2009-11-01 | BWBR0005775 | Luchtverkeersreglement
This commit is contained in:
parent
79ac06c65a
commit
ba5a813c86
1 changed files with 38 additions and 34 deletions
|
|
@ -19,45 +19,45 @@ In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
|
|||
- *ACAS: Airborne Collision Avoidance System*, een systeem aan boord van een luchtvaartuig, werkend met signalen van transponders en onafhankelijk van installaties op de grond, dat de gezagvoerder advies geeft over mogelijk conflicterende luchtvaartuigen die zijn uitgerust met een transponder;
|
||||
- alarmering: een dienstverlening met het doel de betrokken instanties te waarschuwen aangaande luchtvaartuigen die hulp behoeven in de vorm van opsporing en redding en deze instanties bij te staan voor zover dat vereist is;
|
||||
- algemeen luchtverkeersleidingsgebied: een luchtverkeersleidingsgebied dat zich in opwaartse richting uitstrekt vanaf een vastgestelde grens boven het aardoppervlak;
|
||||
- baanwachtpositie: baanwachtpositie als bedoeld in artikel 2 van de Bordenregeling;
|
||||
- baanwachtpositie: een gemarkeerde positie waar voertuigen en taxiënde luchtvaartuigen verplicht zijn te stoppen met als doel een baan, een hindernisbeperkend vlak of een ILS/MLS-kritisch of -gevoelig gebied te beschermen;
|
||||
- bijzondere VFR-vlucht: een VFR-vlucht, die overeenkomstig een klaring van een verlener van luchtverkeersleidingsdiensten wordt uitgevoerd binnen een plaatselijk luchtverkeersleidingsgebied, onder weersomstandigheden die slechter zijn dan zichtweersomstandigheden;
|
||||
- daglichtperiode: het gedeelte van het etmaal tussen vijftien minuten voor zonsopgang en vijftien minuten na zonsondergang zoals geldt voor de positie 52°00' N en 05°00' O op zeeniveau;
|
||||
- gecontroleerd luchtvaartterrein: een luchtvaartterrein, waar luchtverkeersleidingsdiensten worden verleend aan luchtvaartterreinverkeer;
|
||||
- gecontroleerde luchthaven: een luchthaven waar luchtverkeersleiding wordt gegeven aan luchthavenverkeer;
|
||||
- gecontroleerde vlucht: een vlucht waarvoor een klaring is vereist;
|
||||
- geldend vliegplan: het ingediende vliegplan met inbegrip van eventuele wijzigingen veroorzaakt door daarop verstrekte klaringen;
|
||||
- grondzicht: het zicht op een luchtvaartterrein, zoals bepaald door een bevoegde waarnemer of met daartoe bestemde apparatuur;
|
||||
- grondzicht: het zicht op een luchthaven, zoals bepaald door een bevoegde waarnemer of met daartoe bestemde apparatuur;
|
||||
- helikopter: gemotoriseerd luchtvaartuig met rotorbladen, zwaarder dan lucht, dat hoofdzakelijk in de lucht kan worden gehouden door aërodynamische reactiekrachten op zijn rotorbladen;
|
||||
- IFR-vlucht: een vlucht waarop, naast de in hoofdstuk III, afdeling 2, vastgestelde algemene vliegvoorschriften, tevens de in afdeling 4 vastgestelde instrumentvliegvoorschriften van toepassing zijn;
|
||||
- inhalen: een ander luchtvaartuig van achteren naderen uit een richting, die een hoek maakt van minder dan 70° met het vlak van symmetrie van dit luchtvaartuig;
|
||||
- instrumentnaderingsprocedure: een serie van vooraf bepaalde manoeuvres met behulp van navigatie-installaties waarbij precies beschreven bescherming wordt geboden tegen obstakels vanaf een vastgestelde positie waar de nadering begint of vanaf het begin van een gedefinieerde aankomstroute, naar een punt waarvandaan de landing kan worden afgerond en daarna, wanneer een landing niet is afgerond, naar een positie waar obstakelvrije ruimte wordt geboden aan luchtvaartuigen in een wachtprocedure of kruisvlucht;
|
||||
- instrumentweersomstandigheden: weersomstandigheden, die zijn uitgedrukt in termen van zicht, afstand tot wolken en wolkenbasis en die minder zijn dan de voorgeschreven minimum waarden voor zichtweersomstandigheden;
|
||||
- kruishoogte: een vlieghoogte, die tijdens een aanzienlijk deel van een vlucht wordt gehandhaafd;
|
||||
- landingsterrein: het gedeelte van een luchtvaartterrein, met uitzondering van platforms, dat bestemd is voor het opstijgen, het landen en het taxiën van luchtvaartuigen;
|
||||
- landingsterrein: het gedeelte van een luchthaven, met uitzondering van platforms, dat bestemd is voor het opstijgen, het landen en het taxiën van luchtvaartuigen;
|
||||
- luchtschip: luchtvaartuig, lichter dan lucht, dat is voorzien van een voortstuwingsinrichting en een besturingsinrichting;
|
||||
- luchtvaartterreinverkeer: alle verkeer op het landingsterrein en alle luchtvaartuigen die zich bevinden in het luchtverkeerscircuit van het betrokken luchtvaartterrein dan wel dit circuit binnen vliegen of verlaten;
|
||||
- luchthavenverkeer: alle verkeer op het landingsterrein en alle luchtvaartuigen die zich bevinden in het luchtverkeerscircuit van de betrokken luchthaven dan wel dit circuit binnen vliegen of verlaten;
|
||||
- luchtverkeersadvisering: adviezen die binnen het luchtverkeersdienstverleningsgebied klasse F worden gegeven met het doel, voor zover uitvoerbaar, separatie te verzekeren tussen vluchten die worden uitgevoerd volgens IFR-vliegplan;
|
||||
- luchtverkeerscircuit: de voorgeschreven vliegbaan voor luchtvaartuigen, die moet worden gevolgd in de nabijheid van een luchtvaartterrein;
|
||||
- luchtverkeerscircuit: de voorgeschreven vliegbaan voor luchtvaartuigen, die moet worden gevolgd in de nabijheid van een luchthaven;
|
||||
- luchtverkeersdienstverleningsgebieden: delen van het luchtruim met vastgestelde begrenzingen, waarvoor is vastgesteld welke soorten vluchten erin mogen worden uitgevoerd en welke soorten luchtverkeersdiensten er worden verleend, alsmede welke regels gelden voor de vluchtuitvoering;
|
||||
- luchtverkeersinformatie: informatie verstrekt door een verlener van luchtverkeersdiensten met het doel bestuurders opmerkzaam te maken op ander, bekend of waargenomen, luchtverkeer dat mogelijkerwijs in de nabijheid van hun positie of voorgenomen vliegroute verkeert, alsmede bestuurders behulpzaam te zijn bij het vermijden van botsingen;
|
||||
- luchtverkeersleidingsgebied: een luchtverkeersdienstverleningsgebied waarbinnen luchtverkeersleidingsdiensten worden verleend aan IFR-vluchten, en aan VFR-vluchten in overeenstemming met de geldende luchtruim classificatie;
|
||||
- luchtverkeersontwijkadvies: een door een verlener van luchtverkeersdiensten verstrekt advies tot het uitvoeren van bepaalde manoeuvres, met het doel bestuurders behulpzaam te zijn bij het vermijden van botsingen;
|
||||
- luchtverkeersroute: een bepaalde route, vastgesteld om de verkeersstroom te kanaliseren, waar dat nodig is voor het verlenen van luchtverkeersdiensten;
|
||||
- meldingspunt: de geografisch bepaalde plaats, ten opzichte waarvan de positie van een luchtvaartuig kan worden gemeld;
|
||||
- MLA: MLA als bedoeld in artikel 1 van het Besluit luchtvaartuigen;
|
||||
- MLA: MLA als bedoeld in artikel 1 van het Besluit luchtvaartuigen 2008;
|
||||
- modelraket: modelraket als bedoeld in artikel 1 van de Regeling modelraketten;
|
||||
- motorzweefvliegtuig: vliegtuig dat bij uitgeschakelde motor de eigenschappen heeft van een zweefvliegtuig;
|
||||
- naderingsluchtverkeersleidingsgebied: een algemeen luchtverkeersleidingsgebied, dat doorgaans is ingesteld bij het kruispunt van luchtverkeersroutes gelegen in de nabijheid van één of meer luchtvaartterreinen;
|
||||
- naderingsluchtverkeersleidingsgebied: een algemeen luchtverkeersleidingsgebied, dat doorgaans is ingesteld bij het kruispunt van luchtverkeersroutes gelegen in de nabijheid van één of meer luchthavens;
|
||||
