2015-01-01 | BWBR0005700 | Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen

This commit is contained in:
Coornhert 2015-01-01 12:00:00 +00:00
parent 64a9707675
commit c29377ff37

View file

@ -85,7 +85,7 @@ c. de ouders die gezamenlijk het gezag over de betrokkene uitoefenen, van mening
**5.** Met betrekking tot het in het derde lid, onder *a*, bedoelde blijk geven van de nodige bereidheid is artikel 453 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek niet van toepassing.
**6.** Indien een voorlopige machtiging betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die machtiging als machtiging als bedoeld in artikel 261 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
**6.** Indien een voorlopige machtiging betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die machtiging als machtiging als bedoeld in artikel 265b van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
### Artikel 3
@ -98,7 +98,7 @@ In afwijking van het bepaalde in artikel 2, derde lid, onder a, is voor opneming
Tot het indienen van een verzoek, gericht op het verkrijgen van een voorlopige machtiging als bedoeld in artikel 2, zijn bevoegd:
a. de echtgenoot;
b. de ouders dan wel een van hen, voor zover zij niet van het gezag zijn ontheven of ontzet, en elke meerderjarige bloedverwant in de rechte lijn, niet zijnde een ouder, en in de zijlijn tot en met de tweede graad;
b. de ouders dan wel een van hen, voor zover hun gezag niet is beëindigd, en elke meerderjarige bloedverwant in de rechte lijn, niet zijnde een ouder, en in de zijlijn tot en met de tweede graad;
c. de voogd, de curator of de mentor van de betrokkene.
**2.** Het verzoek wordt schriftelijk gedaan aan de officier van justitie bij de ingevolge artikel 7 bevoegde rechtbank.
@ -303,7 +303,7 @@ b. het gevaar buiten een psychiatrisch ziekenhuis, niet zijnde een zwakzinnigeni
**5.** De artikelen 10, tweede lid, en 12, eerste lid, zijn van overeenkomstige toepassing.
**6.** Indien een beslissing als bedoeld in het eerste lid, betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die beslissing als machtiging als bedoeld in artikel 261 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
**6.** Indien een beslissing als bedoeld in het eerste lid, betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die beslissing als machtiging als bedoeld in artikel 265b van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
### Artikel 14e
@ -358,7 +358,7 @@ b. het gevaar niet door tussenkomst van personen of instellingen buiten het ziek
**3.** Met betrekking tot de voortzetting van het verblijf van de betrokkene in het psychiatrisch ziekenhuis na verloop van de geldigheidsduur van de lopende machtiging zijn artikel 2, derde en vierde lid, en artikel 4 van overeenkomstige toepassing.
**4.** Indien een machtiging tot voortgezet verblijf betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die machtiging als machtiging als bedoeld in artikel 261 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
**4.** Indien een machtiging tot voortgezet verblijf betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die machtiging als machtiging als bedoeld in artikel 265b van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
### Artikel 16
@ -419,7 +419,7 @@ d. het gevaar niet door tussenkomst van personen of instellingen buiten een psyc
**7.** Bij de opneming van de betrokkene in het psychiatrisch ziekenhuis wordt door de door de burgemeester aangewezen personen een afschrift van de beschikking, bedoeld in het eerste lid, aan het ziekenhuis overgelegd. Tenzij het geval, bedoeld in artikel 2, vierde lid, zich heeft voorgedaan, wordt daarbij tevens overgelegd een afschrift van de in artikel 21 bedoelde geneeskundige verklaring.
**8.** Indien een last als bedoeld in het eerste lid, betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die last als machtiging als bedoeld in artikel 261 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
**8.** Indien een last als bedoeld in het eerste lid, betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die last als machtiging als bedoeld in artikel 265b van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
### Artikel 21
@ -489,7 +489,7 @@ Bij de opneming geeft de burgemeester aan de echtgenoot, de wettelijke vertegenw
**5.** Tegen de beschikking op een verzoek tot het verlenen van een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling staat geen gewoon rechtsmiddel open.
**6.** Indien een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die machtiging als machtiging als bedoeld in artikel 261 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
**6.** Indien een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die machtiging als machtiging als bedoeld in artikel 265b van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
### Artikel 30
@ -520,7 +520,7 @@ b. het gevaar niet door tussenkomst van personen of instellingen buiten een psyc
**5.** Indien betrokkene minderjarig is, onder curatele is gesteld dan wel indien ten behoeve van hem een mentorschap is ingesteld, kan het verzoek van betrokkene worden gedaan door zijn ouders die het gezag uitoefenen dan wel een van hen, zijn voogd onderscheidenlijk zijn curator of zijn mentor, doch slechts indien de betrokkene daarmee instemt.
**6.** Indien een machtiging op eigen verzoek betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die machtiging als machtiging als bedoeld in artikel 261 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
**6.** Indien een machtiging op eigen verzoek betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die machtiging als machtiging als bedoeld in artikel 265b van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
### Artikel 33
@ -559,7 +559,7 @@ b. een door de onder *a* bedoelde psychiater tezamen met betrokkene opgesteld be
**2.** Voor een opneming, verblijf en behandeling als bedoeld in het eerste lid, is een rechterlijke machtiging, hierna te noemen zelfbindingsmachtiging, vereist indien de betrokkene geen blijk geeft van de nodige bereidheid tot opneming, verblijf of behandeling en de in de verklaring omschreven omstandigheden zich voordoen.
**3.** Indien een zelfbindingsmachtiging betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die machtiging als machtiging als bedoeld in artikel 261 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
**3.** Indien een zelfbindingsmachtiging betrekking heeft op een minderjarige die onder toezicht is gesteld, geldt die machtiging als machtiging als bedoeld in artikel 265b van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
### Artikel 34b
@ -1026,7 +1026,7 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur, vast te stellen op de voordrach
**2.** Met betrekking tot degenen die op grond van deze wet in een psychiatrisch ziekenhuis verblijven, zijn, indien zij tevens ter beschikking zijn gesteld met bevel tot verpleging van overheidswege, de artikelen 47, 48 en 49 niet van toepassing en wordt artikel 45 met dien verstande toegepast dat verlof door de geneesheer-directeur slechts wordt verleend in overeenstemming met Onze Minister van Justitie. Met het oog op de tenuitvoerlegging van het bevel tot verpleging van overheidswege kan de geneesheer-directeur het verblijf in het psychiatrisch ziekenhuis, bedoeld in dit lid en het eerste lid, na overleg met Onze Minister van Justitie, beëindigen. Het voorgaande is van overeenkomstige toepassing op degenen die op grond van deze wet en tevens met toepassing van artikel 15, vijfde lid, van de Penitentiaire beginselenwet in een psychiatrisch ziekenhuis verblijven.
**3.** De artikelen 36 tot en met 41b, 44, 56, 57 en 58 zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot personen die ter beschikking zijn gesteld met bevel tot verpleging van overheidswege en met betrekking tot personen aan wie de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen is opgelegd, indien die verpleging dan wel de tenuitvoerlegging van die maatregel plaatsvindt in een psychiatrisch ziekenhuis, niet zijnde een justitiële inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden als bedoeld in artikel 90, quinquies, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht.
**3.** De artikelen 36 tot en met 41b, 44, 56, 57 en 58 zijn van overeenkomstige toepassing met betrekking tot personen die ter beschikking zijn gesteld, personen aan wie de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen is opgelegd, personen aan wie de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders is opgelegd en personen tegen wie voorlopige hechtenis en overbrenging ter observatie is bevolen, indien de tenuitvoerlegging van die maatregel of dat bevel plaatsvindt in een psychiatrisch ziekenhuis, niet zijnde een justitiële inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden als bedoeld in artikel 90, quinquies, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht.
**4.** Artikel 10, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing met betrekking tot personen aan wie op grond van een uitspraak van de rechter als bedoeld in artikel 38 van het Wetboek van Strafrecht de voorwaarde is gesteld tot opneming in een psychiatrisch ziekenhuis.