From b5c91f3f71025d238bb795964f7d2ea910746651 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Mon, 1 Jan 2018 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2018-01-01 | BWBR0024096 | Leidraad Invordering 2008 --- .../BWBR0024096/README.md | 79 +++++++++++++++---- 1 file changed, 63 insertions(+), 16 deletions(-) diff --git a/beleidsregel/leidraad-invordering-2008/BWBR0024096/README.md b/beleidsregel/leidraad-invordering-2008/BWBR0024096/README.md index e6b0637ea49..6d445fac36e 100644 --- a/beleidsregel/leidraad-invordering-2008/BWBR0024096/README.md +++ b/beleidsregel/leidraad-invordering-2008/BWBR0024096/README.md @@ -3,7 +3,7 @@ titel: Leidraad Invordering 2008 bwb_id: BWBR0024096 type: beleidsregel status: geldend -datum_inwerkingtreding: '2017-03-17' +datum_inwerkingtreding: '2017-12-11' bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0024096 citeertitel: Leidraad Invordering 2008 --- @@ -730,9 +730,9 @@ Als sprake is van beslag op roerende zaken, dan deelt de belastingdeurwaarder de #### 14.1.10. Onderhandse verkoop -Als een onderhandse verkoop van in beslag genomen zaken naar verwachting aanzienlijk meer oplevert dan de verwachte opbrengst bij openbare verkoop, dan kan de ontvanger kiezen voor een onderhandse verkoop. +Als een onderhandse verkoop van in beslag genomen zaken naar verwachting aanzienlijk meer oplevert dan de verwachte opbrengst bij openbare verkoop, vraagt de ontvanger de belastingschuldige om instemming met de onderhandse verkoop. Indien de belastingschuldige zijn instemming niet verleent en daarbij geen redelijk belang heeft, kan de ontvanger besluiten over te gaan tot onderhandse verkoop. -De ontvanger gaat allereerst na of het bod afkomstig is van een onafhankelijke derde. Als de koopsom direct of indirect uit het vermogen van de belastingschuldige komt, gaat de ontvanger niet akkoord met een onderhandse verkoop. Daarnaast houdt de ontvanger rekening met de gerechtvaardigde belangen van eventuele derde-rechthebbenden die zich bij hem bekend hebben gemaakt. De ontvanger stelt deze derden in de gelegenheid om een bedrag aan te bieden ter opheffing van het beslag. +De ontvanger gaat allereerst na of het bod afkomstig is van een onafhankelijke derde. Als de koopsom direct of indirect uit het vermogen van de belastingschuldige komt, gaat de ontvanger niet akkoord met een onderhandse verkoop. Daarnaast houdt de ontvanger rekening met de gerechtvaardigde belangen van eventuele derde-rechthebbenden die zich bij hem bekend hebben gemaakt. De ontvanger stelt deze derden in de gelegenheid om een bedrag aan te bieden ter opheffing van het beslag. De ontvanger heft het beslag niet op wanneer het aangeboden bedrag direct of indirect uit het vermogen van de belastingschuldige afkomstig is. Onderhandse verkoop vindt niet plaats als hierdoor de belangen van de Staat worden geschaad. @@ -971,6 +971,10 @@ Als er aanleiding toe bestaat, kan de ontvanger de omvang van het beslag bij de Als beslag is gelegd in een situatie als bedoeld in artikel 475e dan wel artikel 475f Rv en de belastingschuldige toont aan dat hij voor zijn levensonderhoud volledig afhankelijk is van de beslagen betalingen, dan past de ontvanger zonder rechterlijke tussenkomst de regeling van de beslagvrije voet toe als bedoeld in de artikelen 475b en 475d Rv. +#### 14.4.5.a. Derdenbeslag en kosten van levensonderhoud + +Wanneer de ontvanger derdenbeslag legt als gevolg waarvan de belastingschuldige niet meer kan voorzien in zijn levensonderhoud, verleent de ontvanger zijn medewerking aan (gedeeltelijke) opheffing van het beslag dan wel stelt hij een passend deel van het door de derde betaalde bedrag beschikbaar aan de belastingschuldige. De ontvanger verleent slechts medewerking onder voorwaarde dat de belastingschuldige voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij als gevolg van het beslag gedurende een