- omschakelpunt: het punt waar een luchtvaartuig tijdens een vlucht langs een gedeelte van een luchtverkeersroute, dat is bepaald met betrekking tot rondomstralende radiobakens werkend op zeer hoge frequenties, verwacht wordt - voor de primaire navigatie - om te schakelen van het baken achter het luchtvaartuig naar het volgende baken vóór het luchtvaartuig;
|
||||
- Onze Minister: Onze Minister van Verkeer en Waterstaat voor wat het burgerluchtverkeer en de algemene verkeersveiligheid in de lucht betreft en Onze Minister van Defensie voor wat het militaire luchtverkeer betreft;
|
||||
- plaatselijk luchtverkeersleidingsgebied: een luchtverkeersleidingsgebied, dat zich verticaal uitstrekt vanaf het aardoppervlak tot aan een vastgestelde bovengrens;
|
||||
- platform: een gedeelte van een luchtvaartterrein, dat bestemd is voor het opstellen van luchtvaartuigen, met het doel passagiers te laten in- of uitstappen, post of vracht te laden of te lossen, brandstof in te nemen, te parkeren of onderhoudswerkzaamheden te verrichten;
|
||||
- platform: een gedeelte van een luchthaven, dat bestemd is voor het opstellen van luchtvaartuigen, met het doel passagiers te laten in- of uitstappen, post of vracht te laden of te lossen, brandstof in te nemen, te parkeren of onderhoudswerkzaamheden te verrichten;
|
||||
- *RA: Resolution Advisory*, een door ACAS aan de gezagvoerder gegeven advies om zodanig te manoeuvreren dat een botsing wordt voorkomen;
|
||||
- schermvliegtuig: zweeftoestel zonder starre hoofdstructuur dat kan worden gedragen en slechts gestart en geland kan worden door gebruik te maken van de benen van de bestuurder;
|
||||
- schermzweeftoestel: ongemotoriseerd schermvliegtuig;
|
||||
- taxiën: het op eigen kracht voortbewegen van een luchtvaartuig op een luchtvaartterrein, met uitzondering van de start en landing, maar met inbegrip van het voortbewegen van een helikopter boven een luchtvaartterrein binnen een hoogteband waar grond-effect wordt ondervonden en met een snelheid die vergelijkbaar is met die van andere taxiënde luchtvaartuigen;
|
||||
- taxiën: het op eigen kracht voortbewegen van een luchtvaartuig op een luchthaven, met uitzondering van de start en landing, maar met inbegrip van het voortbewegen van een helikopter boven een luchthaven binnen een hoogteband waar grond-effect wordt ondervonden en met een snelheid die vergelijkbaar is met die van andere taxiënde luchtvaartuigen;
|
||||
- TMG: motorzweefvliegtuig met een integraal gemonteerde niet intrekbare motor en een niet intrekbare propeller, dat in staat is om op eigen kracht op te stijgen en te klimmen (Touring Motor Glider);
|
||||
- *transponder*: een radarbeantwoordingssysteem met informatie over de identiteit en eventueel de hoogte van het luchtvaartuig;
|
||||
- uitwijkhaven: een luchtvaartterrein waarheen een vlucht kan worden vervolgd indien moet worden afgezien van landing op het luchtvaartterrein van bestemming;
|
||||
- uitwijkhaven: een luchthaven waarheen een vlucht kan worden vervolgd indien moet worden afgezien van landing op de luchthaven van bestemming;
|
||||
- VFR-vlucht: een vlucht waarop, naast de in hoofdstuk III, afdeling 2, vastgestelde algemene vliegvoorschriften, tevens de in afdeling 3 vastgestelde zichtvliegvoorschriften van toepassing zijn;
|
||||
- vlieghoogte: de hoogte van een zich in de lucht bevindend luchtvaartuig uitgedrukt in:
|
||||
|
||||
|
|
@ -94,6 +94,10 @@ g. valschermzweeftoestel, zijnde een toestel, zwaarder dan lucht en niet voorzie
|
|||
|
||||
**3.** Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld ten aanzien van de deelname aan het luchtverkeer met een luchtvaartuig als genoemd in het eerste lid.
|
||||
|
||||
### Artikel 1b
|
||||
|
||||
Dit besluit berust op de artikelen 1.2, tweede en derde lid, 5.5, eerste en tweede lid, 5.10, derde lid, 5.11, eerste lid, en 5.12, tweede lid, van de Wet luchtvaart.
|
||||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
Voor zover de LVNL beslissingen neemt ingevolge de bij of krachtens dit besluit verleende bevoegdheden die mede betrekking hebben op het militaire luchtverkeer handelt zij in overeenstemming met Onze Minister van Defensie.
|
||||
|
|
@ -125,7 +129,7 @@ Luchtverkeersleidingsdiensten worden verleend aan de volgende vluchten:
|
|||
a. alle IFR-vluchten in luchtverkeersdienstverleningsgebieden klasse A, B, C, D en E;
|
||||
b. alle VFR-vluchten in luchtverkeersdienstverleningsgebieden klasse B, C en D;
|
||||
c. alle bijzondere VFR-vluchten;
|
||||
d. het luchtvaartterreinverkeer van een gecontroleerd luchtvaartterrein.
|
||||
d. het luchthavenverkeer van een gecontroleerde luchthaven.
|
||||
|
||||
**2.** Het eerste lid, onder b, geldt niet voor VFR-vluchten met luchtvaartuigen in luchtverkeersdienstverleningsgebied klasse C, indien bij regeling van Onze Minister in het belang van de veiligheid van het luchtverkeer daarvoor regels worden gegeven.
|
||||
|
||||
|
|
@ -155,9 +159,9 @@ Vluchtinformatie omvat:
|
|||
|
||||
a. inlichtingen verstrekt door een meteorologische dienst betreffende het optreden of verwachte optreden van bepaalde weersverschijnselen langs de vliegroute, die de veiligheid van de vluchtuitvoering kunnen beïnvloeden;
|
||||
b. inlichtingen over wijziging in de bruikbaarheid van navigatie-hulpmiddelen;
|
||||
c. inlichtingen over wijzigingen in de staat waarin luchtvaartterreinen en bijbehorende faciliteiten verkeren, met inbegrip van de staat waarin het landingsterrein en de platforms zich bevinden ten gevolge van de aanwezigheid van sneeuw, ijs of water;
|
||||
c. inlichtingen over wijzigingen in de staat waarin luchthavens en bijbehorende faciliteiten verkeren, met inbegrip van de staat waarin het landingsterrein en de platforms zich bevinden ten gevolge van de aanwezigheid van sneeuw, ijs of water;
|
||||
d. andere beschikbare gegevens die de veiligheid van de vlucht kunnen beïnvloeden;
|
||||
e. gemelde of verwachte weersomstandigheden op luchtvaartterreinen van aankomst en vertrek en op uitwijkhavens;
|
||||
e. gemelde of verwachte weersomstandigheden op luchthavens van aankomst en vertrek en op uitwijkhavens;
|
||||
f. mogelijk botsingsgevaar voor vluchten in de klasse C, D, E, F en G gebieden.
|
||||
|
||||
**3.** Vluchtinformatie aan VFR-vluchten omvat, naast de in het tweede lid, onderdeel *a* tot en met *d* bedoelde gegevens voor zover beschikbaar, inlichtingen omtrent ander luchtverkeer en mogelijke instrumentweersomstandigheden langs de vliegroute.
|
||||
|
|
@ -178,7 +182,7 @@ Onze Minister wijst in het vluchtinformatiegebied Amsterdam aan:
|
|||
|
||||
a. algemene luchtverkeersleidingsgebieden;
|
||||
b. plaatselijke luchtverkeersleidingsgebieden;
|
||||
c. gecontroleerde luchtvaartterreinen.
|
||||
c. gecontroleerde luchthavens.
|
||||
|
||||
**2.** Onze Minister bepaalt, door welke verleners van luchtverkeersdiensten, in welke gebieden binnen het vluchtinformatiegebied Amsterdam en op welke gecontroleerde luchthaventerreinen luchtverkeersdiensten worden verleend.
|
||||
|
||||
|
|
@ -196,9 +200,9 @@ c. het tijdens de vlucht verstrekken van gegevens en luchtvaartinlichtingen.
|
|||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
**1.** Onze Minister stelt in het vluchtinformatiegebied Amsterdam luchtverkeersroutes en -procedures vast, waaronder mede zijn begrepen: naderings-, vertrek- en wachtprocedures, alsmede luchtverkeerspatronen voor luchtvaartterreinverkeer.
|
||||
**1.** Onze Minister stelt in het vluchtinformatiegebied Amsterdam luchtverkeersroutes en -procedures vast, waaronder mede zijn begrepen: naderings-, vertrek- en wachtprocedures, alsmede luchtverkeerspatronen voor luchthavenverkeer.
|
||||
|
||||
**2.** De gezagvoerder voert een vlucht uit volgens de bij regeling van Onze Minister vastgestelde luchtverkeersroutes en luchtverkeersprocedures alsmede luchtverkeerspatronen voor luchtvaartterreinverkeer tenzij door een verlener van luchtverkeersleidingsdiensten een anders luidende opdracht is gegeven.
|
||||
**2.** De gezagvoerder voert een vlucht uit volgens de bij regeling van Onze Minister vastgestelde luchtverkeersroutes en luchtverkeersprocedures alsmede luchtverkeerspatronen voor luchthavenverkeer tenzij door een verlener van luchtverkeersleidingsdiensten een anders luidende opdracht is gegeven.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk III. Luchtverkeersregels
|
||||
|
||||
|
|
@ -330,7 +334,7 @@ Een luchtvaartuig dat zich in de lucht bevindt of zich voortbeweegt op de grond
|
|||
|
||||
### Artikel 23
|
||||
|
||||
**1.** Wanneer twee of meer luchtvaartuigen tegelijkertijd een luchtvaartterrein naderen om te landen, verleent een zich hoger bevindend luchtvaartuig voorrang aan een zich lager bevindend luchtvaartuig, met dien verstande, dat het zich lager bevindende luchtvaartuig deze bepalingen niet benut door een ander luchtvaartuig, dat zich in de laatste naderingsfase voor de landing bevindt, in te halen of daar voorlangs te gaan.
|
||||
**1.** Wanneer twee of meer luchtvaartuigen tegelijkertijd een luchthaven naderen om te landen, verleent een zich hoger bevindend luchtvaartuig voorrang aan een zich lager bevindend luchtvaartuig, met dien verstande, dat het zich lager bevindende luchtvaartuig deze bepalingen niet benut door een ander luchtvaartuig, dat zich in de laatste naderingsfase voor de landing bevindt, in te halen of daar voorlangs te gaan.
|
||||
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid verlenen vliegtuigen voorrang aan zweefvliegtuigen.
|
||||
|
||||
|
|
@ -361,7 +365,7 @@ Een luchtvaartuig, dat taxiet op het landingsterrein houdt stil en wacht bij all
|
|||
a. het toestemming heeft gekregen van de plaatselijke verlener van luchtverkeersleidingsdiensten, en;
|
||||
b. de stoplichten gedoofd zijn en de betreffende rijbaan-hartlijnlichten zijn ontstoken.
|
||||
|
||||
**3.** Alvorens met een luchtvaartuig te taxiën op het landingsterrein van een gecontroleerd luchtvaartterrein, zonder de bedoeling een vlucht uit te voeren, wordt toestemming verkregen van de plaatselijke verlener van luchtverkeersleidingsdiensten en wordt voldaan aan opdrachten van die verlener van luchtverkeersleidingsdiensten.
|
||||
**3.** Alvorens met een luchtvaartuig te taxiën op het landingsterrein van een gecontroleerde luchthaven, zonder de bedoeling een vlucht uit te voeren, wordt toestemming verkregen van de plaatselijke verlener van luchtverkeersleidingsdiensten en wordt voldaan aan opdrachten van die verlener van luchtverkeersleidingsdiensten.
|
||||
|
||||
**4.** Wanneer tijdens het taxiën is afgeweken van de verkregen toestemming wordt de plaatselijke verlener van luchtverkeersleidingsdiensten daarvan zo spoedig mogelijk ingelicht onder vermelding van de redenen daarvoor en van de afwijkingen van de toestemming.
|
||||
|
||||
|
|
@ -369,7 +373,7 @@ b. de stoplichten gedoofd zijn en de betreffende rijbaan-hartlijnlichten zijn on
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Op of in de nabijheid van een luchtvaartterrein wordt:
|
||||
Op of in de nabijheid van een luchthaven wordt:
|
||||
|
||||
a. bijzonder acht gegeven op het verkeer, teneinde een botsing te vermijden;
|
||||
b. het door luchtvaartuigen gevormd luchtverkeerscircuit gevolgd dan wel vermeden;
|
||||
|
|
@ -377,9 +381,9 @@ c. op zodanige wijze in het onder b bedoelde luchtverkeerscircuit ingevoegd, dat
|
|||
d. tijdens het aanvliegen voor een landing en na het opstijgen elke bocht naar links gemaakt, tenzij een anders luidende aanwijzing is gegeven;
|
||||
e. tegen de wind in geland en opgestegen, tenzij een andere richting de voorkeur verdient met het oog op de veiligheid, de baanligging of om luchtverkeerstechnische redenen.
|
||||
|
||||
**2.** Het eerste lid onder b, d en e geldt niet, indien in het belang van de veiligheid van het luchtverkeer bij regeling van Onze Minister nadere regels zijn gegeven voor het verkeer op of in de nabijheid van één of meerdere luchtvaartterreinen.
|
||||
**2.** Het eerste lid onder b, d en e geldt niet, indien in het belang van de veiligheid van het luchtverkeer bij regeling van Onze Minister nadere regels zijn gegeven voor het verkeer op of in de nabijheid van één of meerdere luchthavens.
|
||||
|
||||
**3.** Onze Minister kan ontheffing verlenen van het eerste lid, onder b, aan gezagvoerders die deelnemen aan bijzondere luchtverkeersactiviteiten in de nabijheid van een ongecontroleerd luchtvaartterrein. Een ontheffing kan onder beperkingen worden verleend. Aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden.
|
||||
**3.** Onze Minister kan ontheffing verlenen van het eerste lid, onder b, aan gezagvoerders die deelnemen aan bijzondere luchtverkeersactiviteiten in de nabijheid van een ongecontroleerde luchthaven. Een ontheffing kan onder beperkingen worden verleend. Aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden.
|
||||
|
||||
**4.** Het is verboden in strijd met voorschriften als bedoeld in het derde lid te handelen.
|
||||
|
||||
|
|
@ -396,7 +400,7 @@ d. lichten die aangeven dat een voortstuwingsinrichting van het luchtvaartuig in
|
|||
|
||||
**2.** Het is verboden andere dan de in het eerste lid bedoelde lichten te voeren, indien deze kunnen worden aangezien voor de krachtens dat lid vastgestelde lichten.
|
||||
|
||||
**3.** Het is verboden andere dan de in het eerste lid bedoelde lichten te tonen indien deze verblinding kunnen veroorzaken voor leden van het stuurhutpersoneel van het betrokken luchtvaartuig of van andere luchtvaartuigen, dan wel op een luchtvaartterrein voor bestuurders van voertuigen of grondpersoneel.
|
||||
**3.** Het is verboden andere dan de in het eerste lid bedoelde lichten te tonen indien deze verblinding kunnen veroorzaken voor leden van het stuurhutpersoneel van het betrokken luchtvaartuig of van andere luchtvaartuigen, dan wel op een luchthaven voor bestuurders van voertuigen of grondpersoneel.
|
||||
|
||||
### Artikel 29
|
||||
|
||||
|
|
@ -453,7 +457,7 @@ b. een gecontroleerde VFR-vlucht.
|
|||
De meldingsplicht, als bedoeld in het vierde lid, geldt niet voor zover:
|
||||
|
||||
a. de afwijking van de gemiddelde ware luchtsnelheid minder bedraagt dan vijf procent;
|
||||
b. de afwijking van de geschatte tijd voor het volgende meldingspunt of voor het luchtvaartterrein van bestemming, minder bedraagt dan drie minuten.
|
||||
b. de afwijking van de geschatte tijd voor het volgende meldingspunt of voor de luchthaven van bestemming, minder bedraagt dan drie minuten.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 4. Seinen
|
||||
|
||||
|
|
@ -463,7 +467,7 @@ b. de afwijking van de geschatte tijd voor het volgende meldingspunt of voor het
|
|||
|
||||
**2.** De waarnemer of ontvanger van een sein als bedoeld in het eerste lid, geeft hieraan gevolg overeenkomstig de betekenis die er aan is gegeven in de regeling, bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
**3.** De seiner geeft handmatige seinen aan een luchtvaartuig op een luchtvaartterrein op een heldere en precieze wijze, overeenkomstig de regeling, bedoeld in het eerste lid.
|
||||
**3.** De seiner geeft handmatige seinen aan een luchtvaartuig op een luchthaven op een heldere en precieze wijze, overeenkomstig de regeling, bedoeld in het eerste lid.
|
||||
|
||||
#### Paragraaf 5. Tijd
|
||||
|
||||
|
|
@ -587,7 +591,7 @@ b. bij ministeriële regeling andere waarden zijn vastgesteld.
