diff --git a/wet/wet-gewetensbezwaren-militaire-dienst/BWBR0002386/README.md b/wet/wet-gewetensbezwaren-militaire-dienst/BWBR0002386/README.md index 4e2087ce3c7..8e464a0c53f 100644 --- a/wet/wet-gewetensbezwaren-militaire-dienst/BWBR0002386/README.md +++ b/wet/wet-gewetensbezwaren-militaire-dienst/BWBR0002386/README.md @@ -16,23 +16,18 @@ citeertitel: Wet gewetensbezwaren militaire dienst **1.** -Deze wet verstaat onder: +In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: -"militair": hij, die behoort tot de krijgsmacht, ook gedurende de tijd, dat hij niet in werkelijke dienst is; +- «militair»: hij, die behoort tot de krijgsmacht, ook gedurende de tijd, dat hij niet in werkelijke dienst is; +- «vervangende dienst»: de dienst die verplicht wordt vervuld ter vervanging van de militaire dienst; +- «erkende gewetensbezwaarde»: hij wiens bezwaren tegen de persoonlijke vervulling van de militaire dienst als ernstige gewetensbezwaren zijn erkend; +- «groot verlof»: de tijd gedurende welke de erkende gewetensbezwaarde geen vervangende dienst vervult of behoeft te vervullen; +- «tewerkgestelde»: hij die voor vervangende dienst is opgeroepen van het ogenblik af, dat hij op de plaats van zijn eerste bestemming is aangekomen tot het tijdstip, waarop hij met groot verlof wordt gezonden; +- «dienstplichtige»: hij die ingevolge de Kaderwet dienstplicht geschikt is verklaard voor het vervullen van werkelijke dienst. -"vervangende dienst": de dienst, waartoe hij, die ingevolge deze wet van de krijgsdienst is vrijgesteld, verplicht is ter vervanging van de krijgsdienst; +**2.** Waar in deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt gesproken van personen die ongeschikt zijn verklaard, zijn erkend als gewetensbezwaarde, ontheven zijn van de verplichting tot het vervullen van de vervangende dienst in gewone omstandigheden, disciplinair gestraft of veroordeeld zijn, worden hieronder, voor zover het tegendeel niet blijkt, verstaan degenen omtrent wie het desbetreffende besluit of de desbetreffende uitspraak onherroepelijk is geworden. -"gewone vervangende dienst": de vervangende dienst, welke vervuld wordt in de plaats van de militaire dienst, welke hij, die ingevolge deze wet van de krijgsdienst is vrijgesteld, als militair in gewone omstandigheden zou moeten volbrengen; - -"buitengewone vervangende dienst": de vervangende dienst, welke vervuld wordt in geval van buitengewone omstandigheden, voor zover deze niet is gewone vervangende dienst; - -"tewerkgestelde": hij, die voor vervangende dienst is opgeroepen van het ogenblik af, dat hij op de plaats van zijn eerste bestemming is aangekomen tot het tijdstip, waarop hij met groot verlof wordt gezonden. - -**2.** Waar in deze wet wordt gesproken over personen, die ongeschikt blijken te zijn, vrijgesteld zijn van de vervangende dienst of van de gewone vervangende dienst, disciplinair gestraft of veroordeeld zijn, worden hieronder - voor zover het tegendeel niet blijkt - uitsluitend verstaan diegenen, omtrent wie de desbetreffende beslissing of uitspraak onherroepelijk is geworden, dan wel voor wie de beroepstermijn is verstreken. - -**3.** Waar in deze wet wordt gesproken van het oproepen voor de vervangende dienst of het aan deze oproeping gevolg geven, wordt daaronder ten aanzien van hen, die reeds tewerkgesteld zijn, verstaan het doen voortduren dan wel het blijven vervullen van de vervangende dienst. - -**4.** Waar in deze wet wordt gesproken van broeder wordt daaronder verstaan de broeder onderscheidenlijk halfbroeder en wordt daaronder mede begrepen de zuster onderscheidenlijk halfzuster. +**3.** Waar in deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt gesproken van het oproepen voor de vervangende dienst wordt daaronder ten aanzien van hen die reeds de vervangende dienst vervullen verstaan het blijven vervullen van de vervangende dienst. ### Artikel 2 @@ -42,23 +37,21 @@ Ernstige gewetensbezwaren in de zin van deze wet zijn de onoverkomelijke geweten ### Artikel 3 -**1.** Hij, die in kennis is gesteld van zijn geschiktheid voor de militaire dienst, zomede de militair, kan Onze Minister van Defensie verzoeken zijn bezwaren als ernstige gewetensbezwaren te erkennen. +**1.** Op aanvraag kan Onze Minister van Defensie de bezwaren van een dienstplichtige of een militair als ernstige gewetensbezwaren erkennen. De aanvraag vermeldt mede het registratienummer en is met redenen omkleed. -**2.** Onze Minister van Defensie doet een onderzoek instellen naar de vraag of de bezwaren zijn aan te merken als ernstige gewetensbezwaren. Onze Minister van Defensie kan het inwinnen van een advies achterwege laten, indien het een hernieuwd verzoek betreft. +**2.** Onze Minister van Defensie doet een onderzoek instellen naar de vraag of de bezwaren zijn aan te merken als ernstige gewetensbezwaren. Onze Minister van Defensie kan het inwinnen van een advies achterwege laten, indien het een hernieuwde aanvraag betreft. ### Artikel 4 -**1.** Hij, die een verzoek als bedoeld in artikel 3 heeft gedaan, kan door Onze Minister van Defensie, in afwachting van een beslissing daarop, geheel of gedeeltelijk van dienstverrichtingen worden vrijgesteld. +**1.** Degene die een aanvraag heeft gedaan als bedoeld in artikel 3, eerste lid, kan door Onze Minister, in afwachting van een beslissing daarop, geheel of gedeeltelijk van dienstverrichtingen worden vrijgesteld. -**2.** Ingeval tegen een persoon, die een verzoek heeft gedaan als bedoeld in artikel 3, een strafvervolging aanhangig is wegens overtreding van artikel 139 van het Wetboek van Militair Strafrecht, wegens ongehoorzaamheid aan enig dienstbevel of dienstvoorschrift, dan wel wegens overtreding van artikel 45 der Dienstplichtwet, kan deze strafvervolging in afwachting van een beslissing op dat verzoek, worden geschorst. - -**3.** De schorsing van de strafvervolging, bedoeld in het tweede lid, vindt in ieder geval plaats, zodra het onderzoek als bedoeld in artikel 3, tweede lid, wordt ingesteld. +**2.** Ingeval tegen degene die een aanvraag heeft gedaan als bedoeld in artikel 3, eerste lid, een strafvervolging aanhangig is gemaakt wegens overtreding van artikel 139 van het Wetboek van Militair Strafrecht, wegens ongehoorzaamheid aan enig dienstbevel of dienstvoorschrift, dan wel wegens overtreding van artikel 36 van de Kaderwet dienstplicht kan het openbaar ministerie besluiten deze strafvervolging, in afwachting van een beslissing op die aanvraag, te schorsen. Ingeval van een hernieuwde aanvraag wordt geen schorsing verleend, tenzij bijzondere omstandigheden daartoe aanleiding geven. ### Artikel 5 **1.** Het in artikel 3, tweede lid, bedoelde onderzoek wordt verricht door een of meer leden van een commissie van advies. De leden van de commissie worden bij koninklijk besluit benoemd en ontslagen. -**2.** De commissie brengt advies uit, nadat de verzoeker in de gelegenheid is gesteld ter zitting te worden gehoord. +**2.** De commissie brengt advies uit, nadat de aanvrager in de gelegenheid is gesteld ter zitting te worden gehoord. ### Artikel 6 @@ -68,17 +61,17 @@ Vervallen **1.** Indien Onze Minister van Defensie van oordeel is, dat de bezwaren zijn aan te merken als ernstige gewetensbezwaren, zal hij die bezwaren als zodanig erkennen. -**2.** Indien verzoeker zonder gegronde redenen niet voor het onderzoek ter zitting voor de commissie, bedoeld in artikel 5, is verschenen, wordt het verzoek in ieder geval afgewezen. +**2.** Indien aanvrager zonder gegronde redenen niet voor het onderzoek ter zitting voor de commissie, bedoeld in artikel 5, is verschenen, wordt de aanvraag in ieder geval afgewezen. ### Artikel 7a -**1.** Indien de verzoeker bezwaar maakt tegen een besluit tot afwijzing van het verzoek om erkenning, beslist Onze Minister van Defensie op dat bezwaar na advies van de commissie, bedoeld in artikel 5, eerste lid. De commissie adviseert nadat zij met ten minste drie leden een onderzoek heeft ingesteld. +**1.** Indien de aanvrager bezwaar maakt tegen een besluit tot afwijzing van de aanvraag om erkenning, beslist Onze Minister van Defensie op dat bezwaar na advies van de commissie, bedoeld in artikel 5, eerste lid. De commissie adviseert nadat zij met ten minste drie leden een onderzoek heeft ingesteld. **2.** In de gevallen genoemd in artikel 7:3, onder *a* tot en met *d*, van de Algemene wet bestuursrecht wint Onze Minister van Defensie geen advies als bedoeld in het eerste lid in. ### Artikel 7b -Tegen een beschikking op grond van hoofdstuk II kan een belanghebbende beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. +Tegen een beschikking op grond van hoofdstuk II, met uitzondering van artikel 4, tweede lid, kan een belanghebbende beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. ### Artikel 7c @@ -86,39 +79,47 @@ Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld ter uitvoe ### Artikel 8 -**1.** Een beschikking op grond van artikel 4 blijft van kracht totdat de afwijzing van een verzoek omtrent erkenning als gewetensbezwaarde onherroepelijk is geworden. +**1.** Een beschikking op grond van artikel 4 blijft van kracht totdat de afwijzing van een aanvraag omtrent erkenning als gewetensbezwaarde onherroepelijk is geworden. -**2.** Zolang de beroepstermijn niet is verstreken, dan wel op een tegen een beschikking omtrent erkenning als gewetensbezwaarde ingesteld beroep als bedoeld in artikel 7*b* niet is beslist, kan Onze Minister van Defensie alsnog toepassing geven aan het bepaalde in artikel 4. +**2.