2008-05-16 | BWBR0003664 | Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945
This commit is contained in:
parent
9740f99cbb
commit
c1fe2d983b
1 changed files with 11 additions and 21 deletions
|
|
@ -61,24 +61,12 @@ c. wordt als ongehuwd aangemerkt degene die duurzaam gescheiden leeft van de per
|
|||
|
||||
Deze wet is van toepassing op:
|
||||
|
||||
a. degene, die tijdens de oorlogsjaren 1940–1945 of in de na-oorlogse jaren, als burger getroffen is door oorlogsgeweld als bedoeld in artikel 2, eerste lid, en op dat moment Nederlander was dan wel Nederlands onderdaan in de zin van de toenmalige Wet van 10 februari 1910 (*Stb.* 55), mits hij de Nederlandse nationaliteit bezit en op de datum van de aanvraag, bedoeld in artikel 35, hier te lande gevestigd is;
|
||||
b. degene, die tijdens de oorlogsjaren 1940–1945 of in de na-oorlogse jaren, als burger getroffen is door oorlogsgeweld als bedoeld in artikel 2, eerste lid, en op dat moment als vreemdeling in Nederland gevestigd was, anders dan in opdracht van enige vijandelijke mogendheid, mits hij de Nederlandse nationaliteit bezit en tot de datum van de aanvraag, bedoeld in artikel 35, onafgebroken hier te lande gevestigd is gebleven;
|
||||
c. degene, die tijdens de oorlogsjaren 1940–1945 of in de na-oorlogse jaren, als burger getroffen is door oorlogsgeweld als bedoeld in artikel 2, eerste lid, en op dat moment als vreemdeling in het voormalige Nederlands-Indië gevestigd was, anders dan in opdracht van enige vijandelijke mogendheid, mits hij de Nederlandse nationaliteit bezit en tot de datum van zijn komst naar Nederland, doch uiterlijk tot 1 april 1964, onafgebroken in het voormalige Nederlands-Indië, in Indonesië of in het voormalige Nederlands Nieuw-Guinea gevestigd is gebleven en zich aansluitend daaraan in Nederland heeft gevestigd en tot de datum van de aanvraag, bedoeld in artikel 35, onafgebroken hier te lande gevestigd is gebleven;
|
||||
d. de weduwe, weduwnaar en de minderjarige volle wees van het burger-oorlogsslachtoffer dat aan de eisen gesteld onder a, b of c voldeed, mits zij de Nederlandse nationaliteit bezitten;
|
||||
e. de weduwe, weduwnaar en de minderjarige volle wees van het burger-oorlogsslachtoffer dat aan de eisen gesteld onder a voldeed, dat vóór de datum van de aanvraag, bedoeld in artikel 35, is overleden, mits de weduwe, weduwnaar en de minderjarige volle wees de Nederlandse nationaliteit bezitten en op de datum van de aanvraag hier te lande gevestigd zijn;
|
||||
f. de weduwe, weduwnaar en de minderjarige volle wees van het burger-oorlogsslachtoffer dat aan de eisen gesteld onder b voldeed, dat vóór de datum van de aanvraag, bedoeld in artikel 35, is overleden, mits het burger-oorlogsslachtoffer tot het tijdstip van zijn overlijden onafgebroken in Nederland gevestigd is geweest en de weduwe, weduwnaar en de minderjarige volle wees de Nederlandse nationaliteit bezitten en sedert het overlijden van het burger-oorlogsslachtoffer tot de datum van de aanvraag onafgebroken hier te lande gevestigd zijn gebleven;
|
||||
g. de weduwe, weduwnaar en de minderjarige volle wees van het burger-oorlogsslachtoffer dat aan de eisen gesteld onder c voldeed, dat is overleden vóór 1 april 1964, mits het burger-oorlogsslachtoffer tot de datum van zijn overlijden onafgebroken in het voormalige Nederlands-Indië, in Indonesië of in het voormalige Nederlands Nieuw-Guinea gevestigd is geweest en de weduwe, weduwnaar en de minderjarige volle wees de Nederlandse nationaliteit bezitten en sedert het overlijden van het burger-oorlogsslachtoffer tot hun komst naar Nederland, doch uiterlijk tot 1 april 1964, onafgebroken in genoemde gebieden gevestigd zijn gebleven en aansluitend daaraan zich in Nederland hebben gevestigd en tot de datum van de aanvraag onafgebroken hier te lande gevestigd zijn gebleven;
|
||||
h. de weduwe, weduwnaar en de minderjarige volle wees van het burger-oorlogsslachtoffer dat aan de eisen gesteld onder c voldeed, dat is overleden ná 1 april 1964, mits het burger-oorlogsslachtoffer tot zijn komst naar Nederland, doch uiterlijk tot 1 april 1964, onafgebroken in het voormalige Nederlands-Indië, in Indonesië of in het voormalige Nederlands Nieuw-Guinea gevestigd is geweest en zich aansluitend daaraan in Nederland heeft gevestigd en tot de datum van zijn overlijden onafgebroken hier te lande gevestigd is gebleven en de weduwe, weduwnaar en de minderjarige volle wees de Nederlandse nationaliteit bezitten en sedert het overlijden van het burger-oorlogsslachtoffer tot de datum van de aanvraag onafgebroken hier te lande gevestigd zijn gebleven.
|
||||
a. degene, die tijdens de oorlogsjaren 1940–1945 of in de na-oorlogse jaren, als burger getroffen is door oorlogsgeweld als bedoeld in artikel 2, eerste lid, en op dat moment Nederlander was dan wel Nederlands onderdaan in de zin van de toenmalige Wet van de Ministers van Koloniën, Buitenlandse Zaken en Justitie van 10 februari 1910, houdende regeling van het Nederlandse onderdaanschap van de bevolking van Nederlands-Indië (Stb. 55), mits hij de Nederlandse nationaliteit bezit;
|
||||
b. degene, die tijdens de oorlogsjaren 1940–1945 of in de na-oorlogse jaren, als burger getroffen is door oorlogsgeweld als bedoeld in artikel 2, eerste lid, en op dat moment als vreemdeling in Nederland of het voormalige Nederlands-Indië gevestigd was, anders dan in opdracht van enige vijandige mogendheid, mits hij de Nederlandse nationaliteit bezit;
|
||||
c. de weduwe, weduwnaar en de minderjarige volle wees van het burger-oorlogsslachtoffer dat aan de eisen gesteld onder a of b voldeed, mits zij de Nederlandse nationaliteit bezitten;
|
||||
d. de weduwe, weduwnaar en de minderjarige volle wees van het burger-oorlogsslachtoffer dat aan de eisen gesteld onder a of b voldeed en voor de datum van aanvraag, bedoeld in artikel 35, is overleden, mits zij de Nederlandse nationaliteit bezitten.
|
||||
|
||||
**2.** Indien degene, die voldoet aan de eisen gesteld in het eerste lid, onder *b* en *c*, of diens nabestaanden, bedoeld in het eerste lid, onder *f, g* en *h*, tijdens hun onafgebroken verblijf in Nederland, of in het voormalige Nederlands-Indië, Indonesië of het voormalige Nederlands Nieuw-Guinea, de Nederlandse nationaliteit hebben verkregen, wordt een voortzetting van dat onafgebroken verblijf niet langer vereist, mits diegene of de nabestaande de Nederlandse nationaliteit behoudt of tot zijn overlijden heeft behouden en zij op de datum van de aanvraag hier te lande gevestigd zijn.
|
||||
|
||||
**3.** Indien degene, die voldoet aan de eisen gesteld in het eerste lid onder a, en in het tweede lid, of de nabestaanden, bedoeld in het eerste lid, onder e, en in het tweede lid, zich hier te lande vestigen na de datum van inwerkingtreding van deze wet, vervalt het recht op de voorzieningen van deze wet indien zij zich binnen een periode van vijf jaar weer elders vestigen.
|
||||
|
||||
**4.** Onder komst naar Nederland, bedoeld in het eerste lid, onder *c, g* en *h*, wordt mede verstaan het indienen van een verzoek om toestemming tot vestiging in Nederland waarop gunstig is beslist.
|
||||
|
||||
**5.** Onder onafgebroken vestiging, bedoeld in het eerste lid, wordt verstaan vestiging, die niet onderbroken is door verblijf elders van langere duur dan één jaar.
|
||||
|
||||
**6.** De Raad kan deze wet tevens van toepassing verklaren op degene die tijdens de oorlogsjaren 1940–1945 of in de na-oorlogse jaren, als burger is getroffen door oorlogsgeweld als bedoeld in artikel 2, eerste lid, of diens nabestaanden die niet voldoen aan de in het eerste, tweede of derde lid gestelde eisen en ten aanzien van wie het niet toepassen van deze wet een klaarblijkelijke hardheid zou zijn.
|
||||
**2.** De Raad kan deze wet tevens van toepassing verklaren op degene die tijdens de oorlogsjaren 1940–1945 of in de na-oorlogse jaren, als burger is getroffen door oorlogsgeweld als bedoeld in artikel 2, eerste lid, of diens nabestaande die niet voldoet aan de in het eerste lid gestelde eisen en ten aanzien van wie het niet toepassen van deze wet een klaarblijkelijke hardheid zou zijn.
|
||||
|
||||
### Artikel 4
|
||||
|
||||
|
|
@ -500,13 +488,15 @@ b. doelgerichte subsidies of tegemoetkomingen, waaronder begrepen de vermeerderi
|
|||
|
||||
**2.** De Raad kent geen uitkering, toeslag, vergoeding of tegemoetkoming toe dan nadat is vastgesteld dat het door de aanvrager opgegeven adres overeenstemt met het hem betreffende adresgegeven in de gemeentelijke basisadministratie.
|
||||
|
||||
**3.** De Raad kan het tweede lid buiten toepassing laten of daarvan afwijken voorzover toepassing gelet op het belang dat deze wet beoogt te beschermen zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
|
||||
**3.** Het bepaalde in het tweede lid is niet van toepassing indien de aanvrager in het buitenland gevestigd is.
|
||||
|
||||
**4.** Op de aanvraag wordt de datum van ontvangst aangetekend.
|
||||
**4.** De Raad kan het tweede lid buiten toepassing laten of daarvan afwijken voorzover toepassing gelet op het belang dat deze wet beoogt te beschermen zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
|
||||
|
||||
**5.** De ontvangst van de aanvraag wordt de aanvrager schriftelijk bevestigd. Daarbij wordt hem voorlichting gegeven over de verdere procedure en de geldende behandeltermijnen.
|
||||
**5.** Op de aanvraag wordt de datum van ontvangst aangetekend.
|
||||
|
||||
**6.** Onze Minister kan nadere regelen stellen met betrekking tot de bij de aanvraag over te leggen bescheiden.
|
||||
**6.** De ontvangst van de aanvraag wordt de aanvrager schriftelijk bevestigd. Daarbij wordt hem voorlichting gegeven over de verdere procedure en de geldende behandeltermijnen.
|
||||
|
||||
**7.** Onze Minister kan nadere regelen stellen met betrekking tot de bij de aanvraag over te leggen bescheiden.
|
||||
|
||||
### Artikel 36
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue