2025-07-26 | BWBR0050283 | Beleidsregel beschikbaarheidbijdrage (medische) vervolgopleidingen 2025

This commit is contained in:
Coornhert 2025-07-26 12:00:00 +00:00
parent d80446d87f
commit c14d168e68

View file

@ -113,6 +113,8 @@ Jaar t is het lopende subsidiejaar waarin de opleiding plaatsvindt.
Het Uniform kader beschikbaarheidbijdrage NZa omschrijft de uniforme procedure die gehanteerd wordt ten aanzien van de verstrekking van alle beschikbaarheidbijdragen door de NZa. Dit kader is ook van toepassing op de beschikbaarheidbijdrage voor de (medische) vervolgopleidingen. In enkele gevallen geldt een uitzondering op de uniforme procedure. Deze uitzondering staat dan omschreven in deze beleidsregel.
Opleidende zorgaanbieder die voor of op 1 januari van jaar t, na een juridische fusie als bedoeld in artikel 2:309 van het BW, het vermogen van de andere opleidende zorgaanbieder(s) onder algemene titel verkrijgt of die als nieuwe opleidende zorgaanbieder die bij deze fusie door de opleidende zorgaanbieders samen wordt opgericht, hun vermogen onder algemene titel verkrijgt.
Artikel 1.14 tot en met 1.25 beschrijven de begripsbepalingen die van toepassing zijn op de vervolgopleidingen tot (medisch) specialist zoals genoemd in artikel 1.2.
a. Om de opleidingen longziekten en tuberculose, maag-, darm- en leverziekten, cardiologie, klinische geriatrie of reumatologie te mogen volgen, dient de (medisch) specialist in opleiding tevens de vooropleiding interne geneeskunde te volgen.
@ -242,11 +244,14 @@ Als de rechtbank het faillissement van een zorgaanbieder heeft uitgesproken en e
Als een failliete zorgaanbieder een aanvraag indient voor de verlening van de beschikbaarheidbijdrage, neemt de NZa deze aanvraag niet in behandeling. Als het faillissement vóór 1 januari van jaar t wordt uitgesproken en de verleningsbeschikking voor jaar t reeds door de NZa is afgegeven, kan de NZa de verleningsbeschikking intrekken en de uitgekeerde voorschotten terugvorderen. Er is dan immers vanwege het faillissement niet opgeleid in jaar t.
Als een juridische fusie tussen of overname van opleidende zorgaanbieders op 1 januari van jaar t plaatsvindt, gaat de NZa in jaar t uit van de gefuseerde zorgaanbieder. De gefuseerde zorgaanbieder dient voor zowel de verlening als de vaststelling van jaar t één aanvraag in op het NZa-nummer van de gefuseerde zorgaanbieder. De NZa geeft op basis van deze aanvraag voor zowel de verlening als de vaststelling één beschikking af op het NZa-nummer van de gefuseerde zorgaanbieder.
1. Als een juridische fusie in de zin van artikel 2:309 BW tussen opleidende zorgaanbieders voor of op 1 januari van jaar t plaatsvindt, gaat de NZa in jaar t uit van de gefuseerde zorgaanbieder. De gefuseerde zorgaanbieder dient voor zowel de verlening als de vaststelling van jaar t één aanvraag in op het NZa-nummer van de gefuseerde zorgaanbieder. De NZa geeft op basis van deze aanvraag voor zowel de verlening als de vaststelling één beschikking af op het NZa-nummer van de gefuseerde zorgaanbieder. Slechts in geval van bijzondere omstandigheden als bedoeld in artikel 4:84 Awb, kan de NZa hiervan afwijken.
2. Indien:
Als een juridische fusie tussen of overname van opleidende zorgaanbieders plaatsvindt na 1 januari van jaar t, gaat de NZa voor de verlening en vaststelling van jaar t uit van de afzonderlijke zorgaanbieders. Beide zorgaanbieders dienen voor zowel de verlening als vaststelling van jaar t een aanvraag in op hun eigen NZa-nummer. De NZa geeft op basis van deze aanvragen voor zowel de verlening als de vaststelling een beschikking per zorgaanbieder af op hun eigen NZa-nummer.
a. een juridische fusie in de zin van artikel 2:309 BW tussen opleidende zorgaanbieders plaatsvindt na 1 januari van jaar t;
b. een overname van opleidende zorgaanbieders zonder dat sprake is van een juridische fusie in de zin van artikel 2:309 BW, plaatsvindt voor jaar t of in jaar t;
Vanaf het jaar dat volgt op de fusie of overname gaat de NZa bij de verlening en de vaststelling uit van de gefuseerde zorgaanbieder. Dit betekent dat de gefuseerde zorgaanbieder voor zowel de verlening als de vaststelling vanaf het jaar volgend op de fusie of overname één aanvraag moet indienen op het NZa-nummer van de gefuseerde zorgaanbieder. Slechts in geval van bijzondere omstandigheden als bedoeld in artikel 4:84 Awb, kan de NZa hiervan afwijken.
gaat de NZa voor de verlening en vaststelling van jaar t uit van de afzonderlijke zorgaanbieders. Beide zorgaanbieders dienen voor zowel de verlening als vaststelling van jaar t een aanvraag in op hun eigen NZa-nummer. De NZa geeft op basis van deze aanvragen voor zowel de verlening als de vaststelling een beschikking per zorgaanbieder af op hun eigen NZa-nummer. Voor opleidende zorgaanbieders betrokken bij een overname zonder dat sprake is van een juridische fusie in de zin van artikel 2:309 BW, geldt dit voor jaar t+1 en verder ook. Slechts in geval van bijzondere omstandigheden als bedoeld in artikel 4:84 Awb, kan de NZa hiervan afwijken.
3. Als de juridische fusie in de zin van artikel 2:309 BW plaatsvindt in jaar t, gaat de NZa vanaf het jaar dat volgt op de juridische fusie, bij de verlening en de vaststelling uit van de gefuseerde zorgaanbieder. Dit betekent dat de gefuseerde zorgaanbieder voor zowel de verlening als de vaststelling vanaf het jaar volgend op de fusie of overname één aanvraag moet indienen op het NZa-nummer van de gefuseerde zorgaanbieder. Slechts in geval van bijzondere omstandigheden als bedoeld in artikel 4:84 Awb, kan de NZa hiervan afwijken.
De vergoedingsbedragen, zoals vastgesteld in de aanwijzing of door de NZa, zijn gedurende de gehele opleiding gekoppeld aan het specialisme waar de betreffende (medisch) specialist is ingestroomd.
@ -284,7 +289,7 @@ c. De opleiding tot sportarts
Deze vergoedingsbedragen staan in Bijlage 1 van deze beleidsregel.
Voor de opleidingen zoals genoemd in artikel 6.6 sub a met uitzondering van de opleiding tot verslavingsarts wordt bij de berekening van de beschikbaarheidbijdrage rekening gehouden met een staffel. De staffel geldt per opleiding op basis van het aantal fte opleidingen. Hierbij wordt gebruik gemaakt van 3 staffels:
Voor de opleidingen zoals genoemd in artikel 6.6 sub a met uitzondering van de opleiding tot verslavingsarts wordt bij de berekening van de beschikbaarheidbijdrage rekening gehouden met een staffel. De staffel geldt per opleiding op basis van het aantal fte opleidingen. Indien sprake is van een juridische fusie als bedoeld in artikel 4.8 eerste lid, die plaatsvindt voor of op 1 januari van jaar t, wordt de staffel in jaar t op de gefuseerde zorgaanbieder als bedoeld in dat artikel toegepast. Indien sprake is van een overname, zonder dat sprake is van een juridische fusie in de zin van artikel 2:309 BW, gaat de NZa voor de verlening en vaststelling uit van de afzonderlijke opleidende zorgaanbieders en wordt de staffel in jaar t naar rato toegepast op de opleidende zorgaanbieders gezamenlijk indien de overname voor of op 1 januari van jaar t heeft plaatsgevonden. Heeft de overname na 1 januari in jaar t plaatsgevonden dan is de staffel in jaar t+1 op gelijke wijze van toepassing. Vervolgens wordt de beschikbaarheidbijdrage per rato aan de opleidende zorgaanbieders afzonderlijk toegekend. Hierbij wordt gebruik gemaakt van 3 staffels:
De NZa indexeert deze vergoedingsbedragen jaarlijks met de door VWS aangegeven percentages.