** Zolang de beroepstermijn niet is verstreken, dan wel op een tegen een beschikking omtrent erkenning als gewetensbezwaarde ingesteld beroep als bedoeld in artikel 7b niet is beslist, kan Onze Minister van Defensie alsnog toepassing geven aan artikel 4, eerste lid. ## Hoofdstuk III. Gevolgen van de erkenning ### Artikel 9 -**1.** Hij, wiens bezwaren tegen de vervulling van de militaire dienst als ernstige gewetensbezwaren zijn erkend, is onder alle omstandigheden vrijgesteld van de krijgsdienst. Evenmin mogen hem werkzaamheden worden opgedragen, welke naar hun aard er slechts op gericht kunnen zijn de krijgsmacht hulp te verlenen. +**1.** De erkende gewetensbezwaarde is onder alle omstandigheden vrijgesteld van de militaire dienst. Evenmin mogen hem werkzaamheden worden opgedragen, welke naar hun aard er slechts op gericht kunnen zijn de krijgsmacht hulp te verlenen. -**2.** Hij is verplicht tot het vervullen van vervangende dienst. +**2.** Onverminderd het vierde lid is de dienstplichtige die als gewetensbezwaarde is erkend, verplicht tot vervangende dienst in gewone omstandigheden en vervangende dienst in buitengewone omstandigheden. -**3.** De militair, die ingevolge deze wet van de krijgsdienst is vrijgesteld, wordt zo spoedig mogelijk uit de militaire dienst ontslagen. +**3.** De militair, die als gewetensbezwaarde is erkend, wordt zo spoedig mogelijk uit de militaire dienst ontslagen. + +**4.** De erkende gewetensbezwaarde die als dienstplichtige uitsluitend in buitengewone omstandigheden tot het vervullen van werkelijke dienst zou kunnen worden verplicht is alleen verplicht tot het vervullen van vervangende dienst in buitengewone omstandigheden. ### Artikel 10 Het recht tot strafvordering terzake van een delict, als bedoeld in artikel 4, tweede lid, vervalt, zodra de gewetensbezwaren van de verdachte zijn erkend. -## Hoofdstuk IV. Rechten en verplichtingen van hen, die van de krijgsdienst zijn vrijgesteld +## Hoofdstuk IV. Vervangende dienst ### Artikel 11 -Hij, die ingevolge deze wet van de krijgsdienst is vrijgesteld, wordt op of zo spoedig mogelijk na de datum, waarop hij zijn militaire dienst zou moeten aanvangen of voortzetten, door of vanwege Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor de vervangende dienst opgeroepen. Hij is verplicht aan deze oproeping gevolg te geven. +**1.** De erkende gewetensbezwaarde wordt op of zo spoedig mogelijk na de datum, waarop hij zijn militaire dienst zou moeten aanvangen of voortzetten, door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid voor de vervangende dienst opgeroepen. Hij is verplicht aan deze oproeping gevolg te geven. + +**2.** Voor vervangende dienst in gewone omstandigheden worden erkende gewetensbezwaarden ouder dan 35 jaar niet opgeroepen. In geval van buitengewone omstandigheden vindt geen oproeping van erkende gewetensbezwaarden ouder dan 45 jaar plaats. ### Artikel 12 -**1.** De duur van de gewone vervangende dienst is een derde langer dan die van het verplichte verblijf onder de wapenen voor eerste oefening van het merendeel der dienstplichtigen. +**1.** De duur van de vervangende dienst in gewone omstandigheden is een derde langer dan die van het verplichte verblijf onder de wapenen voor opleiding en oefening van het merendeel van de dienstplichtigen. -**2.** De duur van de gewone vervangende dienst wordt voor de dienstplichtige, die ingevolge deze wet van de krijgsdienst is vrijgesteld, verminderd met de duur van de militaire dienst, die hij reeds als dienstplichtige heeft volbracht. +**2.** De duur van de vervangende dienst in gewone omstandigheden wordt voor de dienstplichtige die als gewetensbezwaarde is erkend, verminderd met de duur van de werkelijke dienst die hij reeds als dienstplichtige in gewone omstandigheden heeft volbracht. -**3.** Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan de duur van de gewone vervangende dienst verkorten ten aanzien van hem, die vóór zijn ontslag uit de militaire dienst ingevolge deze wet, bij de krijgsmacht als vrijwilliger verbonden was en ten aanzien van de dienstplichtige, die vóór zijn ontslag uit de militaire dienst ingevolge deze wet, de eerste oefening reeds heeft volbracht. +**3.** Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan de duur van de vervangende dienst in gewone omstandigheden verkorten ten aanzien van de dienstplichtige, die voor zijn ontslag uit de militaire dienst, de opleiding en oefening reeds heeft volbracht. -**4.** De duur van de buitengewone vervangende dienst is gelijk aan de tijd gedurende welke degene, die ingevolge deze wet van de krijgsdienst is vrijgesteld, als militair ingeval van buitengewone omstandigheden verplicht onder de wapenen zou zijn geweest. Indien de gewone vervangende dienst niet is vervuld, duurt de buitengewone vervangende dienst zes maanden langer. +**4.** De duur van de vervangende dienst in buitengewone omstandigheden is voor de erkende gewetensbezwaarde gelijk aan de periode gedurende welke de betrokkene als dienstplichtige in buitengewone omstandigheden in werkelijke dienst zou zijn geweest. + +**5.