2012-02-08 | BWBR0014168 | Mijnbouwwet
This commit is contained in:
parent
990991fe0f
commit
be1b60950b
1 changed files with 16 additions and 16 deletions
|
|
@ -35,7 +35,7 @@ n. mijnbouwwerk: een werk dat behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur
|
|||
2°. ten behoeve van het opslaan van stoffen;
|
||||
3°. die samenhangen met de in de onderdelen 1° en 2° bedoelde werken;
|
||||
o. mijnbouwinstallatie: een mijnbouwwerk dat verankerd is in of aanwezig is boven de bodem van een oppervlaktewater;
|
||||
p. Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken;
|
||||
p. Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie;
|
||||
q. opsporen van CO_2-opslagcomplexen: onderzoek naar opslagcomplexen met gebruikmaking van een boorgat of door het verrichten van proeven met injectie van CO_2 om het opslagvoorkomen te karakteriseren;
|
||||
r. opsporingsvergunning van CO_2-opslagcomplexen: een vergunning voor het opsporen van CO_2-opslagcomplexen;
|
||||
s. CO_2-opslagcomplex: opslagvoorkomen voor CO_2 en de omringende geologische gebieden die een weerslag kunnen hebben op de algehele integriteit van de opslag en de veiligheid ervan;
|
||||
|
|
@ -400,7 +400,7 @@ De houder van een opslagvergunning kan zijn vergunning slechts met schriftelijke
|
|||
|
||||
**2.** In afwijking van het eerste lid zijn op vergunningen voor permanent opslaan van CO_2 uitsluitend de artikelen 14 en 22 van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
**3.** Ten aanzien van een vergunning voor opsporen van CO_2-opslagcomplexen zijn de artikelen 9, eerste tot en met derde lid, 11, tweede, derde en vierde lid, 12, 13, tweede lid, 14, 17, 18 met dien verstande dat voor andere «andere delfstoffen» wordt gelezen «andere stoffen», 19, 20 met dien verstande dat in het eerste lid, tweede volzin, voor «Artikel 7, tweede lid» wordt gelezen «Artikel 26, zesde lid», 21, eerste, tweede, vierde, vijfde en zesde lid, en 22 van overeenkomstige toepassing.
|
||||
**3.** Ten aanzien van een vergunning voor opsporen van CO_2-opslagcomplexen zijn de artikelen 9, eerste tot en met derde lid, 11, tweede, derde en vierde lid, 12, 13, tweede lid, 14, 17, 18 met dien verstande dat voor «andere delfstoffen» wordt gelezen «andere stoffen», 19, 20 met dien verstande dat in het eerste lid, tweede volzin, voor «Artikel 7, tweede lid» wordt gelezen «Artikel 26, zesde lid», 21, eerste, tweede, vierde, vijfde en zesde lid, en 22 van overeenkomstige toepassing.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 3.2. Aanvullende bepalingen omtrent het permanent opslaan van CO
|
||||
|
||||
|
|
@ -469,13 +469,13 @@ n. het bedrag aan financiële zekerheid of een gelijkwaardige voorziening.
|
|||
|
||||
### Artikel 31e
|
||||
|
||||
**1.** Een houder van een vergunning voor permanent opslaan voor CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 stelt Onze Minister in kennis van de geplande wijzigingen van de exploitatie van het opslagvoorkomen en de injectiefaciliteiten met bijbehorende bovengrondse voorzieningen.
|
||||
**1.** Een houder van een vergunning voor permanent opslaan van CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 stelt Onze Minister in kennis van de geplande wijzigingen van de exploitatie van het opslagvoorkomen en de injectiefaciliteiten met bijbehorende bovengrondse voorzieningen.
|
||||
|
||||
**2.** Op een aanvraag van de houder van een vergunning voor permanent opslaan van CO_2 om wijziging van een of meer onderdelen van een verleende vergunning is artikel 31d, eerste lid, voor zover relevant van toepassing.
|
||||
|
||||
### Artikel 31f
|
||||
|
||||
**1.** Een houder van een vergunning voor permanent opslaan voor CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 houdt in een register bij de hoeveelheden en kenmerken van de geleverde, opgeslagen en weggelekte CO_2-stromen met inbegrip van hun samenstelling.
|
||||
**1.** Een houder van een vergunning voor permanent opslaan van CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 houdt in een register bij de hoeveelheden en kenmerken van de geleverde, opgeslagen en weggelekte CO_2-stromen met inbegrip van hun samenstelling.
|
||||
|
||||
**2.** Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent de inrichting van het register.
|
||||
|
||||
|
|
@ -483,7 +483,7 @@ n. het bedrag aan financiële zekerheid of een gelijkwaardige voorziening.
