From c44b54e00109d22164a09c8818b48999faa30fa8 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Fri, 17 May 2019 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2019-05-17 | BWBR0025631 | Binnenvaartbesluit --- amvb/binnenvaartbesluit/BWBR0025631/README.md | 28 ++++++++----------- 1 file changed, 12 insertions(+), 16 deletions(-) diff --git a/amvb/binnenvaartbesluit/BWBR0025631/README.md b/amvb/binnenvaartbesluit/BWBR0025631/README.md index 84e0bcbbfc4..b22900bb28f 100644 --- a/amvb/binnenvaartbesluit/BWBR0025631/README.md +++ b/amvb/binnenvaartbesluit/BWBR0025631/README.md @@ -25,6 +25,7 @@ In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt, tenzij anders is bepaal - *openbaar vervoersdienst:* voor ieder openstaand personenvervoer; - *passagiersschip:* binnenschip, niet zijnde een veerpont of een veerboot, dat is bestemd of wordt gebruikt voor het bedrijfsmatig vervoer van meer dan twaalf personen buiten de bemanningsleden; - *pleziervaartuig:* schip dat is bestemd of wordt gebruikt voor sportbeoefening of vrijetijdsbesteding; +- *richtlijn (EU) 2016/1629:* richtlijn (EU) 2016/1629 van het Europees Parlement en de Raad van 14 september 2016 tot vaststelling van de technische voorschriften voor binnenschepen, tot wijziging van Richtlijn 2009/100/EG en tot intrekking van Richtlijn 2006/87/EG; - *Rijnvaartverklaring:* verklaring, bedoeld in artikel 2, derde lid, van de Herziene Rijnvaartakte; - *sleepboot:* schip dat is bestemd of wordt gebruikt voor het slepen van schepen en niet is bestemd voor het zelfstandig vervoeren van goederen; - *sleepduwboot:* schip dat is bestemd of wordt gebruikt voor het slepen of duwen van schepen en niet is bestemd voor het zelfstandig vervoeren van goederen; @@ -103,11 +104,7 @@ Voor de volgende categorieën van binnenschepen is een certificaat van onderzoek a. binnenschepen met een lengte van ten minste 20 meter; b. binnenschepen waarvoor het product van lengte, breedte en diepgang ten minste 100 m^3 bedraagt; -c. sleepboten, duwboten of sleepduwboten, tenzij: - -1°. ze niet onder de criteria genoemd in de onderdelen a of b vallen, -2°. ze blijkens een verklaring van Onze Minister uitsluitend worden gebruikt als pleziervaartuig, en -3°. ze overeenkomstig de voorwaarden gesteld op die verklaring worden gebruikt; +c. sleepboten, duwboten of sleepduwboten, die zijn bestemd of worden gebruikt om de schepen bedoeld onder a en b of drijvende werktuigen met vergelijkbare afmetingen als bedoeld onder a en b te slepen, te duwen of langszij gekoppeld mee te voeren; d. passagiersschepen; e. veerponten die zijn bestemd of worden gebruikt voor het bedrijfsmatig vervoer van meer dan twaalf personen buiten de bemanningsleden; f. veerboten; @@ -139,15 +136,15 @@ h. schepen bestemd tot het redden van drenkelingen. ### Artikel 8 -Een communautair binnenvaartcertificaat voor binnenschepen overeenkomstig richtlijn nr. 2006/87/EG van het Europees parlement en de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 december 2006 tot vaststelling van de technische voorschriften voor binnenschepen en tot intrekking van richtlijn nr. 82/714/EEG van de Raad (PbEG L 389) wordt gelijkgesteld met een certificaat van onderzoek. +Een Uniebinnenvaartcertificaat voor binnenschepen overeenkomstig richtlijn (EU) 2016/1629 wordt gelijkgesteld met een certificaat van onderzoek. ### Artikel 9 -**1.** Voor binnenschepen waarop aanvullende regels als bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de wet, van toepassing zijn en die zijn voorzien van een certificaat van onderzoek, verstrekt Onze Minister op aanvraag van de eigenaar van het binnenschip een communautair aanvullend binnenvaartcertificaat van onderzoek overeenkomstig richtlijn nr. 2006/87/EG van het Europees parlement en de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 december 2006 tot vaststelling van de technische voorschriften voor binnenschepen en tot intrekking van richtlijn nr. 82/714/EEG van de Raad (PbEG L389). +**1.** Voor binnenschepen waarop aanvullende regels als bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de wet, van toepassing zijn en die zijn voorzien van een certificaat van onderzoek, verstrekt Onze Minister op aanvraag van de eigenaar van het binnenschip een aanvullend Uniebinnenvaartcertificaat overeenkomstig richtlijn (EU) 2016/1629. -**2.** Onze Minister verstrekt op aanvraag voor zeeschepen ten behoeve van de vaart op de binnenwateren een communautair aanvullend binnenvaartcertificaat van onderzoek. +**2.** Onze Minister verstrekt op aanvraag voor zeeschepen ten behoeve van de vaart op de binnenwateren een aanvullend Uniebinnenvaartcertificaat. -**3.** Op het communautair aanvullend binnenvaartcertificaat van onderzoek zijn hoofdstuk 3, paragraaf 1, van de wet en deze paragraaf van overeenkomstige toepassing. +**3.** Op het aanvullend Uniebinnenvaartcertificaat zijn hoofdstuk 3, paragraaf 1, van de wet en deze paragraaf van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 10 @@ -156,12 +153,12 @@ Een communautair binnenvaartcertificaat voor binnenschepen overeenkomstig richtl Onze Minister kan een voorlopig certificaat van onderzoek afgeven voor binnenschepen, behorende tot de categorieën, bedoeld in artikel 6, voor: a. binnenschepen, die teneinde een certificaat van onderzoek te verkrijgen, met toestemming van Onze Minister naar een bepaalde plaats worden gevaren; -b. binnenschepen die, wegens een van de in artikel 2.07 van bijlage II van richtlijn nr. 2006/87/EG of de in artikelen 12 en 16 van die richtlijn bedoelde gevallen, tijdelijk niet van hun communautair binnenvaartcertificaat zijn voorzien; +b. binnenschepen die, wegens een van de in artikel 2.07 van bijlage V van richtlijn (EU) 2016/1629 of de in de artikelen 13 en 15 van die richtlijn bedoelde gevallen, tijdelijk niet van hun Uniebinnenvaartcertificaat zijn voorzien; c. binnenschepen waarvan de aanvraag voor het certificaat van onderzoek na het onderzoek nog in behandeling is; -d. binnenschepen die niet aan alle voorwaarden voor de afgifte van een communautair binnenvaartcertificaat overeenkomstig bijlage V, deel I, van richtlijn nr. 2006/87/EG voldoen; +d. binnenschepen die niet aan alle voorwaarden voor de afgifte van een Uniebinnenvaartcertificaat overeenkomstig bijlage 3, onderdelen I tot en met III, van deel I, van de bijlagen bij bijlage II van richtlijn (EU) 2016/1629, van richtlijn (EU) 2016/1629 voldoen; e. binnenschepen die een zodanige schade hebben geleden dat de staat waarin zij verkeren, niet meer met het in het certificaat van onderzoek gestelde overeenstemt; -f. drijvende inrichtingen en drijvende voorwerpen, wanneer de voor bijzonder transport bevoegde autoriteiten, overeenkomstig het Rijnvaartpolitiereglement 1995 of het Binnenvaartpolitiereglement, de vergunning voor een bijzonder transport afhankelijk stelt van het hebben van een dergelijk voorlopig communautair binnenvaartcertificaat; -g. binnenschepen die volgens artikel 2.19, tweede lid, van richtlijn nr. 2006/87/EG van de bepalingen van Deel II van bijlage II van die richtlijn afwijken. +f. drijvende inrichtingen en drijvende voorwerpen, wanneer de voor bijzonder transport bevoegde autoriteiten, overeenkomstig het Rijnvaartpolitiereglement 1995 of het Binnenvaartpolitiereglement, de vergunning voor een bijzonder transport afhankelijk stelt van het hebben van een dergelijk voorlopig Uniebinnenvaartcertificaat; +g. binnenschepen die volgens artikel 9, eerste lid, onderdeel g van richtlijn (EU) 2016/1629 van de bepalingen van bijlage II van die richtlijn afwijken. **2.** @@ -169,7 +166,7 @@ Het voorlopig certificaat is geldig: a. in de in het eerste lid, onderdelen a en d tot en met f, bedoelde gevallen voor één bepaalde reis, te maken binnen een redelijke termijn die ten hoogste één maand is; b. in de in het eerste lid, onderdelen b en c, bedoelde gevallen gedurende een redelijke termijn; -c. in de in het eerste lid, onderdeel g, genoemde gevallen gedurende zes maanden, hetgeen elke zes maanden kan worden verlengd, zolang het comité als bedoeld in artikel 2.19, tweede lid, van richtlijn nr. 2006/87/EG nog geen beslissing heeft genomen. +c. in de in het eerste lid, onderdeel g, genoemde gevallen gedurende zes maanden, hetgeen elke zes maanden kan worden verlengd, zolang nog geen uitvoeringshandeling als bedoeld in dat onderdeel is vastgesteld. **3.** Het voorlopig certificaat van onderzoek kan voorschriften bevatten die door Onze Minister in het belang van de veiligheid van het binnenschip of de opvarenden nodig worden geacht. De eigenaar draagt zorg voor de naleving van deze voorschriften. @@ -187,8 +184,7 @@ b. de procedure waarbij natuurlijke personen of rechtspersonen als bedoeld in ar Bij regeling van Onze Minister worden nadere regels vastgesteld met betrekking tot: a. de afgifte van de certificaten van onderzoek; -b. het onderzoek, bedoeld in artikel 14 van de wet; -c. de afgifte van de verklaring, bedoeld in artikel 6, onderdeel c, onder 2°. +b. het onderzoek, bedoeld in artikel 14 van de wet. ### Paragraaf 2. Bemanning