diff --git a/wet/wet-arbeidsongeschiktheidsvoorziening-jonggehandicapten/BWBR0008657/README.md b/wet/wet-arbeidsongeschiktheidsvoorziening-jonggehandicapten/BWBR0008657/README.md index f709aeb409a..63048e7d253 100644 --- a/wet/wet-arbeidsongeschiktheidsvoorziening-jonggehandicapten/BWBR0008657/README.md +++ b/wet/wet-arbeidsongeschiktheidsvoorziening-jonggehandicapten/BWBR0008657/README.md @@ -79,12 +79,7 @@ d. zij op grond van een registratie worden aangemerkt als een gezamenlijke huish **8.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen met betrekking tot het eerste tot en met zevende lid nadere en zonodig afwijkende regels worden gesteld. -**9.** - -Van een ontwerp van een besluit tot vaststelling, wijziging of intrekking van: - -a. een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het achtste lid; -b. een krachtens de in onderdeel a bedoelde algemene maatregel van bestuur getroffen ministeriële regeling, wordt mededeling gedaan in de Staatscourant. Een voordracht tot vaststelling, wijziging of intrekking van een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in onderdeel a, wordt niet gedaan en de vaststelling, wijziging of intrekking van een regeling als bedoeld in onderdeel b, geschiedt niet eerder dan nadat vier weken na die mededeling zijn verstreken. +**9.** De voordracht voor een krachtens het achtste lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur, dan wel de vaststelling van een ministeriële regeling op basis van een dergelijke algemene maatregel van bestuur, wordt niet gedaan dan nadat het ontwerp in de Staatscourant is bekendgemaakt en aan een ieder de gelegenheid is geboden om binnen vier weken na de dag waarop de bekendmaking is geschied, wensen en bedenkingen ter kennis van Onze Minister te brengen. Gelijktijdig met de bekendmaking wordt het ontwerp aan de beide kamers van de Staten-Generaal overgelegd. **10.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen regels worden gesteld omtrent een afwijkende wijze van vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid in gevallen waarin recht bestaat op een arbeidsongeschiktheidsuitkering en een uitkering inzake arbeidsongeschiktheid op grond van een andere wettelijke regeling ter verzekering tegen geldelijke gevolgen van langdurige arbeidsongeschiktheid. @@ -203,7 +198,7 @@ Een arbeidsongeschiktheidsuitkering, berekend naar een arbeidsongeschiktheid van **2.** De tegemoetkoming wordt verstrekt in aanvulling op de arbeidsongeschiktheidsuitkering. -**3.** Bij ministeriële regeling worden in ieder geval regels gesteld voor de hoogte van de tegemoetkoming en de betaling van de tegemoetkoming. +**3.** Bij ministeriële regeling worden in ieder geval regels gesteld met betrekking tot de hoogte van de tegemoetkoming en de betaling van de tegemoetkoming. **4.** De tegemoetkoming wordt betaald zonder dat dit bij beschikking is vastgesteld. @@ -598,7 +593,7 @@ In afwijking van artikel 8:69 van de Algemene wet bestuursrecht kan de rechter i Zolang de jonggehandicapte of zijn wettelijke vertegenwoordiger zijn verplichting, bedoeld in artikel 40, vierde lid, niet of niet behoorlijk nakomt: -a. is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in afwijking van artikel 4:93 derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht bevoegd tot verrekening van de bestuurlijke boete voor zover beslag op de vordering van de schuldeiser nietig zou zijn; +a. is het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen in afwijking van artikel 4.93, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht bevoegd tot verrekening van de bestuurlijke boete voor zover beslag op de vordering van de schuldeiser nietig zou zijn; b. geldt de beslagvrije voet, bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, in afwijking van artikel 4:116 van de Algemene wet bestuursrecht, niet bij de invordering van een bestuurlijke boete bij dwangbevel. ### Artikel 46a @@ -662,7 +657,8 @@ Na afloop van het in de eerste zin genoemde tijdvak wordt de arbeid aangemerkt a Het in het eerste lid genoemde tijdvak van vijf jaar: a. wordt niet onderbroken indien gedurende perioden van korter dan vier weken geen inkomsten uit arbeid worden genoten; -b. wordt, indien gedurende een periode van vier weken of langer geen inkomsten uit arbeid worden genoten, onderbroken indien vervolgens opnieuw inkomsten worden genoten uit dezelfde arbeid als de arbeid die werd verricht voor de onderbreking, met dien verstande dat het van de vijf jaar resterende tijdvak aanvangt vanaf het moment dat opnieuw de inkomsten uit die arbeid worden genoten. +b. wordt, indien gedurende een periode van vier weken of langer geen inkomsten uit arbeid worden genoten, onderbroken indien vervolgens opnieuw inkomsten worden genoten uit dezelfde arbeid als de arbeid die werd verricht voor de onderbreking, met dien verstande dat het van de vijf jaar resterende tijdvak aanvangt vanaf het moment dat opnieuw de inkomsten uit die arbeid worden genoten; +c. wordt onderbroken met de periode waarin inkomsten uit arbeid zijn genoten doch waarin geen arbeid is verricht, mits die periode langer dan vier weken duurt. **3.** Indien de jonggehandicapte die recht heeft op een arbeidsongeschiktheidsuitkering, inkomsten uit arbeid geniet ingevolge een arbeidsovereenkomst als bedoeld in de hoofdstukken 2 en 3 van de Wet sociale werkvoorziening, is het eerste lid voor onbeperkte duur van toepassing. @@ -956,7 +952,7 @@ d. werkzaamheden, waarbij er, naar het oordeel van het Uitvoeringsinstituut werk ### Artikel 59i -Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de aanvraag van loonsuppletie, bedoeld in artikel 59f, van inkomenssuppletie, bedoeld in artikel 59g, van voorzieningen, bedoeld in artikel 59b en van toestemming als bedoeld in artikel 59h. +Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de aanvraag van loonsuppletie, bedoeld in artikel 59f, van inkomenssuppletie, bedoeld in artikel 59g, de termijn waarbinnen die aanvraag wordt ingediend, alsmede omtrent de rechtsgevolgen die aan overschrijding van die termijn zijn verbonden, en met betrekking tot de aanvraag van voorzieningen, bedoeld in artikel 59b en van toestemming als bedoeld in artikel 59h. ### Artikel 59j @@ -1103,6 +1099,8 @@ Vervallen **4.** Indien in verband met het geven van een beschikking als bedoeld in het eerste lid informatie is gevraagd aan een persoon of instantie buiten Nederland en om die reden de beschikking niet binnen acht weken gegeven kan worden, wordt die termijn verlengd met ten hoogste zes maanden en wordt de aanvrager van deze verlenging schriftelijk in kennis gesteld. +**5.** Indien in verband met het geven van een beschikking als bedoeld in het eerste lid een in het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om die reden de beschikking niet binnen acht weken gegeven kan worden, wordt die termijn verlengd met ten hoogste zes maanden en wordt de aanvrager van deze verlenging schriftelijk in kennis gesteld. + ### Artikel 69a Vervallen @@ -1115,7 +1113,9 @@ In afwijking van artikel 7:3 van de Algemene wet bestuursrecht kan van het horen **1.** In afwijking van artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht beslist het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen binnen dertien weken na ontvangst van het bezwaarschrift. -**2.** Indien bezwaar wordt gemaakt tegen een besluit waaraan een medische of arbeidskundige beoordeling ten grondslag ligt, beslist het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen binnen zeventien weken of, indien het advies vraagt aan een deskundige die niet onder zijn verantwoordelijkheid werkzaam is binnen een en twintig weken, na ontvangst van het bezwaarschrift. +**2.** Indien bezwaar wordt gemaakt tegen een besluit waaraan een medische of arbeidskundige beoordeling ten grondslag ligt, beslist het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, in afwijking van artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, binnen zeventien weken of, indien het advies vraagt aan een deskundige die niet onder zijn verantwoordelijkheid werkzaam is binnen een en twintig weken, na ontvangst van het bezwaarschrift. + +**3.** Indien in verband met het geven van een beslissing op bezwaar een in het buitenland wonende persoon is opgeroepen en om die reden de beslissing op bezwaar niet binnen de in het tweede lid bedoelde termijn gegeven kan worden, wordt de beslissing, in afwijking van artikel 7:10, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht, verdaagd met ten hoogste zes maanden en wordt de aanvrager van deze verdaging schriftelijk in kennis gesteld. ### Artikel 71