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De houder van een vergunning voor permanent opslaan voor CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 verstrekt ten minste elk jaar aan Onze Minister de volgende gegevens:
|
||||
De houder van een vergunning voor permanent opslaan van CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 verstrekt ten minste elk jaar aan Onze Minister de volgende gegevens:
|
||||
|
||||
a. de resultaten van de monitoring van de opgeslagen CO_2 met vermelding van de gebruikte technologie,
|
||||
b. de hoeveelheden en kenmerken van de geleverde en opgeslagen CO_2-stromen met vermelding van de samenstelling van deze stromen,
|
||||
|
|
@ -507,11 +507,11 @@ d. indien de gestelde financiële zekerheid of een gelijkwaardige voorziening on
|
|||
|
||||
### Artikel 31i
|
||||
|
||||
**1.** Een houder van een vergunning voor permanent opslaan voor CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 sluit een opslagvoorkomen af en verwijdert de injectiefaciliteiten met de bijbehorende bovengrondse voorzieningen indien opslag van CO_2 overeenkomstig de voorschriften van zijn vergunning is beëindigd.
|
||||
**1.** Een houder van een vergunning voor permanent opslaan van CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 sluit een opslagvoorkomen af en verwijdert de injectiefaciliteiten met de bijbehorende bovengrondse voorzieningen indien opslag van CO_2 overeenkomstig de voorschriften van zijn vergunning is beëindigd.
|
||||
|
||||
**2.** Alvorens te beginnen met de afsluiting van het opslagvoorkomen en de verwijdering van de injectiefaciliteiten met de bijbehorende bovengrondse voorzieningen dient de houder of de aangewezen persoon, bedoeld in het eerste lid, een geactualiseerde versie van de documenten, bedoeld in artikel 31d, eerste lid, onderdelen h tot en met l, bij Onze Minister in.
|
||||
|
||||
**3.** De houder of de aangewezen persoon, bedoeld in het eerste lid, vangt niet eerder aan met de afsluiting dan nadat Onze Minister met de geactualiseerde versies heeft ingestemd.
|
||||
**3.** De houder of de aangewezen persoon, bedoeld in het eerste lid, vangt niet eerder aan met de afsluiting dan nadat Onze Minister met de geactualiseerde versie heeft ingestemd.
|
||||
|
||||
### Artikel 31j
|
||||
|
||||
|
|
@ -519,7 +519,7 @@ d. indien de gestelde financiële zekerheid of een gelijkwaardige voorziening on
|
|||
|
||||
Onze Minister trekt een vergunning voor permanent opslaan van CO_2 op eigen beweging of op verzoek van de vergunninghouder in indien:
|
||||
|
||||
a. door de houder van een vergunning voor permanent opslaan voor CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 schriftelijk is aangetoond dat het opgeslagen CO_2 volledig en permanent ingesloten blijft,
|
||||
a. door de houder van een vergunning voor permanent opslaan van CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 schriftelijk is aangetoond dat het opgeslagen CO_2 volledig en permanent ingesloten blijft,
|
||||
b. het opslagvoorkomen is afgesloten en de injectiefaciliteiten met de bijbehorende bovengrondse voorzieningen zijn verwijderd,
|
||||
c. na het tijdstip waarop het opslagvoorkomen is afgesloten en de bijbehorende bovengrondse voorzieningen en injectiefaciliteiten zijn verwijderd een periode van tenminste 20 jaar is verstreken of zoveel korter of langer als naar het oordeel van Onze Minister, gelet op onderdeel a, verantwoord is, en
|
||||
d. de houder, bedoeld in onderdeel a, hem een financiële bijdrage ter beschikking heeft gesteld waarmee de voorziene kosten, doch ten minste de geraamde monitoringskosten gedurende een periode van 30 jaar, ingaande op het tijdstip van intrekking worden gedekt.
|
||||
|
|
@ -549,9 +549,9 @@ b. levert Onze Minister voor 1 mei van het daarop volgende kalenderjaar ten min
|
|||
|
||||
**4.** De monitoring betreft het niveau waarop lekkages of significante onregelmatigheden kunnen worden vastgesteld. Indien significante onregelmatigheden of dreiging daarvan worden vastgesteld, intensiveert Onze Minister de monitoring.
|
||||
|
||||
**5.** Onze Minister verhaalt de kosten die samenhangen met het eerste lid en zijn ontstaan na intrekking van de vergunning op de voormalige houder van een vergunning voor permanent opslaan voor CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 voor zover hij niet zorgvuldig heeft gehandeld in de periode voorafgaande aan de intrekking van de opslagvergunning.
|
||||
**5.** Onze Minister verhaalt de kosten die samenhangen met het eerste lid en zijn ontstaan na intrekking van de vergunning op de voormalige houder van een vergunning voor permanent opslaan van CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 voor zover hij niet zorgvuldig heeft gehandeld in de periode voorafgaande aan de intrekking van de opslagvergunning.
|
||||
|
||||
**6.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen omtrent het eerste lid, onderdeel a, en het tweede lid regels worden opgesteld.
|
||||
**6.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen omtrent het eerste lid, onderdeel a, en het tweede lid regels worden gesteld.
|
||||
|
||||
### Artikel 31l
|
||||
|
||||
|
|
@ -561,7 +561,7 @@ b. levert Onze Minister voor 1 mei van het daarop volgende kalenderjaar ten min
|
|||
|
||||
**3.** Indien het eerste dan wel tweede lid toepassing vindt, actualiseert Onze Minister zo nodig de documenten, bedoeld in artikel 31d, eerste lid, onderdelen h tot en met l.
|
||||
|
||||
**4.** De kosten die Onze Minister bij toepassing van het eerste tot en met derde lid maakt of heeft gemaakt, verhaalt hij op de voormalige houder van een vergunning voor permanent opslaan voor CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22. Indien geen verhaal mogelijk is, verhaalt Onze Minister de kosten op de door de voormalige vergunninghouder gestelde financiële zekerheid of een gelijkwaardige voorziening.
|
||||
**4.** De kosten die Onze Minister bij toepassing van het eerste tot en met derde lid maakt of heeft gemaakt, verhaalt hij op de voormalige houder van een vergunning voor permanent opslaan van CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22. Indien geen verhaal mogelijk is, verhaalt Onze Minister de kosten op de door de voormalige vergunninghouder gestelde financiële zekerheid of een gelijkwaardige voorziening.
|
||||
|
||||
**5.** Onze Minister stelt in de periode die aanvangt met de intrekking van een vergunning de financiële zekerheid of een gelijkwaardige voorziening periodiek bij.
|
||||
|
||||
|
|
@ -581,7 +581,7 @@ Onze Minister draagt er zorg voor dat de milieu-informatie over permanent opslaa
|
|||
|
||||
### Artikel 32
|
||||
|
||||
**1.** Een houder van een vergunning voor permanent opslaan voor CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 en een exploitant van een transportnetwerk zijn verplicht op voorwaarden die redelijk, transparant en niet-discriminerend zijn voor degene die daarom verzoekt CO_2 in zijn opslagvoorkomen op te slaan respectievelijk door zijn transportnetwerk te transporteren.
|
||||
**1.** Een houder van een vergunning voor permanent opslaan van CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 en een exploitant van een transportnetwerk zijn verplicht op voorwaarden die redelijk, transparant en niet-discriminerend zijn voor degene die daarom verzoekt CO_2 in zijn opslagvoorkomen op te slaan respectievelijk door zijn transportnetwerk te transporteren.
|
||||
|
||||
**2.** Een houder en een exploitant als bedoeld in de eerste volzin kunnen het verzoek om opslag of transport weigeren op grond van een gebrek aan capaciteit, verbindingsmogelijkheden of onverenigbaarheid van technische specificaties.
|
||||
|
||||
|
|
@ -1522,7 +1522,7 @@ De Mijnraad verstrekt desgevraagd aan Onze Minister de voor de uitoefening van z
|
|||
|
||||
### Artikel 112
|
||||
|
||||
Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de Mijnraad geschiedt op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie van Economische Zaken. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van de raad opgeborgen in het archief van dat ministerie.