** Voor zover de erkende gewetensbezwaarde bij aanvang van de vervulling van de vervangende dienst in buitengewone omstandigheden de vervangende dienst in gewone omstandigheden nog niet heeft volbracht, wordt voor hem de periode gedurende welke hij verplicht is tot vervulling van vervangende dienst in buitengewone omstandigheden verlengd. Voor zover als gevolg van beëindiging van de buitengewone omstandigheden geen of geen verdere toepassing kan worden gegeven aan de eerste volzin is de betrokkene nog verplicht tot vervulling van vervangende dienst in gewone omstandigheden. + +**6.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen groepen van personen worden aangewezen die niet of voorlopig niet tot het vervullen van vervangende dienst in buitengewone omstandigheden worden opgeroepen. ### Artikel 13 @@ -134,64 +135,39 @@ De tewerkgestelde is verplicht de opdrachten en voorschriften naar behoren na te ### Artikel 15 -**1.** +Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid verleent in bij algemene maatregel van bestuur nader aangewezen categorieën van gevallen ontheffing van de vervangende dienst in gewone omstandigheden wegens: -Vrijstelling van de gewone vervangende dienst wordt verleend wegens: - -a. kostwinnerschap; -b. persoonlijke onmisbaarheid; -c. broederdienst; -d. aanwezigheid van een bijzonder geval. - -**2.** Vrijstelling van de vervangende dienst wordt verleend wegens het bekleden van een geestelijk ambt of opleiding tot zodanig ambt. - -**3.** Omtrent het verlenen van vrijstelling beslist Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. - -**4.** De vrijstelling wegens een der redenen, genoemd in het eerste lid, onder *a* en *b*, en in het tweede lid, wordt aanvankelijk voor een jaar verleend; blijkt ook bij de daarna te nemen beslissing nog grond voor vrijstelling aanwezig, dan wordt de vrijstelling voorgoed verleend, behoudens het geval, voorzien in de tweede volzin van het vijfde lid. De vrijstelling wegens de reden genoemd in het eerste lid, onder *d*, wordt hetzij voorgoed, hetzij voor een bepaalde duur verleend. De vrijstelling wegens de reden, genoemd in het eerste lid, onder *c*, wordt uitsluitend voorgoed verleend. - -**5.** Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan de tijdelijke vrijstelling wegens een der redenen, genoemd in het eerste lid, onder *a* en *b*, intrekken, indien blijkt, dat de grond voor de vrijstelling niet meer bestaat. De vrijstelling wegens de reden, genoemd in het tweede lid, houdt op te gelden, zodra de vrijgestelde ophoudt te verkeren in een geval als in dat lid bedoeld. +a. persoonlijke onmisbaarheid; +b. de aanwezigheid van bijzondere omstandigheden; +c. kostwinnerschap; +d. het bekleden van een geestelijk ambt of het volgen van een opleiding tot een zodanig ambt; of +e. broederdienst. ### Artikel 16 -**1.** Vrijstelling wegens kostwinnerschap wordt verleend aan hem, door wiens vervulling van de gewone vervangende dienst voldoende middelen tot levensonderhoud aan andere personen ontbreken of zouden komen te ontbreken. +**1.** Een ontheffing kan onder beperkingen worden verleend. -**2.** +**2.** Aan een ontheffing kunnen voorschriften worden verbonden. -Onder personen, in het vorig lid bedoeld, worden uitsluitend begrepen: +**3.** -a. de echtgenote of geregistreerde partner van een persoon als bedoeld in artikel 9; -b. zijn bloed- en aanverwanten in de rechte linie; -c. zijn andere bloed- en aanverwanten in de tweede graad; -d. zijn pleegouders; -e. degenen, in wier onderhoud hij ingevolge rechterlijk vonnis moet voorzien. +Een ontheffing kan door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid worden ingetrokken, wanneer: -**3.** De vrijstelling blijft achterwege, indien Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bepaalt, dat vergoeding zal worden toegekend als in artikel 26 bedoeld. +a. een of meer redenen waarom de ontheffing is verleend, zijn vervallen; +b. een of meer van de daaraan verbonden voorschriften niet worden nageleefd; of +c. na de verlening zodanige feiten of omstandigheden bekend zijn geworden dat, indien deze ten tijde van de verlening bekend waren geweest, de ontheffing niet of niet in die vorm zou zijn verleend. ### Artikel 17 -Vrijstelling wegens persoonlijke onmisbaarheid wordt verleend aan hem, door wiens vervulling van de gewone vervangende dienst onoverkomelijke bezwaren zouden ontstaan voor de instandhouding der middelen van bestaan van personen als in artikel 16, tweede lid, bedoeld. +Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot de ontheffing. Een krachtens artikel 15 of krachtens de eerste volzin vastgestelde algemene maatregel van bestuur treedt niet eerder in werking dan acht weken na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin hij is geplaatst. Van de plaatsing wordt onverwijld mededeling gedaan aan de beide kamers der Staten-Generaal. ### Artikel 18 -**1.** Vrijstelling wegens broederdienst wordt verleend aan hem, die tenminste twee broeders heeft of gehad heeft, die dienen of gediend hebben bij de krijgsmacht. - -**2.** - -In een van deze gevallen wordt geacht te verkeren de broeder, die vóór het door Ons te bepalen tijdstip gedurende zijn verblijf in werkelijke dienst is overleden, alsmede de broeder, die op evenbedoeld tijdstip: - -a. ten minste 30 dagen in werkelijke dienst is geweest of -b. ten gevolge van verleend uitstel van eerste oefening nog niet of nog geen 30 dagen in werkelijke dienst is geweest of -c. in het genot is of is geweest van militair pensioen of van pensioen, verleend ingevolge deze wet. - -**3.** Wij bepalen welke dienst, in verband met zijn bijzondere aard, voor de toepassing van het bepaalde in het tweede lid, aanhef en onder *a*, als broederdienst buiten aanmerking blijft. - -**4.** Voor de toepassing van het bepaalde in het tweede lid aanhef en onder *a* en *b*, wordt als werkelijke dienst ook beschouwd het vervullen van vervangende dienst en onder uitstel van eerste oefening ook uitstel van het vervullen van gewone vervangende dienst. - -**5.** Het bepaalde in het tweede lid, onder *b*, is slechts van toepassing, als het uitstel van eerste oefening is verleend na 1945. +Tegen een besluit ingevolge de artikelen 15 of 16 kan een belanghebbende beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. ### Artikel 19 -Vrijstelling om reden genoemd in artikel 15, tweede lid, wordt met inachtneming van regelen bij algemene maatregel van bestuur te stellen, verleend. +Vervallen ### Artikel 20 @@ -199,82 +175,50 @@ Vervallen ### Artikel 21 -Blijkt, dat iemand ten onrechte van de gewone vervangende dienst dan wel van de vervangende dienst is vrijgesteld doordat het bewijsstuk of een der bewijsstukken, waarop de vrijstelling is verleend, vals of vervalst is, een onvolledige of met de waarheid strijdige verklaring, getuigenis of opgaaf bevat, of een ander geldt dan hem, op wie het beschouwd werd betrekking te hebben, dan wordt de desbetreffende uitspraak door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid vervallen verklaard en komen op de persoon, wie het geldt, de verplichtingen te rusten, als ware hij niet vrijgesteld. +Vervallen ### Artikel 21a -Tegen een beschikking op grond van Hoofdstuk IV omtrent vrijstelling kan een belanghebbende beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. +Vervallen ### Artikel 22 -**1.** - -Onverminderd het bepaalde in het tweede lid is hij, die ingevolge deze wet van de krijgsdienst is vrijgesteld - behalve in andere bij deze wet voorziene gevallen - verplicht tot het vervullen van: - -a. gewone vervangende dienst; -b. buitengewone vervangende dienst. - -**2.** Indien hij als militair uitsluitend als buitengewoon dienstplichtige tot het verrichten van werkelijke dienst zou kunnen worden verplicht, is hij - behalve in andere bij deze wet voorziene gevallen - alleen verplicht tot het vervullen van buitengewone vervangende dienst. +Vervallen ### Artikel 23 -**1.** Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan hem, die ingevolge deze wet van de krijgsdienst is vrijgesteld, verplichten de gewone vervangende dienst bij gedeelten in twee of meer niet aansluitende tijdvakken te vervullen. +**1.** Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan de dienstplichtige die als gewetensbezwaarde is erkend, verplichten de vervangende dienst in gewone omstandigheden bij gedeelten in twee of meer niet aansluitende tijdvakken te vervullen. -**2.** Indien de in het eerste lid bedoelde verplichting wordt opgelegd als gevolg van omstandigheden onafhankelijk van de wil van de tewerkgestelde komt het tijdvak gelegen tussen de gedeelten van de vervangende dienst in mindering op de duur van de gewone vervangende dienst. +**2.** Indien de in het eerste lid bedoelde verplichting wordt opgelegd als gevolg van omstandigheden onafhankelijk van de wil van de tewerkgestelde komt het tijdvak gelegen tussen de gedeelten van de vervangende dienst in mindering op de duur van de vervangende dienst in gewone omstandigheden. ### Artikel 24 -**1.** Hij, die ingevolge deze wet van de krijgsdienst is vrijgesteld, wordt opgeroepen voor buitengewone vervangende dienst, indien hij zonder deze vrijstelling als militair buitengewoon in werkelijke dienst zou zijn geroepen. - -**2.** Wij kunnen groepen van personen aanwijzen, die niet of voorlopig niet tot het vervullen van buitengewone vervangende dienst worden opgeroepen. +Vervallen ### Artikel 25 De vervangende dienst kan voor de tewerkgestelde, indien deze voor groot verlof in aanmerking komt, worden verlengd: a. gedurende evenveel dagen als hij door ongeoorloofde afwezigheid niet aan de dagelijkse dienst heeft deelgenomen; -b. voor zover hij dit zelf verlangt, zolang hij ziek is en zijn toestand dit wenselijk maakt; -c. zolang het vertrek met groot verlof gevaar zou opleveren voor de verspreiding van een heersende of geheerst hebbende besmettelijke ziekte. +b. zolang het vertrek met groot verlof gevaar zou opleveren voor de verspreiding van een heersende of geheerst hebbende besmettelijke ziekte. ### Artikel 26 -**1.** Heeft het vervullen van vervangende dienst ten gevolge, dat voldoende middelen tot levensonderhoud ontbreken of zouden komen te ontbreken aan personen, als in artikel 16, tweede lid, bedoeld en wordt geen vrijstelling van de vervangende dienst verleend, dan wordt naar regelen bij algemene maatregel van bestuur te stellen aan bedoelde personen op hun verzoek een vergoeding uit ’s rijks kas toegekend. Ook in andere gevallen kan ter zake van het vervullen van vervangende dienst zodanige vergoeding worden toegekend. - -**2.** De gelden, benodigd voor de uitbetaling van de in dit artikel bedoelde vergoeding, worden voorgeschoten uit de gemeentekas, tenzij Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid dit niet nodig acht. Bij de regelen, omtrent het verlenen van het voorschot te stellen, kan van de bepalingen der Gemeentewet (*Stb.* 1992, 96) inzake het doen van betalingen uit de gemeentekas worden afgeweken. +Vervallen ### Artikel 27 -**1.** Hij, die ingevolge deze wet van de krijgsdienst is vrijgesteld, treedt in het genot van groot verlof zodra voor hem een tijdvak aanbreekt, waarin hij geen vervangende dienst verricht noch behoeft te verrichten. +**1.** Het verlenen van groot verlof geschiedt door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. -**2.** - -Hij verricht in dat tijdvak, voor zover Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid dat nodig acht en op de wijze door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te bepalen, de volgende handelingen: - -a. opgeven van zijn adres; -b. opgeven van vertrek naar en terugkeer uit het buitenland; -c. verlenen van inzage van de hem in verband met deze wet uitgereikte bescheiden; -d. in ontvangst nemen en beantwoorden van in verband met deze wet aan hem gerichte brieven, briefkaarten en telegrammen. - -**3.** Indien hij niet voldoet aan een ingevolge het tweede lid op hem rustende verplichting, kan hij deswege, boven de tijd, bepaald ingevolge artikel 12, voor de tijd van ten hoogste twee maanden voor vervangende dienst worden opgeroepen. Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bepaalt de duur van deze vervangende dienst. +**2.** De erkende gewetensbezwaarde met groot verlof is verplicht om aan Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan te wijzen functionarissen inzage te verlenen van de aan hem ter zake van zijn erkenning uitgereikte bescheiden alsmede om aan Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid desgevraagd alle in verband met zijn vervangende dienst gewenste inlichtingen te verschaffen. ### Artikel 28 -**1.** +De uit deze wet voortvloeiende verplichtingen met betrekking tot het vervullen van vervangende dienst zijn niet langer van toepassing indien de betrokkene: -Hij, die ingevolge deze wet van de krijgsdienst is vrijgesteld, wordt van de voor hem uit deze wet voortvloeiende verplichtingen ontslagen: - -a. met ingang van 1 oktober van het jaar, waarin hij 35 jaar oud wordt, zo hij op het tijdstip van erkenning van zijn bezwaren de rang van onderofficier of officier niet bekleedde; -b. met ingang van 1 oktober van het jaar, waarin hij 40 jaar oud wordt, zo hij op het tijdstip van erkenning van zijn bezwaren de rang van onderofficier bekleedde; -c. met ingang van 1 oktober van het jaar, waarin hij 45 jaar oud wordt, zo hij op het tijdstip van erkenning van zijn bezwaren de rang van officier bekleedde; - -**2.** Het ontslag, bedoeld in het eerste lid, kan worden opgeschort voor zolang hij op het in dat lid bedoelde tijdstip nog vervangende dienst heeft te verrichten. - -**3.** - -In afwijking van het bepaalde in de twee voorgaande leden wordt hem zo spoedig mogelijk ontslag verleend: - -a. indien blijkt, dat hij, zonder vrijstelling van de krijgsdienst, daarvoor wegens ziekte of gebreken voorgoed ongeschikt zou zijn; -b. indien blijkt, dat hij, zonder vrijstelling van de krijgsdienst, daartoe ingevolge een verdrag met een vreemde staat niet verplicht zou zijn. +a. blijkt daarvoor wegens ziekte of gebreken voorgoed ongeschikt te zijn; +b. blijkens een verdrag daartoe niet is verplicht; of +c. het Nederlanderschap verliest. ### Artikel 29 @@ -282,9 +226,7 @@ b. indien blijkt, dat hij, zonder vrijstelling van de krijgsdienst, daartoe inge **2.