bepaalde periode niet meer kan voorzien in de kosten van levensonderhoud. Voor de vaststelling van het passend deel gaat de ontvanger uit van de kosten van bestaan als bedoeld in artikel 16 van de regeling. + #### 14.4.6. Bij derdenbeslag in gebreke blijven tot het doen van verklaring De derde-beslagene wordt namens de belastingdeurwaarder door de ontvanger in gebreke gesteld als zeven kalenderdagen na de termijn van vier weken nog geen verklaring van hem is ontvangen. @@ -1078,11 +1082,12 @@ In aansluiting op artikel 17 van de wet beschrijft dit artikel het beleid over: – de schorsing van de invordering bij verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel; – verzet tegen tenuitvoerlegging van dwangbevel bij onjuiste adressering. -### 17.1. Schorsing van de invordering bij verzet tegen tenuitvoerlegging dwangbevel +### 17.1. Aanhouden tenuitvoerlegging bij verzet -Als sprake is van een beslag onder een derde, en de derde heeft een buitengerechtelijke verklaring afgelegd die de ontvanger onjuist of onvolledig acht, dan deelt de ontvanger de schorsing van de executie schriftelijk aan de derde mee onder vermelding van de grond waarop deze schorsing berust. +Als de belastingschuldige zich in rechte verzet tegen de tenuitvoerlegging van het dwangbevel, houdt de ontvanger de (verdere) tenuitvoerlegging van het dwangbevel aan, tenzij: -De ontvanger vermeldt daarbij tevens onder verwijzing naar artikel 476 Rv, dat door deze mededeling de schorsing ook tegen de derde werkt. Ook wordt in de mededeling vermeld dat de verklaring wordt betwist en dat tot dagvaarding zal worden overgegaan, nadat de schorsende werking van het verzet is opgeheven. +– de gronden van het verzet voor de ontvanger geen aanleiding vormen om de tenuitvoerlegging aan te houden en +– de belangen van de Staat worden geschaad door uitstel van de tenuitvoerlegging. ### 17.2. Verzet tegen tenuitvoerlegging van dwangbevel bij onjuiste adressering @@ -1158,7 +1163,7 @@ Voor deze aanslagen geldt – naast de voorwaarden genoemd onder a en b – als #### 19.1.8. Vordering ten laste van de echtgenoot -Als de echtgenoot van de belastingschuldige recht heeft op gelden, penningen of periodieke betalingen die in de huwelijksgemeenschap vallen, dan kan de ontvanger een vordering ten laste van de echtgenoot doen. De bekendmaking van de vordering dient zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen acht dagen na het doen van de vordering, te geschieden aan de belastingschuldige en de echtgenoot afzonderlijk. Voor zover het periodieke uitkeringen betreft die onder de opsomming van artikel 19, eerste lid, van de wet vallen, past de ontvanger de beslagvrije voet toe alsof de echtgenoot de belastingschuldige is. +Als de echtgenoot van de belastingschuldige recht heeft op gelden, penningen of periodieke betalingen die in de huwelijksgemeenschap vallen, dan kan de ontvanger een vordering ten laste van de echtgenoot doen. Als de vordering ziet op een belastingschuld die materieel is ontstaan in de periode vóór het aangaan van het huwelijk, beperkt de ontvanger zijn vordering tot de helft van het voor beslag vatbare deel van de periodieke betalingen. Deze beperking geldt niet als de echtgenoot instemt met verhaal op het geheel. De bekendmaking van de vordering dient zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen acht dagen na het doen van de vordering, te geschieden aan de belastingschuldige en de echtgenoot afzonderlijk. Voor zover het periodieke uitkeringen betreft die onder de opsomming van artikel 19, eerste lid, van de wet vallen, past de ontvanger de beslagvrije voet toe alsof de echtgenoot de belastingschuldige is. ### 19.2. De faillissementsvordering @@ -1516,18 +1521,18 @@ In twijfelgevallen wordt de zaak vooraf aan het oordeel van de directeur onderwo In aansluiting op artikel 22bis van de wet beschrijft dit artikel het beleid over: -– uitzondering verplichte mededeling ex artikel 22bis, tweede lid, van de wet; +– uitzondering verplichte mededeling ex artikel 22bis, tweede of derde lid van de wet; – de onverkorte mededelingsverplichting; – de normale uitoefening van het bedrijf of beroep; – de reactietermijn van de ontvanger na een mededeling; -– het overleg naar aanleiding van een mededeling ex artikel 22bis, tweede lid, van de wet; +– het overleg naar aanleiding van een mededeling ex artikel 22bis, tweede of derde lid van de wet; – het overgangsrecht. ### Artikel 22bis.1 **1.** -De verplichting tot mededeling, bedoeld in artikel 22bis, tweede lid, van de wet, geldt behoudens de in de wet genoemde gevallen bovendien niet indien de derde geen ander voornemen in de zin van artikel 22bis, tweede lid, van de wet heeft dan het afvoeren van een bodemzaak van de bodem van de belastingschuldige en: +De verplichting tot mededeling, bedoeld in artikel 22bis, tweede of derde lid van de wet, geldt behoudens de in de wet genoemde gevallen bovendien niet indien de derde of belastingschuldige geen ander voornemen in de zin van artikel 22bis, tweede of derde lid van de wet heeft dan het afvoeren van een bodemzaak van de bodem van de belastingschuldige en: A. de bodemzaak in reële eigendom toebehoort aan de derde en om die reden op grond van artikel 22.8.10 van deze leidraad van de toepassing van het bodemrecht is ontheven. Waar op grond van artikel 22.8.10, laatste alinea, van deze leidraad, het bodemrecht niettemin kan worden toegepast, geldt de mededelingsverplichting onverkort. De vorige volzin is niet van toepassing als de fiscale eigendom binnen drie maanden na de initiële machtsverschaffing aan de belastingschuldige is overgegaan naar de lessor. Of; B. 1°. ter zake van de verwerving van die bodemzaak volledige of nagenoeg volledige financiering door de derde is overeengekomen (aankoopfinanciering) waarbij ten behoeve van die derde een pandrecht als bedoeld in artikel 3:237, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek op de betreffende bodemzaak is gevestigd, indien is voldaan aan de volgende voorwaarden: @@ -1553,23 +1558,29 @@ b. de derde mede zekerheids- of eigendomsrechten op bodemzaken van de belastings c. de aankoopfinanciering tot stand is gekomen na verloop van drie maanden na de initiële machtsverschaffing van de individuele bodemzaak aan de belastingschuldige; of d. ter zake van de bodemzaak een wederzijdse zekerheden-regeling is overeengekomen waarbij een derde-financier betrokken is. +### Artikel 22bis.2.1 + +Als de belastingschuldige niet heeft voldaan aan de verplichting tot mededeling, bedoeld in artikel 22bis, derde lid, van de wet, is de pandhouder of overige derde gehouden tot betaling van het bedrag zoals bepaald in artikel 22bis, twaalfde lid, van de wet. Deze betalingsverplichting geldt niet voor zover de pandhouder of overige derde aannemelijk maakt dat de waarde van de bodemzaken hem direct, noch indirect ten goede is gekomen. + +De pandhouder of overige derde kan dit onder meer aannemelijk maken aan de hand van zijn eigen administratie. + ### Artikel 22bis.3 Onder handelingen die worden verricht in de normale uitoefening van het bedrijf of beroep van de belastingschuldige worden verstaan vervangingsinvesteringen of andere handelingen die nadrukkelijk in het teken staan van de continuïteit van het bedrijf of beroep van de belastingschuldige zoals dat bedrijf ten tijde van die handeling wordt gevoerd respectievelijk het beroep wordt uitgeoefend. Handelingen die plaatsvinden met het oogmerk zekerheid uit te winnen of te versterken, vinden niet plaats in de normale uitoefening van het bedrijf of het beroep. ### Artikel 22bis.4 -In het geval de ontvanger na ontvangst van een mededeling besluit geen beslag te leggen, stelt hij de derde daarvan zo spoedig mogelijk in kennis. +In het geval de ontvanger na ontvangst van een