2008-08-08 | BWBR0014168 | Mijnbouwwet

This commit is contained in:
Coornhert 2008-08-08 12:00:00 +00:00
parent a146716e48
commit c6fffc07f1

View file

@ -662,7 +662,7 @@ Bij de bepaling van het aantal gewonnen eenheden blijven buiten beschouwing de e
a. het opsporen of het winnen in het vergunningsgebied waar ze zijn gewonnen;
b. het voor de aflevering bewerken van die eenheden en het transport naar de plaats waar die bewerking plaatsvindt.
**4.** Eenheden aardolie of aardgas welke overeenkomstig artikel 92, tweede lid, onderdeel a, aan de in dat artikel bedoelde vennootschap toekomen, blijven bij de toepassing van het eerste lid buiten beschouwing.
**4.** Eenheden aardolie of aardgas welke overeenkomstig artikel 94, tweede lid, onderdeel a, aan de in dat artikel bedoelde vennootschap toekomen, blijven bij de toepassing van het eerste lid buiten beschouwing.
### Artikel 63
@ -708,7 +708,7 @@ c. deze som te delen door het totaal van het in het vergunningsgebied gewonnen a
**4.** Het tarief over enig kalenderjaar wordt verhoogd met 25%, indien over dat jaar het gewogen gemiddelde van de waarde van in Nederland ingevoerde ruwe olie hoger is dan € 25 per vat. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld omtrent de wijze waarop het in de eerste volzin bedoelde gewogen gemiddelde wordt bepaald.
**5.** Het tarief wordt, onverminderd de verhoging op grond van het vierde lid, verhoogd met 100%, indien de houder geen overeenkomst als bedoeld in artikel 90 heeft gesloten ten aanzien van de winningsvergunning. Deze verhoging vindt niet plaats met betrekking tot de eenheden die zijn gewonnen uit een voorkomen ten aanzien waarvan een overeenkomst als bedoeld in artikel 97 is gesloten.
**5.** Het tarief wordt, onverminderd de verhoging op grond van het vierde lid, verhoogd met 100%, indien de houder geen overeenkomst als bedoeld in artikel 93 heeft gesloten ten aanzien van de winningsvergunning. Deze verhoging vindt niet plaats met betrekking tot de eenheden die zijn gewonnen uit een voorkomen ten aanzien waarvan een overeenkomst als bedoeld in artikel 97b is gesloten.
### Artikel 64
@ -848,114 +848,159 @@ Gedeputeerde staten stellen de afdracht vast en maken het verschuldigde bedrag a
Indien een afdracht aan de provincie op een later tijdstip op een ander bedrag wordt vastgesteld, wordt bij die latere vaststelling de rentederving in rekening gebracht die voor de betrokkene of voor de provincie uit die latere vaststelling voortvloeit. Daarbij wordt een enkelvoudige rente in rekening gebracht, waarvan het percentage gelijk is aan het percentage van de heffingsrente, bedoeld in artikel 30f, vijfde lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen.
### Afdeling 5.2.1. Staatsdeelneming in opsporingsvergunningen voor koolwaterstoffen voor de zeezijde
### Afdeling 5.2. Deelneming in opsporing en winning van koolwaterstoffen en andere taken en activiteiten van de aangewezen vennootschap
#### Paragraaf 5.2.1. Algemeen
### Artikel 81
In deze afdeling wordt verstaan onder:
a. de aangewezen vennootschap: de in de opsporingsvergunning door Onze Minister aangewezen naamloze vennootschap of besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid waarvan alle aandelen middellijk of onmiddellijk behoren aan de staat;
b. de overeenkomst: de overeenkomst tussen de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap inzake het verrichten van opsporingswerkzaamheden;
c. opsporingswerkzaamheden: werkzaamheden die op grond van een opsporingsvergunning voor de zeezijde, bedoeld in artikel 54, onderdeel e, worden of kunnen worden verricht of werkzaamheden die voortvloeien uit het doen van verkenningsonderzoeken naar de aanwezigheid van koolwaterstoffen binnen het vergunningsgebied, dan wel naar nadere gegevens omtrent die koolwaterstoffen.
a. de vennootschap: de vennootschap, bedoeld in artikel 82, eerste lid;
b. opsporingswerkzaamheden: werkzaamheden die op grond van een opsporingsvergunning voor de zeezijde, bedoeld in artikel 54, onderdeel e, worden of kunnen worden verricht of werkzaamheden die voortvloeien uit het doen van verkenningsonderzoeken naar de aanwezigheid van koolwaterstoffen binnen het vergunningsgebied, dan wel naar nadere gegevens omtrent die koolwaterstoffen;
c. mijnbouwwerkzaamheden: winnings- en opsporingswerkzaamheden die op grond van een winningsvergunning worden of kunnen worden verricht of werkzaamheden die voortvloeien uit het doen van verkenningsonderzoeken naar de aanwezigheid van koolwaterstoffen binnen het vergunningsgebied, dan wel naar nadere gegevens omtrent die koolwaterstoffen;
d. opsporingsovereenkomst: een overeenkomst van samenwerking tussen de houder van een opsporingsvergunning voor de zeezijde en de vennootschap inzake het verrichten van opsporingswerkzaamheden;
e. mijnbouwovereenkomst: een overeenkomst van samenwerking tussen de houder van een winningsvergunning en de vennootschap inzake het verrichten van mijnbouwwerkzaamheden.
### Artikel 82
De in een opsporingsvergunning voor koolwaterstoffen aangewezen vennootschap verleent de door de houder van die opsporingsvergunning verlangde medewerking aan de totstandkoming van een overeenkomst, krachtens welke de vergunningshouder en de aangewezen vennootschap voor hun gezamenlijke rekening de opsporingswerkzaamheden zullen verrichten.
**1.**
In het belang van een doelmatige opsporing en winning, een planmatig beheer en een optimale afzet van koolwaterstoffen, wijst Onze Minister een naamloze of een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid, waarvan alle aandelen middellijk of onmiddellijk aan de staat behoren, aan, die tot taak heeft:
a. het deelnemen in opsporingswerkzaamheden op grond van opsporingsovereenkomsten, overeenkomstig paragraaf 5.2.2. van deze afdeling;
b. het deelnemen in mijnbouwwerkzaamheden op grond van mijnbouwovereenkomsten, overeenkomstig paragraaf 5.2.3. van deze afdeling, met inbegrip van daarmee rechtstreeks verbonden werkzaamheden, waaronder in ieder geval worden begrepen behandeling, transport en verkoop van de gewonnen koolwaterstoffen*;*
c. het uitvoeren van de taken, het uitoefenen van de rechten en het voldoen aan de verplichtingen die voor de vennootschap voortvloeien uit de overeenkomst van samenwerking, bedoeld in artikel 11, eerste lid, van het koninklijk besluit van 30 mei 1963, nummer 39 (Stcrt. 126) en de daarmee verband houdende regelingen en overeenkomsten;
d. Onze Minister desgevraagd de inlichtingen te verstrekken die nodig zijn voor de beoordeling van de uitvoerbaarheid van voorgenomen energiebeleid, in het bijzonder ten aanzien van opsporing, winning, beheer en afzet van koolwaterstoffen.
**2.** Onverminderd het eerste lid, kunnen de vennootschap bij besluit van Onze Minister andere taken dan de taken, bedoeld in het eerste lid, worden opgedragen in het algemeen belang van het energiebeleid. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden de algemene belangen omschreven ten behoeve waarvan en de gevallen waarin Onze Minister de vennootschap een opdracht als bedoeld in de eerste volzin kan geven. Onze Minister kan aan een besluit tot het geven van een opdracht voorschriften en beperkingen verbinden.
**3.**
De vennootschap verricht middellijk of onmiddellijk geen andere activiteiten dan activiteiten ter uitvoering van de taken, bedoeld in het eerste en tweede lid, tenzij Onze Minister daarmee heeft ingestemd. Onze Minister kan voorschriften en beperkingen verbinden aan zijn instemming. De instemming wordt slechts verleend indien die activiteiten en de uitvoering daarvan:
a. nauw verwant zijn aan de activiteiten ter uitvoering van de taken, bedoeld in het eerste en tweede lid,
b. een goede uitvoering van die taken niet belemmeren of anderszins bemoeilijken, en
c. mede het algemeen belang van het energiebeleid dienen.
**4.** Onze Minister kan een besluit tot het geven van een opdracht als bedoeld in het tweede lid onderscheidenlijk een besluit tot instemming als bedoeld in het derde lid intrekken of wijzigen indien niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden voor het geven van die opdracht onderscheidenlijk het verlenen van die instemming als bedoeld in het tweede onderscheidenlijk het derde lid.
### Artikel 83
**1.** De overeenkomst komt binnen een periode van zes maanden tot stand, ingaande op het tijdstip waarop de vergunninghouder een verzoek als bedoeld in artikel 82 heeft gedaan. Onze Minister kan de termijn van zes maanden eenmaal met ten hoogste zes maanden verlengen. De overeenkomst behoeft de instemming van Onze Minister.
**1.** Indien de vennootschap activiteiten als bedoeld in artikel 82, derde lid, verricht, is zij verplicht, al dan niet op geconsolideerde basis, een afzonderlijke boekhouding te voeren voor die activiteiten enerzijds en de activiteiten ter uitvoering van haar taken, bedoeld in artikel 82, eerste en tweede lid, anderzijds.
**2.** De overeenkomst kan niet worden gewijzigd of ontbonden dan na instemming van Onze Minister.
**2.**
De afzonderlijke boekhouding is zodanig ingericht dat:
a. de registratie van de lasten en baten van de verschillende activiteiten gescheiden zijn;
b. alle lasten en baten, op grond van consequent toegepaste en objectief te rechtvaardigen beginselen inzake kostprijsadministratie, correct worden toegerekend;
c. de beginselen inzake kostprijsadministratie volgens welke de boekhouding wordt gevoerd, duidelijk zijn vastgelegd.
**3.** De baten die de vennootschap behaalt met de uitvoering van de taken, bedoeld in artikel 82, eerste of tweede lid, worden niet gebruikt voor financiering van de activiteiten, bedoeld in artikel 82, derde lid.
**4.** De vennootschap verricht activiteiten als bedoeld in artikel 82, derde lid, tegen marktconforme tarieven en voorwaarden en op basis van een integrale doorberekening van alle kosten.
### Artikel 84
In de overeenkomst worden bepalingen opgenomen, die ertoe strekken dat ten behoeve van de opsporingswerkzaamheden wordt samengewerkt, waarbij:
a. de vergunninghouder voor 60% en de aangewezen vennootschap voor 40% belang neemt;
b. de werken die door het doen van de in artikel 86, eerste lid, onderdeel a, bedoelde investeringen tot stand zijn gekomen voor 60% toebehoren aan de vergunninghouder en voor 40% aan de aangewezen vennootschap;
c. de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap ten behoeve van de samenwerking, in verhouding tot ieders belang in de samenwerking, de middelen verstrekken die bestemd zijn voor het doen van de uitgaven, bedoeld in artikel 86, eerste lid, onderdeel a;
d. op de overeenkomst Nederlands recht van toepassing is.
De statuten van de vennootschap en elke wijziging van die statuten behoeven goedkeuring van Onze Minister. Hij onthoudt zijn goedkeuring slechts als door de statuten naar zijn oordeel een behoorlijke vervulling van de taken, genoemd in artikel 82, eerste en tweede lid, onvoldoende is gewaarborgd.
### Artikel 85
In de overeenkomst worden bepalingen opgenomen die de vergunninghouder ertoe verplichten:
a. de voor hem uit de vergunning voortvloeiende rechten uit te oefenen ten behoeve van de samenwerking en overeenkomstig de gezamenlijke besluiten die met inachtneming van artikel 87 zijn genomen door de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap;
b. het door hem aangaan, wijzigen of beëindigen van duurzame samenwerking met derden, ter zake van verkenning en opsporing te onderwerpen aan goedkeuring door de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap gezamenlijk;
c. aan de samenwerking ten goede te doen komen zijn kennis en ervaring op het gebied van verkenning, opsporing, winning en afzet van koolwaterstoffen en daarmee samenhangende gebieden zoals het transport, de opslag en de behandeling daarvan.
Onze Minister kan de vennootschap aanwijzingen geven in het belang van een goede vervulling van de in artikel 82, eerste en tweede lid, bedoelde taken.
### Artikel 86
**1.** De vennootschap verschaft Onze Minister alle gegevens en inlichtingen die hij nodig heeft voor de uitvoering van deze wet.
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld omtrent de te verstrekken gegevens en inlichtingen en omtrent de wijze en het tijdstip waarop de gegevens en inlichtingen moeten worden verschaft.
#### Paragraaf 5.2.2. Deelneming in opsporingswerkzaamheden
### Artikel 87
**1.** De vennootschap verleent op verzoek van de houder van een opsporingsvergunning medewerking aan de totstandkoming van een opsporingsovereenkomst.
**2.** De opsporingsovereenkomst komt binnen een periode van zes maanden tot stand, ingaande op het tijdstip waarop de vergunninghouder een verzoek als bedoeld in het eerste lid heeft gedaan. Onze Minister kan de termijn van zes maanden eenmaal met ten hoogste zes maanden verlengen. De opsporingsovereenkomst behoeft de instemming van Onze Minister.
**3.** De opsporingsovereenkomst kan niet worden gewijzigd of ontbonden dan na instemming van Onze Minister.
### Artikel 88
In de opsporingsovereenkomst worden bepalingen opgenomen, die ertoe strekken dat ten behoeve van de opsporingswerkzaamheden wordt samengewerkt, waarbij:
a. de vergunninghouder voor 60% en de vennootschap voor 40% belang neemt;
b. de werken die door het doen van de in artikel 90, eerste lid, onderdeel a, bedoelde investeringen tot stand zijn gekomen voor 60% toebehoren aan de vergunninghouder en voor 40% aan de vennootschap;
c. de vergunninghouder en de vennootschap ten behoeve van de samenwerking, in verhouding tot ieders belang in de samenwerking, de middelen verstrekken die bestemd zijn voor het doen van de uitgaven, bedoeld in artikel 90, eerste lid, onderdeel a;
d. op de overeenkomst Nederlands recht van toepassing is.
### Artikel 89
In de opsporingsovereenkomst worden bepalingen opgenomen die de vergunninghouder ertoe verplichten:
a. de voor hem uit de vergunning voortvloeiende rechten uit te oefenen ten behoeve van de samenwerking en overeenkomstig de gezamenlijke besluiten die met inachtneming van artikel 91 zijn genomen door de vergunninghouder en de vennootschap;
b. het door hem aangaan, wijzigen of beëindigen van duurzame samenwerking met derden ter zake van verkenning en opsporing te onderwerpen aan goedkeuring door de vergunninghouder en de vennootschap gezamenlijk;
c. aan de samenwerking ten goede te doen komen zijn kennis en ervaring op het gebied van verkenning, opsporing, winning en afzet van koolwaterstoffen en daarmee samenhangende gebieden zoals het transport, de opslag en de behandeling daarvan.
### Artikel 90
**1.**
In de overeenkomst worden bepalingen opgenomen die de aangewezen vennootschap ertoe verplichten:
In de opsporingsovereenkomst worden bepalingen opgenomen die de vennootschap ertoe verplichten:
a. aan de vergunninghouder te vergoeden 40% van de uitgaven van de vergunninghouder die in overeenstemming met artikel 87 zijn goedgekeurd of in overeenstemming zijn met een goedgekeurd jaarlijks investerings- en financieringsplan;
a. aan de vergunninghouder te vergoeden 40% van de uitgaven van de vergunninghouder die in overeenstemming met artikel 91 zijn goedgekeurd of in overeenstemming zijn met een goedgekeurd jaarlijks investerings- en financieringsplan;
b. niet te beletten dat besluiten van de vergunninghouder gebaseerd worden op normale commerciële overwegingen;
c. zijn stem bij de besluitvorming volgens artikel 87uit te brengen op grond van transparante, objectieve en niet-discriminerende beginselen.
c. zijn stem bij de besluitvorming volgens artikel 91 uit te brengen op grond van transparante, objectieve en niet-discriminerende beginselen.
**2.**
In de overeenkomst worden bepalingen opgenomen die ertoe strekken dat ten aanzien van besluiten, inhoudende bij wie opdrachten worden geplaatst voor leveringen, voor de uitvoering van werken en voor het verrichten van diensten:
a. de vergunninghouder niet verplicht is vooraf aan de aangewezen vennootschap informatie te geven over het te nemen besluit;
b. de aangewezen vennootschap geen stem uitbrengt bij het nemen van het besluit.
### Artikel 87
In de overeenkomst worden bepalingen opgenomen die ertoe strekken dat:
a. een gezamenlijk besluit van de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap wordt genomen in een vergadering, waarin de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap worden vertegenwoordigd door een aantal gevolmachtigde personen, in verhouding tot ieders belang in de samenwerking;
b. een gezamenlijk besluit van de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap, in afwijking van onderdeel a, buiten vergadering kan worden genomen, mits dit gebeurt bij een gezamenlijke schriftelijke verklaring of bij een gelijkluidende schriftelijke verklaring van de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap, door deze of hun gevolmachtigde vertegenwoordigers ondertekend;
c. een gezamenlijk besluit van de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap, genomen met twee derden van de stemmen, welke overeenkomstig de overeenkomst kunnen worden uitgebracht, is vereist voor:
1°. het jaarlijkse investerings- en financieringsplan;
2°. niet in het jaarlijkse investerings- en financieringsplan opgenomen activiteiten en aanschaffingen, die een bedrag van € 500 000 te boven gaan;
3°. de meerjarenplanning ten aanzien van opsporingswerkzaamheden binnen het vergunningsgebied.
### Artikel 88
De vergunninghouder neemt geen besluit, inhoudende bij wie opdrachten worden geplaatst voor leveringen, voor het uitvoeren van werken of voor het verrichten van diensten, indien aannemelijk is dat dit besluit leidt tot:
a. financieel nadeel voor de staat, voorzover het betreft hetgeen ingevolge dit hoofdstuk verschuldigd is, of
b. tot financieel nadeel voor de aangewezen vennootschap.
### Afdeling 5.2.2. Staatsdeelneming in winningsvergunningen voor koolwaterstoffen
### Artikel 89
In deze afdeling wordt verstaan onder:
a. de aangewezen vennootschap: de in de winningsvergunning door Onze Minister aangewezen naamloze vennootschap of besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid waarvan alle aandelen middellijk of onmiddellijk behoren aan de staat;
b. de overeenkomst: de overeenkomst tussen de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap inzake het verrichten van mijnbouwwerkzaamheden;
c. mijnbouwwerkzaamheden: winnings- en opsporingswerkzaamheden die op grond van een winningsvergunning worden of kunnen worden verricht of werkzaamheden die voortvloeien uit het doen van verkenningsonderzoeken naar de aanwezigheid van koolwaterstoffen binnen het vergunningsgebied, dan wel naar nadere gegevens omtrent die koolwaterstoffen.
### Artikel 90
**1.** De houder van een winningsvergunning voor koolwaterstoffen verleent de door Onze Minister verlangde medewerking aan de totstandkoming van een overeenkomst krachtens welke de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap voor hun gezamenlijke rekening de mijnbouwwerkzaamheden zullen verrichten.
**2.** Onze Minister kan bij de vergunningverlening bepalen dat het eerste lid niet geldt, indien hij reden heeft om aan te nemen dat de staat door de overeenkomst naar redelijke schatting financieel nadeel zal leiden.
a. de vergunninghouder niet verplicht is vooraf aan de vennootschap informatie te geven over het te nemen besluit;
b. de vennootschap geen stem uitbrengt bij het nemen van het besluit.
### Artikel 91
**1.** De overeenkomst komt binnen een jaar na de verlening van de vergunning tot stand. Onze Minister kan de termijn van een jaar eenmaal met ten hoogste een jaar verlengen. De overeenkomst behoeft de instemming van Onze Minister.
In de opsporingsovereenkomst worden bepalingen opgenomen die ertoe strekken dat:
**2.** Tot het tijdstip waarop de instemming wordt verleend, verricht de vergunninghouder geen winningswerkzaamheden. Tot dat tijdstip behoeven besluiten als bedoeld in artikel 95, tweede lid, de instemming van de aangewezen vennootschap.
a. een gezamenlijk besluit van de vergunninghouder en de vennootschap wordt genomen in een vergadering, waarin de vergunninghouder en de vennootschap worden vertegenwoordigd door een aantal gevolmachtigde personen, in verhouding tot ieders belang in de samenwerking;
b. een gezamenlijk besluit van de vergunninghouder en de vennootschap, in afwijking van onderdeel a, buiten vergadering kan worden genomen, mits dit gebeurt bij een gezamenlijke schriftelijke verklaring of bij een gelijkluidende schriftelijke verklaring van de vergunninghouder en de vennootschap, door deze of hun gevolmachtigde vertegenwoordigers ondertekend;
c. een gezamenlijk besluit van de vergunninghouder en de vennootschap, waarbij de vennootschap en, als de vergunning door meerdere personen gehouden wordt, de persoon, bedoeld in artikel 22, vijfde lid, elk een beslissende stem hebben, vereist is voor:
**3.** Artikel 83, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
1°. het jaarlijkse investerings- en financieringsplan;
2°. niet in het jaarlijkse investerings- en financieringsplan opgenomen activiteiten en aanschaffingen, die een bedrag van € 500 000 te boven gaan;
3°. de meerjarenplanning ten aanzien van opsporingswerkzaamheden binnen het vergunningsgebied.
### Artikel 92
**1.** Artikel 84 is van overeenkomstige toepassing.
De vergunninghouder neemt geen besluit, inhoudende bij wie opdrachten worden geplaatst voor leveringen, voor het uitvoeren van werken of voor het verrichten van diensten, indien aannemelijk is dat dit besluit leidt tot:
a. financieel nadeel voor de staat, voorzover het betreft hetgeen ingevolge dit hoofdstuk is verschuldigd, of
b. financieel nadeel voor de vennootschap.
#### Paragraaf 5.2.3. Deelneming in mijnbouwwerkzaamheden
### Artikel 93
**1.** De houder van een winningsvergunning voor koolwaterstoffen en de vennootschap brengen een mijnbouwovereenkomst tot stand, tenzij Onze Minister bij de vergunningverlening heeft bepaald dat deze verplichting niet geldt. Onze Minister bepaalt uitsluitend dat de verplichting, bedoeld in de vorige volzin, niet geldt als de staat door de overeenkomst naar redelijke schatting financieel nadeel zal lijden.
**2.** De overeenkomst komt binnen een jaar na de verlening van de vergunning tot stand. Onze Minister kan de termijn van een jaar eenmaal met ten hoogste een jaar verlengen. De overeenkomst behoeft de instemming van Onze Minister.
**3.** Tot het tijdstip waarop de instemming wordt verleend, verricht de vergunninghouder geen winningswerkzaamheden. Tot dat tijdstip behoeven besluiten als bedoeld in artikel 97, tweede lid, de instemming van de vennootschap.
**4.** Artikel 87, derde lid, is van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 94
**1.** Artikel 88 is van overeenkomstige toepassing.
**2.**
Voorts worden in de overeenkomst bepalingen opgenomen, die ertoe strekken dat ten behoeve van de mijnbouwwerkzaamheden wordt samengewerkt, waarbij:
a. de uit de voorkomens gewonnen en beschikbare hoeveelheden koolwaterstoffen voor 60% toekomen aan de vergunninghouder en voor 40% aan de aangewezen vennootschap;
b. zowel de vergunninghouder als de aangewezen vennootschap gerechtigd is het eigen aandeel in de gewonnen en beschikbare hoeveelheden koolwaterstoffen in natura op te nemen, met dien verstande dat zij ernaar streven zoveel mogelijk samen te werken bij de verkoop van de gewonnen en beschikbare hoeveelheden koolwaterstoffen uit de voorkomens;
c. de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap ten behoeve van de afzet regelmatig overleg plegen.
a. de vergunninghouder de uit de voorkomens gewonnen en beschikbare hoeveelheden koolwaterstoffen voor 40% in eigendom overdraagt aan de vennootschap;
b. zowel de vergunninghouder als de vennootschap gerechtigd is het eigen aandeel in de gewonnen en beschikbare hoeveelheden koolwaterstoffen in natura op te nemen, met dien verstande dat zij ernaar streven zoveel mogelijk samen te werken bij de verkoop van de gewonnen en beschikbare hoeveelheden koolwaterstoffen uit de voorkomens;
c. de vergunninghouder en de vennootschap ten behoeve van de afzet regelmatig overleg plegen.
**3.**
@ -965,52 +1010,62 @@ a. die naar redelijkheid kunnen worden toegeschreven aan de activiteiten die tot
b. van de verdere evaluatie van dat voorkomen;
c. van investeringen ten behoeve van de mijnbouwwerkzaamheden.
### Artikel 93
### Artikel 95
**1.** Artikel 85 is van overeenkomstige toepassing.
**1.** Artikel 89 is van overeenkomstige toepassing.
**2.**
Voorts worden in de overeenkomst bepalingen opgenomen die de vergunninghouder ertoe verplichten:
a. zorg te dragen dat de werken die voor de totstandkoming van de overeenkomst tot stand zijn gekomen binnen het vergunningsgebied, voor 60% gaan toebehoren aan de vergunninghouder en voor 40% gaan toebehoren aan de aangewezen vennootschap;
b. de aangewezen vennootschap tijdig in te lichten en in staat te stellen om een belang tot een percentage van 40 te nemen in te treffen regelingen die verband houden met de winning en de afzet van de gewonnen koolwaterstoffen, zoals het transport, de opslag en de behandeling daarvan.
### Artikel 94
**1.** Artikel 86 is van overeenkomstige toepassing.
**2.** Voorts wordt in de overeenkomst een bepaling opgenomen die de aangewezen vennootschap ertoe verplicht aan de vergunninghouder terstond te vergoeden 40% van het bedrag, bedoeld in artikel 92, derde lid, vermeerderd met een enkelvoudige rente, waarvan het percentage gelijk is aan dat van de wettelijke rente, over een tijdvak van ten hoogste vijf jaar, te rekenen vanaf het tijdstip waarop de desbetreffende kosten zijn gemaakt.
**3.** Het tweede lid blijft buiten toepassing, voorzover de aangewezen vennootschap in het kader van een overeenkomst als bedoeld in artikel 82, de in artikel 92, derde lid, bedoelde kosten reeds heeft voldaan.
### Artikel 95
**1.** Artikel 87, onderdelen a en b, is van overeenkomstige toepassing.
**2.**
Voorts worden in de overeenkomst bepalingen opgenomen die ertoe strekken dat een gezamenlijk besluit van de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap, genomen met twee derden van de stemmen, welke overeenkomstig de overeenkomst kunnen worden uitgebracht, is vereist voor:
1°. het jaarlijkse investerings- en financieringsplan;
2°. niet in het jaarlijkse investerings- en financieringsplan opgenomen activiteiten en aanschaffingen, die een bedrag van € 500 000 te boven gaan;
3°. de meerjarenplanning ten aanzien van mijnbouwwerkzaamheden binnen het vergunningsgebied;
4°. het de vergunninghouder toestaan dat overeenkomstig het beperkte doel van de samenwerking een deel van de mijnbouwwerkzaamheden niet of niet langer zal geschieden voor rekening van de vergunninghouder en de aangewezen vennootschap gezamenlijk;
5°. het aangaan van verplichtingen tot levering van koolwaterstoffen;
6°. besluiten inzake het vervoer van gewonnen koolwaterstoffen.
a. zorg te dragen dat de werken die voor de totstandkoming van de overeenkomst tot stand zijn gekomen binnen het vergunningsgebied, voor 60% gaan toebehoren aan de vergunninghouder en voor 40% gaan toebehoren aan de vennootschap;
b. de vennootschap tijdig in te lichten en in staat te stellen om een belang tot een percentage van 40 te nemen in te treffen regelingen die verband houden met de winning en de afzet van de gewonnen koolwaterstoffen, zoals het transport, de opslag en de behandeling daarvan.
### Artikel 96
Artikel 88 is van overeenkomstige toepassing.
**1.** Artikel 90 is van overeenkomstige toepassing.
**2.** Voorts wordt in de overeenkomst een bepaling opgenomen die de vennootschap ertoe verplicht aan de vergunninghouder terstond te vergoeden 40% van het bedrag, bedoeld in artikel 94, derde lid, vermeerderd met een enkelvoudige rente, waarvan het percentage gelijk is aan dat van de wettelijke rente, over een tijdvak van ten hoogste vijf jaar, te rekenen vanaf het tijdstip waarop de desbetreffende kosten zijn gemaakt.
**3.** Het tweede lid blijft buiten toepassing, voorzover de vennootschap in het kader van een opsporingsovereenkomst de in artikel 94, derde lid, bedoelde kosten reeds heeft voldaan.
### Artikel 97
Indien na de toepassing van artikel 90, tweede lid, in een ander voorkomen in het vergunningsgebied koolwaterstoffen worden aangetoond, kan Onze Minister besluiten dat alsnog een overeenkomst als bedoeld in het eerste lid van dat artikel moet worden afgesloten. Deze afdeling is op die overeenkomst van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
**1.** Artikel 91, onderdelen a en b, is van overeenkomstige toepassing.
**2.**
Voorts worden in de overeenkomst bepalingen opgenomen die ertoe strekken dat een gezamenlijk besluit van de vergunninghouder en de vennootschap, waarbij de vennootschap en, als de vergunning door meerdere personen gehouden wordt, de persoon, bedoeld in artikel 22, vijfde lid, elk een beslissende stem hebben, vereist is voor:
1°. het jaarlijkse investerings- en financieringsplan;
2°. niet in het jaarlijkse investerings- en financieringsplan opgenomen activiteiten en aanschaffingen, die een bedrag van € 500 000 te boven gaan;
3°. de meerjarenplanning ten aanzien van mijnbouwwerkzaamheden binnen het vergunningsgebied;
4°. het de vergunninghouder toestaan dat overeenkomstig het beperkte doel van de samenwerking een deel van de mijnbouwwerkzaamheden niet of niet langer zal geschieden voor rekening van de vergunninghouder en de vennootschap gezamenlijk;
5°. het aangaan van verplichtingen tot levering van koolwaterstoffen;
6°. besluiten inzake het vervoer van gewonnen koolwaterstoffen.
### Artikel 97a
Artikel 92 is van overeenkomstige toepassing.
### Artikel 97b
**1.**
Indien na toepassing van het slot van de eerste volzin van artikel 93, eerste lid, in een ander voorkomen in het vergunningsgebied koolwaterstoffen worden aangetoond, kan Onze Minister besluiten dat alsnog een overeenkomst als bedoeld in artikel 93 tot stand wordt gebracht. Deze paragraaf is van overeenkomstige toepassing op die overeenkomst, met dien verstande dat:
a. de overeenkomst slechts betrekking heeft op dit andere voorkomen;
b. de overeenkomst tot stand komt binnen een jaar na het besluit van Onze Minister.
### Afdeling 5.3. Afdrachten in verband met andere vergunningen dan die tot het opsporen en het winnen van koolwaterstoffen en staatsdeelneming in het opslaan van stoffen
**2.**
In afwijking van artikel 146, vierde lid, kan Onze Minister op verzoek van de vennootschap in overeenstemming met de vergunninghouder besluiten dat deze paragraaf van overeenkomstige toepassing is op een winningsvergunning als bedoeld in artikel 143, tweede lid, met dien verstande dat:
a. de mijnbouwovereenkomst tot één of meer voorkomens van koolwaterstoffen in het vergunningsgebied kan worden beperkt;
b. in de mijnbouwovereenkomst bepalingen kunnen worden opgenomen die afwijken van de artikelen 94, 95, 96 en 97;
c. de overeenkomst tot stand komt binnen een jaar na het besluit van Onze Minister.
### Afdeling 5.3. Afdrachten in verband met andere vergunningen dan die tot het opsporen en het winnen van koolwaterstoffen
### Artikel 98
@ -1024,7 +1079,7 @@ b. de overeenkomst tot stand komt binnen een jaar na het besluit van Onze Minist
### Artikel 99
Afdeling 5.2.2, met uitzondering van artikel 92, tweede lid, onderdeel a, is van overeenkomstige toepassing, indien een opslagvergunning is verleend aan de houder van een winningsvergunning voor koolwaterstoffen, waar artikel 90, eerste lid, op van toepassing is en indien de opslagvergunning en de winningsvergunning gelden voor hetzelfde voorkomen.
Vervallen
### Artikel 100
@ -1431,11 +1486,11 @@ Het bedrag dat aan voorschotten kan worden verstrekt bedraagt ten hoogste 60 pro
### Artikel 142
**1.** Tegen een op grond van deze wet genomen besluit dat van toepassing is op het continentaal plat kan een belanghebbende beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De eerste volzin geldt niet voor een besluit op grond van hoofdstuk 5, met uitzondering van de afdelingen 5.2.1. en 5.2.2.
**1.** Tegen een op grond van deze wet genomen besluit dat van toepassing is op het continentaal plat kan een belanghebbende beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De eerste volzin geldt niet voor een besluit op grond van hoofdstuk 5, met uitzondering van afdeling 5.2.
**2.** Ten aanzien van een besluit omtrent een mijnbouwmilieuvergunning en instemming met een winningsplan is hoofdstuk 20 van de Wet milieubeheer van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat artikel 20.3 van de Wet milieubeheer niet van toepassing is op een besluit omtrent een mijnbouwmilieuvergunning voor een mijnbouwwerk te plaatsen of geplaatst aan de zeezijde van de in de bijlage bij deze wet vastgelegde lijn en een winningsplan voorzover het winnen van delfstoffen geschiedt vanuit een voorkomen dat is gelegen aan de zeezijde van de in de bijlage bij deze wet vastgelegde lijn.
**3.** Op het beroep tegen besluiten op grond van hoofdstuk 5, met uitzondering van de in het eerste lid, tweede volzin, genoemde afdelingen, is hoofdstuk V, afdelingen 2 tot en met 4 van de Algemene wet rijksbelastingen van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat hoger beroep en beroep in cassatie kunnen worden ingesteld door de belanghebbende die bevoegd was beroep bij de rechtbank, onderscheidenlijk hoger beroep bij het gerechtshof, in te stellen en door het bestuursorgaan dat bevoegd was het bestreden besluit te nemen.
**3.** Op het beroep tegen besluiten op grond van hoofdstuk 5, met uitzondering van de in het eerste lid, tweede volzin, genoemde afdeling, is hoofdstuk V, afdelingen 2 tot en met 4 van de Algemene wet rijksbelastingen van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat hoger beroep en beroep in cassatie kunnen worden ingesteld door de belanghebbende die bevoegd was beroep bij de rechtbank, onderscheidenlijk hoger beroep bij het gerechtshof, in te stellen en door het bestuursorgaan dat bevoegd was het bestreden besluit te nemen.
## Hoofdstuk 11. Overgangsbepalingen
@ -1498,7 +1553,9 @@ b. voor ander dan onder a genoemd gebied: twaalf maanden.
**3.** Onze Minister kan ten aanzien van een opsporingsvergunning of een winningsvergunning als bedoeld in artikel 143 die wordt gehouden door meer dan een natuurlijke persoon of rechtspersoon, de in artikel 22 bedoelde persoon aanwijzen. Zolang geen aanwijzing heeft plaatsgevonden wordt als de aangewezen persoon beschouwd degene die de feitelijke werkzaamheden verricht of daartoe opdracht verleent. In dat geval is artikel 22, achtste lid, tweede zin, niet van toepassing.
**4.** Afdeling 5.2.2, is niet van toepassing op een winningsvergunning als bedoeld in artikel 143. Indien aan zodanige vergunning het voorschrift is verbonden dat de in de vergunning aangewezen vennootschap verzet kan aantekenen tegen een besluit van de vergunninghouder, treedt voor dit voorschrift in de plaats een voorschrift overeenkomstig artikel 96.
**4.** Paragraaf 5.2.3 is niet van toepassing op een winningsvergunning als bedoeld in artikel 143, tweede lid, behoudens toepassing van artikel 97b, tweede lid. Indien aan een vergunning als bedoeld in de eerste volzin het voorschrift is verbonden dat de in de vergunning aangewezen vennootschap verzet kan aantekenen tegen een besluit van de vergunninghouder, treedt artikel 97a voor dit voorschrift in de plaats. Indien toepassing is gegeven aan het slot van de eerste volzin en aan de desbetreffende winningsvergunning voorschriften zijn verbonden omtrent deelneming door een in die vergunning aangewezen vennootschap, vervallen op het tijdstip waarop de mijnbouwovereenkomst tot stand is gebracht en goedgekeurd die voorschriften en treedt de mijnbouwovereenkomst in de plaats van een op grond van die voorschriften gesloten overeenkomst van samenwerking.
**5.** Indien de vennootschap op grond van de aan een opsporingsvergunning als bedoeld in artikel 143, eerste lid, onderscheidenlijk een winningsvergunning als bedoeld in artikel 143, tweede lid, verbonden voorschriften een overeenkomst van samenwerking heeft gesloten met de houder van die vergunning, wordt de uitvoering van die overeenkomst aangemerkt als uitvoering van de taak, bedoeld in artikel 82, eerste lid, onderdeel a, onderscheidenlijk de taak, bedoeld in artikel 82, eerste lid, onderdeel b.
### Artikel 147
@ -1610,7 +1667,7 @@ c. verminderd met het over het boekjaar na toepassing van dit artikel te betalen
### Artikel 161
Overeenkomsten die voor de inwerkingtreding van deze wet zijn gesloten tussen de door Onze Minister aangewezen naamloze vennootschap of besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid en de houder van een opsporingsvergunning voor het voor hun gezamenlijke rekening verrichten van opsporingswerkzaamheden zijn overeenkomsten als bedoeld in artikel 81.
Overeenkomsten die voor de inwerkingtreding van deze wet zijn gesloten tussen de door Onze Minister aangewezen naamloze vennootschap of besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid en de houder van een opsporingsvergunning voor het voor hun gezamenlijke rekening verrichten van opsporingswerkzaamheden zijn overeenkomsten als bedoeld in artikel 81, onderdeel d.
### Artikel 162