2014-01-01 | BWBR0032230 | Besluit uitvoering EU-verordeningen financiële markten

This commit is contained in:
Coornhert 2014-01-01 12:00:00 +00:00
parent 7ae51e5a3a
commit b9b4cd8eea

View file

@ -3,7 +3,7 @@ titel: Besluit uitvoering EU-verordeningen financiële markten
bwb_id: BWBR0032230
type: AMvB
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2012-11-21'
datum_inwerkingtreding: '2013-12-06'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0032230
citeertitel: Besluit uitvoering EU-verordeningen financiële markten
---
@ -25,7 +25,8 @@ In dit besluit wordt verstaan onder:
- *verordening (EU) nr. 260/2012 (betaaldiensten):* verordening (EU) nr. 260/2012 van 14 maart 2012 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van technische en bedrijfsmatige vereisten voor overmakingen en automatische afschrijvingen in euro en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 924/2009 (PbEU 2012 L 94);
- *verordening (EU) nr. 648/2012 (EMIR):* verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli inzake otc-derivaten, centrale tegenpartijen en transactieregisters (PbEU 2012, L 201);
- *verordening (EU) nr. 345/2013 (Europese durfkapitaalfondsen):* verordening (EU) nr. 345/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2013 betreffende Europese durfkapitaalfondsen (PbEU 2013, L 115);
- *verordening (EU) nr. 346/2013 (Europese sociaalondernemerschapsfondsen):* verordening (EU) nr. 346/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2013 inzake Europese sociaalondernemerschapsfondsen (PbEU 2013, L 115).
- *verordening (EU) nr. 346/2013 (Europese sociaalondernemerschapsfondsen):* verordening (EU) nr. 346/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2013 inzake Europese sociaalondernemerschapsfondsen (PbEU 2013, L 115);
- *verordening (EU) nr. 575/2013 (Kapitaalvereisten):* verordening (EU) nr. 575/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 26 juni 2013 betreffende prudentiële vereisten voor kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 (PbEU 2013, L 176).
### Artikel 2
@ -42,12 +43,21 @@ h. voor verordening (EU) nr. 260/2012 (betaaldiensten):
1°. ten aanzien van de artikelen 3 tot en met 6 en 9 de Nederlandsche Bank;
2°. ten aanzien van artikel 8 de Autoriteit Consument en Markt;
i. voor verordening (EU) nr. 345/2013 (Europese durfkapitaalfondsen): de Autoriteit Financiële Markten;
j. voor verordening (EU) nr. 346/2013 (Europese sociaalondernemerschapsfondsen): de Autoriteit Financiële Markten;
i. voor verordening (EU) nr. 648/2012 (EMIR):
1°. ten aanzien van de artikelen 4, 9,11, 12, voor zover de financiële tegenpartij een bank, verzekeraar, herverzekeraar of pensioenfonds is, alsmede ten aanzien van de artikelen 14 tot en met 21, 25, tot en met 35 en 40 tot en met 54: de Nederlandsche Bank;
2°. ten aanzien van de artikelen 4, 9, 11, 12, voor zover de financiële tegenpartij geen bank, verzekeraar, herverzekeraar of pensioenfonds is, alsmede ten aanzien van de artikelen 5 tot en met 8, 36 tot en met 39, 57, 59, 61 tot en met 63, 68 en 71 tot en met 74: de Autoriteit Financiële Markten.
2°. ten aanzien van de artikelen 4, 9, 11, 12, voor zover de financiële tegenpartij geen bank, verzekeraar, herverzekeraar of pensioenfonds is, alsmede ten aanzien van de artikelen 5 tot en met 8, 36 tot en met 39, 57, 59, 61 tot en met 63, 68 en 71 tot en met 74: de Autoriteit Financiële Markten;
j. voor verordening (EU) nr. 345/2013 (Europese durfkapitaalfondsen): de Autoriteit Financiële Markten;
k. voor verordening (EU) nr. 346/2013 (Europese sociaalondernemerschapsfondsen): de Autoriteit Financiële Markten;
l. voor verordening (EU) nr. 575/2013 (Kapitaalvereisten): de Nederlandsche Bank.
### Artikel 2a
**1.** Indien de Nederlandsche Bank in het kader van een in de artikelen 14, 15 en 17 van verordening (EU) nr. 648/2012 (EMIR) bedoelde aanvraag, of artikel 4:27a van de wet, dient te beoordelen of wordt voldaan aan het bij of krachtens het Deel Gedragstoezicht financiële ondernemingen bepaalde vraagt zij, alvorens te beslissen op die aanvraag, daarover advies aan de Autoriteit Financiële Markten. De Autoriteit Financiële Markten brengt het advies schriftelijk uit binnen zes weken na het verzoek.
**2.** De Nederlandsche Bank volgt het advies, bedoeld in het eerste lid, tenzij zwaarwegende redenen betreffende de soliditeit van de aanvrager of de stabiliteit van het financiële stelsel naar het oordeel van de Nederlandsche Bank aanleiding tot afwijking geven. Indien de Nederlandsche Bank overweegt af te wijken, stelt zij de Autoriteit Financiële Markten in de gelegenheid om haar advies mondeling toe te lichten. De Nederlandsche Bank motiveert een afwijking schriftelijk.
**3.** Het advies, bedoeld in het eerste lid, maakt deel uit van het besluit ten aanzien van de vergunning of de instemming.
### Artikel 3