mededeling besluit geen beslag te leggen, stelt hij de derde of de belastingschuldige daarvan zo spoedig mogelijk in kennis. Ten aanzien van de behandelingstermijn van de mededeling houdt de ontvanger zoveel als mogelijk rekening met de hem ter kennis gebrachte gerechtvaardigde belangen van de belastingschuldige en van derden. ### Artikel 22bis.5 -De derde die voornemens is zijn rechten uit te oefenen, dan wel een andere handeling te verrichten of te laten verrichten in de zin van artikel 22bis, tweede lid, van de wet, kan in overleg treden met de ontvanger teneinde overeenstemming te bereiken over de afhandeling van de mededeling. Hierbij zijn de uitgangspunten als beschreven in de artikelen 22bis.5.1. tot en met 22bis.5.3. van deze leidraad van toepassing. +De derde of de belastingschuldige die voornemens is zijn rechten uit te oefenen, dan wel een andere handeling te verrichten of te laten verrichten in de zin van artikel 22bis, tweede of derde lid, van de wet, kan in overleg treden met de ontvanger teneinde overeenstemming te bereiken over de afhandeling van de mededeling. Hierbij zijn de uitgangspunten als beschreven in de artikelen 22bis.5.1. tot en met 22bis.5.3. van deze leidraad van toepassing. ### Artikel 22bis.5.1 -Op verzoek van de derde die de mededeling heeft gedaan, kan de ontvanger afzien van het leggen van beslag c.q. de vervolging van een naar aanleiding van de mededeling gelegd beslag op de betreffende bodemzaken, tegen betaling van een geldsom. Daarbij gelden de volgende voorwaarden: +Op verzoek van de derde of de belastingschuldige die de mededeling heeft gedaan, kan de ontvanger afzien van het leggen van beslag c.q. de vervolging van een naar aanleiding van de mededeling gelegd beslag op de betreffende bodemzaken, tegen betaling van een geldsom. Daarbij gelden de volgende voorwaarden: a. de geldsom is niet direct of indirect afkomstig uit het vermogen van de belastingschuldige maar wordt gefinancierd door een derde; b. het beloop van de aangeboden geldsom is ten minste gelijk aan de executiewaarde van de betreffende bodemzaken; en @@ -1662,6 +1673,10 @@ Hierop maakt de ontvanger een uitzondering als er sprake is van een situatie als Verrekening met andere bedragen waarvan de invordering aan de ontvanger is opgedragen, kan plaatsvinden vanaf het moment waarop de invordering aan de ontvanger is opgedragen. +### 24.3a. Verrekening teruggaaf + +Een belastingteruggaaf op grond van artikel 29, eerste lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968 kan worden verrekend met belastingschuld van de belastingschuldige die materieel is ontstaan voor de datum van zijn faillissement. + ### 24.4. Bekendmaking verrekening Verrekening van een uit te betalen bedrag door de ontvanger gebeurt bij beschikking. De beschikking wordt aan de belastingschuldige bekendgemaakt door toezending of uitreiking van een kennisgeving. @@ -1682,6 +1697,10 @@ Als een dochtermaatschappij in de loop van het boekjaar deel gaat uitmaken van e Verrekeningen die plaats hebben gevonden in de periode tussen de voeging en de ontvoeging blijven evenwel in beide gevallen in stand. +### 24.5a. Verrekeningsbevoegdheid fiscale eenheid vennootschapsbelasting tijdens faillissement + +Voor zover een belastingteruggaaf ten name van een onderdeel van een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting materieel is ontstaan gedurende de periode van het faillissement van dit onderdeel, kan deze niet worden verrekend met een schuld van een ander onderdeel van de fiscale eenheid, voor zover die schuld is ontstaan vóór de datum van het faillissement. + ### 24.6. Instemmingsregeling bij cessie en verpanding #### 24.6.1. Geen verrekening bij instemming cessie of verpanding @@ -2399,7 +2418,7 @@ Als het verzoek om kwijtschelding wordt gedaan voor belastingschulden die zijn o #### 26.2.15.a. Woonlasten van meerpersoonshuishoudens -In het geval de belastingschuldige met tenminste twee personen van 18 jaar of ouder een gezamenlijke huishouding voert alsmede in het geval de belastingschuldige met één of meer bloedverwanten in de eerste graad van 18 jaar of ouder een gezamenlijke huishouding voert dan wel anderszins op één adres verblijf houdt, wordt bij de berekening van de betalingscapaciteit geen rekening gehouden met de netto-woonlasten, tenzij de belastingschuldige aannemelijk maakt dat de woonlasten niet gedeeld kunnen worden. Het vorenstaande geldt niet als sprake is van commerciële verhuur, te weten als sprake is van kostgangers of kamerhuurders. +20177105427-12-201711-12-20172017-22641920177105427-12-201711-12-20172017-22641901-01-2018 #### 26.2.16. Uitgaven in verband met onderhoudsverplichtingen en kwijtschelding voor particulieren @@ -2483,6 +2502,17 @@ Een aantal crediteuren neemt een zodanige positie in dat zij niet noodzakelijker – Cessionarissen, als sprake is van rechtsgeldige gecedeerde uit te betalen bedragen en de ontvanger heeft eveneens met de cessie ingestemd, dan wordt bij een akkoord de vordering van de crediteur/cessionaris in aanmerking genomen met inachtneming van de te verwachten uit te betalen bedragen. De hoogte van de vordering van de ontvanger wordt bepaald zonder rekening te houden met de te verwachten – maar rechtsgeldig gecedeerde – uit te betalen bedragen. – Dwangcrediteuren. Onder ‘dwangcrediteuren’ worden in dit verband verstaan leveranciers die niet bereid zijn aan een akkoord mee te werken terwijl de onderneming zonder hen niet verder kan werken. Hiermee vergelijkbaar is de adviseur/boekhouder die de stukken moet produceren die voor de beoordeling van het aanbod nodig zijn. Bij de beoordeling van het akkoord houdt de ontvanger rekening met de volledige betaling van de vordering van de adviseur/boekhouder. +#### 26.3.9. Betaling bedrag saneringsakkoord + +Betaling van het bedrag van het saneringsakkoord vindt in beginsel zonder uitstel plaats. De ontvanger kan echter toestaan dat het bedrag in termijnen wordt betaald. Dit kan enkel indien de belastingschuldige een bedrijf of zelfstandig beroep uitoefent en aannemelijk maakt dat de termijnen, bedoeld in de tweede volzin, evenals de nieuw opkomende fiscale verplichtingen tijdig kunnen worden nagekomen. In het geval de ontvanger betaling in termijnen heeft toegestaan, treedt hij voorwaardelijk toe tot het akkoord. Op de betalingsregeling voor het bedrag van het saneringsakkoord zijn de artikelen 25.6.1 en 25.6.2 van toepassing met dien verstande dat in afwijking van: + +– artikel 25.4.3 van deze leidraad geen verrekening plaatsvindt van belastingteruggaven en andere teruggaven voor zover die materieel zijn ontstaan na de dag waarop het verzoek tot het sluiten van het saneringsakkoord is ingediend; +– artikel 25.6.1 van deze leidraad de looptijd van twaalf maanden aanvangt op de dag na de dagtekening van de voorwaardelijke beschikking tot kwijtschelding; +– artikel 25.6.2 van deze leidraad de belastingschuldige nieuw opkomende fiscale en andere financiële verplichtingen, waarvan de invordering aan de ontvanger is opgedragen, niet alleen gedurende de uitstelregeling, maar gedurende de gehele looptijd van de saneringsprocedure nakomt; +– artikel 25.6.2 van deze leidraad de belastingschuldige geen zekerheid hoeft te stellen. + +Kwijtschelding wordt pas verleend indien het saneringsakkoord in al zijn onderdelen is nagekomen. + ### 26.4. Administratief beroep #### 26.4.1. Administratief beroep tegen de afwijzing van een verzoek om kwijtschelding @@ -2764,7 +2794,7 @@ De ontvanger moet aannemelijk maken dat het niet-betalen van de belastingschuld ### 33.5. Bestuurder bij aansprakelijkheid -Voor de toepassing van artikel 33, eerste lid, onderdeel a, van de wet wordt als bestuurder niet alleen degene aangemerkt die als zodanig in het Handelsregister staat ingeschreven. Ook wordt als bestuurder aangemerkt degene die zich feitelijk als bestuurder heeft gedragen. +20177105427-12-201711-12-20172017-22641920177105427-12-201711-12-20172017-22641901-01-2018 ### 33.6. Gewezen bestuurder bij aansprakelijkheid @@ -3621,6 +3651,14 @@ Bij het eindigen van het ambt van notaris, kan de ex-notaris nog aansprakelijk w Er zijn in deze leidraad op de artikelen 42a en 42c van de wet geen beleidsregels gemaakt. +## 42d. Aansprakelijkheid voor verschuldigde omzetbelasting door pandhouder, hypotheekhouder of executant + +In aansluiting op artikel 42d van de wet beschrijft dit artikel het beleid over aansprakelijkheid bij verhaal op de in de verkoopprijs begrepen omzetbelasting. + +### 42d.1. Hoofdelijke aansprakelijkheid en verhaal op de opbrengst + +De pandhouder, hypotheekhouder of executant is ook hoofdelijk aansprakelijk voor de verschuldigde omzetbelasting ter zake van de levering van de verpande, verhypothekeerde of in beslag genomen zaak indien niet hijzelf de verhaalshandeling heeft verricht maar de uit hoofde van de levering verschuldigde omzetbelasting hem geheel of gedeeltelijk ten goede is gekomen. + ## 43. Aansprakelijkheid fiscale eenheid omzetbelasting In aansluiting op artikel 43 van de wet beschrijft dit artikel het beleid over: @@ -4418,7 +4456,16 @@ Deze bepalingen zijn ook van toepassing op betalingsverplichting van een aanspra De ontvanger moet zich er eerst van verzekeren of redelijkerwijs mag worden aangenomen dat de wettelijke schuldsaneringsregeling van toepassing zal worden verklaard. Van belang voor de beantwoording van die vraag is artikel 288 FW dat de weigeringsgronden voor de rechter bevat op een verzoek om toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling. -De betaling van het aangeboden bedrag moet in beginsel ineens plaatsvinden. Als de ontvanger bij wijze van uitzondering instemt met betaling in termijnen eist hij zekerheid. +#### 73.6.2a. Betaling bedrag saneringsakkoord + +Betaling van het bedrag van het saneringsakkoord vindt in beginsel zonder uitstel plaats. De ontvanger kan toestaan dat het bedrag in termijnen wordt betaald. Dit kan enkel indien belastingschuldige een bedrijf of zelfstandig beroep uitoefent en aannemelijk maakt dat de termijnen, bedoeld in de tweede volzin, evenals de nieuw opkomende fiscale verplichtingen tijdig zullen worden nagekomen. In dat geval treedt de ontvanger voorwaardelijk toe tot het akkoord. Op de uitstelregeling voor het bedrag van het saneringsakkoord zijn de artikelen 25.6.1 en 25.6.2 van toepassing met dien verstande dat in afwijking van: + +– artikel 25.4.3 van deze leidraad geen verrekening plaatsvindt van belastingteruggaven en andere teruggaven die materieel zijn ontstaan na de dag waarop het verzoek tot het sluiten van het saneringsakkoord is ingediend; +– artikel 25.6.1 van deze leidraad de looptijd van twaalf maanden aanvangt op de dag na de dagtekening van de voorwaardelijke beschikking tot kwijtschelding; +– artikel 25.6.2 van deze leidraad de belastingschuldige nieuw opkomende fiscale en andere financiële verplichtingen, waarvan de invordering aan de ontvanger is opgedragen, niet alleen gedurende de uitstelregeling, maar gedurende de gehele looptijd van de saneringsprocedure nakomt; +– artikel 25.6.2 van deze leidraad belastingschuldige geen zekerheid hoeft te stellen. + +De ontvanger verleent pas kwijtschelding indien het saneringsakkoord in al zijn onderdelen is nagekomen. Als in het buitengerechtelijk akkoord belastingschulden zijn begrepen waarvoor derden aansprakelijk kunnen worden gesteld, neemt de ontvanger als voorwaarde op dat de kwijtschelding pas wordt geëffectueerd op het moment dat op grond van die aansprakelijkheid geen baten meer kunnen worden verkregen. De ontvanger ziet van deze voorwaarde af als in het aangeboden bedrag de baten in de aansprakelijkheid tot uitdrukking komen.