From b95e7f3b1791beed74a0f6edd19964334d14190f Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 1 Jan 2008 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2008-01-01 | BWBR0002221 | Algemene Ouderdomswet --- .../BWBR0002221/README.md | 22 +++++++++---------- 1 file changed, 10 insertions(+), 12 deletions(-) diff --git a/wet/algemene-ouderdomswet/BWBR0002221/README.md b/wet/algemene-ouderdomswet/BWBR0002221/README.md index bb22b4fc058..fdc2cbbc1d7 100644 --- a/wet/algemene-ouderdomswet/BWBR0002221/README.md +++ b/wet/algemene-ouderdomswet/BWBR0002221/README.md @@ -716,7 +716,7 @@ b. vermeerderd met een door de in het eerste lid bedoelde uitkeringsgerechtigde ### Artikel 49 -De pensioengerechtigde, zijn echtgenoot, alsmede zijn wettelijke vertegenwoordiger of de instelling waaraan ingevolge artikel 20 ouderdomspensioen wordt uitbetaald, zijn verplicht aan de Sociale verzekeringsbank op haar verzoek of onverwijld uit eigen beweging alle feiten en omstandigheden mee te delen, waarvan hun redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op uitkering, de hoogte van de uitkering of op het bedrag van de uitkering, dat wordt betaald. +De pensioengerechtigde, zijn echtgenoot, alsmede zijn wettelijke vertegenwoordiger of de instelling waaraan ingevolge artikel 20 ouderdomspensioen wordt uitbetaald, zijn verplicht aan de Sociale verzekeringsbank op haar verzoek of onverwijld uit eigen beweging alle feiten en omstandigheden mee te delen, waarvan hun redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op uitkering, de hoogte van de uitkering of op het bedrag van de uitkering, dat wordt betaald. De verplichting geldt niet indien die feiten en omstandigheden door de Sociale verzekeringsbank kunnen worden vastgesteld op grond van bij wettelijk voorschrift als authentiek aangemerkte gegevens of kunnen worden verkregen uit bij ministeriële regeling aan te wijzen administraties. Bij ministeriële regeling wordt bepaald voor welke gegevens de tweede zin van toepassing is. ### Artikel @@ -800,22 +800,20 @@ b. voor de toepassing van de artikelen 58 en 59 het wonen buiten Nederland wordt Ten aanzien van het bedrag van het ouderdomspensioen bedoeld in artikel 58, blijft artikel 13 buiten toepassing. -### Paragraaf 3*. Overige overgangsbepalingen - -### Artikel 62* - -De artikelen 8a en 9a zijn niet van toepassing op de pensioengerechtigde, die: - -a) op 31 december 1999 recht heeft op een ouderdomspensioen en op die dag niet in Nederland woont, en -b) op 19 december 2005 dit recht op ouderdomspensioen uitsluitend nog heeft op grond van artikel 2 van de wet van 9 december 2004, houdende goedkeuring van het voornemen tot opzegging van het op 28 juni 1962 te Genève totstandgekomen Verdrag betreffende de gelijkheid van behandeling van eigen onderdanen en vreemdelingen met betrekking tot de sociale zekerheid (Verdrag Nr. 118 aangenomen door de Internationale Arbeidsconferentie in haar zesenveertigste zitting; Trb. 1962, 122 en Trb. 1964, 23) (Stb. 2004, 715). - -### Paragraaf 3. Overgangsrecht +### Paragraaf 3. Overige overgangsbepalingen ### Artikel 62 +De artikelen 8a en 9a zijn niet van toepassing op de pensioengerechtigde, die: + +a. op 31 december 1999 recht heeft op een ouderdomspensioen en op die dag niet in Nederland woont, en +b. op 19 december 2005 dit recht op een ouderdomspensioen uitsluitend nog heeft op grond van artikel 2 van de wet van 9 december 2004, houdende goedkeuring van het voornemen tot opzegging van het op 28 juni 1962 te Genève tot stand gekomen Verdrag betreffende de gelijkheid van behandeling van eigen onderdanen en vreemdelingen met betrekking tot de sociale zekerheid (Verdrag nr. 118 aangenomen door de Internationale Arbeidsconferentie in haar zesenveertigste zitting; Trb. 1962, 122 en Trb. 1964, 23) (Stb. 2004, 715). + +### Artikel 63 + **1.** -De besluiten tot herziening van het ouderdomspensioen, genomen met toepassing van artikel 17 zoals dat artikel luidde op de dag voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van de wet van 2 november 2006 tot wijziging van de Algemene Ouderdomswet in verband met samenwonen ten behoeve van zorg voor een hulpbehoevende (Stb. 558), worden op aanvraag door de Sociale verzekeringsbank met toepassing van artikel 17, tweede lid, gewijzigd met ingang van 4 april 2006 of indien de herziening op een later tijdstip heeft plaatsgevonden met ingang van dat tijdstip indien: +De besluiten tot herziening van het ouderdomspensioen, genomen met toepassing van artikel 17 zoals dat artikel luidde op de dag voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van de wet van 2 november 2006 tot wijziging van de Algemene Ouderdomswet in verband met samenwonen ten behoeve van zorg voor een hulpbehoevende (Stb. 558), worden op aanvraag door de Sociale verzekeringsbank met toepassing van artikel 17, tweede lid, gewijzigd met ingang van 4 april 2006 of indien de herziening op een later tijdstip heeft plaatsgevonden met ingang van dat tijdstip indien: a. de herziening voortvloeit uit de omstandigheid van het voeren van een gezamenlijke huishouding in verband met zorg door een pensioengerechtigde voor een hulpbehoevende pensioengerechtigde als bedoeld in artikel 1, onderdeel j, van de Algemene nabestaandenwet; b. de pensioengerechtigden ieder beschikken over een eigen woning.