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Het is verboden tijdens een VFR-vlucht te starten van of te landen op een luchtvaartterrein in een plaatselijk luchtverkeersleidingsgebied, of het luchtvaartterreinverkeersgebied of het luchtverkeerscircuit in te vliegen, indien:
|
||||
Het is verboden tijdens een VFR-vlucht te starten van of te landen op een luchthaven in een plaatselijk luchtverkeersleidingsgebied, of het luchthavenverkeersgebied of het luchtverkeerscircuit in te vliegen, indien:
|
||||
|
||||
a. de wolkenbasis lager is dan 450 m (1500 voet), of
|
||||
b. het grondzicht minder is dan 5 km.
|
||||
|
|
@ -637,7 +641,7 @@ c. met een ware luchtsnelheid groter dan de plaatselijke voortplantingssnelheid
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Met uitzondering van het gestelde in het tweede lid is het - tenzij noodzakelijk om op te stijgen van of te landen op een luchtvaartterrein, naderings- en vertrekprocedures alsmede luchtverkeerspatronen uit te voeren - verboden een VFR-vlucht uit te voeren beneden de volgende minimum vlieghoogtes:
|
||||
Met uitzondering van het gestelde in het tweede lid is het - tenzij noodzakelijk om op te stijgen van of te landen op een luchthaven, naderings- en vertrekprocedures alsmede luchtverkeerspatronen uit te voeren - verboden een VFR-vlucht uit te voeren beneden de volgende minimum vlieghoogtes:
|
||||
|
||||
a. boven gebieden met aaneengesloten bebouwing, industrie- en havengebieden daaronder begrepen, dan wel boven mensenverzamelingen: tenminste 300 m (1000 voet) boven de hoogste hindernis, gelegen binnen een afstand van 600 m van het luchtvaartuig;
|
||||
b. elders dan onder a aangegeven: tenminste 150 m (500 voet) boven de grond of het water, of wel zoveel hoger als door Onze Minister is bepaald.
|
||||
|
|
@ -646,9 +650,9 @@ b. elders dan onder a aangegeven: tenminste 150 m (500 voet) boven de grond of h
|
|||
|
||||
Het eerste lid geldt niet, onder nader door Onze Minister te stellen regels, voor de volgende vluchten:
|
||||
|
||||
a. vluchten waarbij een sleep wordt aangehaakt of afgeworpen boven een luchtvaartterrein;
|
||||
a. vluchten waarbij een sleep wordt aangehaakt of afgeworpen boven een luchthaven;
|
||||
b. vluchten waarbij stoffen ter bevordering of ter bescherming van het milieu dan wel de land-, tuin- of bosbouw, te bestemder plaatse worden uitgeworpen;
|
||||
c. vluchten waarbij naderingsprocedures buiten luchtvaartterreinen beoefend worden boven nader door Onze Minister aan te wijzen gebieden;
|
||||
c. vluchten waarbij naderingsprocedures buiten luchthavens beoefend worden boven nader door Onze Minister aan te wijzen gebieden;
|
||||
d. vluchten met zweefvliegtuigen boven nader door Onze Minister aan te wijzen strand- en duingebieden.
|
||||
|
||||
**3.** Het eerste lid onder b geldt niet boven nader door Onze Minister aan te wijzen routes en gebieden.
|
||||
|
|
@ -664,7 +668,7 @@ d. vluchten met zweefvliegtuigen boven nader door Onze Minister aan te wijzen st
|
|||
Onverminderd het gestelde in artikel 11 wordt een VFR-vlucht uitgevoerd in overeenstemming met de algemene vliegvoorschriften voor gecontroleerde vluchten wanneer de vlucht:
|
||||
|
||||
a. wordt uitgevoerd binnen de luchtverkeersdienstverleningsgebieden met klasse B, C en D;
|
||||
b. deel uitmaakt van het terreinverkeer van een gecontroleerd luchtvaartterrein, of;
|
||||
b. deel uitmaakt van het terreinverkeer van een gecontroleerde luchthaven, of;
|
||||
c. wordt uitgevoerd als een bijzondere VFR-vlucht.
|
||||
|
||||
### Artikel 47
|
||||
|
|
@ -675,10 +679,10 @@ c. wordt uitgevoerd als een bijzondere VFR-vlucht.
|
|||
|
||||
In de omstandigheden, als bedoeld in het eerste lid, wordt, behoudens het bepaalde in de volgende leden van dit artikel, een herziening van de klaring gevraagd, waardoor het alsnog mogelijk wordt om:
|
||||
|
||||
a. de vlucht in zichtweersomstandigheden voort te zetten naar het luchtvaartterrein van bestemming of een luchtvaartterrein waarnaar wordt uitgeweken, of;
|
||||
a. de vlucht in zichtweersomstandigheden voort te zetten naar de luchthaven van bestemming of een luchthaven waarnaar wordt uitgeweken, of;
|
||||
b. het betreffende luchtverkeersleidingsgebied, waarin eveneens worden luchtverkeersleidingsdiensten aan VFR-vluchten verleend, te verlaten.
|
||||
|
||||
**3.** Indien een klaring, als bedoeld in het tweede lid, niet kan verkregen, wordt de vlucht voortgezet onder zichtweersomstandigheden en wordt de betrokken verlener van luchtverkeersleidingsdiensten ingelicht omtrent de actie, die wordt ondernomen ten einde het luchtverkeersleidingsgebied, waarin eveneens worden luchtverkeersleidingsdiensten aan VFR-vluchten verleend, te verlaten dan wel een landing uit te voeren op het dichtstbijzijnde daarvoor geschikte luchtvaartterrein.
|
||||
**3.** Indien een klaring, als bedoeld in het tweede lid, niet kan verkregen, wordt de vlucht voortgezet onder zichtweersomstandigheden en wordt de betrokken verlener van luchtverkeersleidingsdiensten ingelicht omtrent de actie, die wordt ondernomen ten einde het luchtverkeersleidingsgebied, waarin eveneens worden luchtverkeersleidingsdiensten aan VFR-vluchten verleend, te verlaten dan wel een landing uit te voeren op de dichtstbijzijnde daarvoor geschikte luchthaven.
|
||||
|
||||
**4.** Wanneer een gecontroleerde VFR-vlucht, als bedoeld in het eerste lid, wordt uitgevoerd binnen een plaatselijk luchtverkeersleidingsgebied, kan toestemming worden verzocht om de vlucht te mogen voortzetten als bijzondere VFR-vlucht.
|
||||
|
||||
|
|
@ -716,7 +720,7 @@ c. zonodig tweezijdige radioverbinding tot stand gebracht met de betrokken lucht
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Met uitzondering van het gestelde in het tweede lid is het - tenzij noodzakelijk om op te stijgen van of te landen op een luchtvaartterrein, naderings- en vertrekprocedures alsmede luchtverkeerspatronen uit te voeren - verboden een IFR-vlucht uit te voeren beneden de volgende minimum vlieghoogtes:
|
||||
Met uitzondering van het gestelde in het tweede lid is het - tenzij noodzakelijk om op te stijgen van of te landen op een luchthaven, naderings- en vertrekprocedures alsmede luchtverkeerspatronen uit te voeren - verboden een IFR-vlucht uit te voeren beneden de volgende minimum vlieghoogtes:
|
||||
|
||||
a. boven bergachtige gebieden: tenminste 600 m (2000 voet) boven de hoogste hindernis, gelegen binnen 8 km van de gegiste positie van het luchtvaartuig;
|
||||
b. elders dan onder a. is aangegeven: tenminste 300 m (1000 voet) boven de hoogste hindernis gelegen binnen 8 km van de gegiste positie van het luchtvaartuig.
|
||||
|
|
@ -761,7 +765,7 @@ De ankerkabel van een zich in de lucht bevindende kabelballon, of van een aan ee
|
|||
|
||||
### Artikel 58
|
||||
|
||||
Op een landingsterrein verleent een voetganger of bestuurder van een voertuig vrije doorgang aan een luchtvaartuig en geeft gevolg aan een aanwijzing gegeven door de exploitant en op een gecontroleerd luchtvaartterrein door de plaatselijke verlener van luchtverkeersleidingsdiensten.
|
||||
Op een landingsterrein verleent een voetganger of bestuurder van een voertuig vrije doorgang aan een luchtvaartuig en geeft gevolg aan een aanwijzing gegeven door de exploitant en op een gecontroleerde luchthaven door de plaatselijke verlener van luchtverkeersleidingsdiensten.
|
||||
|
||||
### Artikel 59
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue