From c97b5c1306d6d9b46896a4f70964b784f1f0e9e2 Mon Sep 17 00:00:00 2001 From: Coornhert Date: Tue, 22 Dec 2009 12:00:00 +0000 Subject: [PATCH] 2009-12-22 | BWBR0001936 | Belemmeringenwet Privaatrecht --- .../BWBR0001936/README.md | 14 +++++++++++--- 1 file changed, 11 insertions(+), 3 deletions(-) diff --git a/wet/belemmeringenwet-privaatrecht/BWBR0001936/README.md b/wet/belemmeringenwet-privaatrecht/BWBR0001936/README.md index 1469efda46a..b151f8be5cd 100644 --- a/wet/belemmeringenwet-privaatrecht/BWBR0001936/README.md +++ b/wet/belemmeringenwet-privaatrecht/BWBR0001936/README.md @@ -37,15 +37,21 @@ Is met de rechthebbenden ten aanzien van enige onroerende zaak geen overeenstemm **3.** De in het vorige lid bedoelde mededeelingen en kennisgevingen vermelden tevens plaats, dag en uur van de in het volgende lid bedoelde zitting. -**4.** Na het einde van den in het eerste lid genoemden termijn wordt eene zitting gehouden, waar bezwaren kunnen worden ingediend en overleg kan worden gepleegd met den verzoeker. Deze zitting heeft plaats ter secretarie van de gemeente, binnen welke de onroerende zaak is gelegen, ten ware door Gedeputeerde Staten eene andere plaats of gemeente is aangewezen. De zitting wordt geleid door een lid van Gedeputeerde Staten, door dat College aangewezen, en bijgewoond door een lid van het dagelijksch bestuur der gemeente, binnen welke de onroerende zaak is gelegen, door dat bestuur aangewezen. Van het ter zitting voorgevallene wordt ten overstaan van het lid van Gedeputeerde Staten een proces-verbaal opgemaakt, dat aan den verzoeker en de gehoorde personen ter mede-onderteekening wordt aangeboden. +**4.** Na het einde van den in het eerste lid genoemden termijn wordt eene zitting gehouden, waar bezwaren kunnen worden ingediend en overleg kan worden gepleegd met den verzoeker. Deze zitting heeft plaats ter secretarie van de gemeente, binnen welke de onroerende zaak is gelegen, ten ware door Gedeputeerde Staten eene andere plaats of gemeente is aangewezen. De zitting wordt geleid door een lid van Gedeputeerde Staten, door dat College aangewezen, en bijgewoond door een lid van het dagelijksch bestuur der gemeente, binnen welke de onroerende zaak is gelegen, door dat bestuur aangewezen. Van het ter zitting voorgevallene wordt ten overstaan van het lid van Gedeputeerde Staten een proces-verbaal opgemaakt, dat binnen zes weken na die zitting aan den verzoeker en de gehoorde personen ter mede-onderteekening wordt aangeboden. -**5.** Is geen overeenstemming verkregen, dan kan eene verplichting, als bij artikel 1 bedoeld, bij met redenen omkleede beslissing van Onzen Minister van Waterstaat, gehoord Gedeputeerde Staten van de provincie, waarin de zaak is gelegen, zoo noodig onder voorwaarden te stellen aan den verzoeker, worden opgelegd. +**5.** Is geen overeenstemming verkregen, dan kan eene verplichting, als bij artikel 1 bedoeld, bij met redenen omkleede beslissing van Onzen Minister van Waterstaat, zoo noodig onder voorwaarden te stellen aan den verzoeker, worden opgelegd. + +**6.** Op het verzoek tot het opleggen van een verplichting als bedoeld in artikel 1 wordt beslist binnen zes maanden na ontvangst daarvan. + +**7.** Onze Minister van Verkeer en Waterstaat beslist niet dan nadat gedeputeerde staten van de provincie, waarin de zaak is gelegen, zijn gehoord. Gedeputeerde staten maken hun standpunt kenbaar binnen zes weken na een daartoe strekkend verzoek van Onze Minister. ### Artikel 3 **1.** Ten verzoeke van dengene, wien het werk aangaat, kunnen rechthebbenden ten aanzien van onroerende zaken, waarvan krachtens overeenstemming of krachtens beslissing, als in het voorgaande artikel bedoeld, wordt gebruik gemaakt, behoudens recht op schadevergoeding, worden verplicht te gedoogen, dat in het werk verandering wordt gebracht en dat het aldus veranderde werk in stand wordt gehouden, of ook, dat het werk naar een andere plaats van de onroerende zaak wordt overgebracht en op die plaats in stand wordt gehouden, indien naar het oordeel van Onzen Minister van Waterstaat hunne belangen redelijkerwijs onteigening niet vorderen en in het gebruik van de onroerende zaken niet meer belemmering wordt gebracht, dan redelijkerwijs voor de verandering of de overbrenging en voor de instandhouding van het werk noodig is. -**2.** Is met de rechthebbenden omtrent de verandering of de verplaatsing geen overeenstemming verkregen, dan kan, nadat zij in de gelegenheid zijn gesteld, hunne bezwaren te doen kennen, eene verplichting, als bedoeld bij het eerste lid van dit artikel, bij met redenen omkleede beslissing van Onzen Minister van Waterstaat, gehoord Gedeputeerde Staten, zoo noodig onder voorwaarden te stellen aan den verzoeker, worden opgelegd. +**2.** Is met de rechthebbenden omtrent de verandering of de verplaatsing geen overeenstemming verkregen, dan kan, nadat zij in de gelegenheid zijn gesteld, hunne bezwaren te doen kennen, eene verplichting, als bedoeld bij het eerste lid van dit artikel, bij met redenen omkleede beslissing van Onzen Minister van Waterstaat, zoo noodig onder voorwaarden te stellen aan den verzoeker, worden opgelegd. + +**3.** Op het verzoek tot het opleggen van een verplichting als bedoeld in het eerste en tweede lid, zijn artikel 2, zesde en zevende lid, van overeenkomstige toepassing. ### Artikel 4 @@ -76,6 +82,8 @@ De in het eerste lid bedoelde rechthebbenden zijn in hun verzoek niet-ontvankeli a. indien met hen omtrent het gebruik hunner onroerende zaken eene regeling werd getroffen en zij zich het recht om eenzijdig die regeling te doen eindigen of te wijzigen, niet uitdrukkelijk of stilzwijgend hebben voorbehouden; b. indien het werk aanwezig is krachtens een beperkt recht waaraan de betrokken onroerende zaak onderworpen is of krachtens een beding als bedoeld in artikel 252 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek, dat is ingeschreven in de openbare registers, bedoeld in afdeling 2 van titel 1 van Boek 3 van dat wetboek. +**4.** Op het verzoek om een bevel als bedoeld in het eerste lid wordt beslist binnen zes maanden na ontvangst daarvan. + ### Artikel 6 De beslissingen bedoeld in het vijfde lid van artikel 2 en het tweede lid van artikel 3, zijn, met inachtneming van de ingevolge artikel 5, eerste lid, genomen beslissingen, mede van kracht voor de volgende rechthebbenden ten aanzien van de betrokken onroerende zaken.