2024-07-01 | BWBR0007168 | Wet belastingen op milieugrondslag

This commit is contained in:
Coornhert 2024-07-01 12:00:00 +00:00
parent a6a871f6c4
commit cc6ff809c8

View file

@ -1163,7 +1163,7 @@ e. *elektriciteitsemissieverslag:* elektriciteitsemissieverslag als bedoeld in a
### Artikel 71aa
Dit hoofdstuk is niet van toepassing op broeikasgasinstallaties van een glastuinbouwbedrijf of energiebedrijf voor glastuinbouw waarop hoofdstuk VIC van toepassing is.
Dit onderdeel is nog niet inwerking getreden
### Afdeling 2. Grondslag en belastingplicht
@ -1360,91 +1360,6 @@ Het bestuur van de Nederlandse emissieautoriteit verstrekt de inspecteur en de o
## Hoofdstuk VIC. Co
### Afdeling 1. Algemeen
### Artikel 71t
**1.**
Voor de toepassing van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
a. *aardgas:* producten van de GN-codes 2711 11 00 en 2711 21 00;
b. *broeikasgasinstallatie:* broeikasgasinstallatie als bedoeld in de artikelen 16.1, tweede lid, en 16.3 van de Wet milieubeheer;
c. *standaard CO2-emissiefactor voor aardgas:* standaard CO_2-emissiefactor voor aardgas in kilogram CO_2/GJ aardgas die bij of krachtens artikel 16.12 van de Wet milieubeheer jaarlijks door Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat wordt gepubliceerd;
d. *glastuinbouwbedrijf:* bedrijf voor het telen van gewassen in een of meer kassen;
e. *energiebedrijf voor glastuinbouw:* bedrijf waarvandaan warmte direct of indirect wordt getransporteerd naar een of meer glastuinbouwbedrijven en dat zelf geen glastuinbouwbedrijf is;
f. *restwarmte:* thermische energie die als onvermijdelijk bijproduct in industriële of bedrijfsmatige processen overblijft en die zonder transport naar een gebruiker ongebruikt terecht zou komen in lucht of water.
**2.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot een glastuinbouwbedrijf of energiebedrijf voor de glastuinbouw.
### Artikel 71ta
**1.**
Dit hoofdstuk is niet van toepassing op een glastuinbouwbedrijf dat in het gehele tijdvak:
a. een totale oppervlakte in de kassen heeft van minder dan 2.500 m^2; of
b. gewassen in kassen teelt uitsluitend vanwege het uitoefenen van beroep of bedrijf aan huis, voor educatieve doeleinden, bij onderzoeksinstellingen of bij volkstuinen.
**2.**
Dit hoofdstuk is niet van toepassing op een energiebedrijf voor glastuinbouw:
a. dat in het gehele tijdvak geen aardgas verstookt;
b. waarvandaan in het gehele tijdvak minder dan 75% van de met aardgas opgewekte warmte direct of indirect is getransporteerd naar een of meer glastuinbouwbedrijven en dat, indien de inspecteur daarom verzoekt, dat aantoont; of
c. waarvandaan in het gehele tijdvak uitsluitend restwarmte is getransporteerd naar een of meer glastuinbouwbedrijven.
**3.** Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ten behoeve van de toepassing van dit artikel.
### Afdeling 2. Grondslag en belastingplicht
### Artikel 71u
Onder de naam CO_2-heffing glastuinbouw wordt een belasting geheven ter zake van de emissie van kooldioxide.
### Artikel 71v
**1.** De CO_2-heffing glastuinbouw wordt geheven van de exploitant van het glastuinbouwbedrijf, dan wel de exploitant van het energiebedrijf voor glastuinbouw.
**2.** De exploitant is de rechtspersoon of natuurlijke persoon die het glastuinbouwbedrijf dan wel het energiebedrijf voor glastuinbouw als onderneming drijft.
### Afdeling 3. Maatstaf van heffing, verschuldigdheid en tarief
### Artikel 71w
**1.** De belasting wordt berekend over het aantal ton kooldioxide dat is veroorzaakt op basis van het aantal normaalkubiekemeters aardgas dat door het glastuinbouwbedrijf of het energiebedrijf voor glastuinbouw is verstookt.
**2.** Het aantal ton kooldioxide wordt berekend met de formule: An x 31,65 x standaard CO_2-emissiefactor voor aardgas / 1.000.000. Hierbij staat An voor de verstookte hoeveelheid aardgas in normaal kubieke meters.
**3.** De belastingplichtige monitort de hoeveelheid aardgas die is verstookt overeenkomstig bij ministeriële regeling te stellen regels.
### Artikel 71x
De belasting wordt verschuldigd op het tijdstip waarop de emissie van kooldioxide plaatsvindt.
### Artikel 71y
**1.**
Het tarief bedraagt per ton kooldioxide voor:
het kalenderjaar 2025: € 9,61;
het kalenderjaar 2026: € 11,27;
het kalenderjaar 2027: € 12,93;
het kalenderjaar 2028: € 14,59;
het kalenderjaar 2029: € 16,25;
de kalenderjaren vanaf 2030: € 17,91.
**2.** Voor zover er aardgas is verstookt in een broeikasgasinstallatie wordt het tarief, genoemd in het eerste lid, verminderd met de termijnkoers van het broeikasgasemissierecht. Het tarief is niet lager dan nihil. De termijnkoers is voor een kalenderjaar het gewone gemiddelde, in euro, van de dagelijkse éénjaarstermijnkoersen van broeikasgasemissierechten (slotverkoopkoersen) voor levering in december van dat jaar, zoals waargenomen van 1 september tot en met 31 oktober voorafgaand aan datzelfde jaar op de koolstofbeurs in de Europese Unie met het hoogste handelsvolume van die éénjaarstermijncontracten in die maanden.
### Afdeling 4. Overig
### Artikel 71z
**1.** In afwijking van de artikelen 10, tweede lid, en 19, eerste lid, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen worden de in een tijdvak verschuldigd geworden belasting voldaan en de daarop betrekking hebbende aangifte gedaan binnen een door de inspecteur gestelde termijn van ten minste drie maanden na het einde van het tijdvak.
**2.** Bij ministeriële regeling als bedoeld in artikel 19, tweede lid onderdeel a, van de algemene wet inzake rijksbelastingen wordt bepaald dat voor de CO_2-heffing glastuinbouw het eerste tijdvak dat aanvangt op 1 januari 2025 de kalenderjaren 2025 en 2026 beslaat. Voor dat tijdvak wordt in artikel 30h, eerste, tweede, vierde en vijfde lid, van de algemene wet inzake rijksbelastingen in plaats van «kalenderjaar of boekjaar» telkens gelezen «tijdvak».
## Hoofdstuk VII. Vliegbelasting
### Afdeling 1. Begripsbepalingen
@ -1455,7 +1370,7 @@ Voor de toepassing van dit hoofdstuk en de daarop berustende bepalingen wordt ve
a. *luchthaven:* luchthaven als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet luchtvaart voorzien van een start- en landingsbaan van ten minste 2.100 meter, voor zover die luchthaven als burgerluchthaven dan wel, indien het een militaire luchthaven betreft, mede door andere dan militaire luchtvaart wordt gebruikt;
b. *exploitant van de luchthaven:* rechtspersoon of natuurlijke persoon die de luchthaven als onderneming drijft; hieronder wordt mede begrepen de burgerexploitant, bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet luchtvaart;
c. *vliegtuig:* gemotoriseerd vliegtuig met een maximaal toegelaten startgewicht van meer dan 8.616 kilogram, met uitzondering van vliegtuigen in gebruik bij de Nederlandse of een bondgenootschappelijke krijgsmacht;
c. *vliegtuig:* gemotoriseerd vliegtuig met een maximaal toegelaten startgewicht van meer dan 4.000 kilogram, met uitzondering van vliegtuigen in gebruik bij de Nederlandse of een bondgenootschappelijke krijgsmacht of andere bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen vliegtuigen;
d. *luchtvaartmaatschappij:* luchtvaartmaatschappij als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet luchtvaart, alsmede ieder ander op wiens naam een vliegtuig is ingeschreven in het register, bedoeld in artikel 3.3, tweede lid, van de Wet luchtvaart, dan wel is ingeschreven in een buitenlands register van luchtvaartuigen;
e. *passagier:* natuurlijk persoon van 2 jaar of ouder die anders dan als lid van het boordpersoneel wordt vervoerd met een vliegtuig;
f. *lid van het boordpersoneel:* lid van het boordpersoneel als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet luchtvaart, alsmede ieder die uitsluitend wordt vervoerd om aan boord van een ander vliegtuig tijdens een vlucht van dat andere vliegtuig werkzaamheden als lid van het boordpersoneel te verrichten.