From bf62c044be32bfdf968ee085f6893384503f378d Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 1 Jan 2002 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2002-01-01 | BWBR0006533 | Rechtspositiebesluit gedeputeerden --- .../BWBR0006533/README.md | 186 ++++++------------ 1 file changed, 58 insertions(+), 128 deletions(-) diff --git a/amvb/rechtspositiebesluit-gedeputeerden/BWBR0006533/README.md b/amvb/rechtspositiebesluit-gedeputeerden/BWBR0006533/README.md index 876dc2a7ea9..deecc47ee78 100644 --- a/amvb/rechtspositiebesluit-gedeputeerden/BWBR0006533/README.md +++ b/amvb/rechtspositiebesluit-gedeputeerden/BWBR0006533/README.md @@ -18,20 +18,20 @@ In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. Onze Minister: Onze Minister van Binnenlandse Zaken; b. bezoldiging: de bezoldiging, bedoeld in artikel 3; -c. tijdstip van beëindiging van het ambt van gedeputeerde: het tijdstip van aftreden, bedoeld in artikel 41, eerste lid, van de Provinciewet, de dag van ingang van het ontslag, bedoeld in artikel 42, tweede lid, en artikel 46, eerste lid, van de Provinciewet, de dag van ingang van het ontslag, bedoeld in artikel 49 van de Provinciewet of de dag volgende op die van het overlijden; +c. tijdstip van beëindiging van het ambt van gedeputeerde: het tijdstip van aftreden, bedoeld in artikel 41, eerste lid, van de Provinciewet, de dag van ingang van het ontslag, bedoeld in artikel 42, tweede lid, en artikel 46, eerste lid, van de Provinciewet, de dag van ingang van het verlies van het lidmaatschap van provinciale staten, bedoeld in artikel 48 van de Provinciewet, de dag van ingang van het ontslag, bedoeld in artikel 49 van de Provinciewet of de dag volgende op die van het overlijden; d. voormalig gedeputeerde: de gedeputeerde die is afgetreden of ontslagen of die het lidmaatschap van provinciale staten heeft verloren, dan wel is overleden. ### Artikel 2 -Dit besluit is van overeenkomstige toepassing op de gedeputeerde die ingevolge artikel 35a, derde en vierde lid, van de Provinciewet de betrekking in deeltijd uitoefent, tenzij anders is bepaald. +**1.** Dit besluit is van overeenkomstige toepassing op het lid van provinciale staten dat gedurende meer dan dertig dagen onafgebroken een gedeputeerde ingevolge artikel 51, eerste lid, van de Provinciewet heeft vervangen, tenzij anders is bepaald. + +**2.** Dit besluit is van overeenkomstige toepassing op de gedeputeerde die ingevolge artikel 35, tweede lid, van de Provinciewet de betrekking in deeltijd uitoefent, tenzij anders is bepaald. ## Hoofdstuk 2. De bezoldiging ### Artikel 3 -**1.** De bezoldiging van de gedeputeerde bedraagt € 8.773,96 per maand. - -**2.** Als de bezoldiging van het personeel in de sector Rijk wijziging ondergaat, wordt het in het eerste lid genoemde bedrag overeenkomstig gewijzigd. +De gedeputeerde geniet een bezoldiging per maand waarvan de hoogte overeenkomt met het maximum van schaal 17 van bijlage B van het Bezoldigingsbesluit Burgerlijke Rijksambtenaren 1984. ### Artikel 4 @@ -47,179 +47,130 @@ Dit besluit is van overeenkomstige toepassing op de gedeputeerde die ingevolge a **2.** De bezoldiging eindigt op het tijdstip van beëindiging van het ambt van gedeputeerde. -### Artikel 5a - -Indien een gedeputeerde naast zijn bezoldiging als gedeputeerde tevens aanspraak heeft op vergoeding voor de werkzaamheden als statenlid gedurende een tijdvak als bedoeld in artikel 35c, tweede lid, onder a of b, van de Provinciewet, dan vervalt gedurende dit tijdvak zijn aanspraak op een vergoeding voor de werkzaamheden als statenlid. - -### Artikel 5b - -**1.** - -Zo spoedig mogelijk na afloop van het kalenderjaar, verstrekt de gedeputeerde aan Onze Minister dan wel aan een door hem aangewezen instantie: - -een opgave van de neveninkomsten welke hij over dat kalenderjaar of over een gedeelte daarvan heeft genoten, dan wel - -een verklaring dat hij geen neveninkomsten heeft genoten of niet meer dan 14% van de bezoldiging op jaarbasis aan neveninkomsten heeft genoten over dat jaar of, indien hij het ambt van gedeputeerde vervulde gedurende een gedeelte van het kalenderjaar, een evenredig deel daarvan, dan wel - -een verklaring dat een opgave van neveninkomsten achterwege zal blijven. - -**2.** In afwijking van het eerste lid, verminderen gedeputeerde staten op verzoek van een gedeputeerde diens bezoldiging reeds gedurende het kalenderjaar met een bedrag waarmee hij verwacht dat zijn bezoldiging zal worden verrekend vanwege zijn neveninkomsten. - -**3.** Onze Minister, dan wel een door hem aangewezen instantie, deelt gedeputeerde staten het bedrag van de bezoldiging dat teruggevorderd dient te worden, mede en verstrekt een afschrift daarvan aan de gedeputeerde. - -**4.** Gedeputeerde staten vorderen, indien Onze Minister dan wel een door hem aangewezen instantie constateert dat er sprake is van te verrekenen neveninkomsten, het teveel aan ontvangen bezoldiging terug van de gedeputeerde. - -**5.** Indien de gedeputeerde geen informatie kan verstrekken, meldt hij dit binnen zes maanden onder opgaaf van redenen aan Onze Minister, dan wel aan een door hem aangewezen instantie. De gedeputeerde meldt tevens een redelijke termijn waarop hij deze informatie alsnog zal verstrekken - -**6.** In het geval genoemd in het eerste lid, onderdeel c, alsmede indien de gedeputeerde binnen zes maanden na afloop van het kalenderjaar geen opgave of verklaring, als bedoeld in het eerste lid, heeft ingezonden, of niet heeft voldaan aan het vijfde lid, stellen gedeputeerde staten de bezoldiging over het afgelopen jaar vast op 65% van de bezoldiging op jaarbasis, tenzij zij uit anderen hoofde kunnen vaststellen tot welk bedrag er verrekend zou moeten worden. - -**7.** Op verzoek van de gedeputeerde kunnen gedeputeerde staten besluiten de verrekening of terugbetaling in termijnen te laten plaatsvinden. +**3.** De bezoldiging wordt door het lid van provinciale staten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, genoten met ingang van de dag van de aanwijzing door provinciale staten, voor de periode van vervanging. ### Artikel 6 **1.** In geval van overlijden van de gedeputeerde wordt aan de weduwe of weduwnaar van wie de overleden gedeputeerde niet duurzaam gescheiden leefde een bedrag uitgekeerd, gelijk aan de bezoldiging vermeerderd met de vakantie-uitkering, welke de gedeputeerde laatstelijk genoot over een tijdvak van drie maanden. Indien de overledene geen weduwe of weduwnaar van wie de overleden gedeputeerde niet duurzaam gescheiden leefde nalaat, geschiedt de uitkering ten behoeve van de minderjarige wettige of natuurlijke kinderen, of minderjarige kinderen waarover de overledene de pleegouderlijke zorg droeg. Onder pleegouderlijke zorg wordt verstaan de zorg voor het onderhoud en de opvoeding van het kind als was het een eigen kind, onafhankelijk van enige verplichting daartoe of van het genieten van een vergoeding daarvoor. Ontbreken ook zodanige kinderen dan geschiedt de uitkering aan degenen die geheel of grotendeels afhankelijk waren van de bezoldiging van de gedeputeerde. -**2.** Voor de toepassing van dit artikel wordt onder weduwe of weduwnaar mede verstaan de achtergebleven geregistreerde partner alsmede degene met wie de overleden gedeputeerde ongehuwd samenleefde en een gezamenlijke huishouding heeft gevoerd als bedoeld in artikel 3, derde en vierde lid, van de Algemene nabestaandenwet. +**2.** Voor de toepassing van dit artikel wordt onder weduwe of weduwnaar mede verstaan de achtergebleven geregistreerde partner alsmede de nabestaande levenspartner met wie de overleden niet-gehuwde gedeputeerde samenwoonde en - met het oogmerk duurzaam samen te leven - een gemeenschappelijke huishouding heeft gevoerd op basis van een notarieel verleden samenlevingscontract, bevattende de wederzijdse rechten en verplichtingen ter zake van die samenwoning en gemeenschappelijke huishouding. Tegelijkertijd kan slechts één persoon als levenspartner worden aangemerkt. Het provinciebestuur kan verlangen dat een schriftelijke verklaring van een notaris wordt overgelegd waaruit blijkt dat een samenlevingscontract als bedoeld in de eerste volzin is gesloten. + +**3.** Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing in geval van overlijden van het lid van provinciale staten, bedoeld in artikel 2, eerste lid. ## Hoofdstuk 3. Vergoeding bijzondere kosten en andere financiële voorzieningen -### Paragraaf 1. Vergoedingen in verband met de tijdelijke vervanging in verband met zwangerschap en bevalling of ziekte +### Paragraaf 1 ### Artikel 7 -De tijdelijke vervanger van de gedeputeerde die verlof heeft wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, ontvangt voor zijn verzekering voor arbeidsongeschiktheid, ouderdom en overlijden € 590 per maand. +Vervallen ### Artikel 8 -**1.** De gedeputeerde die verlof heeft wegens zwangerschap en bevalling of ziekte, ontvangt een onkostenvergoeding voor overige aan de uitoefening van het ambt verbonden kosten ter hoogte van de helft van het in artikel 21 bedoelde bedrag. +Vervallen -**2.** In afwijking van artikel XI van het Besluit van 12 juni 2013 tot wijziging van het Rechtspositiebesluit commissarissen van de Koning, het Rechtspositiebesluit burgemeesters, het Rechtspositiebesluit gedeputeerden, het Rechtspositiebesluit wethouders, het Rechtspositiebesluit staten- en commissieleden, het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, het Waterschapsbesluit en het Rechtspositiebesluit Rijksvertegenwoordiger BES in verband met een wijziging in de regeling inzake ambtswoningen en enkele andere wijzigingen (Stb. 2013, 222), werkt het eerste lid niet terug tot en met 3 augustus 2011. - -### Paragraaf 2. Voorzieningen in verband met ziekte, een dienstongeval of een structurele functionele beperking +### Paragraaf 2. Tegemoetkoming in ziektekosten ### Artikel 9 -Vervallen +De gedeputeerde ontvangt ten laste van de provinciale kas een tegemoetkoming ter zake van gemaakte ziektekosten en kosten, verbonden aan de verzekering tegen ziektekosten, met inachtneming van de artikelen 10 tot en met 13. ### Artikel 10 -Vervallen +Indien de gedeputeerde deelneemt aan een publiekrechtelijke ziektekostenregeling ontvangt hij het bedrag van de tegemoetkoming overeenkomstig het bedrag van de bijdrage van de provincie ten behoeve van deelnemend provinciaal personeel. ### Artikel 11 -Vervallen +**1.** Indien de gedeputeerde niet deelneemt aan een publiekrechtelijke ziektekostenregeling, wordt het bedrag van de tegemoetkoming aan hem in de kosten, verbonden aan verzekering tegen ziektekosten, vastgesteld overeenkomstig de provinciale regeling ten behoeve van niet-deelnemend provinciaal personeel. + +**2.** Bij ontbreken van een provinciale regeling als bedoeld in het eerste lid, dan wel indien geen ziektekostenverzekering is afgesloten, wordt het bedrag van de tegemoetkoming aan de gedeputeerde vastgesteld op de voet van de regeling ter zake voor het burgerlijk rijkspersoneel. ### Artikel 12 -Vervallen +**1.** Aan de gedeputeerde die deelneemt aan de in artikel 10 bedoelde publiekrechtelijke ziektekostenregeling en die over het werkgeversaandeel in de bijdrage aan deze ziektekostenregeling premie voor de Algemene ouderdomswet en de Algemene nabestaandenwet (premie AOW/Anw) is verschuldigd, terwijl hij niet reeds op grond van zijn inkomen uit zijn ambt van gedeputeerde de maximaal verschuldigde premie AOW/Anw betaalt, wordt een compensatie verleend. + +**2.** De in het eerste lid bedoelde compensatie is gelijk aan het bedrag dat aan premie AOW/Anw is verschuldigd over het werkgeversaandeel, bedoeld in het eerste lid, en waarmee het op grond van het eigen inkomen, bedoeld in het eerste lid, verschuldigde bedrag aan premie AOW/Anw wordt overschreden. + +**3.** Het bedrag van de compensatie wordt aan het eind van het kalenderjaar vastgesteld en in de maand januari van het daaropvolgende kalenderjaar uitbetaald. Bij benoeming tot gedeputeerde en bij ontslag, aftreden of overlijden van de gedeputeerde in de loop van een kalenderjaar, wordt de compensatie berekend naar rato van het aantal maanden dat betrokkene in dat jaar gedeputeerde is geweest. Bij ontslag en aftreden als gedeputeerde en bij overlijden van de gedeputeerde vindt de uitbetaling plaats in de maand, volgend op de maand, waarin het ambt van gedeputeerde is beëindigd. ### Artikel 13 -Vervallen +Indien een provinciale regeling aanwezig is ten behoeve van provinciaal personeel ter tegemoetkoming in gemaakte, voor eigen rekening blijvende ziektekosten, is deze van overeenkomstige toepassing op gedeputeerden, mits de betrokken gedeputeerde zich in voldoende mate tegen ziektekosten heeft verzekerd. ### Artikel 14 -Vervallen +De artikelen 9 tot en met 13 zijn van overeenkomstige toepassing op voormalige gedeputeerden, nabestaanden van gedeputeerden en nabestaanden van voormalige gedeputeerden gedurende de periode dat zij een uitkering, dan wel een pensioen genieten op basis van de provinciale verordening krachtens de vijfde afdeling van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers. ### Artikel 15 -Vervallen +In bijzondere gevallen kan door gedeputeerde staten ten laste van de provincie aan de gedeputeerde een tegemoetkoming worden toegekend in noodzakelijk gemaakte kosten, verband houdende met ziekte, welke de gedeputeerde voor zichzelf en degenen die behoren tot zijn huishouden heeft gemaakt, indien hierin niet ingevolge een andere regeling kan worden voorzien en deze kosten redelijkerwijs niet te zijnen laste kunnen blijven. ### Artikel 16 **1.** -Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder: +In geval van ziekte welke in overwegende mate haar oorzaak vindt: -a. *een ziekte:* een ziekte die in overwegende mate haar oorzaak vindt in de uitoefening van de aan het ambt verbonden werkzaamheden; -b. *een dienstongeval:* een ongeval dat plaatsvindt tijdens de uitoefening van de aan het ambt verbonden werkzaamheden. +a. in de aard van de aan het ambt van gedeputeerde verbonden werkzaamheden, of +b. in de bijzondere omstandigheden waaronder deze moesten worden verricht, en +c. niet aan eigen schuld of onvoorzichtigheid is te wijten, kunnen de naar het oordeel van gedeputeerde staten noodzakelijk gemaakte kosten van geneeskundige behandeling of verzorging, voor zover deze kosten ten laste van de gedeputeerde blijven, aan de gedeputeerde voor rekening van de provincie worden vergoed. -**2.** - -De gedeputeerde ontvangt een vergoeding voor de noodzakelijk gemaakte kosten in verband met een geneeskundige behandeling of verzorging of overige kosten, indien deze in overwegende mate hun oorzaak vinden in een ziekte of een dienstongeval als bedoeld in het eerste en tweede lid: - -a. voor zover deze kosten ten laste van de gedeputeerde blijven en -b. voor zover de ziekte of het dienstongeval niet aan eigen schuld of onvoorzichtigheid te wijten is. - -**3.** In bijzondere gevallen kunnen gedeputeerde staten bepalen dat overige schade aangemerkt wordt als voortvloeiend uit de ziekte of het dienstongeval, naar redelijkheid en billijkheid en gehoord de vergadering van de fractievoorzitters van alle partijen in provinciale staten. - -**4.** Onder overige schade valt niet het gederfde inkomen. - -**5.** Als de schade van de ziekte of het dienstongeval is ontstaan tijdens zijn ambtsperiode en voortduurt na zijn aftreden is dit artikel van overeenkomstige toepassing op de gewezen gedeputeerde. +**2.** Ter zake van andere schade, voortvloeiende uit de in het eerste lid bedoelde werkzaamheden of omstandigheden, kunnen de nadere voorschriften, zoals deze door provinciale staten ten aanzien van het ambtelijk personeel van de provincie eventueel zijn vastgesteld, van overeenkomstige toepassing worden verklaard op de gedeputeerde in die provincie. ### Artikel 17 -**1.** Gedeputeerde staten kennen een gedeputeerde die naar het oordeel van een arts een structurele functionele beperking heeft, ten laste van de provincie op aanvraag een tegemoetkoming toe voor de bekostiging van een voorziening als bedoeld in artikel 35, tweede en derde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. +**1.** -**2.** Het gestelde bij of krachtens artikel 35, vijfde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat uitsluitend een financiële tegemoetkoming wordt verstrekt. +Aan de voormalig gedeputeerde, wiens recht op uitkering op grond van een verordening, bedoeld in de vijfde afdeling van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers, is voortgezet wegens algemene invaliditeit, wordt, indien zijn invaliditeit het gevolg is van ziekten of gebreken die in overwegende mate hun oorzaak vinden in de aard van de aan het ambt van gedeputeerde verbonden werkzaamheden of in de bijzondere omstandigheden waaronder deze werden verricht, en deze niet aan zijn schuld of onvoorzichtigheid zijn te wijten, een aanvulling op de uitkering verleend. Deze aanvulling is gelijk aan een bedrag dat nodig is om de uitkering te verhogen tot een van de mate van algemene invaliditeit afhankelijk percentage van de laatstelijk als gedeputeerde genoten wedde, bedoeld in artikel 133 van de eerdergenoemde wet. Dit percentage is bij een invaliditeitsgraad van -### Paragraaf 2a. Voorzieningen in verband met bewaken en beveiligen +80% of meer: 90,02%; -### Artikel 17a +65 tot 80%: 73,31%; +55 tot 65%; 56,59%; +45 tot 55%: 45,01%; +35 tot 45%: 34,08%; +25 tot 35%: 22,50% van de wedde. -Indien gedeputeerde staten ten behoeve van een veilige woon- en werkplek van een gedeputeerde kosten maken, die in het kader van het stelsel bewaken en beveiligen zijn aangemerkt als werkgeverskosten, komen deze ten laste van de provincie. +Het recht op de aanvulling op de uitkering eindigt met ingang van de eerste dag van de maand, waarin de voormalige gedeputeerde de leeftijd van 65 jaar bereikt. + +**2.** Indien het overlijden van een gedeputeerde, dan wel van een voor een uitkering als bedoeld in het eerste lid in aanmerking gekomen voormalig gedeputeerde, het rechtstreeks gevolg is van ziekten of gebreken als bedoeld in het eerste lid, wordt aan degene die in verband met dit overlijden krachtens een verordening als bedoeld in het eerste lid een pensioen geniet, een uitkering verleend ten bedrage van 18% van dit pensioen. De uitkering eindigt met ingang van de maand waarin de overledene de leeftijd van 65 jaar zou hebben bereikt, dan wel - indien de weduwe of weduwnaar of achtergebleven geregistreerde partner aan wie een pensioen werd toegekend, hertrouwt of zich als partner laat registreren - met ingang van de maand volgende op die van het hertrouwen of de partnerschapsregistratie. ### Paragraaf 3. Vergoeding onkosten ### Artikel 18 -**1.** +Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat aan de gedeputeerde een tegemoetkoming in de kosten van het reizen tussen zijn woning en zijn plaats van tewerkstelling of een Openbaar-Vervoerjaarkaart wordt verstrekt, dan wel dat een keuze tussen een tegemoetkoming of een Openbaar-Vervoerjaarkaart wordt geboden, met dien verstande dat: -Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat indien de gedeputeerde bij benoeming nog niet over woonruimte in de provincie beschikt, hij ten laste van de provincie aanspraak heeft op: - -a. een vergoeding van reis- en pensionkosten; -b. een vergoeding van verhuiskosten in verband met de benoeming in de provincie. - -**2.** Onze Minister stelt bij ministeriële regeling nadere regels over hoogte van de vergoeding en de voorwaarden voor de aanspraak. +a. geen tegemoetkoming of Openbaar-Vervoerjaarkaart wordt verstrekt indien de afstand tussen woning en plaats van tewerkstelling van de gedeputeerde tien kilometer of minder bedraagt; +b. de tegemoetkoming niet hoger wordt gesteld dan de bedragen die bij of krachtens artikel 12 van het Verplaatsingskostenbesluit 1989 zijn of zullen worden vastgesteld. ### Artikel 19 -**1.** +**1.** Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat aan de gedeputeerde naast de tegemoetkoming, bedoeld in artikel 18, vergoeding wordt verleend voor reiskosten ter zake van andere dan de in artikel 18 bedoelde reizen ten behoeve van de provincie gemaakt, met dien verstande dat voor het gebruik van een eigen motorvoertuig de vergoeding niet hoger wordt gesteld dan het bedrag dat bij of krachtens artikel 7 van het Reisbesluit binnenland is vastgesteld. -Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat de gedeputeerde aanspraak heeft op: - -a. een vergoeding van kosten voor woon-werkverkeer; -b. een jaarkaart voor het openbaar vervoer of een daartoe strekkende vergoeding; -c. een vergoeding van reis- en verblijfkosten voor reizen gemaakt voor de uitoefening van het ambt. - -**2.** Onze Minister stelt bij ministeriële regeling nadere regels over hoogte van de vergoeding en de voorwaarden voor de aanspraak. - -### Artikel 19a - -Vervallen +**2.** Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat aan de gedeputeerde vergoeding wordt verleend voor werkelijk gemaakte verblijfkosten ter zake van reizen, bedoeld in het eerste lid. ### Artikel 20 -Indien aan de gedeputeerde een dienstauto ter beschikking is gesteld en hij voor het gebruik van deze dienstauto loon- en inkomstenbelasting is verschuldigd, kunnen gedeputeerde staten bepalen dat deze belastingheffing door de provincie aan de gedeputeerde wordt vergoed. De vergoeding betreft ten hoogste de verschuldigde loon- en inkomstenbelasting voor het gebruik van de dienstauto. +Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat een gedeputeerde, naar in de verordening te stellen regels, ten laste van de provincie een tegemoetkoming ontvangt ter zake van kosten voor in verband met de vervulling van het ambt van gedeputeerde noodzakelijke kinderopvang. ### Artikel 21 -**1.** Een gedeputeerde ontvangt een onkostenvergoeding voor overige aan de uitoefening van het ambt verbonden kosten ten bedrage van € 362,56 per maand. +**1.** Provinciale staten kunnen bij verordening bepalen dat aan een gedeputeerde een onkostenvergoeding voor overige aan de uitoefening van het ambt verbonden kosten wordt toegekend die ten hoogste € 261,38 per maand bedraagt. -**2.** Het bedrag, bedoeld in het eerste lid, wordt per 1 januari van elk jaar bij ministeriële regeling gewijzigd aan de hand van de consumentenprijsindex, geldend voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar. +**2.** Ten aanzien van een gedeputeerde van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, geldt in afwijking van het eerste lid een onkostenvergoeding die ten hoogste € 544,99 per maand kan bedragen. + +**3.** De bedragen, genoemd in het eerste en tweede lid, worden per 1 januari van elk jaar door Onze Minister herzien aan de hand van de consumentenprijsindex, geldend voor de maand september van het voorafgaande kalenderjaar en bekend gemaakt in de Staatscourant. ### Artikel 22 -**1.** De gedeputeerde, die in de loop van het kalenderjaar is benoemd dan wel het ambt van gedeputeerde heeft beëindigd als bedoeld in artikel 1, onderdeel c , ontvangt de onkostenvergoeding, bedoeld in artikel 21, naar evenredigheid met de periode van uitoefening van het ambt in bedoeld kalenderjaar. +**1.** De gedeputeerde, die in de loop van het kalenderjaar is benoemd dan wel het ambt van gedeputeerde heeft beëindigd als bedoeld in artikel 1, onderdeel *c*, ontvangt de onkostenvergoeding, bedoeld in artikel 21, naar evenredigheid met de periode van uitoefening van het ambt in bedoeld kalenderjaar. -**2.** De gedeputeerde die ingevolge artikel 35a, derde lid, van de Provinciewet de betrekking in deeltijd uitoefent, ontvangt de onkostenvergoeding, bedoeld in artikel 21, naar evenredigheid met de vastgestelde tijdsbestedingsnorm, bedoeld in artikel 35a, vierde lid, van de Provinciewet. +**2.** De gedeputeerde die ingevolge artikel 35, tweede lid, van de Provinciewet de betrekking in deeltijd uitoefent, ontvangt de onkostenvergoeding, bedoeld in artikel 21, naar evenredigheid met de vastgestelde tijdsbestedingsnorm, bedoeld in artikel 35, vierde lid, van de Provinciewet. ### Artikel 22a -**1.** Op aanvraag wordt ten laste van de provincie aan de gedeputeerde voor de uitoefening van het ambt een computer, bijbehorende apparatuur en software in bruikleen ter beschikking gesteld. - -**2.** - -Indien geen computer, bijbehorende apparatuur en software ter beschikking is gesteld, wordt door gedeputeerde staten aan de gedeputeerde op aanvraag voor de uitoefening van het ambt, een tegemoetkoming verleend voor: - -a. aanschaf van een computer, bijbehorende apparatuur en software of, -b. gebruik van een eigen computer, bijbehorende apparatuur en software. - -**3.** Op aanvraag wordt ten laste van de provincie aan de gedeputeerde voor de uitoefening van het ambt communicatieapparatuur in bruikleen ter beschikking gesteld. - -**4.** Op aanvraag wordt door gedeputeerde staten een vergoeding aan de gedeputeerde verleend voor de aanleg- en de abonnementskosten voor de internetverbinding voor de in het eerste of het tweede lid genoemde computerapparatuur. - -**5.** Provinciale staten kunnen bij verordening nadere regels stellen over het ter beschikking stellen van computer- en communicatieapparatuur, de tegemoetkoming, bedoeld in het eerste, tweede en derde lid, en de vergoeding, bedoeld in het vierde lid. +De provincie kan, naar bij verordening te stellen regels, aan de gedeputeerde voor de uitoefening van het ambt benodigde computer- en communicatieapparatuur ter beschikking stellen. Het ter beschikking stellen van computerapparatuur kan geschieden door het bieden van een mogelijkheid tot deelname aan een voor het provinciepersoneel geldende pc-privéregeling. ### Artikel 23 @@ -227,38 +178,17 @@ b. gebruik van een eigen computer, bijbehorende apparatuur en software. **2.** De vergoeding van bijzondere kosten en andere financiële voorzieningen eindigt op het tijdstip van beëindiging van het ambt van gedeputeerde. -### Artikel 23a - -Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen: - -a. de vergoedingen en verstrekking, bedoeld in artikel 19, eerste lid, voor zover deze niet worden gerekend tot een vergoeding als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a en b, van de Wet op de loonbelasting 1964; -b. de vergoeding, bedoeld in artikel 20; -c. de onkostenvergoeding, bedoeld in artikel 21, eerste lid; -d. de verstrekkingen, bedoeld in artikel 22a, eerste en derde lid; -e. de vergoeding, bedoeld in artikel 22a, vierde lid; -f. de vergoeding, bedoeld in artikel 23b, eerste en tweede lid. - -### Artikel 23b - -**1.** Indien een gedeputeerde in verband met de uitoefening van het ambt lid is van een beroepsvereniging, vergoedt de provincie de contributie van die beroepsvereniging. - -**2.** De kosten voor niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van het ambt van gedeputeerde komen ten laste van de provincie. - -**3.** Gedeputeerde staten kunnen over de in het tweede lid bedoelde scholing nadere regels stellen. +**3.** De vergoeding van bijzondere kosten en andere financiële voorzieningen wordt door het lid van provinciale staten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, genoten met ingang van de dag van de aanwijzing door provinciale staten, voor de periode van vervanging. ## Hoofdstuk 4. Overgangs- en slotbepalingen ### Artikel 24 -Vervallen - -### Artikel 24a - -Artikel 17 zoals dat luidde op de dag voor de datum van inwerkingtreding van het Besluit van 22 december 2005 tot wijziging van het Rechtspositiebesluit commissarissen van de Koning, het Rechtspositiebesluit gedeputeerden, het Rechtspositiebesluit burgemeesters, het Rechtspositiebesluit wethouders, het Rechtspositiebesluit staten- en commissieleden en het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, blijft van toepassing op de voormalig gedeputeerde, indien de in dat artikel bedoelde invaliditeit op die dag reeds bestond of, indien de invaliditeit op een later tijdstip is ontstaan, kan worden vastgesteld dat de oorzaak van deze invaliditeit voor de datum van inwerkingtreding van bovengenoemd besluit 22 december 2005 is gelegen. +Ten behoeve van de gedeputeerde die uitsluitend ten gevolge van de invoering van dit besluit in inkomen zou achteruitgaan, wordt zolang hij ononderbroken gedeputeerde is, de bezoldiging gehandhaafd op het niveau als ware voor hem het koninklijk besluit van 14 december 1962 tot regeling van de jaarwedden der leden van gedeputeerde staten en van de vergoeding van hun vervangers (*Stb.* 557) nog van toepassing. ### Artikel 25 -Vervallen +Het koninklijk besluit van 14 december 1962 tot regeling van de jaarwedden der leden van gedeputeerde staten en van de vergoeding van hun vervangers (*Stb.* 557), het koninklijk besluit van 3 juli 1986 tot uitvoering van artikel 43, tweede lid, van de Provinciewet, houdende regels betreffende andere financiële voorzieningen verband houdende met de vervulling van het ambt van gedeputeerde (*Stb.* 405) en het Besluit regels kostenvergoedingen gedeputeerden worden ingetrokken. ### Artikel 26