2003-12-15 | BWBR0006530 | Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren
This commit is contained in:
parent
7b1c418121
commit
badf5c19db
1 changed files with 4 additions and 8 deletions
|
|
@ -502,12 +502,6 @@ c. zich niet houdt aan de ten aanzien van hem geldende regels met betrekking tot
|
|||
|
||||
**5.** Indien als gevolg van handelingen of het nalaten van handelingen door de rechterlijk ambtenaar of de gewezen rechterlijk ambtenaar de WAO-uitkering vermindering ondergaat dan wel de aanspraak daarop geheel of gedeeltelijk wordt geweigerd, wordt de WAO-uitkering voor het vaststellen van zijn aanspraak op een bovenwettelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering steeds geacht onverminderd te zijn genoten.
|
||||
|
||||
### Artikel 24a
|
||||
|
||||
**1.** De functionele autoriteit treft zo tijdig mogelijk zodanige maatregelen en geeft zo tijdig mogelijk zodanige voorschriften als redelijkerwijs nodig is om de rechterlijk ambtenaar, die in verband met ongeschiktheid wegens ziekte verhinderd is zijn arbeid te verrichten, in staat te stellen de eigen of andere passende arbeid te verrichten. Indien vaststaat dat de eigen arbeid niet meer kan worden verricht en bij een gerecht of binnen het gezagsbereik van Onze Minister geen andere passende arbeid voorhanden is, bevordert de functionele autoriteit inschakeling van de rechterlijk ambtenaar in voor hem passende arbeid buiten dat gezagsbereik.
|
||||
|
||||
**2.** Uit hoofde van zijn verplichting, bedoeld in het eerste lid, stelt de functionele autoriteit in overeenstemming met de rechterlijk ambtenaar een plan van aanpak op als bedoeld in artikel 71a, tweede lid, van de WAO. Het plan van aanpak wordt met medewerking van de rechterlijk ambtenaar regelmatig geëvalueerd en zo nodig bijgesteld.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 5. Bijzondere situaties
|
||||
|
||||
### Artikel 25
|
||||
|
|
@ -807,7 +801,7 @@ c. staatsrecht.
|
|||
|
||||
**7.** Met ingang van het tijdstip waarop de werktijd overeenkomstig het eerste of tweede lid is teruggebracht, vervalt ten aanzien van de rechterlijk ambtenaar de verhoging van de vakantie-aanspraak op grond van zijn leeftijd en wordt de vakantie-aanspraak overigens vastgesteld op een evenredig deel van de vakantie-aanspraak bij een volledige taak.
|
||||
|
||||
**8.** Een verzoek als bedoeld in het eerste of tweede lid wordt niet ingewilligd, indien reeds een verzoek van de rechterlijk ambtenaar als bedoeld in artikel 38a is ingewilligd.
|
||||
**8.** De rechterlijk ambtenaar voor wie de arbeidsduur op basis van artikel 20, eerste lid, van de wet op meer dan gemiddeld 36 uur is vastgesteld, kan een verzoek als bedoeld in het eerste en tweede lid eerst indienen nadat op zijn verzoek zijn arbeidsduur is vastgesteld op ten hoogste 36 uur.
|
||||
|
||||
### Artikel 38da
|
||||
|
||||
|
|
@ -876,7 +870,7 @@ Onze Minister kan regels stellen voor een tegemoetkoming in de reiskosten van de
|
|||
|
||||
### Artikel 38k
|
||||
|
||||
**1.** De rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding kan bij de functionele autoriteit een aanvraag indienen om gedurende een kalenderjaar meer uren te werken dan het aantal uren dat op grond van artikel 20, tweede en derde lid, van de wet voor hem is vastgesteld. Voor de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding die is aangesteld of op grond van artikel 9, eerste lid, van de wet is aangewezen voor het vervullen van een volledige taak, bedraagt het aantal uren dat meer gewerkt mag worden maximaal 200 uren per kalenderjaar. Voor de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding die is aangesteld voor het vervullen van een gedeeltelijke taak, geldt een naar evenredigheid lager aantal uren als maximum.
|
||||
**1.** De rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding kan bij de functionele autoriteit een aanvraag indienen om gedurende een kalenderjaar meer uren te werken dan het aantal uren dat op grond van artikel 20, tweede en derde lid, van de wet voor hem is vastgesteld. Voor de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding die is aangesteld of op grond van artikel 9, eerste lid, van de wet is aangewezen voor het vervullen van een volledige taak, bedraagt het aantal uren dat meer gewerkt mag worden maximaal 200 uren per kalenderjaar. Voor de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding die is aangesteld voor het vervullen van een gedeeltelijke taak, geldt een naar evenredigheid lager aantal uren als maximum. Het totaal van de arbeidsduur en het ingevolge dit lid toegewezen aantal meer te werken uren bedraagt niet meer dan gemiddeld 40 uur per week.
|
||||
|
||||
**2.** Een aanvraag als bedoeld in het eerste lid wordt door de functionele autoriteit toegewezen, tenzij het dienstbelang zich daartegen verzet, met dien verstande dat de functionele autoriteit een aanvraag van een rechterlijk ambtenaar in opleiding toewijst in overeenstemming met de leiding van het opleidingsinstituut voor rechterlijke ambtenaren.
|
||||
|
||||
|
|
@ -890,6 +884,8 @@ Onze Minister kan regels stellen voor een tegemoetkoming in de reiskosten van de
|
|||
|
||||
**3.** Per minder te werken uur wordt een inhouding toegepast op het salaris van de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding ten bedrage van het salaris per uur dat hij geniet op de krachtens artikel 38m, tweede lid, vastgestelde datum.
|
||||
|
||||
**4.** De rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding voor wie de arbeidsduur op grond van artikel 20, eerste lid, van de wet op meer dan gemiddeld 36 uur is vastgesteld, kan een aanvraag als bedoeld in het eerste lid eerst indienen nadat op zijn aanvraag zijn arbeidsduur is vastgesteld op ten hoogste gemiddeld 36 uur.
|
||||
|
||||
### Artikel 38m
|
||||
|
||||
**1.** De rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding kan eenmaal per kalenderjaar een aanvraag indienen als bedoeld in de artikelen 38k en 38l.
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue