2008-01-01 | BWBR0017745 | Wet financiering sociale verzekeringen

This commit is contained in:
Coornhert 2008-01-01 12:00:00 +00:00
parent 7c589f3496
commit c2ae0cbb63

View file

@ -219,7 +219,12 @@ b. een uitkering op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet a
### Artikel 19
Ingeval een werknemer in het premiebetalingstijdvak zijn naam, adres of woonplaats niet aan de werkgever heeft verstrekt dan wel zijn identiteit niet is vastgesteld en niet is opgenomen in de administratie overeenkomstig artikel 28, onderdeel e, van de Wet op de loonbelasting 1964, alsmede ingeval de werknemer ter zake onjuiste gegevens heeft verstrekt en de werkgever dit weet of redelijkerwijs moet weten, blijft artikel 17, eerste tot en met derde lid, buiten toepassing bij de berekening van het loon waarnaar de premies op grond van dit hoofdstuk worden geheven.
Artikel 17, eerste tot en met derde lid, blijft buiten toepassing bij de berekening van het loon waarnaar de premies op grond van dit hoofdstuk worden geheven, ingeval in het premiebetalingstijdvak:
a. een werknemer zijn naam, adres, woonplaats of sociaal-fiscaalnummer niet aan de werkgever heeft verstrekt;
b. bij een werknemer die loon uit tegenwoordige dienstbetrekking geniet, de werkgever zijn identiteit niet heeft vastgesteld en opgenomen in de loonadministratie overeenkomstig artikel 28, onderdeel e, van de Wet op de loonbelasting 1964;
c. bij een werknemer die loon uit tegenwoordige dienstbetrekking geniet, vreemdeling is in de zin van de Vreemdelingenwet 2000 en niet behoort tot de categorie werknemers die op grond van overeenkomsten van internationaal recht is uitgezonderd van de verplichting tot het hebben van een geldige verblijfsvergunning als bedoeld in die wet en een geldige tewerkstellingsvergunning als bedoeld in de Wet arbeid vreemdelingen, de werkgever zijn verblijfsrechtelijke positie ter zake van het verrichten van arbeid niet heeft vastgesteld en opgenomen in de loonadministratie overeenkomstig artikel 28, onderdeel e, van de Wet op de loonbelasting 1964;
d. de werknemer ter zake van de in de onderdelen a tot en met c bedoelde inlichtingen onjuiste gegevens heeft verstrekt en de werkgever dit weet of redelijkerwijs moet weten.
#### Paragraaf 2. Inhouding en verbod van verhaal
@ -331,7 +336,7 @@ De premie wordt bij ministeriële regeling vastgesteld op een percentage van het
**1.** De financiële middelen tot dekking van de uitgaven ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds, alsmede de financiële middelen voor het vormen en in stand houden van een reserve in dat fonds, worden verkregen door het heffen van de in artikel 36 bedoelde basispremie en door een bijdrage van het rijk als bedoeld in artikel 114, onderdeel f.
**2.** De financiële middelen tot dekking van de uitgaven ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas, alsmede de financiële middelen voor het vormen en in stand houden van een reserve in de Arbeidsongeschiktheidskas, worden verkregen door het heffen van de in artikel 37 bedoelde gedifferentieerde premie.
**2.** De financiële middelen tot dekking van de uitgaven ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas, alsmede de financiële middelen voor het vormen en in stand houden van een reserve in de Arbeidsongeschiktheidskas, worden verkregen door het heffen van de in artikel 37 bedoelde uniforme premie.
**3.** De financiële middelen tot dekking van de uitgaven ten laste van de Werkhervattingskas, alsmede de financiële middelen voor het vormen en in stand houden van een reserve in de Werkhervattingskas, worden verkregen door het heffen van de in artikel 38 bedoelde gedifferentieerde premie.
@ -339,7 +344,7 @@ De premie wordt bij ministeriële regeling vastgesteld op een percentage van het
### Artikel 34
**1.** De premie is verschuldigd door werkgevers in de zin van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen en bestaat uit een basispremie en twee gedifferentieerde premies.
**1.** De premie is verschuldigd door werkgevers in de zin van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen en bestaat uit een basispremie, een uniforme premie en een gedifferentieerde premie.
**2.** In afwijking van artikel 20, tweede lid, kan de werkgever de met betrekking tot een werknemer door hem verschuldigde gedifferentieerde premie ten behoeve van de Werkhervattingskas, bedoeld in artikel 38, onder bij ministeriële regeling te bepalen voorwaarden, tot ten hoogste de helft verhalen op de werknemer.
@ -357,28 +362,11 @@ Bij ministeriële regeling wordt voor de berekening van de basispremie een voor
### Artikel 37
**1.**
**1.** Het UWV stelt, onder goedkeuring van Onze Minister, voor de berekening van de uniforme premie ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas een percentage vast.
Het UWV stelt, onder goedkeuring van Onze Minister, vast:
**2.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent de wijze waarop het percentage, bedoeld in het eerste lid, wordt vastgesteld.
a. voor de berekening van de gedifferentieerde premie ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas een voor alle takken van bedrijf en beroep gelijk rekenpercentage;
b. voor de berekening van het rekenpercentage, bedoeld in onderdeel a, een voor alle takken van bedrijf en beroep gelijk gemiddeld percentage.
**2.** Elk jaar wordt met ingang van 1 januari een opslag of korting vastgesteld waarmee het in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde percentage wordt verhoogd respectievelijk verlaagd. Bij of krachtens de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in het vierde lid, kan worden bepaald dat de opslag of korting voor een werkgever dan wel voor categorieën van werkgevers wordt vastgesteld, waarbij de korting of opslag voor categorieën van werkgevers kan verschillen of op nihil kan worden vastgesteld. Indien een werkgever met toepassing van de artikelen 96 of 97 is aangesloten bij verschillende sectoren, wordt voor elk bedrijfsonderdeel van de werkgever waar werkzaamheden worden verricht die behoren tot een afzonderlijke sector de opslag of korting toegepast als was dat bedrijfsonderdeel een afzonderlijke werkgever. Voor de werkgever die niet behoort tot een categorie als bedoeld in de tweede zin stelt de inspecteur de korting of opslag vast bij voor bezwaar vatbare beschikking.
**3.** De inspecteur stelt in geval van overgang van een onderneming in de zin van artikel 662 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, alsmede in geval van een dergelijke overgang bij faillissement, de vastgestelde opslag of korting, bedoeld in het tweede lid, opnieuw bij voor bezwaar vatbare beschikking vast voor de werkgever die een onderneming of een deel daarvan verkrijgt en voor de werkgever die een deel van zijn onderneming overdraagt.
**4.**
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld:
a. omtrent de wijze waarop het rekenpercentage, bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, en het gemiddelde percentage, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, worden vastgesteld;
b. omtrent de wijze waarop de in het tweede of derde lid bedoelde opslag of korting wordt berekend;
c. omtrent de percentages die op grond van dit artikel ten hoogste voor een werkgever mogen gelden en omtrent de percentages die op grond van dit artikel ten minste voor een werkgever moeten gelden.
**5.** Indien Onze Minister zijn goedkeuring onthoudt aan een door het UWV op grond van het eerste lid, onderdeel a of onderdeel b, vastgesteld percentage stelt hij het percentage vast.
**6.** Beschikkingen van de inspecteur op grond van dit artikel worden genomen gehoord het UWV en in overeenstemming met het UWV.
**3.** Indien Onze Minister zijn goedkeuring onthoudt aan een door het UWV vastgesteld percentage, stelt hij het percentage vast.
### Artikel 38
@ -405,9 +393,9 @@ c. de percentages die op grond van dit artikel ten hoogste voor een werkgever mo
### Artikel 38a
**1.** In afwijking van de artikelen 37 en 38 is over een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Ziektewet, hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg, de Werkloosheidswet, over een toeslag op grond van de Toeslagenwet, over het loon uit een dienstbetrekking op grond van de Wet sociale werkvoorziening en over het loon van de werknemer van de eigenrisicodrager, op wie artikel 56 van toepassing is, als gedifferentieerde premie ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas respectievelijk ten behoeve van de Werkhervattingskas een premie verschuldigd naar het percentage, bedoeld in artikel 37, eerste lid, onderdeel a, respectievelijk het percentage, bedoeld in artikel 38, eerste lid, onderdeel a. Met een uitkering op grond van de Werkloosheidswet wordt gelijkgesteld een wachtgeld als bedoeld in artikel 1, onderdeel r, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen.
**1.** In afwijking van artikel 38 is over een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Ziektewet, hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg, de Werkloosheidswet, over een toeslag op grond van de Toeslagenwet, over het loon uit een dienstbetrekking op grond van de Wet sociale werkvoorziening en over het loon van de werknemer van de eigenrisicodrager, op wie artikel 56 van toepassing is, als gedifferentieerde premie ten behoeve van de Werkhervattingskas een premie verschuldigd naar het percentage, bedoeld in artikel 38, eerste lid, onderdeel a. Met een uitkering op grond van de Werkloosheidswet wordt gelijkgesteld een wachtgeld als bedoeld in artikel 1, onderdeel r, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen.
**2.** Behalve voor degene die loon ontvangt uit een dienstbetrekking op grond van de Wet sociale werkvoorziening wordt het eerste lid niet toegepast ingeval het UWV de uitkering, vermeerderd met de daarover door de werkgever verschuldigde premies en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, betaalt aan de werkgever, bedoeld in artikel 8, 9 of 11 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidverzekering en in artikel 9, 10 of 12 van de Werkloosheidswet en de Ziektewet, onafhankelijk van het voortbestaan van de dienstbetrekking met die werkgever.
**2.** Behalve voor degene die loon ontvangt uit een dienstbetrekking op grond van de Wet sociale werkvoorziening wordt het eerste lid niet toegepast ingeval het UWV de uitkering, vermeerderd met de daarover door de werkgever verschuldigde premies en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, betaalt aan de werkgever, bedoeld in artikel 11 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen en in artikel 9, 10 of 12 van de Werkloosheidswet en de Ziektewet, onafhankelijk van het voortbestaan van de dienstbetrekking met die werkgever.
#### Paragraaf 5. Rijksbijdrage
@ -425,9 +413,8 @@ Onze Minister kan bedragen vaststellen die jaarlijks of in het desbetreffende ja
De inspecteur verleent overeenkomstig deze afdeling aan een werkgever op aanvraag bij voor bezwaar vatbare beschikking toestemming om zelf het risico te dragen van betaling van:
a. het ziekengeld aan de personen, bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdelen a, b en c, van de Ziektewet, die laatstelijk tot de werkgever in dienstbetrekking stonden;
b. arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen alsmede hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering; of
c. WGA uitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
a. het ziekengeld aan de personen, bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdelen a, b en c, van de Ziektewet, die laatstelijk tot de werkgever in dienstbetrekking stonden; of
b. WGA uitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
**2.** De werkgever legt bij een aanvraag als bedoeld in het eerste lid een schriftelijke garantie over waaruit blijkt dat een kredietinstelling of een verzekeraar zich jegens het UWV verplicht, op het eerste verzoek van het UWV waarbij het UWV schriftelijk meedeelt dat de verplichtingen die voortvloeien uit het zelf dragen van het risico niet worden nagekomen, die verplichtingen na te komen.
@ -445,14 +432,14 @@ c. WGA uitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbe
De garantie, bedoeld in het tweede lid, strekt zich niet uit tot:
a. ziekengeld onderscheidenlijk arbeidsongeschiktheidsuitkering dan wel WGA uitkering ter zake van ongeschiktheid tot werken die is ontstaan door een omstandigheid als bedoeld in artikel 3:38, van de Wet op het financieel toezicht, of door een kernongeval als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet aansprakelijkheid kernongevallen;
a. ziekengeld onderscheidenlijk arbeidsongeschiktheidsuitkering dan wel WGA-uitkering ter zake van ongeschiktheid tot werken die is ontstaan door een omstandigheid als bedoeld in artikel 3:38 van de Wet op het financieel toezicht, door een omstandigheid die het gevolg is van een of meer terroristische handelingen voor zover de totale schade die in een kalenderjaar ten gevolge van dergelijke handelingen bij schade- of levensverzekeraars waarop de Wet op het financieel toezicht van toepassing is, zal worden gedeclareerd, naar verwachting van de Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor Terrorismeschaden N.V. hoger zal zijn dan het door die maatschappij herverzekerde maximumbedrag per kalenderjaar, of door een kernongeval als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Wet aansprakelijkheid kernongevallen;
b. de boete, bedoeld in artikel 63c van de Ziektewet.
**9.** De toestemming, bedoeld in het eerste lid, wordt door de inspecteur verleend met ingang van 1 januari of 1 juli van enig jaar, mits de aanvraag ten minste dertien weken voor de desbetreffende datum is ingediend. Aan een startende werkgever wordt op zijn verzoek toestemming verleend met ingang van het tijdstip waarop deze aanvangt werkgever te zijn.
**10.**
Het door de werkgever zelf dragen van het risico, bedoeld in het eerste lid:
Het door de werkgever zelf dragen van het risico, bedoeld in het eerste lid, en het risico van de betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering:
a. eindigt met ingang van de dag waarop de schriftelijke garantie, bedoeld in het tweede lid, eindigt, onderscheidenlijk met ingang van de dag waarop de eigenrisicodrager in staat van faillissement is verklaard of ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard dan wel de dag waarop hij ophoudt werkgever te zijn;
b. wordt door de inspecteur op 1 januari of 1 juli van enig jaar beëindigd bij voor bezwaar vatbare beschikking op aanvraag van de werkgever, mits deze aanvraag ten minste dertien weken voor de desbetreffende datum is ingediend;
@ -480,7 +467,7 @@ e. openbare scholen als bedoeld in artikel 1, onderdelen a tot en met c, en arti
### Artikel 41
**1.** De eigenrisicodrager met betrekking tot de WGA-uitkering bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel c, en de startende werkgever, bedoeld in artikel 40, negende lid, die in afwachting is van de door de inspecteur te nemen beslissing op aanvraag, bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel c, kunnen de bij ministeriële regeling genoemde kosten met betrekking tot een werknemer ten behoeve van eigenrisicodragen onder bij ministeriële regeling te bepalen voorwaarden, tot ten hoogste de helft verhalen op de werknemer.
**1.** De eigenrisicodrager met betrekking tot de WGA-uitkering bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel b, en de startende werkgever, bedoeld in artikel 40, negende lid, die in afwachting is van de door de inspecteur te nemen beslissing op aanvraag, bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel b, kunnen de bij ministeriële regeling genoemde kosten met betrekking tot een werknemer ten behoeve van eigenrisicodragen onder bij ministeriële regeling te bepalen voorwaarden, tot ten hoogste de helft verhalen op de werknemer.
**2.** De eigenrisicodrager die ter dekking van het risico, bedoeld in artikel 40, eerste lid, een verzekering heeft afgesloten mag de door hem ter zake van die verzekering verschuldigde premie niet verhalen op de werknemer voorzover dit niet voortvloeit uit het eerste lid. Elk beding waarbij wordt afgeweken van de eerste zin is nietig.
@ -528,19 +515,17 @@ L = het totaalbedrag van het loon, bedoeld in artikel 26, waarover in het kalend
### Artikel 45
Aan een gemeente wordt geen toestemming verleend als bedoeld in artikel 40, aanhef en eerste lid, onderdelen b en c, ten aanzien van werknemers die werkzaam zijn in een dienstbetrekking op grond van de Wet sociale werkvoorziening.
Aan een gemeente wordt geen toestemming verleend als bedoeld in artikel 40, aanhef en eerste lid, onderdeel b, ten aanzien van werknemers die werkzaam zijn in een dienstbetrekking op grond van de Wet sociale werkvoorziening.
### Artikel 46
**1.** De eigenrisicodrager met betrekking tot de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel b, is over het loon van de tot hem in dienstbetrekking staande werknemers de gedifferentieerde premie, bedoeld in artikel 37, en over de door hem te betalen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen de premie ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas, bedoeld in artikel 38a, niet verschuldigd.
**2.** De startende werkgever, bedoeld in artikel 40, negende lid, is in afwachting van de door de inspecteur te nemen beslissing op aanvraag, bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel b, over het loon van de tot hem in dienstbetrekking staande werknemers de gedifferentieerde premie, bedoeld in artikel 37, niet verschuldigd.
De werkgever die zelf het risico draagt van de betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering is over het loon van de tot hem in dienstbetrekking staande werknemers en over de door hem te betalen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen de uniforme premie, bedoeld in artikel 37, niet verschuldigd.
### Artikel 46a
**1.** De eigenrisicodrager met betrekking tot de WGA uitkering, bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel c, is over het loon van de tot hem in dienstbetrekking staande werknemers de gedifferentieerde premie, bedoeld in artikel 38, en over de door hem te betalen WGA uitkeringen de premie ten behoeve van de Werkhervattingskas, bedoeld in artikel 38a, niet verschuldigd.
**1.** De eigenrisicodrager met betrekking tot de WGA uitkering, bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel b, is over het loon van de tot hem in dienstbetrekking staande werknemers de gedifferentieerde premie, bedoeld in artikel 38, en over de door hem te betalen WGA uitkeringen de premie ten behoeve van de Werkhervattingskas, bedoeld in artikel 38a, niet verschuldigd.
**2.** De startende werkgever, bedoeld in artikel 40, negende lid, is in afwachting van de door de inspecteur te nemen beslissing op aanvraag, bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel c, over het loon van de tot hem in dienstbetrekking staande werknemers de gedifferentieerde premie, bedoeld in artikel 38, niet verschuldigd.
**2.** De startende werkgever, bedoeld in artikel 40, negende lid, is in afwachting van de door de inspecteur te nemen beslissing op aanvraag, bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel b, over het loon van de tot hem in dienstbetrekking staande werknemers de gedifferentieerde premie, bedoeld in artikel 38, niet verschuldigd.
### Afdeling 6. Premievrijstellingen en premiekorting
@ -686,21 +671,17 @@ De rijksbelastingdienst heft de premie voor de volksverzekeringen en de premies
**3.** Een aanvraag tot het geven van een beschikking over het verzekerd zijn op grond van de werknemersverzekeringen kan door de werkgever uitsluitend bij de inspecteur worden ingediend. De inspecteur beslist bij voor bezwaar vatbare beschikking.
**4.** In afwijking van artikel 5a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen beslist de inspecteur op een aanvraag als bedoeld in het derde lid binnen dertien weken na ontvangst van de aanvraag. Indien in verband met de gevraagde beschikking informatie is gevraagd aan een persoon of instantie buiten Nederland en om die reden de beschikking niet binnen dertien weken gegeven kan worden, wordt die termijn verlengd met ten hoogste zes maanden en wordt de aanvrager van deze verlenging schriftelijk in kennis gesteld.
**4.** In afwijking van artikel 26 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen kan de werkgever tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur op grond van de artikelen 95 of 97 uitsluitend beroep instellen bij het gerechtshof. Op het beroep is hoofdstuk V, afdeling 2, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, alsmede hoofdstuk 8 van de Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de artikelen 8:1, eerste en tweede lid, 8:4, 8:5, 8:6, eerste lid, 8:8, 8:9 en 8:10, van overeenkomstige toepassing.
**5.** Het vierde lid is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van een aanvraag of melding op grond van de artikelen 40, 95 of 97.
**5.** De inspecteur stelt de werkgever zonodig op de hoogte van de door het UWV op aanvraag van de werknemer genomen beschikking over het verzekerd zijn op grond van de werknemersverzekeringen.
**6.** In afwijking van artikel 25, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen doet de inspecteur binnen dertien weken na ontvangst van het bezwaarschrift uitspraak daarop indien het bezwaar is gericht tegen een beschikking als bedoeld in het derde lid of in de artikelen 40, 95 of 97.
**6.** In afwijking van de artikelen 25b, 27f, 27j, derde lid, en 29i van de Algemene wet inzake rijksbelastingen verleent de inspecteur een teruggaaf van premies voor de werknemersverzekeringen uitsluitend aan de werkgever.
**7.** In afwijking van artikel 26 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen kan de werkgever tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur op grond van de artikelen 95 of 97 uitsluitend beroep instellen bij het gerechtshof. Op het beroep is hoofdstuk V, afdeling 2, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, alsmede hoofdstuk 8 van de Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de artikelen 8:1, eerste en tweede lid, 8:4, 8:5, 8:6, eerste lid, 8:8, 8:9 en 8:10, van overeenkomstige toepassing.
**7.** Indien in verband met een gevraagde beschikking informatie is gevraagd aan een persoon of instantie buiten Nederland en om die reden de beschikking niet binnen de termijn, bedoeld in afdeling 4.1.3 van Algemene wet bestuursrecht, gegeven kan worden, wordt die termijn verlengd met ten hoogste zes maanden en wordt de aanvrager van deze verlenging schriftelijk in kennis gesteld.
**8.** De inspecteur stelt de werkgever zonodig op de hoogte van de door het UWV op aanvraag van de werknemer genomen beschikking over het verzekerd zijn op grond van de werknemersverzekeringen.
**8.** Met betrekking tot premies voor de werknemersverzekeringen wordt, in afwijking van artikel 20, tweede lid, eerste zin, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, geen naheffingsaanslag aan de werknemer opgelegd en is de tweede zin van dat lid niet van toepassing.
**9.** In afwijking van de artikelen 25b, 27f, 27j, derde lid, en 29i van de Algemene wet inzake rijksbelastingen verleent de inspecteur een teruggaaf van premies voor de werknemersverzekeringen uitsluitend aan de werkgever.
**10.** In afwijking van artikel 5a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen beslist de inspecteur op aanvragen, andere dan die bedoeld in het derde, vierde en vijfde lid, binnen een redelijke termijn als bedoeld in afdeling 4.1.3 van de Algemene wet bestuursrecht en met toepassing van die afdeling. De tweede zin van het vierde lid is van overeenkomstige toepassing.
**11.** Met betrekking tot premies voor de werknemersverzekeringen wordt, in afwijking van artikel 20, tweede lid, eerste zin, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, geen naheffingsaanslag aan de werknemer opgelegd en is de tweede zin van dat lid niet van toepassing.
**9.** Het zevende lid is van overeenkomstige toepassing op een aanvraag als bedoeld in het derde lid en op een aanvraag of melding op grond van de artikelen 40, 95 of 97.
### Paragraaf 2. Invordering
@ -862,7 +843,7 @@ De financiële middelen tot dekking van de uitgaven voor de vrijwillige werkneme
**1.** De premie voor de vrijwillige verzekering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering wordt berekend over het dagloon, bedoeld in artikel 84, eerste lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
**2.** De premie bedraagt een door het UWV te bepalen percentage van het in het eerste lid bedoelde dagloon, met dien verstande dat de premie niet meer bedraagt dan de in artikel 36 bedoelde basispremie, vermeerderd met een premieopslag die wordt berekend op grond van het in artikel 37, eerste lid, onderdeel a, bedoelde percentage.
**2.** De premie bedraagt een door het UWV te bepalen percentage van het in het eerste lid bedoelde dagloon, met dien verstande dat de premie niet meer bedraagt dan de in artikel 36 bedoelde basispremie, vermeerderd met het in artikel 37 bedoelde percentage voor de uniforme premie.
#### Paragraaf 5
@ -878,7 +859,7 @@ De financiële middelen tot dekking van de uitgaven voor de vrijwillige werkneme
**1.** De premie voor de vrijwillige verzekering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen wordt berekend over het dagloon, bedoeld in artikel 21, eerste lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
**2.** De premie bedraagt een door het UWV te bepalen percentage van het in het eerste lid bedoelde dagloon, met dien verstande dat de premie niet meer bedraagt dan de in artikel 36 bedoelde basispremie, vermeerderd met een premieopslag die wordt berekend op grond van het in artikel 37, eerste lid, onderdeel a, en het in artikel 38, eerste lid, onderdeel a, bedoelde percentage.
**2.** De premie bedraagt een door het UWV te bepalen percentage van het in het eerste lid bedoelde dagloon, met dien verstande dat de premie niet meer bedraagt dan de in artikel 36 bedoelde basispremie, vermeerderd met het in artikel 37 bedoelde percentage voor de uniforme premie en een premieopslag die wordt berekend op grond van het in artikel 38, eerste lid, onderdeel a, bedoelde percentage.
### Afdeling 3. Aanvullende bepalingen
@ -1158,7 +1139,7 @@ e. de uitvoeringskosten, voorzover deze betrekking hebben op de in de onderdelen
f. de op grond van enige wet over de uitkeringen, bedoeld in de onderdelen a tot en met d, door het UWV verschuldigde premies of vergoedingen als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet die niet op deze uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht;
g. de kosten van de werkzaamheden, bedoeld in artikel 63a, vierde en vijfde lid, van de Ziektewet alsmede de schade, bedoeld in het zesde lid van dat artikel, die wordt vergoed aan een eigenrisicodrager als bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel a, en de daaraan verbonden uitvoeringskosten;
h. de kosten van onderzoek, bedoeld in artikel 30, eerste lid, onderdelen e, f, g en p, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
i. de bedragen van de premievrijstelling bij marginale arbeid, bedoeld in afdeling 6 van hoofdstuk 3, toegepast op de wachtgeldpremie;
i. de bedragen van de premievrijstelling bij marginale arbeid, bedoeld in afdeling 6 van hoofdstuk 3, toegepast op de sectorpremie;
j. de uitvoeringskosten, voorzover deze betrekking hebben op de uitvoering van de artikelen 38, vierde lid, 39 en 39a van de Ziektewet ten aanzien van anderen dan de personen, bedoeld in onderdeel c, en niet reeds op grond van onderdeel d ten laste van een sectorfonds worden gebracht, alsmede de uitvoeringskosten, voorzover deze betrekking hebben op de uitvoering van artikel 629, derde lid, onderdeel c, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek;
k. de kosten die in verband met de uitvoering van artikel 30, eerste lid, onderdeel b, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen, ten aanzien van personen, die een uitkering ontvangen als bedoeld in onderdeel c.
@ -1279,7 +1260,7 @@ b. de gelden die het UWV ontvangt door toepassing van de artikelen 29a en 75f, e
c. de gelden die het UWV ontvangt door toepassing van de artikelen 57 en 90 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering in verband met uitkeringen als bedoeld in artikel 115, eerste lid, onderdeel a;
d. vervallen;
e. de gelden die het UWV ontvangt door toepassing van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen;
f. een rijksbijdrage ter hoogte van het door Onze Minister geraamde bedrag aan lasten als bedoeld in artikel 115, eerste lid, onderdeel c, over het kalenderjaar waarvoor de rijksbijdrage wordt berekend;
f. een rijksbijdrage ter hoogte van het door Onze Minister geraamde bedrag aan lasten als bedoeld in artikel 115, eerste lid, onderdeel c en onderdeel e voor zover de uitvoeringskosten, bedoeld in dat laatste onderdeel betrekking hebben op de op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 2, en de op grond van artikel 3:30 van de Wet arbeid en zorg te betalen uitkeringen;
g. de gelden die het UWV ontvangt door toepassing van de artikelen 86 en 91 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen;
h. de gelden die het UWV ontvangt door toepassing van de artikelen 76 en 99 van de van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen in verband met uitkeringen als bedoeld in artikel 115, eerste lid, onderdeel d.
@ -1316,7 +1297,7 @@ q. vergoedingen aan gemeenten die worden overeengekomen ter uitvoering van artik
Ten gunste van de Arbeidsongeschiktheidskas komen:
a. de premie op grond van artikel 37, eerste lid, de gedifferentieerde premie ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas op grond van artikel 38a, eerste lid, en de premie op grond van artikel 75 voorzover deze de gedifferentieerde premie ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas op grond van artikel 38a, eerste lid, niet overschrijdt;
a. de uniforme premie op grond van artikel 37, eerste lid en de premie op grond van artikel 75 voor zover deze de uniforme premie op grond van artikel 37, eerste lid, niet overschrijdt;
b. de gelden die het UWV ontvangt met toepassing van artikel 57 van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, in verband met uitkeringen als bedoeld in artikel 117, eerste lid;
c. de gelden die het UWV ontvangt met toepassing van verhaal als bedoeld in artikel 75a, vierde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en artikel 75b, vijfde lid en zevende lid, van die wet;
d. de gelden die door toepassing van artikel 118 worden overgeheveld uit het Arbeidsongeschiktheidsfonds;
@ -1327,7 +1308,7 @@ f. de gelden die het UWV ontvangt door toepassing van de artikelen 76, 83, derde
**1.**
Ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas komen gedurende de periode van vijf jaar met betrekking tot een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, te rekenen vanaf de dag waarop een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van die wet is ingegaan, en gedurende vier jaar met betrekking tot een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen te rekenen vanaf de dag waarop een uitkering op grond van laatstgenoemde wet is ingegaan:
Ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas komen gedurende de periode van vijf jaar met betrekking tot een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, te rekenen vanaf de dag waarop een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van die wet is ingegaan:
a. de door het UWV te betalen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, alsmede de op grond van enige wet over deze uitkeringen door het UWV verschuldigde premies of vergoedingen als bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet die niet op deze uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht;
b. het gezamenlijke bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de vakantie-uitkeringen die in de in de aanhef bedoelde periode niet zijn uitbetaald wegens het genieten van loon als bedoeld in artikel 44, derde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en dat op grond van artikel 44, vierde lid, van die wet wordt afgedragen aan s Rijks kas, vermeerderd met:
@ -1335,36 +1316,34 @@ b. het gezamenlijke bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen en de vakant
1°. het bedrag aan premies dat het UWV bij uitbetaling op grond van enige wet over dat bedrag verschuldigd zou zijn en dat niet op de uitkeringen in mindering kan worden gebracht, en
2°. de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, van de inkomensafhankelijke bijdrage, bedoeld in artikel 41 van die wet, over dat bedrag.
**2.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering vangt de in het eerste lid bedoelde periode van vier jaar aan op de dag waarop de in artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, van die wet bedoelde ingetrokken arbeidsongeschiktheidsuitkering is ingegaan. De eerste zin is tevens van toepassing op de arbeidsongeschiktheidsuitkering die niet is toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, van genoemde wet maar met toepassing van artikel 19 van die wet, omdat het eerstgenoemde artikel op grond van artikel 43a, vierde lid, onderdeel b, van die wet geen toepassing kon vinden.
**2.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering vangt de in het eerste lid bedoelde periode van vijf jaar aan op de dag waarop de in artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, van die wet bedoelde ingetrokken arbeidsongeschiktheidsuitkering is ingegaan. De eerste zin is tevens van toepassing op de arbeidsongeschiktheidsuitkering die niet is toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel a, van genoemde wet maar met toepassing van artikel 19 van die wet, omdat het eerstgenoemde artikel op grond van artikel 43a, vierde lid, onderdeel b, van die wet geen toepassing kon vinden.
**3.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering vangt de in het eerste lid bedoelde periode van vier jaar aan na het verstrijken van de in artikel 43, eerste lid, onderdeel b, van die wet bedoelde wachttijd. De eerste zin is tevens van toepassing op de arbeidsongeschiktheidsuitkering die niet is toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, van genoemde wet maar met toepassing van artikel 19 van die wet, omdat het eerstgenoemde artikel op grond van artikel 43a, vierde lid, onderdeel b, van die wet geen toepassing kon vinden.
**3.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering vangt de in het eerste lid bedoelde periode van vijf jaar aan na het verstrijken van de in artikel 43, eerste lid, onderdeel b, van die wet bedoelde wachttijd. De eerste zin is tevens van toepassing op de arbeidsongeschiktheidsuitkering die niet is toegekend met toepassing van artikel 43a, eerste lid, onderdeel b, van genoemde wet maar met toepassing van artikel 19 van die wet, omdat het eerstgenoemde artikel op grond van artikel 43a, vierde lid, onderdeel b, van die wet geen toepassing kon vinden.
**4.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend direct aansluitend op een wachttijd die op grond van artikel 19, zevende lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering is verlengd, of een tijdvak waarin recht bestaat op loon of bezoldiging dat op grond van artikel 24 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen is verlengd wordt de duur van de verlenging van de wachttijd respectievelijk de duur van de verlenging van bedoeld tijdvak in mindering gebracht op de periode van vier jaar bedoeld in het eerste lid.
**4.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend direct aansluitend op een wachttijd die op grond van artikel 19, zevende lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering is verlengd, of een tijdvak waarin recht bestaat op loon of bezoldiging dat op grond van artikel 24 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen is verlengd wordt de duur van de verlenging van de wachttijd respectievelijk de duur van de verlenging van bedoeld tijdvak in mindering gebracht op de periode van vijf jaar bedoeld in het eerste lid.
**5.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering, respectievelijk een verhoging daarvan, niet wordt uitbetaald op grond van artikel 43d van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering wordt de periode van vier jaar, bedoeld in het eerste lid, verlengd met het verlengde tijdvak waarin recht bestaat op ziekengeld op grond van artikel 29, negende lid, van de Ziektewet, op loon op grond van artikel 629, elfde lid, onderdelen a en e, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek dan wel bezoldiging op grond van artikel 76a, zesde lid, van de Ziektewet.
**5.** Indien een arbeidsongeschiktheidsuitkering, respectievelijk een verhoging daarvan, niet wordt uitbetaald op grond van artikel 43d van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering wordt de periode van vijf jaar, bedoeld in het eerste lid, verlengd met het verlengde tijdvak waarin recht bestaat op ziekengeld op grond van artikel 29, negende lid, van de Ziektewet, op loon op grond van artikel 629, elfde lid, onderdelen a en e, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek dan wel bezoldiging op grond van artikel 76a, zesde lid, van de Ziektewet.
**6.**
Het eerste lid is niet van toepassing indien:
a. het een arbeidsongeschiktheidsuitkering betreft die op grond van artikel 71, eerste lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering of artikel 72, eerste lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen door het UWV wordt betaald en op grond van artikel 71, derde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering respectievelijk artikel 72, derde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen niet op een eigenrisicodrager wordt verhaald;
b. het een arbeidsongeschiktheidsuitkering betreft die op grond van artikel 75a, vierde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering of artikel 83, derde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen door het UWV wordt betaald en niet kan worden verhaald op een kredietinstelling of verzekeraar als bedoeld in artikel 40;
a. het een arbeidsongeschiktheidsuitkering betreft die op grond van artikel 71, eerste lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering door het UWV wordt betaald en op grond van artikel 71, derde lid, van die wet niet op de eigenrisicodrager wordt verhaald;
b. het een arbeidsongeschiktheidsuitkering betreft die op grond van artikel 75a, vierde lid, van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering door het UWV wordt betaald en niet kan worden verhaald op een kredietinstelling of verzekeraar als bedoeld in artikel 40;
c. het een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering anders dan bedoeld in het tweede of derde lid betreft, toegekend aan een werknemer, die uit de dienstbetrekking waaruit de arbeidsongeschiktheidsuitkering is ontstaan, recht had op ziekengeld op grond van artikel 29b van de Ziektewet;
d. het een arbeidsongeschiktheidsuitkering anders dan bedoeld in het tweede of derde lid, betreft, toegekend aan een werknemer, wiens arbeidsongeschiktheidsuitkering wordt toegekend in aansluiting op een voordien op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten toegekende uitkering;
e. het een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen betreft toegekend aan een werknemer die uit de dienstbetrekking waaruit de arbeidsongeschiktheidsuitkering is ontstaan recht had op ziekengeld;
f. het een uitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering betreft voorzover deze uitkering verhoogd is als gevolg van de inwerkingtreding van artikel IV, onderdeel A, van de Wet verhoging uitkeringshoogte arbeidsongeschiktheidswetten.
e. het een uitkering op grond van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering betreft voorzover deze uitkering verhoogd is als gevolg van de inwerkingtreding van artikel IV, onderdeel A, van de Wet verhoging uitkeringshoogte arbeidsongeschiktheidswetten.
**7.** Het UWV bezigt de middelen die zijn gereserveerd ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas niet tot bestrijding van uitgaven ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas dan met toestemming van Onze Minister.
**8.** Ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas komen voorts de bedragen van de premiekorting en de premievrijstelling bij marginale arbeid, bedoeld in afdeling 6 van hoofdstuk 3, toegepast op de gedifferentieerde premie ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas, bedoeld in artikel 38a, eerste lid.
**8.** Ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas komen voorts de bedragen van de premiekorting en de premievrijstelling bij marginale arbeid, bedoeld in afdeling 6 van hoofdstuk 3, toegepast op de uniforme premie ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas, bedoeld in artikel 37.
**9.**
Ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas komen voorts:
a. de kosten die verband houden met de uitvoering van artikel 30, eerste lid, onderdeel b, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen ten aanzien van een uitkeringsgerechtigde, indien deze ten tijde van het aanvangen van de werkzaamheden van het reïntegratiebedrijf, bedoeld in het zesde lid van dat artikel, recht heeft op een uitkering die ten laste komt van de Arbeidsongeschiktheidskas;
b. de op grond van artikel 2.8 van de Wet invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen aan het Reïntegratiefonds af te dragen bedragen;
c. de uitvoeringskosten, voor zover deze betrekking hebben op de in het eerste lid bedoelde uitkeringen.
b. de op grond van artikel 2.8 van de Wet invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen aan het Reïntegratiefonds af te dragen bedragen.
**10.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere en zonodig afwijkende regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel.
@ -1395,7 +1374,7 @@ f. het een loonaanvullingsuitkering als bedoeld in artikel 60, eerste lid, onder
**4.** Het UWV bezigt de middelen die zijn gereserveerd ten behoeve van de Werkhervattingskas niet tot bestrijding van uitgaven ten laste van de Werkhervattingskas dan met toestemming van Onze Minister.
**5.** Ten laste van de Werkhervattingskas komen voorts de bedragen van de premiekorting en de premievrijstelling bij marginale arbeid, bedoeld in afdeling 6 van hoofdstuk 3, toegepast op de gedifferentieerde premie ten behoeve van de Werkhervattingskas, bedoeld in artikel 38a, eerste lid.
**5.** Ten laste van de Werkhervattingskas komen voorts de bedragen van de premiekorting en de premievrijstelling bij marginale arbeid, bedoeld in afdeling 6 van hoofdstuk 3, toegepast op de gedifferentieerde premie ten behoeve van de Werkhervattingskas, bedoeld in artikel 38.
**6.** De kosten die verband houden met de uitvoering van artikel 30, eerste lid, onderdeel b, van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen ten aanzien van een uitkeringsgerechtigde, indien deze ten tijde van het aanvangen van de werkzaamheden van het reïntegratiebedrijf, bedoeld in het zesde lid van dat artikel, recht heeft op een uitkering die ten laste komt van de Werkhervattingskas.
@ -1493,100 +1472,27 @@ Met betrekking tot personen die op of na 1 januari 2004 maar voor 15 augustus
### Artikel 122ac
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
De werkgever die in 2005 of 2006 zelf het risico droeg van betaling van WGA-uitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, en die dat risico op enig moment in 2007 niet meer draagt, krijgt in afwijking van artikel 36 een eenmalige korting op de basispremie, te berekenen over het loon in 2007 van de tot hem in dienstbetrekking staande werknemers, die wordt gerelateerd aan het aantal maanden dat de werkgever in 2006 dit risico droeg. Indien de werkgever in 2007 reeds een bedrag aan premiekorting heeft ontvangen wordt dat bedrag op de korting, bedoeld in de eerste zin, in mindering gebracht.
### Artikel 122b
**1.** De artikelen 33, derde lid, 38, 104, eerste lid, onderdeel d, 108, eerste lid, onderdeel d, 117a en 117b zijn in 2006 niet van toepassing.
**2.** In afwijking van de artikelen 34 en 36 bestaat de premie over het jaar 2006 uit een basispremie en een gedifferentieerde premie, waarbij de basispremie bestaat uit een basispremie arbeidsongeschiktheidswetten en een basispremie WGA. Bij ministeriële regeling wordt voor de berekening van de basispremie over het jaar 2006 een voor alle takken van bedrijf en beroep gelijk percentage vastgesteld, waarbij wordt aangegeven welk deel van dat percentage moet worden toegerekend aan de basispremie arbeidsongeschiktheidswetten en welk deel moet worden toegerekend aan de basispremie WGA en bij deze ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit lid. In artikel 34, tweede lid, wordt voor het jaar 2006 voor de zinsnede «gedifferentieerde premie ten behoeve van de Werkhervattingskas, bedoeld in artikel 38,» gelezen: basispremie WGA, bedoeld in artikel 122b,.
**3.** In artikel 38a, eerste lid, wordt voor het jaar 2006 voor de zinsnede «als gedifferentieerde premie ten behoeve van de Arbeidsongeschiktheidskas respectievelijk ten behoeve van de Werkhervattingskas een premie verschuldigd naar het percentage, bedoeld in artikel 37, eerste lid, onderdeel a, respectievelijk het percentage, bedoeld in artikel 38, eerste lid, onderdeel a» gelezen: als gedifferentieerde premie een premie verschuldigd naar het percentage, bedoeld in artikel 37, eerste lid, onderdeel a.
**4.** In artikel 46, eerste lid, wordt voor de jaren 2006 en 2007 voor de zinsnede «de eigenrisicodrager met betrekking tot de arbeidsongeschiktheidsuitkering bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel b» gelezen: de eigenrisicodrager met betrekking tot de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in artikel 122d, tweede lid.
**5.** In artikel 76a, tweede lid, wordt over het jaar 2006 voor de zinsnede «een premieopslag die wordt berekend op grond van het in artikel 37, eerste lid, onderdeel a, en het in artikel 38, eerste lid, onderdeel a, bedoelde percentage» gelezen: een premieopslag die wordt berekend op grond van het in artikel 37, eerste lid, onderdeel a, bedoelde percentage.
**6.** In 2006 komen in afwijking van de artikelen 104, eerste lid, onderdeel d, en 115, eerste lid, aanhef, niet ten laste van het sectorfonds: de door het UWV te betalen WGA-uitkeringen aan degenen die op de laatste dag van de wachttijd, bedoeld in artikel 23 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, een uitkering ontvingen op grond van artikel 29, tweede lid, onderdeel a, b en c, van de Ziektewet. De in de eerste zin genoemde uitkeringen alsmede de op grond van enige wet over deze uitkeringen door het UWV verschuldigde premies en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, die niet op deze uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht komen in het jaar 2006 ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds.
**7.** In 2006 en 2007 komen in afwijking van de artikelen 115, eerste lid, aanhef, en 117 niet ten laste van de Arbeidsongeschiktheidskas: de door het UWV te betalen arbeidsongeschiktheidsuitkeringen op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. De in de eerste zin genoemde uitkeringen alsmede de op grond van enige wet over deze uitkeringen door het UWV verschuldigde premies en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, die niet op deze uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht komen in de jaren 2006 en 2007 ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds.
**8.** In 2006 komen in afwijking van de artikelen 115, eerste lid, aanhef, en 117b niet ten laste van de Werkhervattingskas: op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen te betalen WGA-uitkeringen. De in de eerste zin genoemde uitkeringen alsmede de op grond van enige wet over deze uitkeringen door het UWV verschuldigde premies en de vergoeding, bedoeld in artikel 46 van de Zorgverzekeringswet, die niet op deze uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht komen in het jaar 2006 ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds.
**9.** In 2006 komen in afwijking van de artikelen 108, eerste lid, onderdeel d, en artikel 115, eerste lid, aanhef, niet ten laste van het Uitvoeringsfonds voor de overheid: de door het UWV te betalen WGA-uitkeringen aan de personen, bedoeld in artikel 24, die op de laatste dag van de wachttijd, bedoeld in artikel 23 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, een uitkering ontvingen als bedoeld in artikel 29, tweede lid, onderdeel a, b, of c van de Ziektewet. De in de eerste zin genoemde uitkeringen alsmede de op grond van enige wet over deze uitkeringen door het UWV verschuldigde premies die niet op deze uitkeringen in mindering kunnen worden gebracht komen in het jaar 2006 ten laste van het Arbeidsongeschiktheidsfonds.
**10.** Artikel 41, eerste lid, is niet van toepassing over het jaar 2006.
**11.** In artikel 46, tweede lid, wordt voor de jaren 2006 en 2007 voor de zinsnede «beslissing op aanvraag, bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel b,» gelezen: beslissing op aanvraag, bedoeld in artikel 122d, tweede lid,.
Vervallen
### Artikel 122c
**1.** De werkgever die op 28 december 2005 zelf het risico draagt van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering en die dat risico voor 1 januari 2005 zelf is gaan dragen, draagt met ingang van 29 december 2005 tevens zelf het risico van betaling van WGA-uitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
**2.**
Het eerste lid vindt geen toepassing indien:
a. de werkgever voor 29 december 2005 aan het UWV schriftelijk meldt het risico van betaling van WGA-uitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen niet zelf te willen dragen; of
b. het door de werkgever zelf dragen van het risico van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering op aanvraag van de werkgever eindigt op 1 januari 2006.
**3.** Indien het eerste lid toepassing vindt, strekt de schriftelijke garantie die aan het UWV is overgelegd met betrekking tot het zelf dragen van het risico van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering zich mede uit tot het zelf dragen van het risico van betaling van WGA-uitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
**4.** In afwijking van artikel 40 verleent het UWV aan de werkgever op wie het eerste lid niet van toepassing is op aanvraag toestemming om het risico van betaling van WGA-uitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen zelf te dragen, indien de werkgever een schriftelijke garantie overlegt, waaruit blijkt dat een kredietinstelling of een verzekeraar zich jegens het UWV verplicht, op het eerste verzoek van het UWV waarbij het UWV schriftelijk meedeelt dat de verplichtingen die voortvloeien uit het zelf dragen van het risico niet worden nagekomen, die verplichtingen na te komen. De overheidswerkgever, bedoeld in artikel 1, onderdeel k, van de Wet overheidspersoneel onder de werknemersverzekeringen, voorzover door Onze Minister in overeenstemming met Onze Minister van Financiën aangewezen, is ontheven van de verplichting tot het overleggen van een schriftelijke garantie, bedoeld in de eerste zin. De toestemming wordt niet verleend gedurende drie jaren nadat het door de werkgever zelf dragen van het risico van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering is beëindigd.
**5.** De aanvraag bedoeld in het vierde lid, wordt uiterlijk gedaan op 28 december 2005.
**6.** Op een aanvraag als bedoeld in het vierde lid beslist het UWV binnen 26 weken na de ontvangst van die aanvraag.
**7.** Indien een werkgever een aanvraag als bedoeld in het vierde lid heeft ingediend is vanaf 29 december 2005 tot de datum waarop het UWV op de aanvraag heeft beslist artikel 42 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen van overeenkomstige toepassing en wordt met betrekking tot de artikelen 27, 29, 30, 37, voor «eigenrisicodrager» gelezen: de werkgever die een aanvraag als bedoeld in artikel 122c, vierde lid, van de Wet financiering sociale verzekering heeft ingediend.
**8.** Indien het UWV de werkgever op grond van het vierde lid toestemming verleent om het risico van betaling van WGA-uitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen zelf te dragen, wordt de werkgever geacht dit risico zelf te hebben gedragen met ingang van 29 december 2005.
**9.** De werkgever die in 2005 of 2006 zelf het risico draagt van betaling van WGA-uitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet Werk en inkomen naar arbeidsvermogen krijgt in afwijking van artikel 36 in 2007 zolang hij zelf dat risico draagt een korting op de basispremie ter hoogte van de door hem over 2005 en 2006 betaalde basispremie WGA vermenigvuldigd met de breuk waarvan de teller wordt gevormd door het aantal hele kalendermaanden dat de werkgever het risico in 2005 en 2006 heeft gedragen en de noemer 12 bedraagt.
**10.** Indien het eerste lid toepassing heeft gevonden is artikel 40, dertiende lid, niet van toepassing.
**11.** Aan de werkgever die eigenrisicodrager is op grond van dit artikel wordt geacht toestemming te zijn verleend om zelf het risico van betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering te dragen op grond van artikel 40.
**12.** Het vijfde lid is niet van toepassing op de startende werkgever. In het zevende lid wordt ten aanzien van de startende werkgever voor «vanaf 29 december 2005» gelezen: vanaf het tijdstip waarop deze aanvangt werkgever te zijn.
**13.** Het UWV is bevoegd te beslissen op een bezwaarschrift dat voor de datum van inwerkingtreding van artikel 40 is ingediend tegen een beschikking op grond van dit artikel.
**14.** De inspecteur is bevoegd te beslissen op een bezwaarschrift dat op of na de datum van inwerkingtreding van artikel 40 is ingediend tegen een beschikking op grond van dit artikel.
**15.** Op beroep tegen een uitspraak op een bezwaarschrift van het UWV inzake een beschikking op grond van dit artikel, waarop op de datum van inwerkingtreding van artikel 40 nog geen uitspraak is gedaan, wordt beslist door de rechter waarbij het beroep aanhangig is.
**16.** In bestuursrechtelijke gedingen, waarbij beroep na de inwerkingtreding van artikel 40 wordt ingediend tegen een uitspraak op een bezwaarschrift van het UWV inzake een beschikking op grond van dit artikel, treedt de inspecteur als partij in de plaats van het UWV.
Vervallen
### Artikel 122ca
In afwijking van artikel 40 en artikel 122c, vierde lid, wordt geen toestemming verleend om in de jaren 2005 en 2006 het risico van betaling van WGA-uitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen zelf te dragen aan de werkgever te wiens laste, in het tweede kalenderjaar dat aan het premiejaar vooraf is gegaan, een premieplichtig loon is gekomen dat gelijk is of minder bedraagt dan 25 maal het gemiddelde premieplichtig loon per werknemer in dat kalenderjaar.
Vervallen
### Artikel 122d
**1.** In afwijking van artikel 40, eerste lid, wordt geen toestemming verleend om in 2006 en 2007 zelf het risico te dragen van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen alsmede hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering;
**2.** In afwijking van artikel 40, eerste lid, verleent de inspecteur overeenkomstig afdeling 5 van hoofdstuk 3, aan een werkgever op aanvraag bij voor bezwaar vatbare beschikking toestemming om in 2006 of 2007 zelf het risico te dragen van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering.
**3.** De werkgever die op 31 december 2007 zelf het risico draagt van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering draagt met ingang van 1 januari 2008 tevens zelf het risico van betaling van arbeidsongeschiktheidsverzekering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
**4.** Indien het derde lid van toepassing is, artikel 122c, derde lid, geen toepassing heeft gevonden en de werkgever voor 1 januari 2005 zelf het risico is gaan dragen van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, strekt de schriftelijke garantie die aan het UWV is overgelegd met betrekking tot het zelf dragen van dat risico zich mede uit tot het zelf dragen van het risico van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
**5.** Indien het derde lid van toepassing is en het vierde lid niet van toepassing is legt de werkgever uiterlijk 5 november 2007 aan de inspecteur een schriftelijke garantie over waaruit blijkt dat een kredietinstelling of een verzekeraar zich jegens het UWV verplicht op het eerste verzoek van het UWV waarbij het UWV schriftelijk meedeelt dat de verplichtingen die voortvloeien uit het zelf dragen van het risico niet worden nagekomen, die verplichtingen na te komen.
**6.** Indien de schriftelijke garantie, bedoeld in het vijfde lid, niet of niet tijdig wordt overgelegd eindigt het zelf dragen van het risico van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering met ingang van 1 januari 2008 en is het derde lid niet langer van toepassing.
**7.** Indien de werkgever voor 2 oktober 2007 aan de inspecteur schriftelijk meldt het risico van betaling van arbeidsongeschiktheidsverzekering overeenkomstig hoofdstuk 9 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen niet zelf te willen dragen is het derde lid niet van toepassing en eindigt het zelf dragen van risico van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsuitkering met ingang van 1 januari 2008.
**8.** Het derde lid is niet van toepassing indien het door de werkgever zelf dragen van het risico van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering op aanvraag van de werkgever eindigt met ingang van 1 januari 2008.
**9.** Een aanvraag door de werkgever tot het zelf dragen van het risico van betaling van arbeidsongeschiktheidsuitkering overeenkomstig hoofdstuk IIIA van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering met ingang van 1 januari 2008 of later wordt geacht een aanvraag te zijn als bedoeld in artikel 40, eerste lid, onderdeel b.
**10.** Aan de werkgever die eigenrisicodrager is op grond van dit artikel wordt geacht toestemming te zijn verleend om zelf het risico van betaling van de arbeidsongeschiktheidsuitkering te dragen op grond van artikel 40.
Vervallen
### Artikel 122e
Artikel 37, tweede en derde lid, is niet van toepassing met ingang van een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, waarin tevens kan worden bepaald dat dit terugwerkt tot en met een in dat besluit te bepalen tijdstip.
Vervallen
### Artikel 122f