|
||||
Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van de Mijnraad geschiedt op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van de raad opgeborgen in het archief van dat ministerie.
|
||||
|
||||
### Paragraaf 6.2. De Technische commissie bodembeweging
|
||||
|
||||
|
|
@ -1690,7 +1690,7 @@ f. de winningsplannen, als bedoeld in artikel 34, die zijn ingediend en waarvoor
|
|||
|
||||
**1.** Het Staatstoezicht op de mijnen heeft tot taak het toezien op het verrichten van verkenningsonderzoeken, op het opsporen en het winnen van delfstoffen en aardwarmte en op het opslaan van stoffen.
|
||||
|
||||
**2.** De inspecteur-generaal der mijnen stelt na elke inspectie, verricht in het kader van paragraaf 3.2 een verslag op over de naleving van de voorschriften en de voorgeschreven maatregelen. Het verslag wordt ter kennis gebracht van de betrokken houder van een vergunning voor permanent opslaan voor CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 en binnen twee maanden na de inspectie openbaar gemaakt.
|
||||
**2.** De inspecteur-generaal der mijnen stelt na elke inspectie, verricht in het kader van paragraaf 3.2 een verslag op over de naleving van de voorschriften en de voorgeschreven maatregelen. Het verslag wordt ter kennis gebracht van de betrokken houder van een vergunning voor permanent opslaan van CO_2 of, indien de vergunning door meerdere personen wordt gehouden, een aangewezen persoon als bedoeld in artikel 22 en binnen twee maanden na de inspectie openbaar gemaakt.
|
||||
|
||||
### Artikel 128
|
||||
|
||||
|
|
@ -1841,7 +1841,7 @@ Het bedrag dat aan voorschotten kan worden verstrekt bedraagt ten hoogste 60 pro
|
|||
|
||||
**1.**
|
||||
|
||||
De procedure, bedoeld in artikel 3.35, eerste lid, aanhef en onderdeel c, van de Wet ruimtelijke ordening, is van toepassing op:
|
||||
De procedure, bedoeld in artikel 3.35, eerste lid, aanhef en onderdeel c, van de Wet ruimtelijke ordening, is van toepassing op de aanleg of de uitbreiding van:
|
||||
|
||||
a. een mijnbouwwerk ten behoeve van de opsporing of winning van koolwaterstoffen in of onder een gebied dat is aangewezen op grond van de artikelen 10 of 10a van de Natuurbeschermingswet 1998;
|
||||
b. een mijnbouwwerk ten behoeve van de opslag van stoffen;
|
||||
|
|
@ -1862,7 +1862,7 @@ d. de procedure, bedoeld in artikel 3.35, eerste lid, aanhef en onderdeel a, gev
|
|||
|
||||
**1.** Onze Minister is de aangewezen minister, bedoeld in artikel 3.35, tweede en derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening.
|
||||
|
||||
**2.** Indien toepassing wordt gegeven aan artikel 3.28, vierde lid, van de Wet ruimtelijke ordening treden, in afwijking van dat artikellid, Onze Minister en Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer gezamenlijk in de plaats van burgemeester en wethouders ten aanzien van de bevoegdheden en verplichtingen, bedoeld in dat artikellid.
|
||||
**2.** Indien toepassing wordt gegeven aan artikel 3.28, vierde lid, van de Wet ruimtelijke ordening treden, in afwijking van dat artikellid, Onze Minister en Onze Minister van Infrastructuur en Milieu gezamenlijk in de plaats van burgemeester en wethouders ten aanzien van de bevoegdheden en verplichtingen, bedoeld in dat artikellid.
|
||||
|
||||
**3.** Onze Minister kan, in overeenstemming met het gevoelen van de ministerraad, bepalen dat Onze Minister en Onze Minister wie het mede aangaat, met overeenkomstige toepassing van artikel 3.35, derde lid, vierde volzin, van de Wet ruimtelijke ordening, één of meer besluiten nemen die nodig zijn voor de aanleg of uitbreiding van een daarbij aangewezen mijnbouwwerk of pijpleiding als bedoeld in artikel 141a, eerste lid.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue