2017-04-01 | BWBR0036521 | Besluit raadgevend referendum
This commit is contained in:
parent
375c849573
commit
bca10699c5
1 changed files with 33 additions and 36 deletions
|
|
@ -28,20 +28,17 @@ In dit besluit wordt verstaan onder:
|
|||
|
||||
### Artikel 2
|
||||
|
||||
Ten aanzien van de verkrijgbaarheid van de registratieformulieren voor Nederlanders die hun werkelijke woonplaats buiten Nederland hebben, is artikel D 2 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat:
|
||||
|
||||
– in het eerste lid voor «de artikelen D 3, tweede lid of D 3a, tweede lid, van de Kieswet» wordt gelezen: de artikelen 21, derde lid, of 21a, derde lid, van de Wet raadgevend referendum juncto artikel D 3a, derde lid, van de Kieswet;
|
||||
– in het tweede lid voor «artikel D 3a, derde lid, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 21a van de Wet raadgevend referendum juncto artikel D 3a, derde lid, van de Kieswet.
|
||||
Ten aanzien van de registratie van de kiesgerechtigdheid van Nederlanders die hun werkelijke woonplaats buiten Nederland hebben, zijn de artikelen D 4 tot en met D 10 van het Kiesbesluit van toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
||||
Ten aanzien van de registratie van de kiesgerechtigdheid van Nederlanders die hun werkelijke woonplaats buiten Nederland hebben, zijn de artikelen D 3 en D 5 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat in artikel D 5 voor «de artikelen D 3, eerste lid, of D 3a, eerste lid, van de Kieswet» wordt gelezen: de artikelen 21, eerste lid, of 21a, eerste lid, van de Wet raadgevend referendum.
|
||||
Vervallen
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 3. Stembureaus
|
||||
|
||||
### Artikel 4
|
||||
|
||||
Ten aanzien van het aantal leden van stembureaus is artikel E 1 van het Kiesbesluit van toepassing.
|
||||
Ten aanzien van het aantal leden van stembureaus is artikel E 1 van het Kiesbesluit van toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 5
|
||||
|
||||
|
|
@ -53,7 +50,7 @@ De bekendmaking van de dag en het uur van de zittingen van het centraal stembure
|
|||
|
||||
**1.** De kiesgerechtigde die zijn werkelijke woonplaats buiten Nederland heeft, legt bij het verzoek, onderscheidenlijk de ondersteuningsverklaring, een kopie over van een geldig identiteitsbewijs waaruit het Nederlanderschap blijkt of maakt op een andere wijze aannemelijk dat hij de Nederlandse nationaliteit bezit.
|
||||
|
||||
**2.** De voorzitter van het centraal stembureau gaat na of er met betrekking tot degene die het verzoek heeft ingediend onderscheidenlijk de ondersteuningsverklaring heeft afgelegd, die zich vóór 1 oktober 1994 dan wel op of na 1 oktober 1994 buiten Nederland gevestigd heeft, gegevens bekend zijn in het persoonskaartenarchief of het schakelregister, bedoeld in artikel 4.5 van de Wet basisregistratie personen, onderscheidenlijk in de basisregistratie personen, en, zo dit het geval is, of deze overeenstemmen met de in het verzoek onderscheidenlijk de verklaring vermelde gegevens.
|
||||
**2.** De voorzitter van het centraal stembureau gaat na of er met betrekking tot degene die het verzoek heeft ingediend onderscheidenlijk de ondersteuningsverklaring heeft afgelegd, die zich vóór 1 oktober 1994 dan wel op of na 1 oktober 1994 buiten Nederland gevestigd heeft, gegevens bekend zijn in het persoonskaartenarchief of het schakelregister, bedoeld in artikel 4.5 van de Wet basisregistratie personen, onderscheidenlijk in de basisregistratie personen, en, zo dit het geval is, of deze overeenstemmen met de in het verzoek onderscheidenlijk de verklaring vermelde gegevens.
|
||||
|
||||
**3.** Onverminderd de artikelen 33, derde lid, en 45, derde lid, van de Wet raadgevend referendum zijn ongeldig de verzoeken die zijn ingediend, onderscheidenlijk ondersteuningsverklaringen die zijn afgelegd door een kiesgerechtigde die zijn werkelijke woonplaats buiten Nederland heeft, indien deze niet een kopie heeft overgelegd van een geldig identiteitsbewijs waaruit het Nederlanderschap blijkt noch op een andere wijze aannemelijk heeft gemaakt dat hij de Nederlandse nationaliteit bezit.
|
||||
|
||||
|
|
@ -89,71 +86,71 @@ De voorzitter van het centraal stembureau bepaalt op aselecte wijze welke verzoe
|
|||
|
||||
### Artikel 10
|
||||
|
||||
**1.** De burgemeester brengt de adressen en de openingstijden van de stemlokalen en de adressen en de zittingstijden van de mobiele stembureaus uiterlijk op de vierde dag voor de stemming ter openbare kennis. Hierbij vermeldt hij tevens welke stemlokalen voldoen aan artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 4, tweede lid, van de Kieswet.
|
||||
**1.** De burgemeester brengt de adressen en de openingstijden van de stemlokalen en de adressen en de zittingstijden van de mobiele stembureaus uiterlijk op de vierde dag voor de stemming ter openbare kennis. Hierbij vermeldt hij tevens welke stemlokalen voldoen aan artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 4, tweede lid, van de Kieswet.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
Ten aanzien van de stemming zijn de artikelen J 2 tot en met J 8 van het Kiesbesluit van toepassing met dien verstande dat:
|
||||
Ten aanzien van de stemming zijn de artikelen J 2 tot en met J 8 van het Kiesbesluit van toepassing met dien verstande dat:
|
||||
|
||||
– in artikel J 2, eerste lid, aanhef, voor «artikel J 7a, eerste lid, eerste volzin, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 7a, eerste lid, eerste volzin, van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 2, eerste lid, aanhef, voor «artikel J 7a, eerste lid, eerste volzin, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 7a, eerste lid, eerste volzin, van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 2, eerste lid, onderdeel a, voor «verkiezingscode» wordt gelezen: referendumcode;
|
||||
– in artikel J 2, eerste lid, onderdeel d, onder 3°, voor «artikel J 8 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 8 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 2, tweede lid, voor «artikel J 7a, eerste lid, tweede volzin, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 7a, eerste lid, tweede volzin, van de Kieswet.
|
||||
– in artikel J 2, eerste lid, onderdeel d, onder 3°, voor «artikel J 8 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 8 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 2, tweede lid, voor «artikel J 7a, eerste lid, tweede volzin, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 7a, eerste lid, tweede volzin, van de Kieswet.
|
||||
|
||||
### Artikel 11
|
||||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
Bij het gelijktijdig plaatsvinden van een stemming voor een referendum ingevolge de Wet raadgevend referendum met een andere, door de gemeenteraad uitgeschreven, stemming zijn de artikelen J 10 tot en met J 12 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat:
|
||||
Bij het gelijktijdig plaatsvinden van een stemming voor een referendum ingevolge de Wet raadgevend referendum met een andere, door de gemeenteraad uitgeschreven, stemming zijn de artikelen J 10 tot en met J 12 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat:
|
||||
|
||||
– in deze artikelen voor «de stemming ingevolge de Kieswet» telkens wordt gelezen: de stemming ingevolge de Wet raadgevend referendum;
|
||||
– in artikel J 10, eerste lid, onderdeel a, voor «artikel J 7 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 7 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 10, eerste lid, onderdeel b, voor «artikel J 7a van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 7a van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 10, eerste lid, onderdeel c, voor «artikel K 3 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 60 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel K 3 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 10, eerste lid, onderdeel d, voor «artikel L 8 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 61 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel L 8 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 10, eerste lid, onderdeel e, voor «artikel L 14 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 61 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel L 14 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 10, tweede lid, onderdeel b, voor «artikel N 2 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 63, tweede lid, van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 2 van de Kieswet.
|
||||
– in artikel J 10, eerste lid, onderdeel a, voor «artikel J 7 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 7 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 10, eerste lid, onderdeel b, voor «artikel J 7a van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 7a van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 10, eerste lid, onderdeel c, voor «artikel K 3 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 60 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel K 3 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 10, eerste lid, onderdeel d, voor «artikel L 8 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 61 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel L 8 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 10, eerste lid, onderdeel e, voor «artikel L 14 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 61 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel L 14 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 10, tweede lid, onderdeel b, voor «artikel N 2 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 63, tweede lid, van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 2 van de Kieswet.
|
||||
|
||||
**2.** Bij het gelijktijdig plaatsvinden van een stemming voor een referendum ingevolge de Wet raadgevend referendum met de stemming voor een ander referendum of een verkiezing als bedoeld in artikel 56, eerste lid, van die wet zijn de artikelen J 13 en J 14 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat in artikel J 14, eerste lid, voor «de stemming voor de verkiezing van de leden van provinciale staten als voor de stemming voor de verkiezing van de leden van de algemene besturen» wordt gelezen: de stemming voor het referendum als voor de stemming voor het andere referendum of de verkiezing als bedoeld in artikel 56, eerste lid, van de Wet raadgevend referendum.
|
||||
**2.** Bij het gelijktijdig plaatsvinden van een stemming voor een referendum ingevolge de Wet raadgevend referendum met de stemming voor een ander referendum of een verkiezing als bedoeld in artikel 56, eerste lid, van die wet zijn de artikelen J 13 en J 14 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat in artikel J 14, eerste lid, voor «de stemming voor de verkiezing van de leden van provinciale staten als voor de stemming voor de verkiezing van de leden van de algemene besturen» wordt gelezen: de stemming voor het referendum als voor de stemming voor het andere referendum of de verkiezing als bedoeld in artikel 56, eerste lid, van de Wet raadgevend referendum.
|
||||
|
||||
### Artikel 12
|
||||
|
||||
Ten aanzien van de schorsing van de zitting van het stembureau zijn de artikelen J 26 tot en met J 35 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat:
|
||||
Ten aanzien van de schorsing van de zitting van het stembureau zijn de artikelen J 26 tot en met J 35 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat:
|
||||
|
||||
– in artikel J 26, tweede lid, de zinsnede «tenzij het de verkiezing betreft van de leden van de gemeenteraad» buiten toepassing blijft;
|
||||
– in artikel J 27, derde lid, onderdeel f, voor «artikel M 11 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 62 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel M 11 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 33, derde lid, voor «artikel J 30 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 30 van de Kieswet.
|
||||
– in artikel J 27, derde lid, onderdeel f, voor «artikel M 11 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 62 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel M 11 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel J 33, derde lid, voor «artikel J 30 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 59 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel J 30 van de Kieswet.
|
||||
|
||||
### Artikel 13
|
||||
|
||||
Ten aanzien van de verzending van de briefstembescheiden naar kiezers buiten Nederland is artikel M 1 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat voor «M 6, eerste lid, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 62 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel M 6, eerste lid, van de Kieswet.
|
||||
Ten aanzien van de verzending van de briefstembescheiden naar kiezers buiten Nederland is artikel M 1 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat voor «M 6, eerste lid, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 62 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel M 6, eerste lid, van de Kieswet.
|
||||
|
||||
### Artikel 14
|
||||
|
||||
Ten aanzien van de extra zittingen van de briefstembureaus, bedoeld in artikel M 9 van de Kieswet, zijn de artikelen M 2 tot en met M 8 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat:
|
||||
Ten aanzien van de extra zittingen van de briefstembureaus, bedoeld in artikel M 9 van de Kieswet, zijn de artikelen M 2 tot en met M 8 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat:
|
||||
|
||||
– in artikel M 2 voor «artikel M 9, tweede lid, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 62 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel M 9, tweede lid, van de Kieswet;
|
||||
– in de artikelen M 4, tweede lid, onderdeel b, en vierde lid, onderdeel c, voor «artikel M 11 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 62 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel M 11 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel M 5, tweede lid, voor «Artikel N 10, eerste lid, laatste volzin, tweede en derde lid, van de Kieswet» wordt gelezen: Artikel 66 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 10, eerste lid, laatste volzin, tweede en derde lid, van de Kieswet;
|
||||
– in artikel M 7, eerste lid, voor «artikel N 16a, eerste lid, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 69 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 16a, eerste lid, van de Kieswet.
|
||||
– in artikel M 2 voor «artikel M 9, tweede lid, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 62 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel M 9, tweede lid, van de Kieswet;
|
||||
– in de artikelen M 4, tweede lid, onderdeel b, en vierde lid, onderdeel c, voor «artikel M 11 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 62 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel M 11 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel M 5, tweede lid, voor «Artikel N 10, eerste lid, laatste volzin, tweede en derde lid, van de Kieswet» wordt gelezen: Artikel 66 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 10, eerste lid, laatste volzin, tweede en derde lid, van de Kieswet;
|
||||
– in artikel M 7, eerste lid, voor «artikel N 16a, eerste lid, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 69 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 16a, eerste lid, van de Kieswet.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 7. De stemopneming door het briefstembureau
|
||||
|
||||
### Artikel 15
|
||||
|
||||
Ten aanzien van de schorsing en de hervatting van de stemopneming door briefstembureaus zijn de artikelen N 9 tot en met N 14 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat:
|
||||
Ten aanzien van de schorsing en de hervatting van de stemopneming door briefstembureaus zijn de artikelen N 9 tot en met N 14 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat:
|
||||
|
||||
– in artikel N 9 voor «artikel N 16a van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 69 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 16a van de Kieswet;
|
||||
– in artikel N 10, eerste lid, voor «artikel N 9, tweede lid, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 65, tweede lid, van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 9, tweede lid, van de Kieswet;
|
||||
– in artikel N 10, tweede lid, voor «Artikel N 10, eerste lid, laatste volzin, tweede en derde lid van de Kieswet» wordt gelezen: Artikel 66 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 10, eerste lid, laatste volzin, tweede en derde lid, van de Kieswet;
|
||||
– in artikel N 12 voor «de artikelen M 10 en M 11 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 62 van de Wet raadgevend referendum juncto de artikelen M 10 en M 11 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel N 13, eerste lid, voor «hoofdstuk N van de Kieswet» wordt gelezen «hoofdstuk 9 van de Wet raadgevend referendum», voor «artikel N 15 van de Kieswet» wordt gelezen «artikel 69 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 15 van de Kieswet», voor «artikel N 6 van de Kieswet» wordt gelezen «artikel 64, eerste lid, van de Wet raadgevend referendum» en voor «artikel N 16a, eerste lid, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 69 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 16a, eerste lid, van de Kieswet.
|
||||
– in artikel N 9 voor «artikel N 16a van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 69 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 16a van de Kieswet;
|
||||
– in artikel N 10, eerste lid, voor «artikel N 9, tweede lid, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 65, tweede lid, van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 9, tweede lid, van de Kieswet;
|
||||
– in artikel N 10, tweede lid, voor «Artikel N 10, eerste lid, laatste volzin, tweede en derde lid van de Kieswet» wordt gelezen: Artikel 66 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 10, eerste lid, laatste volzin, tweede en derde lid, van de Kieswet;
|
||||
– in artikel N 12 voor «de artikelen M 10 en M 11 van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 62 van de Wet raadgevend referendum juncto de artikelen M 10 en M 11 van de Kieswet;
|
||||
– in artikel N 13, eerste lid, voor «hoofdstuk N van de Kieswet» wordt gelezen «hoofdstuk 9 van de Wet raadgevend referendum», voor «artikel N 15 van de Kieswet» wordt gelezen «artikel 69 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 15 van de Kieswet», voor «artikel N 6 van de Kieswet» wordt gelezen «artikel 64, eerste lid, van de Wet raadgevend referendum» en voor «artikel N 16a, eerste lid, van de Kieswet» wordt gelezen: artikel 69 van de Wet raadgevend referendum juncto artikel N 16a, eerste lid, van de Kieswet.
|
||||
|
||||
## Hoofdstuk 8. De vaststelling van de uitslag van het referendum
|
||||
|
||||
### Artikel 16
|
||||
|
||||
Ten aanzien van het gebruik van programmatuur ten behoeve van de berekening van de uitslag van het referendum door het centraal stembureau zijn de artikelen P 1 en P 2 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat:
|
||||
Ten aanzien van het gebruik van programmatuur ten behoeve van de berekening van de uitslag van het referendum door het centraal stembureau zijn de artikelen P 1 en P 2 van het Kiesbesluit van toepassing, met dien verstande dat:
|
||||
|
||||
– in artikel P 1, eerste, tweede en zevende lid, telkens voor «de verkiezingen of de berekening van de zetelverdeling» wordt gelezen: het referendum;
|
||||
– in artikel P 1, vierde lid, voor «dag van de kandidaatstelling» wordt gelezen: vierenveertigste dag voor de dag van stemming;
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue