diff --git a/wet/flora-en-faunawet/BWBR0009640/README.md b/wet/flora-en-faunawet/BWBR0009640/README.md index bca9e9550c4..a3c2c05e1f0 100644 --- a/wet/flora-en-faunawet/BWBR0009640/README.md +++ b/wet/flora-en-faunawet/BWBR0009640/README.md @@ -254,7 +254,9 @@ Bij algemene maatregel van bestuur kan in het belang van de instandhouding van b **1.** Gedeputeerde staten kunnen een plaats die van wezenlijke betekenis is als leefomgeving voor een beschermde inheemse plantensoort of een beschermde inheemse diersoort, met het oog op instandhouding van die plaats ten behoeve van die soort, aanwijzen als beschermde leefomgeving. Het besluit bevat de kadastrale aanduiding van de percelen waarop de aangewezen plaats is gelegen en gaat vergezeld van een kaart waarop de plaats is aangegeven. -**2.** Een plaats als bedoeld in het eerste lid, kan niet worden aangewezen als beschermde leefomgeving, indien die gelegen is in een krachtens de Natuurbeschermingswet aangewezen beschermd natuurmonument of staatsnatuurmonument dan wel in een gebied waarvan de aanwijzing als beschermd natuurmonument in overweging is genomen. +**2.** Een plaats als bedoeld in het eerste lid, kan niet worden aangewezen als beschermde leefomgeving, indien die gelegen is in een krachtens de Natuurbeschermingswet 1998 aangewezen beschermd natuurmonument dan wel in een gebied ten aanzien waarvan een besluit tot aanwijzing als beschermd natuurmonument wordt voorbereid. + +**3.** Een plaats als bedoeld in het eerste lid, kan niet worden aangewezen als beschermde leefomgeving voor een beschermde inheemse plantensoort of een beschermde inheemse diersoort, indien die gelegen is in een krachtens artikel 10a van de Natuurbeschermingswet 1998 aangewezen gebied of in een gebied waarvan de aanwijzing als zodanig in overweging is genomen als bedoeld in artikel 12, derde lid, van de Natuurbeschermingswet 1998 en de instandhoudingsdoelstelling van dit gebied betrekking of mede betrekking heeft op de leefomgeving van die beschermde inheemse planten- of diersoort. ### Artikel 20 @@ -288,7 +290,7 @@ Van een besluit als bedoeld in artikel 19, eerste lid, wordt in ieder geval mede **2.** Het bepaalde in de artikelen 21, 22 en 23 is van overeenkomstige toepassing ten aanzien van een besluit als bedoeld in het eerste lid. -**3.** Een besluit houdende de aanwijzing van een plaats als beschermde leefomgeving, vervalt met ingang van het tijdstip waarop die plaats deel uitmaakt van een onherroepelijk aangewezen beschermd natuurmonument of staatsnatuurmonument als bedoeld in de Natuurbeschermingswet. +**3.** Een besluit houdende de aanwijzing van een plaats als beschermde leefomgeving vervalt met ingang van het tijdstip waarop die plaats deel uitmaakt van een onherroepelijk aangewezen beschermd natuurmonument als bedoeld in de Natuurbeschermingswet 1998. ### Paragraaf 2. Gevolgen van de aanwijzing als beschermde leefomgeving @@ -520,9 +522,10 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld bet De jacht wordt niet geopend in de volgende gebieden of categorieën van gebieden: -a. gebieden die krachtens de Natuurbeschermingswet zijn aangewezen als beschermd natuurmonument of staatsnatuurmonument dan wel gebieden waarvan de aanwijzing als beschermd natuurmonument in overweging is genomen; +a. gebieden die krachtens de Natuurbeschermingswet 1998 zijn aangewezen als beschermd natuurmonument dan wel gebieden waarvan de aanwijzing als beschermd natuurmonument in overweging is genomen; b. gebieden die krachtens de op 2 februari 1971 te Ramsar tot stand gekomen Overeenkomst inzake watergebieden van internationale betekenis, in het bijzonder als verblijfplaats voor watervogels (Trb. 1975, 84), zijn aangemeld als watergebied van internationale betekenis; -c. gebieden die krachtens richtlijn nr. 79/409/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 2 april 1979 inzake het behoud van de vogelstand (PbEG L 103) zijn aangewezen als speciale beschermingszone. +c. gebieden die ter uitvoering van richtlijn (EEG) nr. 79/409 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 2 april 1979 inzake het behoud van de vogelstand (pbEG L 103) zijn aangewezen; +d. natuurmonumenten als bedoeld in artikel 1 van de Natuurbeschermingswet 1998, behorende tot een op grond van artikel 10a van de Natuurbeschermingswet 1998 aangewezen gebied ter uitvoering van richtlijn (EEG) nr. 92/43 van de Raad van Europese Gemeenschappen van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna (pbEG L 206) en waarvoor ingevolge artikel 15a, tweede lid, van de Natuurbeschermingswet 1998 het besluit houdende de aanwijzing van dat natuurmonument als beschermd natuurmonument is vervallen. **4.** Ter uitvoering van internationale verplichtingen of bindende besluiten van organen van de Europese Unie of andere volkenrechtelijke organisaties kan bij algemene maatregel van bestuur worden bepaald in hoeverre de jacht slechts zal kunnen worden geopend.