2004-04-01 | BWBR0004091 | Inkomensbesluit IOAW
This commit is contained in:
parent
70e8f60bfb
commit
cac763dc30
1 changed files with 3 additions and 3 deletions
|
|
@ -29,7 +29,7 @@ b. winst uit bedrijf en zelfstandig uitgeoefend beroep.
|
|||
|
||||
### Artikel 3
|
||||
|
||||
**1.** Onder opbrengst van arbeid als bedoeld in artikel 2, onderdeel *a*, wordt, voor zover bedoelde arbeid in dienstbetrekking als bedoeld in artikel 3*a*, eerste lid, van de Coördinatiewet Sociale Verzekering (*Stb.* 1966, 64) wordt verricht, verstaan het loon in de zin van die wet.
|
||||
**1.** Onder opbrengst van arbeid als bedoeld in artikel 2, onderdeel a , wordt, voor zover bedoelde arbeid in dienstbetrekking als bedoeld in artikel 3a, eerste lid, van de Coördinatiewet Sociale Verzekering (*Stb.* 1966, 64) wordt verricht, verstaan het loon in de zin van die wet.
|
||||
|
||||
**2.**
|
||||
|
||||
|
|
@ -37,8 +37,8 @@ In afwijking van het eerste lid wordt niet als opbrengst van arbeid beschouwd:
|
|||
|
||||
a. een aanspraak om na verloop van tijd of onder een voorwaarde een of meer uitkeringen of verstrekkingen te ontvangen, voor zover deze niet wordt gedekt door stortingen van de werknemer;
|
||||
b. een uitkering op grond van de verplichte verzekering van de Werkloosheidswet (*Stb.* 1986, 566), de Ziektewet (*Stb.* 1967, 473) en de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (*Stb.* 1977, 492) en een uitkering op grond van hoofdstuk 3, afdeling 2, paragraaf 1, van de Wet arbeid en zorg aan de werknemer of gelijkgestelde, bedoeld in artikel 3:6, eerste lid, van die wet, al dan niet vermeerderd met een toeslag op grond van de Toeslagenwet (*Stb.* 1986, 562);
|
||||
c. een aanvulling op de in onderdeel *b* genoemde uitkeringen;
|
||||
d. opbrengst van arbeid gedurende ten hoogste zes aaneengesloten maanden tot 25 procent van deze opbrengst, met een maximum van € 263,42 per maand, voor zover een uitkering wordt ontvangen en dit naar het oordeel van burgemeester en wethouders bijdraagt aan zijn arbeidsinschakeling.
|
||||
c. een aanvulling op de in onderdeel b genoemde uitkeringen;
|
||||
d. opbrengst van arbeid gedurende ten hoogste zes aaneengesloten maanden tot 25 procent van deze opbrengst, met een maximum van € 263,40 per maand, voor zover een uitkering wordt ontvangen en dit naar het oordeel van burgemeester en wethouders bijdraagt aan zijn arbeidsinschakeling.
|
||||
|
||||
### Artikel 4
|
||||
|
||||
|
|
|
|||
Loading…
Add table
Reference in a new issue