2013-01-01 | BWBR0006664 | Transactiebesluit 1994
This commit is contained in:
parent
29869abeea
commit
b81387137c
1 changed files with 10 additions and 10 deletions
|
|
@ -19,7 +19,7 @@ citeertitel: Transactiebesluit 1994
|
|||
In dit besluit wordt verstaan onder:
|
||||
|
||||
a. transactiebevoegdheid: de bevoegdheid tot het stellen van de voorwaarde ter voorkoming van strafvervolging, bestaande in de betaling van een bepaalde geldsom, bedoeld in artikel 74c van het Wetboek van Strafrecht;
|
||||
b. Onze Minister: Onze Minister van Justitie;
|
||||
b. Onze Minister: Onze Minister van Veiligheid en Justitie;
|
||||
c. bevoegde ambtenaar: de opsporingsambtenaar, bedoeld in artikel 2;
|
||||
d. hoofdofficier van justitie: officier van justitie, hoofd van het arrondissementsparket;
|
||||
e. buitengewoon opsporingsambtenaar: de ambtenaar, bedoeld in artikel 142, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering;
|
||||
|
|
@ -31,7 +31,7 @@ h. Centraal Justitieel Incassobureau: het Centraal Justitieel Incassobureau, bed
|
|||
|
||||
Als korpschef in de zin van dit besluit wordt aangemerkt met betrekking tot
|
||||
|
||||
a. de ambtenaren, bedoeld in artikel 2, eerste en tweede lid: de korpschef van het politiekorps waarbij zij in dienst zijn, dan wel hun praktijkstage vervullen;
|
||||
a. de ambtenaren, bedoeld in artikel 2, eerste en tweede lid: de korpschef, bedoeld in artikel 27 van de Politiewet 2012;
|
||||
b. de ambtenaren werkzaam bij de Koninklijke marechaussee, bedoeld in artikel 2, eerste en derde lid:
|
||||
|
||||
1. voor de toepassing van artikel 4: de betrokken districtscommandant,
|
||||
|
|
@ -44,9 +44,9 @@ c. de ambtenaren, bedoeld in artikel 2, vierde lid en vijfde lid: het hoofd van
|
|||
|
||||
**1.** Voor de in artikel 3, onder a, aangewezen zaken wordt de transactiebevoegdheid toegekend aan de hulpofficieren van justitie, bedoeld in artikel 154, onder a en b, van het Wetboek van Strafvordering, alsmede aan de hulpofficieren van justitie, bedoeld in artikel 154, onder c, van die wet, voor zover het betreft de brigadecommandanten en de afdelingscommandanten en de adjudant-onderofficier en de opperwachtmeesters die als hun vervanger zijn aangewezen, voor zolang zij als zodanig optreden, alsmede de adjudant-onderofficier en de opperwachtmeesters, ingedeeld bij de centrale recherche Koninklijke marechaussee en de recherchegroepen.
|
||||
|
||||
**2.** Voor de in artikel 3, onder b, aangewezen zaken wordt de transactiebevoegdheid toegekend aan de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 141, aanhef en onder b, van het Wetboek van Strafvordering, alsmede aan de ambtenaren die een basisopleiding volgen aan een onderwijsinstelling, ressorterend onder het Landelijk selectie- en opleidingsinstituut politie, uitsluitend gedurende hun praktijkstage bij een politiekorps.
|
||||
**2.** Voor de in artikel 3, onder b, aangewezen zaken wordt de transactiebevoegdheid toegekend aan de ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 141, aanhef en onder b, van het Wetboek van Strafvordering, alsmede aan de ambtenaren die een basisopleiding volgen aan een onderwijsinstelling, ressorterend onder het Landelijk selectie- en opleidingsinstituut politie, uitsluitend gedurende hun praktijkstage bij de politie.
|
||||
|
||||
**3.** Voor de in artikel 3, onder b en c, aangewezen zaken wordt transactiebevoegdheid toegekend aan de militairen van de Koninklijke marechaussee, bedoeld in artikel 141, aanhef en onder c, van het Wetboek van Strafvordering, voor de gevallen waarin deze militairen zijn belast met de uitvoering van de politietaken, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder b, c, d, e en f, van de Politiewet 1993.
|
||||
**3.** Voor de in artikel 3, onder b en c, aangewezen zaken wordt transactiebevoegdheid toegekend aan de militairen van de Koninklijke marechaussee, bedoeld in artikel 141, aanhef en onder c, van het Wetboek van Strafvordering, voor de gevallen waarin deze militairen zijn belast met de uitvoering van de politietaken, bedoeld in artikel 6, eerste lid, onder b, c, d, e en f, van de Politiewet 2012.
|
||||
|
||||
**4.** Voor de in artikel 3, onder b, aangewezen zaken wordt transactiebevoegdheid toegekend aan buitengewoon opsporingsambtenaren, voor zover deze ambtenaren bevoegd zijn tot de opsporing van die zaken.
|
||||
|
||||
|
|
@ -130,17 +130,17 @@ c. de op heterdaad of met een technisch hulpmiddel ontdekte verkeersovertredinge
|
|||
|
||||
**2.** De in het eerste lid bedoelde aantekeningen worden, uiterlijk binnen een jaar nadat zij zijn opgemaakt, desverlangd getoond aan de ambtenaren van het openbaar ministerie in het arrondissement waar de opsporingsambtenaren hun dienst hebben uitgeoefend.
|
||||
|
||||
**3.** De hoofdofficier van justitie wint periodiek rapport in van de korpschefs van de regionale politiekorpsen over de wijze waarop de onder hen ressorterende in het arrondissement hun dienst uitoefenende ambtenaren gebruik hebben gemaakt van de verleende transactiebevoegdheid. De korpschefs zenden hun rapporten in door tussenkomst van de betrokken korpsbeheerder.
|
||||
**3.** De hoofdofficier van justitie wint periodiek rapport in van de politiechef van een regionale eenheid over de waarop de onder hem ressorterende in het arrondissement hun dienst uitoefenende ambtenaren gebruik hebben gemaakt van de verleende transactiebevoegdheid. De politiechef zendt zijn rapport in door tussenkomst van de korpschef.
|
||||
|
||||
**4.** Het hoofd van het landelijk parket, bedoeld in artikel 137, tweede lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie, wint periodiek rapport in van de korpschef van het Korps landelijke politiediensten over de wijze waarop de onder deze ressorterende ambtenaren gebruik hebben gemaakt van de verleende transactiebevoegdheid. De korpschef zendt zijn rapport in door tussenkomst van de korpsbeheerder.
|
||||
**4.** Het hoofd van het landelijk parket, bedoeld in artikel 137, tweede lid, van de Wet op de rechterlijke organisatie, wint periodiek rapport in van de korpschef, bedoeld in artikel 27 van de Politiewet 2012 over de wijze waarop de onder deze ressorterende ambtenaren gebruik hebben gemaakt van de verleende transactiebevoegdheid.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 5. De verantwoording der gelden
|
||||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
**1.** Het hoofd van de Directie Financieel-Economische Zaken van het Ministerie van Justitie draagt zorg voor de opening van een of meer bankrekeningen van het Centraal Justitieel Incassobureau die uitsluitend zijn bestemd voor de betaling van gelden, voortvloeiend uit het gebruik van de bevoegdheid, bedoeld in de artikelen 74 en 74c van het Wetboek van Strafrecht.
|
||||
**1.** Het hoofd van de Directie Financieel-Economische Zaken van het Ministerie van Veiligheid en Justitie draagt zorg voor de opening van een of meer bankrekeningen van het Centraal Justitieel Incassobureau die uitsluitend zijn bestemd voor de betaling van gelden, voortvloeiend uit het gebruik van de bevoegdheid, bedoeld in de artikelen 74 en 74c van het Wetboek van Strafrecht.
|
||||
|
||||
**2.** De directeur van het Centraal Justitieel Incassobureau is belast met het beheer van de rekeningen. Hij draagt er zorg voor dat de ontvangen gelden periodiek worden overgemaakt op een daartoe bestemde bankrekening van het Ministerie van Justitie.
|
||||
**2.** De directeur van het Centraal Justitieel Incassobureau is belast met het beheer van de rekeningen. Hij draagt er zorg voor dat de ontvangen gelden periodiek worden overgemaakt op een daartoe bestemde bankrekening van het Ministerie van Veiligheid en Justitie.
|
||||
|
||||
**3.** Onze Minister stelt nadere voorschriften vast omtrent het beheer van de in het eerste lid bedoelde bankrekeningen en de in verband daarmee te voeren administratie.
|
||||
|
||||
|
|
@ -160,7 +160,7 @@ De met de inning belaste ambtenaren en al degenen die verder bij de uitvoering v
|
|||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
**1.** Wat het Korps landelijke politiediensten en de regionale politiekorpsen betreft doen de korpsbeheerders op de door Onze Minister te bepalen wijze jaarlijks opgave van de uitvoering van de in artikel 12, vierde lid, bedoelde voorschriften en van de met het oog op de toepassing van dit besluit verrichte accountantscontrole.
|
||||
**1.** Wat de politie betreft doet de korpschef, bedoeld in artikel 27, van de Politiewet 2012 op de door Onze Minister te bepalen wijze jaarlijks opgave van de uitvoering van de in artikel 12, vierde lid, bedoelde voorschriften en van de met het oog op de toepassing van dit besluit verrichte accountantscontrole.
|
||||
|
||||
**2.** Wat de Koninklijke marechaussee en de buitengewoon opsporingsambtenaren betreft doen de betrokken korpschefs op de door Onze Minister te bepalen wijze jaarlijks opgave van de uitvoering van de in artikel 12, vierde lid, bedoelde voorschriften en van de met het oog op de toepassing van dit besluit verrichte accountantscontrole.
|
||||
|
||||
|
|
@ -168,7 +168,7 @@ De met de inning belaste ambtenaren en al degenen die verder bij de uitvoering v
|
|||
|
||||
### Artikel 15
|
||||
|
||||
In het geval de transactiebevoegdheid wordt uitgeoefend gedurende de periode dat ingevolge Hoofdstuk IX van de Politiewet 1993 bijstand wordt verleend, geschieden de betaling van de transactie op de wijze van, en de afrekening, verantwoording en controle van de ontvangen gelden door het politiekorps waaraan bijstand wordt verleend.
|
||||
In het geval de transactiebevoegdheid wordt uitgeoefend gedurende de periode dat ingevolge artikel 57, 58 of 59 van de Politiewet 2012 bijstand wordt verleend, geschieden de betaling van de transactie op de wijze van, en de afrekening, verantwoording en controle van de ontvangen gelden door de politie.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 6a. Inning van transactiegelden ten behoeve van het openbaar ministerie
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue