2004-12-03 | BWBR0003954 | Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van belastingen

This commit is contained in:
Coornhert 2004-12-03 12:00:00 +00:00
parent 65a721b3ea
commit baac00e9eb

View file

@ -14,10 +14,12 @@ citeertitel: Wet op de internationale bijstandsverlening bij de heffing van bela
### Artikel 1
**1.** De bepalingen van deze wet strekken ten behoeve van de nakoming van verplichtingen die voortvloeien uit richtlijnen van de Raad van de Europese Gemeenschappen en uit andere regelingen van internationaal en interregionaal recht tot het verlenen van wederzijdse bijstand bij de heffing van belastingen naar het inkomen, de winst en het vermogen, de heffing van belastingen van nalatenschappen en verkrijgingen krachtens erfrecht en schenkingen, alsmede de heffing van omzetbelasting en van accijns.
**1.** De bepalingen van deze wet strekken ten behoeve van de nakoming van verplichtingen die voortvloeien uit richtlijnen van de Raad van de Europese Gemeenschappen en uit andere regelingen van internationaal en interregionaal recht tot het verlenen van wederzijdse bijstand bij de heffing van belastingen naar het inkomen, de winst en het vermogen, de heffing van belastingen van nalatenschappen en verkrijgingen krachtens erfrecht en schenkingen, alsmede de heffing van omzetbelasting en van accijns en de heffing op verzekeringspremies.
**2.** Deze wet is niet van toepassing op de samenwerking in het kader van artikel 19, zesde lid, van richtlijn nr. 92/12/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 25 februari 1992 betreffende de algemene regeling voor accijnsprodukten, het voorhanden hebben en het verkeer daarvan en de controles daarop (*PbEG* L76).
**3.** Deze wet is niet van toepassing bij het verlenen van wederzijdse bijstand op het gebied van de omzetbelasting in het kader van verordening (EG) nr. 1798/2003 van de Raad van de Europese Unie van 7 oktober 2003 betreffende de administratieve samenwerking op het gebied van de belasting over de toegevoegde waarde en tot intrekking van verordening (EEG) nr. 218/92 (PbEU L 264). Bij toepassing van die verordening zijn de artikelen 8, tweede lid, en 11 van deze wet van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 2
Deze wet verstaat onder:
@ -45,9 +47,10 @@ b. de loonbelasting;
c. de vennootschapsbelasting;
d. de dividendbelasting;
e. de rechten van successie, van overgang en van schenking;
f. de omzetbelasting, voor zover deze wordt geheven met toepassing van de bepalingen van de Algemene wet;
g. de accijns, voor zover deze wordt geheven met toepassing van de bepalingen van de Algemene wet, en
h. alle soortgelijke rijksbelastingen, voor zover deze worden geheven met toepassing van de bepalingen van de Algemene wet.
f. de assurantiebelasting;
g. de omzetbelasting, voor zover deze wordt geheven met toepassing van de bepalingen van de Algemene wet;
h. de accijns, voor zover deze wordt geheven met toepassing van de bepalingen van de Algemene wet, en
i. alle soortgelijke rijksbelastingen, voor zover deze worden geheven met toepassing van de bepalingen van de Algemene wet.
### Afdeling 2. Inkomsten uit spaargelden
@ -307,9 +310,11 @@ e. de bevoegde autoriteit voor wie de inlichtingen zouden zijn bestemd, niet bev
**2.** Uitsluitend met toestemming van de bevoegde autoriteit van een staat kan Onze Minister de door hem van haar ontvangen inlichtingen aan de bevoegde autoriteit van een andere staat verstrekken.
**3.** Onze Minister kan aan een bevoegde autoriteit toestemming verlenen de inlichtingen voor een ander doel te gebruiken dan voor de heffing van de in artikel 1 bedoelde belastingen.
**3.** De in artikel 7, eerste lid, eerste alinea, van de richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 19 december 1977, nr. 77/799/EEG (PbEG L 336) bedoelde inlichtingen mogen door de bevoegde autoriteit van de andere lidstaat worden gebruikt voor de vaststelling van heffingen, rechten en belastingen die vallen onder artikel 2 van de richtlijn van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 15 maart 1976, nr. 76/308/EEG (PbEG L 73).
**4.** Onze Minister kan op een daartoe strekkend verzoek een bevoegde autoriteit toestemming verlenen de van hem ontvangen inlichtingen aan een bevoegde autoriteit van een andere staat te verstrekken.
**4.** Onze Minister kan aan een bevoegde autoriteit toestemming verlenen de inlichtingen voor een ander doel te gebruiken dan voor de heffing van de in artikel 1 bedoelde belastingen.
**5.** Onze Minister kan op een daartoe strekkend verzoek een bevoegde autoriteit toestemming verlenen de van hem ontvangen inlichtingen aan een bevoegde autoriteit van een andere staat te verstrekken.
## Hoofdstuk V. Slotbepaling