2019-01-01 | BWBR0034569 | Omzetbelasting, fondswerving en kantines
This commit is contained in:
parent
56d5a2f88c
commit
c12ff4d0bc
1 changed files with 6 additions and 3 deletions
|
|
@ -12,6 +12,8 @@ citeertitel: Omzetbelasting, fondswerving en kantines
|
|||
|
||||
*Dit besluit is een actualisering van het besluit van 20 december 2012, nr. BLKB 2012/1982M. Actualisering is onder meer nodig in verband met de ophoging van de grens voor fondswervende diensten voor sportverenigingen naar € 50.000 in artikel 11, eerste lid, onderdeel v, van de Wet op de omzetbelasting 1968, en de afschaffing van de kantineregeling voor sportverenigingen (Artikel XI, onderdeel H, van de Fiscale verzamelwet 2013, nr. 33 637 en de memorie van toelichting bij deze wet). Verder zijn enkele redactionele wijzigingen doorgevoerd. Zie ook onderdeel 1.2.*
|
||||
|
||||
Dit besluit werd gewijzigd bij besluit van 14 december 2018, nr. 2018-25921, Stcrt 68658. Bij deze wijziging is in onderdeel 2.1.2 het zogenoemde kantineforfait voor sportverenigingen verhoogd van 11,5% naar 13% met ingang van 1 januari 2019. Verder is (om praktische redenen) voorwaarde d. uit onderdeel 3. geschrapt.
|
||||
|
||||
## 1. Inleiding
|
||||
|
||||
Artikel 11, eerste lid, onderdeel v, van de Wet op de omzetbelasting 1968 regelt een vrijstelling voor fondswervende activiteiten door organisaties die voor hun primaire activiteiten zijn vrijgesteld van de heffing van btw. Hiermee wordt voorkomen dat deze organisaties voor hun fondswervende prestaties wel in de heffing van btw worden betrokken. Om ernstige verstoring van concurrentieverhoudingen te voorkomen is de vrijstelling beperkt tot bepaalde maxima aan ontvangsten.
|
||||
|
|
@ -84,11 +86,11 @@ Een voorbeeld van een dergelijke activiteit is het verhuren van een sportaccommo
|
|||
|
||||
Het komt voor dat sportverenigingen waarvan de primaire activiteiten zijn vrijgesteld, voor de exploitatie van de kantine in de heffing van btw worden betrokken omdat het grensbedrag van artikel 11, lid 1, onderdeel v, van de wet wordt overschreden. Met toepassing van artikel 63 AWR (hardheidsclausule), keur ik het volgende goed.
|
||||
|
||||
Ik keur onder de volgende voorwaarde goed dat sportverenigingen waarvan de primaire activiteiten zijn vrijgesteld, over hun kantineontvangsten btw voldoen naar een forfaitair percentage als het grensbedrag van artikel 11, lid 1, onderdeel v, van de wet wordt overschreden. Dit percentage bedraagt met ingang van 1 januari 2013: 11,5.
|
||||
Ik keur onder de volgende voorwaarde goed dat sportverenigingen waarvan de primaire activiteiten zijn vrijgesteld, over hun kantineontvangsten btw voldoen naar een forfaitair percentage als het grensbedrag van artikel 11, lid 1, onderdeel v, van de wet wordt overschreden. Dit percentage bedraagt met ingang van 1 januari 2019: 132Van 1 januari 2013 tot 1 januari 2019 bedroeg het percentage 11,5.
|
||||
|
||||
Aan toepassing van deze goedkeuring verbind ik de voorwaarde dat de kantine wordt geëxploiteerd als een normale nevenactiviteit als bedoeld in onderdeel 2.1.1.
|
||||
|
||||
Deze goedkeuring heeft tot gevolg dat de totale kantineontvangsten dan de grondslag vormen van de heffing (11,5/100). Dat wil zeggen niet alleen de opbrengst voor het verstrekken van spijzen en dranken, maar ook de opbrengst uit de exploitatie van speelautomaten en dergelijke.
|
||||
Deze goedkeuring heeft tot gevolg dat de totale kantineontvangsten dan de grondslag vormen van de heffing (13/100). Dat wil zeggen niet alleen de opbrengst voor het verstrekken van spijzen en dranken, maar ook de opbrengst uit de exploitatie van speelautomaten en dergelijke.
|
||||
|
||||
### 2.2. Ledenbladen
|
||||
|
||||
|
|
@ -130,7 +132,8 @@ Voor toepassing van deze goedkeuring gelden de volgende voorwaarden:
|
|||
a. aan de afnemer is kenbaar gemaakt dat de opbrengst van het evenement bestemd is voor een specifiek ‘goed doel’. Hierbij is het begrip ‘goed doel’ synoniem aan een charitatief doel. Hiervan is in elk geval sprake als het giftelement wordt afgedragen aan een Algemeen nut beogende instelling (ANBI).
|
||||
b. de afnemer is er nadrukkelijk op gewezen dat hij bij wijze van gift voor de aangeboden prestatie boven de normale prijs een extra bedrag betaalt. Ook de hoogte van de gift is voor de afnemer bepaalbaar.
|
||||
c. de opbrengst van het bijzondere evenement komt volledig ten goede aan het goede (charitatieve) doel. Als opbrengst wordt de behaalde omzet aangemerkt, verminderd met de directe, marktconforme, externe kosten, die gemaakt worden om het evenement te organiseren, zoals de eventuele zaalhuur en catering.
|
||||
d. de voor de organisator van het evenement bevoegde inspecteur, moet zich voor de aanvang van het evenement schriftelijk akkoord hebben verklaard met toepassing van de goedkeuring.
|
||||
|
||||
Als een organisator van het evenement vooraf zekerheid wenst over toepassing van de goedkeuring, kan hij zich wenden tot de voor hem bevoegde inspecteur.
|
||||
|
||||
Alleen het giftelement dat de afnemer van de prestatie als onderdeel van de vergoeding betaalt, blijft buiten de heffing.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue