2012-01-01 | BWBR0017265 | Implementatiewet EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten
This commit is contained in:
parent
521b15be60
commit
be78216119
1 changed files with 11 additions and 11 deletions
|
|
@ -24,36 +24,36 @@ Wijzigt de Wet op de economische delicten.
|
|||
|
||||
### Artikel IV
|
||||
|
||||
Het nationale toewijzingsplan dat ter uitvoering van artikel 9 van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten is vastgesteld voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, wordt aangemerkt als een nationaal toewijzingsplan als bedoeld in artikel 16.25, eerste lid, van de Wet milieubeheer dat is vastgesteld overeenkomstig het daaromtrent bepaalde bij of krachtens hoofdstuk 16 van de Wet milieubeheer en geldt met terugwerkende kracht met ingang van de dag, bedoeld in artikel 16.28 van de Wet milieubeheer.
|
||||
Het nationale toewijzingsplan dat ter uitvoering van artikel 9 van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten is vastgesteld voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, wordt aangemerkt als een nationaal toewijzingsplan als bedoeld in artikel 16.25, eerste lid, van de Wet milieubeheer dat is vastgesteld overeenkomstig het daaromtrent bepaalde bij of krachtens hoofdstuk 16 van de Wet milieubeheer en geldt met terugwerkende kracht met ingang van de dag, bedoeld in artikel 16.28 van de Wet milieubeheer.
|
||||
|
||||
### Artikel V
|
||||
|
||||
Met betrekking tot de voorbereiding van een nationaal toewijzingsbesluit als bedoeld in artikel 16.29, eerste lid, van de Wet milieubeheer, voorzover dat besluit betrekking heeft op de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, geldt het volgende:
|
||||
Met betrekking tot de voorbereiding van een nationaal toewijzingsbesluit als bedoeld in artikel 16.29, eerste lid, van de Wet milieubeheer, voorzover dat besluit betrekking heeft op de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, geldt het volgende:
|
||||
|
||||
1. In afwijking van artikel 3:16, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht bedraagt de termijn voor het naar voren brengen van zienswijzen vier weken.
|
||||
2. In afwijking van artikel 16.30, derde lid, van de Wet milieubeheer nemen Onze Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en Onze Minister van Economische Zaken het besluit uiterlijk tien weken na de terinzagelegging van het ontwerp.
|
||||
|
||||
### Artikel VI
|
||||
|
||||
Met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, geldt, in afwijking van artikel 16.32, tweede lid, van de Wet milieubeheer, dat de toewijzing van broeikasgasemissierechten voor inrichtingen als bedoeld in artikel 16.25, tweede lid, onder a, van die wet gedeeltelijk kan plaatsvinden in het nationale toewijzingsbesluit, bedoeld in artikel 16.29, eerste lid, van die wet, dat op bedoelde periode betrekking heeft.
|
||||
Met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, geldt, in afwijking van artikel 16.32, tweede lid, van de Wet milieubeheer, dat de toewijzing van broeikasgasemissierechten voor inrichtingen als bedoeld in artikel 16.25, tweede lid, onder a, van die wet gedeeltelijk kan plaatsvinden in het nationale toewijzingsbesluit, bedoeld in artikel 16.29, eerste lid, van die wet, dat op bedoelde periode betrekking heeft.
|
||||
|
||||
### Artikel VIa
|
||||
|
||||
**1.** Dit artikel is van toepassing op inrichtingen als bedoeld in artikel 16.29, eerste lid, onder b, van de Wet milieubeheer waarvoor na 1 oktober 2004 en voor 15 november 2004 een verzoek om toepassing van artikel 27 van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten, bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van die wet, wordt ingediend bij de Commissie van de Europese Gemeenschappen.
|
||||
**1.** Dit artikel is van toepassing op inrichtingen als bedoeld in artikel 16.29, eerste lid, onder b, van de Wet milieubeheer waarvoor na 1 oktober 2004 en voor 15 november 2004 een verzoek om toepassing van artikel 27 van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten, bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van die wet, wordt ingediend bij de Commissie van de Europese Gemeenschappen.
|
||||
|
||||
**2.** Met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, geldt dat de toewijzing van broeikasgasemissierechten voor afzonderlijke inrichtingen als bedoeld in artikel 16.29, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet milieubeheer, plaatsvindt onder de voorwaarde dat de Commissie van de Europese Gemeenschappen ten aanzien van de betrokken inrichting op grond van artikel 27 van de in het eerste lid genoemde richtlijn niet heeft bepaald dat die inrichting tijdelijk buiten de reikwijdte van die richtlijn blijft.
|
||||
**2.** Met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, geldt dat de toewijzing van broeikasgasemissierechten voor afzonderlijke inrichtingen als bedoeld in artikel 16.29, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wet milieubeheer, plaatsvindt onder de voorwaarde dat de Commissie van de Europese Gemeenschappen ten aanzien van de betrokken inrichting op grond van artikel 27 van de in het eerste lid genoemde richtlijn niet heeft bepaald dat die inrichting tijdelijk buiten de reikwijdte van die richtlijn blijft.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van artikel 16.35, eerste lid, van de Wet milieubeheer geldt met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, dat de verlening van broeikasgasemissierechten, bedoeld in dat artikellid, in het eerste kalenderjaar van die planperiode aan degene die een inrichting drijft waarvoor in het nationale toewijzingsbesluit, bedoeld in artikel 16.29, eerste lid, van die wet voor die planperiode met toepassing van het tweede lid voorwaardelijk broeikasgasemissierechten zijn toegewezen, wordt opgeschort met ingang van 1 maart 2005 voorzover op 28 februari 2005 de beslissing van de Commissie van de Europese Gemeenschappen op het in het eerste lid bedoelde verzoek nog niet is bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie. De verlening wordt opgeschort tot en met de dag waarop sedert de bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie van de beslissing op het verzoek twee weken zijn verstreken.
|
||||
**3.** In afwijking van artikel 16.35, eerste lid, van de Wet milieubeheer geldt met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, dat de verlening van broeikasgasemissierechten, bedoeld in dat artikellid, in het eerste kalenderjaar van die planperiode aan degene die een inrichting drijft waarvoor in het nationale toewijzingsbesluit, bedoeld in artikel 16.29, eerste lid, van die wet voor die planperiode met toepassing van het tweede lid voorwaardelijk broeikasgasemissierechten zijn toegewezen, wordt opgeschort met ingang van 1 maart 2005 voorzover op 28 februari 2005 de beslissing van de Commissie van de Europese Gemeenschappen op het in het eerste lid bedoelde verzoek nog niet is bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie. De verlening wordt opgeschort tot en met de dag waarop sedert de bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie van de beslissing op het verzoek twee weken zijn verstreken.
|
||||
|
||||
**4.** In afwijking van artikel 16.35, eerste lid, van de Wet milieubeheer worden broeikasgasemissierechten die met toepassing van het tweede lid voorwaardelijk zijn toegewezen, uitsluitend verleend voorzover de Commissie van de Europese Gemeenschappen het verzoek om toepassing van artikel 27 van de in het eerste lid genoemde richtlijn ten aanzien van de betrokken inrichting heeft afgewezen.
|
||||
|
||||
### Artikel VIb
|
||||
|
||||
**1.** Dit artikel is van toepassing op inrichtingen als bedoeld in artikel 16.25, tweede lid, onder a, van de Wet milieubeheer waarvoor na 1 oktober 2004 een verzoek om toepassing van artikel 27 van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten, bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van die wet, wordt ingediend bij de Commissie van de Europese Gemeenschappen.
|
||||
**1.** Dit artikel is van toepassing op inrichtingen als bedoeld in artikel 16.25, tweede lid, onder a, van de Wet milieubeheer waarvoor na 1 oktober 2004 een verzoek om toepassing van artikel 27 van de EG-richtlijn handel in broeikasgasemissierechten, bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van die wet, wordt ingediend bij de Commissie van de Europese Gemeenschappen.
|
||||
|
||||
**2.** Met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, geldt dat de toewijzing van broeikasgasemissierechten, bedoeld in artikel 16.32, tweede lid, van de Wet milieubeheer, voor inrichtingen als bedoeld in artikel 16.25, tweede lid, onder a, van die wet, kan plaatsvinden onder de voorwaarde dat de Commissie van de Europese Gemeenschappen ten aanzien van de betrokken inrichting op grond van artikel 27 van de in het eerste lid genoemde richtlijn, niet heeft bepaald dat die inrichting tijdelijk buiten de reikwijdte van die richtlijn blijft.
|
||||
**2.** Met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, geldt dat de toewijzing van broeikasgasemissierechten, bedoeld in artikel 16.32, tweede lid, van de Wet milieubeheer, voor inrichtingen als bedoeld in artikel 16.25, tweede lid, onder a, van die wet, kan plaatsvinden onder de voorwaarde dat de Commissie van de Europese Gemeenschappen ten aanzien van de betrokken inrichting op grond van artikel 27 van de in het eerste lid genoemde richtlijn, niet heeft bepaald dat die inrichting tijdelijk buiten de reikwijdte van die richtlijn blijft.
|
||||
|
||||
**3.** In afwijking van artikel 16.35, derde lid, van de Wet milieubeheer geldt met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, dat de verlening van broeikasgasemissierechten, bedoeld in dat artikellid, in het tweede of derde jaar van die planperiode aan degene die een inrichting drijft waarvoor in het besluit, bedoeld in artikel 16.32, tweede lid, van die wet voor die planperiode met toepassing van het tweede lid voorwaardelijk broeikasgasemissierechten zijn toegewezen, wordt opgeschort met ingang van 1 maart 2006 onderscheidenlijk 1 maart 2007 voorzover op 28 februari 2006 onderscheidenlijk 28 februari 2007 de beslissing van de Commissie van de Europese Gemeenschappen op dat verzoek nog niet is bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie. De verlening wordt opgeschort tot en met de dag waarop sedert de bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie van de beslissing op het verzoek twee weken zijn verstreken. Dit lid is uitsluitend van toepassing op de eerste verlening van broeikasgasemissierechten binnen de planperiode, bedoeld in de eerste volzin, aan degene die een inrichting als bedoeld in die volzin drijft.
|
||||
**3.** In afwijking van artikel 16.35, derde lid, van de Wet milieubeheer geldt met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, dat de verlening van broeikasgasemissierechten, bedoeld in dat artikellid, in het tweede of derde jaar van die planperiode aan degene die een inrichting drijft waarvoor in het besluit, bedoeld in artikel 16.32, tweede lid, van die wet voor die planperiode met toepassing van het tweede lid voorwaardelijk broeikasgasemissierechten zijn toegewezen, wordt opgeschort met ingang van 1 maart 2006 onderscheidenlijk 1 maart 2007 voorzover op 28 februari 2006 onderscheidenlijk 28 februari 2007 de beslissing van de Commissie van de Europese Gemeenschappen op dat verzoek nog niet is bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie. De verlening wordt opgeschort tot en met de dag waarop sedert de bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie van de beslissing op het verzoek twee weken zijn verstreken. Dit lid is uitsluitend van toepassing op de eerste verlening van broeikasgasemissierechten binnen de planperiode, bedoeld in de eerste volzin, aan degene die een inrichting als bedoeld in die volzin drijft.
|
||||
|
||||
**4.** In afwijking van artikel 16.35, derde lid, van de Wet milieubeheer worden broeikasgasemissierechten die met toepassing van het tweede lid voorwaardelijk zijn toegewezen, uitsluitend verleend voorzover de Commissie van de Europese Gemeenschappen het verzoek om toepassing van artikel 27 van de in het eerste lid genoemde richtlijn ten aanzien van de betrokken inrichting heeft afgewezen.
|
||||
|
||||
|
|
@ -61,7 +61,7 @@ Met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en
|
|||
|
||||
Artikel 16.35, tweede lid, van de Wet milieubeheer is niet van toepassing op broeikasgasemissierechten die:
|
||||
|
||||
a. zijn ingeleverd ter voldoening aan het bepaalde bij artikel 16.37, eerste lid, met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, en
|
||||
a. zijn ingeleverd ter voldoening aan het bepaalde bij artikel 16.37, eerste lid, met betrekking tot de eerste planperiode, welke loopt van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2007, en
|
||||
b. door het bestuur van de emissieautoriteit zijn ingetrokken.
|
||||
|
||||
### Artikel VIII
|
||||
|
|
@ -81,7 +81,7 @@ Wijzigt deze wet.
|
|||
|
||||
### Artikel X
|
||||
|
||||
Wijzigt de Wet uitvoering Verdrag van Aarhus(28 835).
|
||||
Wijzigt de Wet uitvoering Verdrag van Aarhus(28 835).
|
||||
|
||||
### Artikel XI
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue