diff --git a/circulaire/circulaire-voor-optienaturalisatieverzoeken-in-het-buitenland/BWBR0025740/README.md b/circulaire/circulaire-voor-optienaturalisatieverzoeken-in-het-buitenland/BWBR0025740/README.md index d7286332553..33732dd8ba2 100644 --- a/circulaire/circulaire-voor-optienaturalisatieverzoeken-in-het-buitenland/BWBR0025740/README.md +++ b/circulaire/circulaire-voor-optienaturalisatieverzoeken-in-het-buitenland/BWBR0025740/README.md @@ -1080,7 +1080,7 @@ Het hoofd van de diplomatieke of consulaire post wordt verzocht eventuele onjuis -20097723-04-200930-03-2009WBN2009/120097723-04-200930-03-2009WBN2009/125-04-200901-03-200920098612-05-200930-03-2009WBN2009//120098612-05-200930-03-2009WBN2009//125-04-200901-03-2009 +20097723-04-200930-03-2009WBN2009/120097723-04-200930-03-2009WBN2009/125-04-200901-03-200920098612-05-200930-03-2009WBN2009//120098612-05-200930-03-2009WBN2009//125-04-200901-03-200901-01-2015Stcrt. 2015, 1793, datum inwerkingtreding 22-01-2015, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 01-01-2015.1Voor verlening van het Nederlanderschap overeenkomstig artikel 7 komt slechts in aanmerking de verzoekerb.tegen wiens verblijf voor onbepaalde tijd in het Europese deel van Nederland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, geen bedenkingen bestaan;c.die tenminste sedert vijf jaren onmiddellijk voorafgaande aan het verzoek in het Europese deel van Nederland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, toelating en hoofdverblijf heeft;d.die in de samenleving van het Europese deel van Nederland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba als ingeburgerd kan worden beschouwd op grond van het feit dat hij beschikt over een bij algemene maatregel van rijksbestuur te bepalen mate van kennis van de Nederlandse taal, dan wel – indien hij in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba hoofdverblijf heeft – de taal die op het eiland van hoofdverblijf naast het Nederlands gangbaar is, alsmede van de staatsinrichting en maatschappij van het Europese deel van Nederland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, en hij zich ook overigens in een van deze samenlevingen heeft doen opnemen; ene.die verklaart bereid te zijn bij de verkrijging van het Nederlanderschap een verklaring van verbondenheid af te leggen. Het besluit tot verlening wordt niet bekend gemaakt dan nadat de verklaring daadwerkelijk is afgelegd.2Het eerste lid, onder c, geldt niet met betrekking tot de verzoeker die hetzij te eniger tijd het Nederlanderschap of de staat van Nederlands onderdaan-niet-Nederlander heeft bezeten, hetzij sedert tenminste drie jaren de echtgenoot is van en samenwoont met een Nederlander, hetzij tijdens zijn meerderjarigheid in Nederland, Aruba, Curaçao of Sint Maarten is geadopteerd door ouders van wie in elk geval één het Nederlanderschap bezit. #### 8.1.b. jo. lid 2 toelichting ad @@ -1170,7 +1170,7 @@ Een buitenlands huwelijk moet overigens blijken uit een naar Nederlands recht er -20097723-04-200930-03-2009WBN2009/120097723-04-200930-03-2009WBN2009/125-04-200901-03-200920098612-05-200930-03-2009WBN2009//120098612-05-200930-03-2009WBN2009//125-04-200901-03-2009 +20097723-04-200930-03-2009WBN2009/120097723-04-200930-03-2009WBN2009/125-04-200901-03-200920098612-05-200930-03-2009WBN2009//120098612-05-200930-03-2009WBN2009//125-04-200901-03-200901-01-2015Stcrt. 2015, 1793, datum inwerkingtreding 22-01-2015, bevat een wijziging met terugwerkende kracht van deze tekst. Deze wijziging werkt terug tot en met 01-01-2015.2. Een verzoek van de vader of moeder tot medeverlening van het Nederlanderschap aan een kind beneden de leeftijd van 16 jaar wordt ingewilligd indien het kind sedert het tijdstip van het verzoek in het Europese deel van Nederland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, toelating voor onbepaalde tijd en hoofdverblijf heeft.3. Een verzoek van de vader of moeder tot medeverlening van het Nederlanderschap aan een kind dat ten tijde van het verzoek de leeftijd van 16 jaar heeft bereikt wordt ingewilligd indien het kind in het Europese deel van Nederland, Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, een onafgebroken periode van ten minste drie jaren onmiddellijk voorafgaand aan het verzoek toelating en hoofdverblijf en, sedert het tijdstip van het verzoek, toelating voor onbepaalde tijd en hoofdverblijf heeft. Het Nederlanderschap wordt slechts verleend, indien het kind daarmee uitdrukkelijk instemt, hij bereid is bij de verkrijging van het Nederlanderschap een verklaring van verbondenheid af te leggen en op hem geen van de afwijzingsgronden van artikel 9, eerste lid, aanhef en onder a, met inbegrip van het tweede lid van dat artikel, van toepassing is. Het besluit tot verlening wordt niet bekend gemaakt dan nadat de verklaring van verbondenheid daadwerkelijk is afgelegd.6. De vereisten van toelating en van hoofdverblijf van het tweede en derde lid zijn niet van toepassing op het minderjarige kind van een vader of moeder die hoofdverblijf heeft in het buitenland en die met toepassing van het tweede lid van artikel 8 het Nederlanderschap verkrijgt, mits het kind feitelijk tot het gezin van deze ouder behoort en zijn hoofdverblijf niet heeft in het land waarvan hij onderdaan is #### 1.1. Toelichting Openbare orde (Toelichting ad