2007-01-01 | BWBR0013310 | Stageverordening 1988

This commit is contained in:
Coornhert 2007-01-01 12:00:00 +00:00
parent d1d48888e9
commit c95a977a4d

View file

@ -1,14 +1,14 @@
---
titel: Stageverordening 1988
titel: Stageverordening 2005
bwb_id: BWBR0013310
type: pbo
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2002-12-01'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0013310
citeertitel: Stageverordening 1988
citeertitel: Stageverordening 2005
---
# Stageverordening 1988
# Stageverordening 2005
### Paragraaf . Definities
@ -101,11 +101,21 @@ c. Na opzegging door de patroon, indien deze is voorafgegaan door goedkeuring va
d. Door een ambtshalve beslissing van de Raad;
e. Zodra de patroon en de stagiaire niet langer in hetzelfde arrondissement zijn ingeschreven.
**2.** De patroon brengt een tussentijdse beëindiging als bedoeld in het vorige lid onder a, b en c onverwijld schriftelijk ter kennis van de Raad.
**2.** De opzegging, als bedoeld in het eerste lid onder c, kan in ieder geval plaatsvinden indien het bewijs dat met gunstig gevolg het in artikel 9c van de wet bedoelde examen, niet meer kan worden overgelegd binnen de termijn als bedoeld in artikel 8, derde lid, van de wet.
**3.** De in het eerste lid onder c bedoelde goedkeuring wordt alleen geweigerd indien de opzegging onredelijk is en een voor de stagiaire aanvaardbare mogelijkheid om een andere patroon te verkrijgen niet bestaat.
**3.** De patroon brengt een tussentijdse beëindiging, als bedoeld in het eerste lid onder a, b en c, onverwijld schriftelijk ter kennis van de Raad.
**4.** De stage is van rechtswege geschorst gedurende de tijd dat de stagiaire geen patroon heeft of de praktijk niet onder toezicht van een patroon kan uitoefenen.
**4.** De in het eerste lid onder c bedoelde goedkeuring wordt alleen geweigerd indien de opzegging onredelijk is en een voor de stagiaire aanvaardbare mogelijkheid om een andere patroon te verkrijgen niet bestaat.
**5.** Het bepaalde in het voorgaande lid geldt niet indien het gaat om de tussentijdse beëindiging als gevolg van een opzegging als bedoeld in het tweede lid.
**6.**
De stage is van rechtswege geschorst gedurende de tijd dat de stagiaire
a. geen patroon heeft of
b. de praktijk niet onder toezicht van een patroon uitoefent of
c. de praktijk niet uitoefent.
### Paragraaf . Einde van de stageverplichting
@ -152,37 +162,54 @@ De Algemene Raad bepaalt de inrichting van de Beroepsopleiding, de cursusonderde
**1.** De stagiaire is verplicht deel te nemen aan het onderwijs in alle onderdelen van de beroepsopleiding en zich op de voorgeschreven wijze voor te bereiden. De stagiaire volgt daartoe de eerste cursuscyclus die na zijn inschrijving binnen het arrondissement wordt gehouden. Om organisatorische redenen kan hij door de Algemene Raad worden verplicht deel te nemen aan een cursuscyclus of onderdelen daarvan in een ander arrondissement.
**2.** Indien de stagiaire niet onder toezicht van een patroon de praktijk uitoefent, zal hij niet kunnen worden toegelaten tot de Beroepsopleiding.
**2.** Indien zijn stage van rechtswege is geschorst, zal de stagiaire niet kunnen worden toegelaten tot de Beroepsopleiding, of indien hij reeds was toegelaten, niet het onderwijs kunnen vervolgen.
**3.** Indien de stagiaire niet direct na inschrijving de eerste cursuscyclus of een onderdeel daarvan volgt, als bedoeld in het eerste lid, zal dit worden beschouwd als het niet behaald hebben van de toets in de niet gevolgde onderdelen van de eerste cursuscyclus van de Beroepsopleiding.
**4.** De Algemene Raad kan in gevallen waarin naar zijn oordeel de toepassing van het derde lid tot een onbillijkheid van overwegende aard zal leiden, besluiten af te wijken van het gestelde in het tweede of derde lid.
### Artikel 14
**1.** Aan de beroepsopleiding is een examen verbonden. De stagiaire is verplicht deel te nemen aan alle onderdelen daarvan.
**1.** Aan de Beroepsopleiding is een examen verbonden dat bestaat uit een aantal gedurende de cursuscyclus per onderdeel af te nemen toetsen. De stagiaire is verplicht aan alle toetsen deel te nemen.
**2.** Het examen omvat een aantal gedurende de cursuscyclus mondeling of schriftelijk of op een andere wijze af te nemen toetsen, waaronder een eindtoets.
**2.** Een stagiaire kan één keer in alle onderdelen van het examen een toets afleggen, met de mogelijkheid van twee herkansingen per onderdeel.
**3.** De stagiaire wordt tot het examen respectievelijk de onderscheiden onderdelen daarvan toegelaten indien hij aan zijn verplichtingen als genoemd in artikel 13 lid 1 naar behoren heeft voldaan. Deze verplichting rust niet op de stagiaire voor zover hij van het volgen van de beroepsopleiding is vrijgesteld ingevolge artikel 15 eerste lid.
**3.** De stagiaire is verplicht deel te nemen aan de toetsmogelijkheid voor een bepaald onderdeel direct volgend op het gevolgde onderwijs voor dat onderdeel van de Beroepsopleiding in de eerste cursuscyclus. Indien vrijstelling van onderwijs is verleend, dient te worden uitgegaan van de in de voorgaande volzin bedoelde examenmogelijkheid, alsof geen vrijstelling zou zijn verleend.
**4.** Op gelijke wijze worden gedurende twee jaren nadat zij krachtens artikel 8, derde lid van de wet van het tableau zijn geschrapt tot het examen toegelaten zij die de beroepsopleiding hebben gevolgd ofwel van het volgen daarvan zijn vrijgesteld.
**4.** Indien een toets in één of meer onderdelen van het examen niet is behaald, is de stagiaire verplicht deel te nemen aan de direct daaropvolgende herkansingsmogelijkheid voor het desbetreffende onderdeel. Het bepaalde in de voorgaande volzin betreft alleen de eerste herkansingsmogelijkheid.
**5.** De Algemene Raad stelt een examenreglement vast waarin nadere regels zijn gesteld omtrent de inrichting en de organisatie van het examen, de tijdstippen waarop daaraan kan worden deelgenomen, de mogelijkheid van het opnieuw afleggen van toetsen daaronder begrepen, de wijze waarop het examen wordt afgenomen en de samenstelling en taken van een Examencommissie.
**5.** De stagiaire wordt tot het examen respectievelijk de onderscheiden onderdelen daarvan toegelaten indien hij aan zijn verplichtingen als genoemd in artikel 13, eerste lid, naar behoren heeft voldaan. Deze verplichting rust niet op de stagiaire voor zover hij van het volgen van het onderwijs van de Beroepsopleiding is vrijgesteld ingevolge artikel 15, eerste lid.
**6.** Degene die het examen met gunstig gevolg heeft afgelegd ontvangt van de Examencommissie het bewijs als bedoeld in artikel 8, derde lid van de Wet.
**6.** Indien niet wordt voldaan aan de verplichting, als bedoeld in het derde en vierde lid, zal dit worden beschouwd als het niet behaald hebben van dat onderdeel van het examen.
**7.** De Algemene Raad stelt een examenreglement vast waarin nadere regels zijn gesteld omtrent de inrichting en de organisatie van het examen, de tijdstippen waarop daaraan kan worden deelgenomen, de wijze waarop het examen wordt afgenomen en de samenstelling en taken van een Examencommissie.
**8.** De stagiaire die het examen met gunstig gevolg heeft afgelegd, ontvangt van de Examencommissie het bewijs als bedoeld in artikel 8, derde lid, van de wet.
**9.** De stagiaire die is geschrapt op grond van artikel 8, derde lid, van de wet, kan de Algemene Raad verzoeken om binnen twee jaar na de schrapping nog maximaal twee keer een toets in de nog niet behaalde onderdelen van het examen te mogen afleggen. Met betrekking tot het bepaalde in de voorgaande volzin dient het maximum aantal keren dat een toets afgelegd kan worden, zoals bepaald in het tweede lid, in acht te worden genomen.
**10.**
Het verzoek, als bedoeld in het voorgaande lid, wordt slechts ingewilligd indien:
a. het onderwijs in het onderdeel van de Beroepsopleiding waarop het verzoek ziet, is gevolgd danwel indien daarvoor een vrijstelling als bedoeld in artikel 15, eerste lid, is verleend en
b. de afwijzing daarvan naar het oordeel van de Algemene Raad zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
**11.** De Algemene Raad kan in gevallen waarin naar zijn oordeel de toepassing van het derde, vierde of zesde lid tot een onbillijkheid van overwegende aard zal leiden, besluiten af te wijken van het gestelde in het zesde lid.
### Artikel 15
**1.** Van de verplichting tot deelname aan de beroepsopleiding, als bedoeld in artikel 13, kan de Algemene Raad op schriftelijk verzoek van de stagiaire geheel of gedeeltelijk vrijstelling verlenen.
**1.** Van de verplichting tot het volgen van onderwijs in één of meer onderdelen van de Beroepsopleiding, als bedoeld in artikel 13, kan de Algemene Raad op schriftelijk verzoek van de stagiaire geheel of gedeeltelijk vrijstelling verlenen.
**2.** Een vrijstelling als bedoeld in het eerste lid wordt slechts verleend indien de stagiaire genoegzaam aantoont op grond van opleiding en praktijkervaring op elk van de rechtsgebieden waarvoor de vrijstelling wordt verzocht een gelijkwaardige theoretische en praktische bekwaamheid te hebben verworven of binnen een redelijke termijn bij een door de Algemene Raad erkend opleidingsinstituut te zullen verwerven.
**3.** Van de verplichting tot deelname aan bepaalde door de Algemene Raad bij nadere regeling vast te stellen, onderdelen van het examen als bedoeld in artikel 14, tweede lid kan de Algemene Raad op schriftelijk verzoek van de stagiaire geheel of gedeeltelijk vrijstelling verlenen. Deze vrijstelling houdt tevens in vrijstelling van het volgen van het desbetreffende onderdeel van de beroepsopleiding.
**3.** Alvorens te beslissen op een vrijstellingsverzoek wint de Algemene Raad, indien de aard van het verzoek daartoe aanleiding geeft, het advies in van de Examencommissie en/of de Raad van Toezicht.
**4.** Een vrijstelling als bedoeld in het derde lid wordt slechts verleend, indien de stagiaire genoegzaam aantoont op grond van opleiding en praktijkervaring op elk van de rechtsgebieden waarvoor de vrijstelling wordt verzocht een gelijkwaardige theoretische en praktische vakbekwaamheid te hebben verworven.
**4.** Onverminderd het bepaalde in de voorgaande leden kan de Algemene Raad de afdoening van vrijstellingsverzoeken opdragen aan de Raad onderscheidenlijk de Examencommissie.
**5.** Alvorens te beslissen op een vrijstellingsverzoek wint de Algemene Raad, indien de aard van het verzoek daartoe aanleiding geeft, het advies in van de Examencommissie en/of de Raad van Toezicht.
**5.** Van het afleggen van de toets in één of meer onderdelen van het examen zal geen vrijstelling worden verleend, tenzij dat naar het oordeel van de Algemene Raad tot een onbillijkheid van overwegende aard zal leiden.
**6.** Onverminderd het bepaalde in de voorgaande leden kan de Algemene Raad de afdoening van vrijstellingsverzoeken opdragen aan de Raad onderscheidenlijk de Examencommissie.
**7.** Alle beschikkingen als bedoeld in dit artikel worden onverwijld bekend gemaakt aan de betrokkenen.
**6.** Alle beschikkingen als bedoeld in dit artikel worden onverwijld bekend gemaakt aan de betrokkenen.
### Artikel 16
@ -234,9 +261,11 @@ De bepalingen genoemd in de artikelen 12 t/m 16 zijn van overeenkomstige toepass
### Artikel 21
**1.** Deze verordening kan worden aangehaald als: (Stageverordening 1988).
**1.** Deze verordening kan worden aangehaald als: Stageverordening 2005.
**2.** Deze verordening treedt in de plaats van de Stageverordening van 8 januari 1955 (Verordening nr. 2), welke op het tijdstip van de inwerkingtreding van deze verordening vervalt.
**2.** Deze verordening treedt in de plaats van de Stageverordening van 9 juni 1988, welke op het tijdstip van de inwerkingtreding van deze verordening vervalt, met inachtneming van het gestelde in het derde lid laatste volzin van dit artikel.
**3.** Deze verordening is van toepassing op stagiaires die na inwerkingtreding van deze verordening beginnen met de Beroepsopleiding. Voor stagiaires die, op het moment van inwerkingtreding van deze verordening, reeds met de Beroepsopleiding zijn begonnen of deze hebben voltooid, blijft de Stageverordening 1988 van toepassing.
### Artikel 22