From c0489819071317225815bea46ce82db29b48392f Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Fri, 13 May 2005 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2005-05-13 | BWBR0012287 | Vreemdelingencirculaire 2000 (A) --- .../BWBR0012287/README.md | 17 ++++++++++++----- 1 file changed, 12 insertions(+), 5 deletions(-) diff --git a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-a/BWBR0012287/README.md b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-a/BWBR0012287/README.md index 48c04b223a3..7186d863d31 100644 --- a/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-a/BWBR0012287/README.md +++ b/circulaire/vreemdelingencirculaire-2000-a/BWBR0012287/README.md @@ -8000,23 +8000,30 @@ Het toepassen van bewaring bij vreemdelingen die een aanvraag tot het verlenen v ###### 5.3.3.7. Bewaring van gemeenschapsonderdanen -De burger van de Unie wordt geacht gemeenschapsonderdaan te zijn in de zin van artikel 1, onder e, Vreemdelingenwet en wordt daarmee geacht recht op toegang en verblijf in en buiten de zogenoemde vrije termijn te hebben. Daarom wordt hij geacht rechtmatig verblijf als bedoeld in artikel 8, onder i, dan wel e, Vreemdelingenwet te hebben, zolang en indien het onderzoek door de Minister naar de analoog toe te passen beperkingen en voorwaarden van Richtlijn 90/364/EEG niet heeft uitgewezen dat daaraan niet wordt voldaan (Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State d.d. 7 juli 2003, JV 2003, 431). +De burger van de Unie wordt geacht gemeenschapsonderdaan te zijn in de zin van artikel 1, onder e, Vreemdelingenwet en wordt daarmee geacht recht op toegang en verblijf in en buiten de zogenoemde vrije termijn te hebben. + + + Daarom wordt hij geacht rechtmatig verblijf als bedoeld in artikel 8, onder i, dan wel e, Vreemdelingenwet te hebben, zolang en indien het onderzoek door de Minister naar de analoog toe te passen beperkingen en voorwaarden van Richtlijn 90/364/EEG niet heeft uitgewezen dat daaraan niet wordt voldaan (Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State d.d. 7 juli 2003, JV 2003, 431). + + Indien de burger van de Unie geen of niet langer verblijf beoogt als werkzoekende, (voormalig) economisch actieve, verrichter of ontvanger van diensten, student of economisch niet-actieve, noch ook als familielid van een burger van de Unie die rechtmatig verblijf heeft, en hij tenslotte ook niet voldoet aan de voorwaarden van de Richtlijn 90/364/EEG, is de vreemdeling in beginsel geen gemeenschapsonderdaan in de zin van artikel 1, onder e, Vreemdelingenwet en heeft hij geen rechtmatig verblijf op grond van artikel 8, onder i dan wel e, Vreemdelingenwet. Voorwaarden en beperkingen in de zin van de Richtlijn 90/364/EEG zijn dat de vreemdeling voor zichzelf (en voor zover van toepassing zijn familieleden) een ziektekostenverzekering heeft die alle risico’s in het gastland dekt, en over voldoende bestaansmiddelen beschikt om te voorkomen dat zij tijdens hun verblijf ten laste van de bijstandsregeling van het gastland komen. - Een gemeenschapsonderdaan kan slechts in bewaring worden gesteld indien de Minister een besluit als bedoeld in artikel 8.13, tweede lid, Vreemdelingenbesluit heeft genomen, waarmee het verblijfsrecht van de vreemdeling is beëindigd of aan hem is ontzegd op grond van het feit dat de gemeenschapsonderdaan door zijn persoonlijk gedrag een actuele bedreiging van de openbare orde vormt én de vertrektermijn met een beroep op dringende redenen wordt verkort, dat wil zeggen met toepassing van artikel 8.13, vierde lid, Vreemdelingenbesluit. + Een gemeenschapsonderdaan kan slechts in bewaring worden gesteld indien de Minister een besluit op grond van richtlijn 64/221 EG heeft genomen, waarmee het verblijfsrecht van de vreemdeling is beëindigd of aan hem is ontzegd op grond van het feit dat de gemeenschapsonderdaan door zijn persoonlijk gedrag een actuele bedreiging van de openbare orde vormt én de vertrektermijn met een beroep op dringende redenen wordt verkort tot nul dagen, dat wil zeggen met toepassing van artikel 8.13, vierde lid, Vreemdelingenbesluit. Indien de vertrektermijn daarbij niet is verkort, dient de Minister, in geval betrokkene een actuele bedreiging vormt in vorenbedoelde zin, in geval van tijdig bezwaar, op grond van artikel 1.5 Vreemdelingenbesluit advies in te winnen van de Adviescommissie voor vreemdelingenzaken, alvorens een beslissing op het bezwaar wordt genomen. Zolang de Minister niet op dat bezwaar heeft beslist, blijft uitzetting ingevolge artikel 8.13, derde lid, Vreemdelingenbesluit achterwege en kan de gemeenschapsonderdaan, bij gebreke van zicht op uitzetting, niet in vreemdelingenbewaring worden gesteld of gehouden. - Tenslotte kan ten aanzien van een vreemdeling die stelt de nationaliteit van een lidstaat te hebben, maar geen geldige identiteitskaart of geldig paspoort toont, als regel niet worden vastgesteld dat hij burger van de Unie is, noch ook dat hij gemeenschapsonderdaan is en kan hij in bewaring worden gesteld. - Indien de vreemdeling gedurende de bewaring alsnog een geldige identiteitskaart dan wel geldig paspoort van een lidstaat toont, geldt voor hem alsnog het vorenbeschrevene. + Ten slotte kan ten aanzien van een vreemdeling die stelt de nationaliteit van een lidstaat te hebben, maar geen geldige identiteitskaart of geldig paspoort toont en evenmin op andere wijze ondubbelzinnig (zonder enige twijfel) zijn identiteit en nationaliteit kan aantonen, als regel niet worden vastgesteld dat hij burger van de Unie is, noch ook dat hij gemeenschapsonderdaan is en kan hij in bewaring worden gesteld. -2004713-01-200409-01-2004HKUIT03-3856(AUB)2004713-01-200409-01-2004HKUIT03-3856(AUB)15-01-2004 + + Indien de vreemdeling gedurende de bewaring alsnog een geldige identiteitskaart of een geldig paspoort van een lidstaat toont, dan wel op andere wijze ondubbelzinnig zijn identiteit en nationaliteit kan aantonen, geldt voor hem alsnog het bovenstaande. + +20058911-05-200526-04-20052005/2220058911-05-200526-04-20052005/2213-05-2005 ##### 5.3.4. De procedure