2017-02-01 | BWBR0001888 | Ziektewet
This commit is contained in:
parent
73013904c3
commit
c822a649c5
1 changed files with 5 additions and 1 deletions
|
|
@ -450,6 +450,10 @@ b. de eventueel in dat verdrag of besluit aanwezige beperkingen.
|
|||
|
||||
Geen recht op ziekengeld heeft de verzekerde die geen werkgever heeft jegens wie hij bij ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid wegens ziekte, zwangerschap of bevalling, recht heeft op loon als bedoeld in artikel 629 van Boek 7 van het Burgerlijk wetboek dan wel aanspraak heeft op bezoldiging op grond van artikel 76a, eerste lid, van de Ziektewet en die recht heeft op een uitkering op grond van hoofdstuk 6 van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen en ten aanzien van wie het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen een verkorte wachttijd heeft vastgesteld als bedoeld in artikel 23, zesde lid, van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen.
|
||||
|
||||
### Artikel 19e
|
||||
|
||||
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
|
||||
|
||||
#### Hoofdstuk I. Van de verzekerden
|
||||
|
||||
### Artikel 20
|
||||
|
|
@ -595,7 +599,7 @@ f. die arbeid verricht in een dienstbetrekking als bedoeld in artikel 10b, derde
|
|||
|
||||
heeft vanaf de eerste dag van zijn ongeschiktheid tot werken recht op ziekengeld over perioden van ongeschiktheid tot werken wegens ziekte die zijn aangevangen na aanvang van de dienstbetrekking. Het recht op ziekengeld van de werknemer, bedoeld in onderdeel c, ontstaat niet eerder dan zijn recht op een arbeidsongeschiktheidsuitkering of arbeidsondersteuning op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten. Het recht op ziekengeld van de werknemer, bedoeld in onderdeel e, ontstaat niet eerder dan het moment waarop hij een arbeidsbeperkte wordt als bedoeld in artikel 38b, eerste of tweede lid, van de Wet financiering sociale verzekeringen.
|
||||
|
||||
**3.** Het tweede lid, onderdelen e en f, is slechts van toepassing op werknemers, van wie de dienstbetrekking is aangevangen in de periode van 1 januari 2015 tot 1 januari 2021. Op de werknemer, bedoeld in het tweede lid, onderdelen d, e en f, zijn het eerste lid, onderdelen c en d, niet van toepassing.
|
||||
**3.** Op de werknemer, bedoeld in het tweede lid, onderdelen d, e en f, zijn het eerste lid, onderdelen c en d, niet van toepassing.
|
||||
|
||||
**4.** De werknemer die recht heeft op een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen en ten aanzien van wie een dienstbetrekking, bedoeld in artikel 3, 4 of 5, bij diens werkgever wordt voortgezet nadat dat recht is vastgesteld, heeft vanaf de eerste dag van zijn ongeschiktheid tot werken recht op ziekengeld over perioden van ongeschiktheid tot werken wegens ziekte die zijn aangevangen in de vijf jaren na vaststelling van het recht op uitkering.
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue