dan de in onderdeel b bedoelde kosten van beheer, in het bijzonder van de algemene kosten en provisies;
|
||||
i. een raming voor de eerste drie boekjaren van de premies en van de schaden;
|
||||
j. een raming voor de eerste drie boekjaren van de liquiditeitspositie;
|
||||
k. voor de eerste drie boekjaren een raming van de te verwachten balanspositie; en
|
||||
l. voor de eerste drie boekjaren een raming van de financiële middelen tot dekking van de verplichtingen en tot dekking van het minimumkapitaalvereiste en het solvabiliteitskapitaalvereiste.
|
||||
|
||||
**2.** De aanvrager voegt bij het programma van werkzaamheden de jaarrekening van elk van de laatste drie boekjaren. Indien sedert de oprichting van de onderneming van de aanvrager nog geen drie boekjaren zijn verstreken, behoeven deze jaarrekeningen slechts voor de afgesloten boekjaren te worden overgelegd.
|
||||
|
||||
|
|
@ -570,8 +578,6 @@ h. een raming voor de eerste drie boekjaren van de financiële middelen tot dekk
|
|||
|
||||
### Artikel 11e
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De gegevens, bedoeld in artikel 2:26f, tweede lid, van de wet zijn:
|
||||
|
||||
a. een opgave van de naam, het adres en het telefoon- en faxnummer van de herverzekeraar;
|
||||
|
|
@ -585,27 +591,6 @@ h. de vermelding van de daadwerkelijke uitoefening van het bedrijf van herverzek
|
|||
i. gegevens waaruit de te verwachte solvabiliteit, bedoeld in artikel 3:57, eerste lid, van de wet met betrekking tot het gehele door de herverzekeraar uitgeoefende bedrijf blijkt; en
|
||||
j. een opgave van de aard van de risico’s die de herverzekeraar voornemens is te dekken.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
De gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel j, zijn:
|
||||
|
||||
a. een opgave van de naam, de geboortedatum, de geboorteplaats, nationaliteit, het privé-adres, het telefoon- en faxnummer en de functie;
|
||||
b. een curriculum vitae;
|
||||
c. een opgave van de relevante diploma’s;
|
||||
d. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
|
||||
e. een opgave van referenten;
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
De gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel k, zijn:
|
||||
|
||||
a. een opgave van de naam, de geboortedatum, de geboorteplaats, nationaliteit, het privé-adres, het telefoon- en faxnummer en de functie;
|
||||
b. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
|
||||
c. gegevens met betrekking tot de antecedenten, bedoeld in de bijlage bij dit besluit;
|
||||
d. een opgave van referenten.
|
||||
|
||||
**4.** Het eerste lid, onderdeel k, is niet van toepassing ten aanzien van personen wier betrouwbaarheid voor de toepassing van de wet door een toezichthouder reeds is vastgesteld.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2.3. Uitoefenen van bedrijf van levensverzekeraar en schadeverzekeraar
|
||||
|
||||
### Artikel 12
|
||||
|
|
@ -620,7 +605,7 @@ c. een opgave van de statutaire zetel, de statutaire naam en de handelsnaam of h
|
|||
d. indien de verzekeraar is ingeschreven in het handelsregister, een opgave van het nummer van inschrijving;
|
||||
e. een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
f. een programma van werkzaamheden die de verzekeraar voornemens is te verrichten;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
i. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet;
|
||||
j. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
|
||||
|
|
@ -737,14 +722,14 @@ d. indien de verzekeraar is ingeschreven in het handelsregister, een opgave van
|
|||
e. het adres van het bijkantoor;
|
||||
f. een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
g. een programma van werkzaamheden die de verzekeraar voornemens is te verrichten vanuit het bijkantoor;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid van het bijkantoor van de verzekeraar bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid van het bijkantoor van de verzekeraar bepalen;
|
||||
i. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid van het bijkantoor van de verzekeraar bepalen of mede bepalen;
|
||||
j. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet vanuit het bijkantoor;
|
||||
k. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
|
||||
l. een beschrijving van de inrichting van de bedrijfsvoering met betrekking tot de beheerste en integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:17, eerste lid, van de wet vanuit het bijkantoor;
|
||||
m. de vermelding van de bevoegdheid tot uitoefening van het bedrijf van verzekeraar;
|
||||
n. een opgave van de vertegenwoordiger van de verzekeraar, bedoeld in artikel 3:47, eerste lid van de wet, alsook, indien de vertegenwoordiger rechtspersoon is, de statuten van deze rechtspersoon, een opgave van het nummer van inschrijving in het handelsregister en het bewijs van aanstelling van de natuurlijke persoon, bedoeld in het vijfde lid van voornoemd artikel;
|
||||
o. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:47, achtste lid, van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de vertegenwoordiger van de verzekeraar of de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:47, vijfde lid, van de wet;
|
||||
o. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:47, achtste lid, van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de vertegenwoordiger van de verzekeraar of de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:47, vijfde lid, van de wet;
|
||||
p. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:47, achtste lid, van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de vertegenwoordiger van de verzekeraar of de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:47, vijfde lid, van de wet; en
|
||||
p. bescheiden waaruit het eigen vermogen, bedoeld in artikel 3:53, eerste lid van de wet van het bijkantoor van de verzekeraar, blijkt en op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge dat artikel is bepaald, en waaruit de te verwachten solvabiliteit, bedoeld in artikel 3:57, eerste lid, van de wet van het bijkantoor van de verzekeraar blijkt.
|
||||
|
||||
|
|
@ -882,25 +867,6 @@ b. een schriftelijk bewijs waaruit blijkt dat de aanvrager zich heeft gemeld bij
|
|||
c. een opgave van de naam en het adres van de schaderegelaar, bedoeld in artikel 4:70, tweede lid, van de wet, die hij in iedere andere lidstaat heeft aangesteld; en
|
||||
d. een opgave van de naam en het adres van de schade-afhandelaar, bedoeld in artikel 4:71, eerste lid, onderdeel e, van de wet.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
De gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel j, zijn:
|
||||
|
||||
a. een opgave van de naam, de geboortedatum, de geboorteplaats, nationaliteit, het privé-adres, het telefoon- en faxnummer en de functie;
|
||||
b. een curriculum vitae;
|
||||
c. een opgave van de relevante diploma’s;
|
||||
d. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; en
|
||||
e. een opgave van referenten.
|
||||
|
||||
**4.**
|
||||
|
||||
De gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel k, zijn:
|
||||
|
||||
a. een opgave van de naam, de geboortedatum, de geboorteplaats, nationaliteit, het privé-adres, het telefoon- en faxnummer en de functie;
|
||||
b. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
|
||||
c. gegevens met betrekking tot de antecedenten, bedoeld in de bijlage bij dit besluit; en
|
||||
d. een opgave van referenten.
|
||||
|
||||
### Artikel 25
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
|
@ -937,7 +903,7 @@ c. indien de verzekeraar een rechtspersoon is, een opgave van de statutaire zete
|
|||
d. indien de verzekeraar is ingeschreven in het handelsregister, een opgave van het nummer van inschrijving;
|
||||
e. een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
f. een programma van werkzaamheden die de verzekeraar voornemens is te verrichten;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
i. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet;
|
||||
j. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
|
||||
|
|
@ -988,7 +954,7 @@ Onze Minister kan, ter uitvoering van artikel 2:50, tweede lid, van de wet, een
|
|||
|
||||
a. de in die staat geldende regels voor het uitoefenen van het bedrijf van levensverzekeraar, natura-uitvaartverzekeraar of schadeverzekeraar met beperkte risico-omvang en het toezicht op de naleving daarvan gelijkwaardig zijn aan het ingevolge de wet bepaalde met betrekking tot:
|
||||
|
||||
1°. deskundigheid en betrouwbaarheid;
|
||||
1°. geschiktheid en betrouwbaarheid;
|
||||
2°. financiële waarborgen;
|
||||
3°. bedrijfsvoering, waaronder maatregelen gericht op het bevorderen en handhaven van een integere bedrijfsvoering; en
|
||||
4°. waarborgen voor een adequaat toezicht op de naleving van de in die staat gestelde regels;
|
||||
|
|
@ -1007,7 +973,7 @@ c. een opgave van de statutaire zetel, de statutaire naam en de handelsnaam of h
|
|||
d. indien de verzekeraar is ingeschreven in het handelsregister, een opgave van het nummer van inschrijving;
|
||||
e. een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
f. een programma van werkzaamheden die de verzekeraar voornemens is te verrichten vanuit het bijkantoor;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
i. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet vanuit het bijkantoor;
|
||||
j. een beschrijving van de inrichting van de bedrijfsvoering met betrekking tot de beheerste en integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:17, eerste lid, van de wet vanuit het bijkantoor;
|
||||
|
|
@ -1080,7 +1046,7 @@ b. een opgave van de statutaire zetel, de statutaire naam en de handelsnaam of h
|
|||
c. indien de entiteit voor risico-acceptatie is ingeschreven in het handelsregister, een opgave van het nummer van inschrijving;
|
||||
d. een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
e. een programma van werkzaamheden die de entiteit voor risico-acceptatie voornemens is te verrichten;
|
||||
f. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
f. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
h. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet;
|
||||
i. een beschrijving van de zeggenschapstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
|
||||
|
|
@ -1136,7 +1102,7 @@ c. indien de entiteit voor risico-acceptatie is ingeschreven in het handelsregis
|
|||
d. het adres van het bijkantoor;
|
||||
e. een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
f. een programma van werkzaamheden die de entiteit voor risico-acceptatie voornemens is te verrichten vanuit het bijkantoor;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid van het bijkantoor van de entiteit voor risico-acceptatie bepalen;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid van het bijkantoor van de entiteit voor risico-acceptatie bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid van het bijkantoor van de entiteit voor risico-acceptatie bepalen of mede bepalen;
|
||||
i. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet, vanuit het bijkantoor;
|
||||
j. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
|
||||
|
|
@ -1162,7 +1128,7 @@ b. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
|
|||
c. gegevens met betrekking tot antecedenten, bedoeld in de bijlage bij dit besluit; en
|
||||
d. een opgave van referenten.
|
||||
|
||||
**4.** Het eerste lid, onderdeel i, is niet van toepassing ten aanzien van personen wier betrouwbaarheid voor de toepassing van de wet door een toezichthouder reeds is vastgesteld.
|
||||
**4.** Het eerste lid, onderdeel h, is niet van toepassing ten aanzien van personen wier betrouwbaarheid voor de toepassing van de wet door een toezichthouder reeds is vastgesteld.
|
||||
|
||||
### Artikel 31d
|
||||
|
||||
|
|
@ -1208,7 +1174,7 @@ c. een opgave van de statutaire zetel, de statutaire naam en de handelsnaam of h
|
|||
d. een opgave van het nummer van inschrijving in het handelsregister;
|
||||
e. een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
f. een programma van werkzaamheden die de premiepensioeninstelling voornemens is te verrichten;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
i. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet;
|
||||
j. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
|
||||
|
|
@ -1216,7 +1182,7 @@ k. een beschrijving van de inrichting van de bedrijfsvoering met betrekking tot
|
|||
l. bescheiden waaruit het eigen vermogen, bedoeld in artikel 3:53, eerste lid, van de wet en de te verwachten solvabiliteit, bedoeld in artikel 3:57, eerste lid, van de wet blijken; en
|
||||
m. indien de aanvrager zetel heeft in Nederland en voornemens is tevens als adviseur, bemiddelaar, gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent in verzekeringen in Nederland op te treden:
|
||||
|
||||
1°. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere natuurlijke personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de premiepensioeninstelling rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
1°. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere natuurlijke personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de premiepensioeninstelling rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
2°. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge de wet is bepaald met betrekking tot de bedrijfsvoering, bedoeld in artikel 4:15, tweede lid, onderdeel b, aanhef en onder 1° en 2°, van de wet; en
|
||||
3°. indien het bemiddelen in verzekeringen betreft: een afschrift van de polis en polisvoorwaarden van de beroepsaansprakelijkheidsverzekering of gegevens met betrekking tot de daarmee vergelijkbare voorziening, bedoeld in artikel 4:75 van de wet.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1355,7 +1321,7 @@ b. een opgave van de statutaire zetel, de statutaire naam en de handelsnaam of h
|
|||
c. indien de kredietunie is ingeschreven in het handelsregister, een opgave van het nummer van inschrijving;
|
||||
d. indien aanwezig, een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
|
||||
e. een opgave van activiteiten die de kredietunie voornemens is te verrichten;
|
||||
f. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
f. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
i. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet;
|
||||
j. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
|
||||
|
|
@ -1381,7 +1347,7 @@ b. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
|
|||
c. gegevens met betrekking tot de antecedenten, bedoeld in de bijlage bij dit besluit; en
|
||||
d. een opgave van referenten.
|
||||
|
||||
**4.** Het eerste lid, onderdeel g, is niet van toepassing ten aanzien van personen wier betrouwbaarheid voor de toepassing van de wet door een toezichthouder reeds is vastgesteld.
|
||||
**4.** Het eerste lid, onderdeel h, is niet van toepassing ten aanzien van personen wier betrouwbaarheid voor de toepassing van de wet door een toezichthouder reeds is vastgesteld.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 2.5. Aanbieden van beleggingsobjecten
|
||||
|
||||
|
|
@ -1398,7 +1364,7 @@ d. indien de aanbieder is ingeschreven in het handelsregister: een opgave van he
|
|||
e. indien toepassing is gegeven aan artikel 2:105 van de wet: ten aanzien van iedere bij de aanbieder aangesloten onderneming waarvoor de vergunning mede geldt de gegevens, bedoeld onder a tot en met d;
|
||||
f. indien van toepassing: een opgave van de aansluiting bij een stelsel van zelftoezicht waarmee de Autoriteit Financiële Markten een convenant heeft gesloten;
|
||||
g. een opgave van de financiële dienst waarvoor de vergunning wordt aangevraagd en het financiële product waarop deze dienst betrekking heeft;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de aanbieder rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de aanbieder rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
i. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:10 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
j. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge de wet is bepaald met betrekking tot het beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 4:11, tweede en derde lid, van de wet;
|
||||
k. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur, aan de hand waarvan de Autoriteit financiële markten kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 4:13 van de wet; en
|
||||
|
|
@ -1415,7 +1381,7 @@ a. ten aanzien van de personen die het dagelijks beleid bepalen:
|
|||
3°. een opgave van de relevante diploma’s;
|
||||
4°. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; en
|
||||
5°. een opgave van referenten;
|
||||
b. ten aanzien van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de aanbieder rechtstreeks bezighouden met het verlenen van de financiële dienst: een beschrijving van de wijze waarop de deskundigheid van deze personen wordt gewaarborgd.
|
||||
b. ten aanzien van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de aanbieder rechtstreeks bezighouden met het verlenen van de financiële dienst: een beschrijving van de wijze waarop de vakbekwaamheid van deze personen wordt gewaarborgd.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -1457,7 +1423,7 @@ d. indien de aanbieder is ingeschreven in het handelsregister: een opgave van he
|
|||
e. indien toepassing is gegeven aan artikel 2:105 van de wet: ten aanzien van iedere bij de aanbieder aangesloten onderneming waarvoor de vergunning mede geldt de gegevens, bedoeld onder a tot en met d;
|
||||
f. indien van toepassing: een opgave van de aansluiting bij een stelsel van zelftoezicht waarmee de Autoriteit Financiële Markten een convenant heeft gesloten;
|
||||
g. een opgave van de financiële dienst waarvoor de vergunning wordt aangevraagd en het financiële product waarop deze dienst betrekking heeft;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de aanbieder rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de aanbieder rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
i. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:10 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
j. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, aan de hand waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 4:11, tweede en derde lid, van de wet;
|
||||
k. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur, bedoeld in artikel 4:13 van de wet;
|
||||
|
|
@ -1475,7 +1441,7 @@ a. ten aanzien van de personen die het dagelijks beleid bepalen:
|
|||
3°. een opgave van de relevante diploma’s;
|
||||
4°. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; en
|
||||
5°. een opgave van referenten.
|
||||
b. ten aanzien van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de aanbieder rechtstreeks bezighouden met het verlenen van de financiële dienst: een beschrijving van de wijze waarop de deskundigheid van deze personen wordt gewaarborgd.
|
||||
b. ten aanzien van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de aanbieder rechtstreeks bezighouden met het verlenen van de financiële dienst: een beschrijving van de wijze waarop de vakbekwaamheid van deze personen wordt gewaarborgd.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -1541,11 +1507,11 @@ b. artikel 7, derde lid, onderdelen a en b, van de richtlijn beheerders van alte
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De gegevens, bedoeld in de artikel 2:69c, vierde lid, van de wet, zijn:
|
||||
De gegevens, bedoeld in artikel 2:69d, vierde lid, van de wet, zijn:
|
||||
|
||||
a. het registratiedocument, bedoeld in artikel 4:48 van de wet;
|
||||
b. de statuten van de beheerder van de icbe;
|
||||
c. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
c. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
d. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:10 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
e. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 4:11, eerste lid, van de wet;
|
||||
f. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur, aan de hand waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 4:13 van de wet;
|
||||
|
|
@ -1599,7 +1565,7 @@ d. indien de adviseur is ingeschreven in het handelsregister: een opgave van het
|
|||
e. indien toepassing is gegeven aan artikel 2:105 van de wet: ten aanzien van iedere bij de adviseur aangesloten onderneming waarvoor de vergunning mede geldt de gegevens, bedoeld onder a tot en met d;
|
||||
f. indien van toepassing: een opgave van de aansluiting bij een stelsel van zelftoezicht waarmee de Autoriteit Financiële Markten een convenant heeft gesloten;
|
||||
g. een opgave van de financiële dienst waarvoor de vergunning wordt aangevraagd en het financiële product waarop deze dienst betrekking heeft;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de adviseur rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de adviseur rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
i. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:10 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
j. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 4:11, tweede en derde lid, van de wet;
|
||||
k. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur, aan de hand waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 4:13 van de wet; en
|
||||
|
|
@ -1616,7 +1582,7 @@ a. ten aanzien van de personen die het dagelijks beleid bepalen:
|
|||
3°. een opgave van de relevante diploma’s;
|
||||
4°. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; en
|
||||
5°. een opgave van referenten;
|
||||
b. ten aanzien van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de adviseur rechtstreeks bezighouden met het verlenen van de financiële dienst: een beschrijving van de wijze waarop de deskundigheid van deze personen wordt gewaarborgd.
|
||||
b. ten aanzien van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de adviseur rechtstreeks bezighouden met het verlenen van de financiële dienst: een beschrijving van de wijze waarop de vakbekwaamheid van deze personen wordt gewaarborgd.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -1678,7 +1644,7 @@ d. indien de bemiddelaar is ingeschreven in het handelsregister: een opgave van
|
|||
e. indien toepassing is gegeven aan artikel 2:105 van de wet: ten aanzien van iedere bij de bemiddelaar aangesloten onderneming waarvoor de vergunning mede geldt de gegevens, bedoeld onder a tot en met d;
|
||||
f. indien van toepassing: een opgave van de aansluiting bij een stelsel van zelftoezicht waarmee de Autoriteit Financiële Markten een convenant heeft gesloten;
|
||||
g. een opgave van de financiële dienst waarvoor de vergunning wordt aangevraagd en het financiële product waarop deze dienst betrekking heeft;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de bemiddelaar rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de bemiddelaar rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
i. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:10 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
j. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening als bedoeld in artikel 4:11, tweede en derde lid, van de wet;
|
||||
k. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur, aan de hand waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 4:13 van de wet;
|
||||
|
|
@ -1697,7 +1663,7 @@ a. ten aanzien van de personen die het dagelijks beleid bepalen:
|
|||
3°. een opgave van de relevante diploma’s;
|
||||
4°. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; en
|
||||
5°. een opgave van referenten;
|
||||
b. ten aanzien van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de bemiddelaar rechtstreeks bezighouden met het verlenen van de financiële dienst: een beschrijving van de wijze waarop de deskundigheid van deze personen wordt gewaarborgd.
|
||||
b. ten aanzien van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de bemiddelaar rechtstreeks bezighouden met het verlenen van de financiële dienst: een beschrijving van de wijze waarop de vakbekwaamheid van deze personen wordt gewaarborgd.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -1747,7 +1713,7 @@ d. indien de herverzekeringsbemiddelaar is ingeschreven in het handelsregister:
|
|||
e. indien toepassing is gegeven aan artikel 2:105 van de wet: ten aanzien van iedere bij de herverzekeringsbemiddelaar aangesloten onderneming waarvoor de vergunning mede geldt de gegevens, bedoeld onder a tot en met d;
|
||||
f. indien van toepassing: een opgave van de aansluiting bij een stelsel van zelftoezicht waarmee de Autoriteit Financiële Markten een convenant heeft gesloten;
|
||||
g. een opgave van de financiële dienst waarvoor de vergunning wordt aangevraagd en het financiële product waarop deze dienst betrekking heeft;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de herverzekeringsbemiddelaar rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de herverzekeringsbemiddelaar rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
i. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:10 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
j. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening als bedoeld in artikel 4:11, tweede en derde lid, van de wet;
|
||||
k. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur, aan de hand waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 4:13 van de wet;
|
||||
|
|
@ -1765,7 +1731,7 @@ a. ten aanzien van de personen die het dagelijks beleid bepalen:
|
|||
3°. een opgave van de relevante diploma’s;
|
||||
4°. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; en
|
||||
5°. een opgave van referenten;
|
||||
b. ten aanzien van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de herverzekeringsbemiddelaar rechtstreeks bezighouden met het verlenen van de financiële dienst: een beschrijving van de wijze waarop de deskundigheid van deze personen wordt gewaarborgd.
|
||||
b. ten aanzien van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de herverzekeringsbemiddelaar rechtstreeks bezighouden met het verlenen van de financiële dienst: een beschrijving van de wijze waarop de vakbekwaamheid van deze personen wordt gewaarborgd.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -1815,7 +1781,7 @@ d. indien de gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent is ingeschreven i
|
|||
e. indien toepassing is gegeven aan artikel 2:105 van de wet: ten aanzien van iedere bij de gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent aangesloten onderneming waarvoor de vergunning mede geldt de gegevens, bedoeld onder a tot en met d;
|
||||
f. een opgave van de financiële dienst waarvoor de vergunning wordt aangevraagd en het financiële product waarop deze dienst betrekking heeft;
|
||||
g. indien van toepassing: een opgave van de aansluiting bij een stelsel van zelftoezicht waarmee de Autoriteit Financiële Markten een convenant heeft gesloten;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen en met betrekking tot de vakbekwaamheid van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent rechtstreeks bezighouden met financiële dienstverlening;
|
||||
i. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:10 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
j. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening als bedoeld in artikel 4:11, eerste, van de wet;
|
||||
k. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur, aan de hand waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 4:13 van de wet;
|
||||
|
|
@ -1833,7 +1799,7 @@ a. ten aanzien van de personen die het dagelijks beleid bepalen:
|
|||
3°. een opgave van de relevante diploma’s;
|
||||
4°. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; en
|
||||
5°. een opgave van referenten;
|
||||
b. ten aanzien van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent rechtstreeks bezighouden met het verlenen van de financiële dienst: een beschrijving van de wijze waarop de deskundigheid van deze personen wordt gewaarborgd.
|
||||
b. ten aanzien van de werknemers en andere personen die zich onder de verantwoordelijkheid van de gevolmachtigde agent of ondergevolmachtigde agent rechtstreeks bezighouden met het verlenen van de financiële dienst: een beschrijving van de wijze waarop de vakbekwaamheid van deze personen wordt gewaarborgd.
|
||||
|
||||
**3.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -1888,7 +1854,7 @@ a. een opgave van de naam en het adres van de verbonden agent;
|
|||
b. een opgave van de rechtsvorm van de verbonden agent;
|
||||
c. indien de verbonden agent een rechtspersoon is: een opgave van de statutaire zetel, de statutaire naam en de handelsnaam of handelsnamen;
|
||||
d. indien de verbonden agent is ingeschreven in het handelsregister: een opgave van het nummer van inschrijving;
|
||||
e. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of met betrekking tot de verbonden agent voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
e. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of met betrekking tot de verbonden agent voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid bepalen;
|
||||
f. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of met betrekking tot de verbonden agent voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 4:10 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de personen die het beleid bepalen of mede bepalen of onderdeel zijn van een orgaan dat belast is met toezicht op het beleid en de algemene gang van zaken;
|
||||
g. een opgave van de financiële dienst waarvoor de beleggingsonderneming als verbonden agent optreedt; en
|
||||
h. gegevens op basis waarvan de Autoriteit Financiële Markten kan beoordelen of de beleggingsonderneming volledig verantwoordelijk is voor de verbonden agent als bedoeld in artikel 2:97, vijfde lid, van de wet.
|
||||
|
|
@ -1972,7 +1938,7 @@ c. indien de betaalinstelling voornemens is betaaldiensten te verlenen in een an
|
|||
|
||||
1°. een opgave van de naam, het adres, het telefoon- en faxnummer en het emailadres van de betaaldienstagent;
|
||||
2°. een beschrijving van de interne controlemechanismen die door de betaaldienstagent zullen worden gebruikt om de in de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme neergelegde verplichtingen na te komen; en
|
||||
3°. de identiteit van de personen die het beleid van de betaaldienstagent bepalen of mede bepalen, alsmede gegevens waaruit blijkt dat zij betrouwbaar en deskundig zijn;
|
||||
3°. de identiteit van de personen die het beleid van de betaaldienstagent bepalen of mede bepalen, alsmede gegevens waaruit blijkt dat zij betrouwbaar en geschikt zijn;
|
||||
4°. de betaaldiensten die de betaaldienstagent namens de betaalinstelling verleent; en
|
||||
5°. voor zover van toepassing, de unieke identificatiecode of het unieke identificatienummer van de betaaldienstagent.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1998,7 +1964,7 @@ c. Indien de elektronischgeldinstelling voornemens is betaaldiensten te verlenen
|
|||
|
||||
1°. de naam, het adres, het telefoon- en faxnummer en het emailadres van de betaaldienstagent;
|
||||
2°. een beschrijving van de interne controlemechanismen die door de betaaldienstagent zullen worden gebruikt om de in de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme neergelegde verplichtingen na te komen; en
|
||||
3°. de identiteit van de personen die het dagelijks beleid van de betaaldienstagent bepalen of mede bepalen, alsmede gegevens waaruit blijkt dat zij betrouwbaar en deskundig zijn;
|
||||
3°. de identiteit van de personen die het dagelijks beleid van de betaaldienstagent bepalen of mede bepalen, alsmede gegevens waaruit blijkt dat zij betrouwbaar en geschikt zijn;
|
||||
4°. de betaaldiensten waartoe de betaaldienstagent door de elektronischgeldinstelling wordt gemachtigd; en
|
||||
5°. voor zover van toepassing, de unieke identificatiecode of het unieke identificatienummer van de betaaldienstagent.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2061,9 +2027,9 @@ De gegevens, bedoeld in artikel 2:115, tweede lid, van de wet zijn:
|
|||
a. de opgave van de lidstaat waar de verzekeraar voornemens is vanuit een bijkantoor haar bedrijf uit te oefenen;
|
||||
b. de opgave van het adres van het bijkantoor;
|
||||
c. een programma van werkzaamheden;
|
||||
d. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank redelijkerwijs kan beoordelen of wordt voldaan aan de ingevolge artikel 3:8 van de wet gestelde eisen met betrekking tot deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid van de verzekeraar bepalen;
|
||||
d. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank redelijkerwijs kan beoordelen of wordt voldaan aan de ingevolge artikel 3:8 van de wet gestelde eisen met betrekking tot geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid van de verzekeraar bepalen;
|
||||
e. de opgave van de naam en het adres van de vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 3:37, eerste lid, van de wet, en, zo de vertegenwoordiger rechtspersoon is, de statuten van deze rechtspersoon, een opgave van het nummer van inschrijving in het handelsregister en de naam en het privé-adres van de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:37, derde lid, van de wet;
|
||||
f. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank redelijkerwijs kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot deskundigheid van de vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 3:37, eerste lid, van de wet, of de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:37, derde lid, van de wet;
|
||||
f. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank redelijkerwijs kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot geschiktheid van de vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 3:37, eerste lid, van de wet, of de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:37, derde lid, van de wet;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 3:37, eerste lid, of de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:37, derde lid, van de wet; en
|
||||
h. een beschrijving van de inrichting van de bedrijfsvoering met betrekking tot de beheerste en integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:17, eerste lid, van de wet.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2155,10 +2121,10 @@ De gegevens, bedoeld in artikel 2:120, tweede lid, van de wet zijn:
|
|||
a. de opgave van de lidstaat waar de levensverzekeraar of schadeverzekeraar voornemens is vanuit een bijkantoor zijn bedrijf uit te oefenen;
|
||||
b. de opgave van het adres van het bijkantoor;
|
||||
c. een programma van werkzaamheden;
|
||||
d. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid van de verzekeraar bepalen;
|
||||
d. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid van de verzekeraar bepalen;
|
||||
e. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot betrouwbaarheid van de personen die het beleid van het bijkantoor bepalen of mede bepalen;
|
||||
f. de opgave van de naam en het adres van de vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 3:37, eerste lid, van de wet, en, zo de vertegenwoordiger rechtspersoon is, de statuten van deze rechtspersoon, een opgave van het nummer van inschrijving in het handelsregister en de naam en het privé-adres van de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:37, derde lid, van de wet;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot deskundigheid van de vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 3:37, eerste lid, van de wet, of de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:37, derde lid, van de wet;
|
||||
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot geschiktheid van de vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 3:37, eerste lid, van de wet, of de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:37, derde lid, van de wet;
|
||||
h. de gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 3:37, eerste lid, van de wet of de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:37, derde lid, van de wet; en
|
||||
i. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de beheerste en integere uitoefening van het bedrijf als bedoeld in artikel 3:17, eerste lid, van de wet.
|
||||
|
||||
|
|
@ -2210,8 +2176,8 @@ De gegevens, bedoeld in artikel 2:121, tweede lid, van de wet zijn:
|
|||
a. de opgave van de staat waar de verzekeraar met beperkte risico-omvang voornemens is vanuit een bijkantoor zijn bedrijf uit te oefenen;
|
||||
b. de opgave van het adres van het bijkantoor;
|
||||
c. een programma van werkzaamheden;
|
||||
d. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de personen die het dagelijks beleid van de verzekeraar bepalen;
|
||||
e. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de deskundigheid van de vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 3:37, eerste lid, van de wet, of de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:37, derde lid, van de wet;
|
||||
d. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de personen die het dagelijks beleid van de verzekeraar bepalen;
|
||||
e. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 3:37, eerste lid, van de wet, of de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:37, derde lid, van de wet;
|
||||
f. indien de vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 3:37, eerste lid, van de wet, rechtspersoon is, de opgave van de naam, het adres, de statuten , en een opgave van het nummer van inschrijving in het handelsregister; en
|
||||
g. de gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of wordt voldaan aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot betrouwbaarheid van de vertegenwoordiger, bedoeld in artikel 3:37, eerste lid, indien deze een natuurlijke persoon is, of met betrekking tot de natuurlijke persoon, bedoeld in artikel 3:37, derde lid, van de wet.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue