2022-08-01 | BWBR0025364 | Wet College voor examens

This commit is contained in:
Coornhert 2022-08-01 12:00:00 +00:00
parent 9c834735ef
commit cbbe95d8ef

View file

@ -3,7 +3,7 @@ titel: Wet College voor toetsen en examens
bwb_id: BWBR0025364
type: wet
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2013-12-11'
datum_inwerkingtreding: '2022-02-09'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0025364
citeertitel: Wet College voor toetsen en examens
---
@ -24,7 +24,7 @@ In deze wet wordt verstaan onder:
**2.**
Het college is belast met de volgende taken op het gebied van de centrale examens, bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs, de Wet voortgezet onderwijs BES, artikel 7.4.11 van de Wet educatie en beroepsonderwijs en artikel 7.4.13 van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES en de daarop berustende bepalingen:
Het college is belast met de volgende taken op het gebied van de centrale examens, bedoeld in hoofdstuk 2, paragraaf 5, van de Wet voortgezet onderwijs 2020, artikel 7.4.11 van de Wet educatie en beroepsonderwijs en artikel 7.4.13 van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES en de daarop berustende bepalingen:
a. het vaststellen van het aantal toetsen, de tijdsduur en de aard van de toetsen, overeenkomstig het examenprogramma;
b. het vaststellen van het tijdstip van de toetsen, de wijze waarop en de vorm waarin de toetsen worden afgenomen;
@ -36,7 +36,7 @@ g. het geven van regels met betrekking tot de hulpmiddelen die gebruikt mogen wo
**3.**
Het college is belast met de volgende taken op het gebied van de staatsexamens, bedoeld in artikel 60 van de Wet op het voortgezet onderwijs en de daarop berustende bepalingen en de staatsexamens, bedoeld in artikel 116 van de Wet voortgezet onderwijs BES en de daarop berustende bepalingen:
Het college is belast met de volgende taken op het gebied van de staatsexamens, bedoeld in hoofdstuk 2, paragraaf 7, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 en de daarop berustende bepalingen:
a. het bij regeling vaststellen van het examenreglement;
b. het organiseren, afnemen en beoordelen;
@ -45,7 +45,7 @@ d. het vaststellen van de uitslag en het uitreiken van diplomas, certificaten
**4.**
Het college is belast met de volgende taken op het gebied van de college-examens van de staatsexamens, bedoeld in artikel 60, eerste lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs en de op het vijfde lid van dat artikel berustende bepalingen en de college-examens van de staatsexamens, bedoeld in artikel 116, eerste lid, van de Wet voortgezet onderwijs BES en de op het vijfde lid van dat artikel berustende bepalingen:
Het college is belast met de volgende taken op het gebied van de college-examens van de staatsexamens, bedoeld in de artikelen 2.75 tot en met 2.77 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 en de op artikel 2.77, tweede lid, van die wet berustende bepalingen:
a. het bij regeling vaststellen van het programma van toetsing en afsluiting;
b. het tot stand brengen en vaststellen van de opgaven; en
@ -53,7 +53,7 @@ c. het tot stand brengen en bij regeling vaststellen van de beoordelingsnormen.
**5.**
Het college is belast met de volgende taken op het gebied van de staatsexamens, bedoeld in artikel 60, tweede lid, van de Wet op het voortgezet onderwijs en de op het vijfde lid van dat artikel berustende bepalingen de staatsexamens, bedoeld in artikel 116, tweede lid, van de Wet voortgezet onderwijs BES en de op het vijfde lid van dat artikel berustende bepalingen:
Het college is belast met de volgende taken op het gebied van de staatsexamens, bedoeld in artikel 2.72, derde lid, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 en de op dat lid berustende bepalingen:
a. het bij regeling vaststellen van het examenprogramma;
b. het tot stand brengen en vaststellen van de opgaven; en
@ -65,13 +65,12 @@ Het college is belast met de volgende taken op het gebied van de centrale eindto
a. het vaststellen van de verschillende niveaus van de toetsen;
b. het vaststellen van het tijdstip en de tijdsduur van de toets, de wijze waarop en de vorm waarin de toets wordt afgenomen;
c. het tot stand brengen en vaststellen van de opgaven van de toets en het bij regeling vaststellen van de toetswijzer voor de verschillende niveaus overeenkomstig de kerndoelen met betrekking tot Nederlandse taal en rekenen en wiskunde, bedoeld in artikel 9 van de Wet op het primair onderwijs en artikel 13 van de Wet op de expertisecentra en met inachtneming van de referentieniveaus Nederlandse taal en de referentieniveaus rekenen, bedoeld in artikel 2, tweede lid, aanhef en onderdeel b, van de Wet referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen;
d. het tot stand brengen en vaststellen van de opgaven van de toets en het bij regeling vaststellen van de toetswijzer overeenkomstig de kerndoelen voor de kennisgebieden, genoemd in artikel 9, tweede lid, onderdelen a, b en c, van de Wet op het primair onderwijs en artikel 13, derde lid, onderdelen a, b en c, van de Wet op de expertisecentra;
e. het tot stand brengen en bij regeling vaststellen van de beoordelingsnormen en de daarbij behorende scores;
f. het geven van regels met betrekking tot de hulpmiddelen die gebruikt mogen worden bij het maken van de toets; en
g. het opstellen van het leerlingrapport.
a. het vaststellen van het tijdstip en de tijdsduur van de toets, de wijze waarop en de vorm waarin de toets wordt afgenomen;
b. het tot stand brengen en vaststellen van de opgaven van de toets en het bij regeling vaststellen van de toetswijzer overeenkomstig de kerndoelen met betrekking tot Nederlandse taal en rekenen en wiskunde, bedoeld in artikel 9 van de Wet op het primair onderwijs en artikel 13 van de Wet op de expertisecentra en met inachtneming van de referentieniveaus Nederlandse taal en de referentieniveaus rekenen, bedoeld in artikel 2, tweede lid, aanhef en onderdeel b, van de Wet referentieniveaus Nederlandse taal en rekenen;
c. het tot stand brengen en vaststellen van de opgaven van de toets en het bij regeling vaststellen van de toetswijzer overeenkomstig de kerndoelen voor de kennisgebieden, genoemd in artikel 9, tweede lid, onderdelen a, b en c, van de Wet op het primair onderwijs en artikel 13, derde lid, onderdelen a, b en c, van de Wet op de expertisecentra;
d. het tot stand brengen en bij regeling vaststellen van de beoordelingsnormen en de daarbij behorende scores;
e. het geven van regels met betrekking tot de hulpmiddelen die gebruikt mogen worden bij het maken van de toets; en
f. het opstellen van het leerlingrapport.
**7.**
@ -89,6 +88,10 @@ c. het uitoefenen van andere door Onze Minister opgedragen taken.
Het college is belast met bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen taken ten aanzien van de uitvoering van de centrale examinering in het beroepsonderwijs, bedoeld in artikel 7.4.3a van de Wet educatie en beroepsonderwijs en artikel 7.4.4 van de Wet educatie en beroepsonderwijs BES, en de op dit artikel gebaseerde uitvoeringsvoorschriften.
### Artikel 3a
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Artikel 4
**1.** Het college heeft ten minste zes leden en ten hoogste acht leden, onder wie een voorzitter.
@ -124,7 +127,7 @@ Het college stelt een bestuursreglement vast, waarin in elk geval regels over de
Het werkprogramma omschrijft in elk geval:
a. de voorgenomen activiteiten van het college;
b. de voorstellen voor de uitvoerende werkzaamheden op het terrein van de toetsen, bedoeld in artikel 9b van de Wet op het primair onderwijs en artikel 18b van de Wet op de expertisecentra, de centrale examens of op het terrein van de staatsexamens, bedoeld in artikel 60 van de WVO en de daarop berustende bepalingen, waaronder in ieder geval de werkzaamheden van de Cito;
b. de voorstellen voor de uitvoerende werkzaamheden op het terrein van de toetsen, bedoeld in artikel 9b van de Wet op het primair onderwijs en artikel 18b van de Wet op de expertisecentra, de centrale examens of op het terrein van de staatsexamens, bedoeld in hoofdstuk 2, paragraaf 7, van de Wet voortgezet onderwijs 2020 en de daarop berustende bepalingen, waaronder in ieder geval de werkzaamheden van de Cito;
c. de voorstellen voor de kosten van de werkzaamheden, bedoeld in onderdeel b.
**3.** Het college kan, mits gemotiveerd, aan Onze Minister tussentijds een wijziging van het werkprogramma voorstellen.