** Een volmacht tot invordering van het zakgeld is slechts geldig, indien zij schriftelijk is verleend. Zij is steeds herroepelijk. -**3.** Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de vergoeding, bedoeld in artikel 26. - -**4.** Elk beding, strijdig met enige bepaling van dit artikel, is nietig. +**3.** Elk beding, strijdig met enige bepaling van dit artikel, is nietig. ## Hoofdstuk V. Tuchtrechtelijke bepalingen @@ -300,15 +242,15 @@ De disciplinaire straffen zijn: a. berisping; b. geldboete, van ten minste € 2 en ten hoogste het bedrag van het zakgeld over een halve maand; -c. verlenging van de duur van de gewone vervangende dienst met ten hoogste veertien dagen. +c. verlenging van de duur van de vervangende dienst in gewone omstandigheden met ten hoogste veertien dagen. **2.** Bij het opleggen van een straf kan worden bepaald dat deze geheel of ten dele niet ten uitvoer zal worden gelegd, indien de tewerkgestelde zich gedurende een vastgestelde termijn niet schuldig maakt aan soortgelijk plichtsverzuim, als waarvoor de bestraffing plaatsvindt, noch aan enig ander ernstig plichtsverzuim. **3.** Een opgelegde geldboete kan worden geïnd door inhouding van het bedrag op het aan de tewerkgestelde toekomende zakgeld. Een geldboete kan niet worden geïnd, indien en voor zover daardoor de som van de in één kalendermaand te innen geldboeten, ingevolge deze wet aan de tewerkgestelde opgelegd, het bedrag gelijk aan één derde gedeelte van het zakgeld over één maand te boven zou gaan. -**4.** Bij beëindiging van de gewone vervangende dienst worden geldboeten, voor zover zij nog niet zijn geïnd, op het nog aan de tewerkgestelde toekomende zakgeld ingehouden. +**4.** Bij beëindiging van de vervangende dienst in gewone omstandigheden worden geldboeten, voor zover zij nog niet zijn geïnd, op het nog aan de tewerkgestelde toekomende zakgeld ingehouden. -**5.** Geen straf van verlenging kan worden opgelegd indien en voor zover als gevolg daarvan de krachtens artikel 12 vastgestelde duur van de gewone vervangende dienst van de tewerkgestelde met meer dan dertig dagen zou worden verlengd. +**5.** Geen straf van verlenging kan worden opgelegd indien en voor zover als gevolg daarvan de krachtens artikel 12 vastgestelde duur van de vervangende dienst in gewone omstandigheden van de tewerkgestelde met meer dan dertig dagen zou worden verlengd. ### Artikel 32 @@ -362,7 +304,7 @@ De rechtbank kan weigeren personen, die geen advocaat zijn, als raadsman toe te **3.** De rechtbank bevestigt in beroep de beslissing in eerste aanleg tot oplegging of uitvoerbaarverklaring van straf of vernietigt deze geheel of gedeeltelijk en doet de zaak zelf af. -**4.** Indien bij de beslissing in beroep een reeds geheel of gedeeltelijk ten uitvoer gelegde straf van verlenging van de duur van de gewone vervangende dienst wordt tenietgedaan of verminderd, bepaalt de rechtbank, volgens bij algemene maatregel van bestuur te stellen regelen, op welke wijze het door de gestrafte geleden nadeel zal worden hersteld. +**4.** Indien bij de beslissing in beroep een reeds geheel of gedeeltelijk ten uitvoer gelegde straf van verlenging van de duur van de vervangende dienst in gewone omstandigheden wordt tenietgedaan of verminderd, bepaalt de rechtbank, volgens bij algemene maatregel van bestuur te stellen regelen, op welke wijze het door de gestrafte geleden nadeel zal worden hersteld. **5.** Tegen de beslissing van de rechtbank staat geen verdere voorziening open. @@ -432,6 +374,12 @@ Vervallen **2.** Blijkt niet, dat het feit opzettelijk is gepleegd, dan wordt hij gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste negen maanden of geldboete van de derde categorie. +### Artikel 52a + +**1.** Met hechtenis van ten hoogste veertien dagen of geldboete van de tweede categorie wordt gestraft hij die niet voldoet aan de ingevolge artikel 27, tweede lid, op hem rustende verplichtingen. + +**2.** Met gevangenisstraf van ten hoogste twee maanden of een geldboete van de tweede categorie wordt gestraft hij die opzettelijk niet voldoet aan de ingevolge artikel 27, tweede lid, op hem rustende verplichtingen. + ### Artikel 53 **1.** @@ -449,23 +397,27 @@ De tewerkgestelde die zijn dienstverplichtingen stelselmatig niet nakomt wordt g ### Artikel 55 -**1.** De duur van een vrijheidsberoving ondergaan wegens overtreding van een der artikelen 52, 53, eerste lid, en 54 komt in mindering op de duur van de gewone vervangende dienst. +**1.** De duur van een vrijheidsberoving ondergaan wegens overtreding van een van de artikelen 52, 52a, 53, eerste lid, en 54 komt in mindering op de duur van de vervangende dienst in gewone of buitengewone omstandigheden. -**2.** In gevallen waarin na toepassing van het eerste lid de tewerkgestelde nog verplicht is tot het vervullen van gewone vervangende dienst gedurende één maand of minder, kan Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid hem van deze verplichting ontslaan. +**2.** In gevallen waarin na toepassing van het eerste lid de tewerkgestelde nog verplicht is tot het vervullen van vervangende dienst gedurende één maand of minder, kan Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid hem van deze verplichting ontslaan. ### Artikel 55a Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan degene, die op grond van artikel 52, eerste lid, of wegens een misdrijf begaan tijdens de vervangende dienst onherroepelijk is veroordeeld tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf, ontslaan van de voor hem uit deze wet voortvloeiende verplichtingen. +### Artikel 55b + +**1.** De in de artikelen 52, eerste lid, 52a, tweede lid, 53 en 54, strafbaar gestelde feiten zijn misdrijven. + +**2.** De in de artikelen 52, tweede lid, en 52a, eerste lid, strafbaar gestelde feiten zijn overtredingen. + ### Artikel 56 -**1.** De strafbare feiten, omschreven in deze wet, worden aangemerkt als misdrijven. +**1.** Met betrekking tot de voorlopige hechtenis worden misdrijven, omschreven in deze wet, gelijkgesteld met misdrijven, waarop als maximum een gevangenisstraf van vier jaren of meer is gesteld. -**2.** Met betrekking tot de voorlopige hechtenis worden zij gelijkgesteld met misdrijven, waarop als maximum een gevangenisstraf van vier jaren of meer is gesteld. +**2.** Met het opsporen van deze feiten zijn, behalve de ambtenaren, aangewezen bij artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering, belast de door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aangewezen personen. -**3.** Met het opsporen van deze feiten zijn, behalve de ambtenaren, aangewezen bij artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering, belast de door Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aangewezen personen. - -**4.** Degenen, die ingevolge het voorgaande lid met de opsporing zijn belast, kunnen hem, die zich schuldig maakt aan een feit, strafbaar gesteld bij deze wet, na aanhouding overbrengen naar de plaats waar hij zich voor het vervullen van zijn dienstverplichtingen behoort te bevinden. +**3.** Degenen, die ingevolge het voorgaande lid met de opsporing zijn belast, kunnen hem, die zich schuldig maakt aan een feit, strafbaar gesteld bij deze wet, na aanhouding overbrengen naar de plaats waar hij zich voor het vervullen van zijn dienstverplichtingen behoort te bevinden. ## Hoofdstuk VII. Slotbepalingen @@ -473,7 +425,7 @@ Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid kan degene, die op grond van **1.** De voor de uitvoering van deze wet nodige regelen worden bij of krachtens algemene maatregel van bestuur vastgesteld, tenzij de wet anders bepaalt. -**2.** Hierbij zal de rechtspositie van hen, die ingevolge deze wet van de krijgsdienst zijn vrijgesteld, zoveel mogelijk op gelijke wijze worden geregeld als die van de dienstplichtige militairen. +**2.** Hierbij zal de rechtspositie van de dienstplichtigen die als gewetensbezwaarden zijn erkend zoveel mogelijk op gelijke wijze worden geregeld als die van de dienstplichtige militairen. ### Artikel 58 @@ -481,23 +433,19 @@ Alle stukken, die in verband met de bepalingen van deze wet of van de te harer u ### Artikel 59 -Bevat wijzigingen in andere regelgeving. +Vervallen ### Artikel 60 -**1.** De Wet van 13 juli 1923, *Stb.* 357, betreffende dienstweigering wordt ingetrokken. - -**2.** De erkenning van gewetensbezwaren tegen de vervulling van militaire dienst ingevolge die wet en de toepassing van artikel 3 daarvan worden geacht te zijn geschied ingevolge deze wet. - -**3.** De ten tijde van het in werking treden van deze wet ingediende, doch nog niet afgedane verzoekschriften, als bedoeld in artikel 1 van de wet van 13 juli 1923, *Stb.* 357, worden verder behandeld en afgedaan overeenkomstig de bepalingen van deze wet, met betrekking tot de verzoeken als bedoeld in artikel 3. +Vervallen ### Artikel 60a -**1.** Ten aanzien van hen die ingevolge deze wet van de krijgsdienst zijn vrijgesteld, worden de artikelen 11 tot en met 13 alsmede de artikelen 22 tot en met 26 bij inwerkingtreding van de Kaderwet dienstplicht opgeschort. +**1.** Ten aanzien van erkende gewetensbezwaarden worden de artikelen 11 tot en met 13 alsmede de artikelen 23 en 25 bij inwerkingtreding van de Kaderwet dienstplicht opgeschort. -**2.** Op hen die reeds de gewone vervangende dienst vervullen, blijven de in het eerste lid genoemde artikelen van kracht. +**2.** Hoofdstuk 4 van de Kaderwet dienstplicht is van overeenkomstige toepassing. -**3.** Hoofdstuk 4 van de Kaderwet dienstplicht is van overeenkomstige toepassing. +**3.** De in het eerste lid bedoelde opschorting is niet van toepassing bij de oproeping van dienstplichtigen als bedoeld in artikel 64 van de Kaderwet dienstplicht. ### Artikel 61